Via ons logboek, dat iedere week ge-update wordt kun je een met ons meereizen ----->

Hier vindt je de route die we afgelegd hebben en zie je onze volgende reisdoelen ----->

Hier wordt onze positie tijdens de Blue Water Rally bijgehouden ----->
Informatie over de Blue Water Rally----->

We mailen regelmatig foto’s naar onze
website ----->

LOGBOEKBLUE WATER RALLY oktober 2007 - oktober 2009


9 Oktober 2007
Vertrekken valt niet mee, iedereen gedag zeggen maakt wel wat in je los. Het is een raar idee dat we nu toch echt gaan na een lange voorbereiding.

Onze vlucht naar Malaga vertrekt pas om 7 uur ’s avonds, daar worden we met een taxi naar Gibraltar gebracht.
Ons huis voor de komende 2 jaar ligt er prima bij. Na een drankje duiken we in onze kooien en genieten van een goede nachtrust.


10 Oktober 2007
Vandaag is het onze trouwdag. We ontbijten op de kant in een havencafé, bacon and eggs.
Al gauw treffen we mede rallyleden en wordt er druk bijgepraat. Het is een drukte van jewelste iedereen is aan zijn boot aan het klussen. De boot krijgt een goede sopbeurt in het zonnetje en de boodschappen worden in huis gehaald.Een borrel bij ons aan boord met vrienden wordt zo gezellig dat ze ook maar blijven eten. We zitten tot 2 uur ’s nachts buiten, dat is echt genieten na het koude Nederland!
16 Oktober
’s Ochtends hebben we onze eerste meeting en briefing over de rally en de veiligheidsprocedures. Er heerst een gezellige, opgewonden sfeer, waar iedereen zo naar toe geleefd heeft gaat nu toch echt beginnen.’s Avonds is er een welkomsparty door de organisatie (supportteam) georganiseerd en gaan de remmen los. De drank vloeit rijkelijk (never give free beers to a sailor...), de paëlla smaakt voortreffelijk , zelfs de voetjes gaan van de vloer. Op mijn hakkenschoenen moet ik daarna terug naar de boot en dat valt nog niet mee, ruim een half uur lopen over een opgebroken Gibraltar, want ze zijn hier overal bezig met bouwen. Met een blaar op mijn tenen kruip ik voldaan mijn bedje in. Kortom, het was een zeer geslaagde avond.
17 Oktober
Met kleine oogjes zitten we al vroeg weer bij de volgende meeting. We nemen maar een flinke bak koffie om wakker te worden. Dit keer worden de radioprocedures doorgenomen en geoefend. Vooral het in praktijk brengen valt nog niet altijd mee, er wordt dan ook veel gelachen. Na een uitwaaipauze volgt een briefing over onze oefentrip komend weekend naar Marocco. We moeten hierna vlug terug naar de boot want we krijgen een veiligheidsinspectie. Alle boten worden gecontrolleerd en dit keer zijn wij aan de beurt. We hebben het goed voor elkaar en krijgen nog wat goede tips. ’s Avonds wederom een party, de Ocean Village welcome drinks. Hier geldt niet hoe overleven we op zee, maar hoe overleven we alle party’s.
18 Oktober
Hoewel we al voor het ergste vreesden, is de pallet met reserveonderdelen voor de boot, boeken, blikken en nog veel meer, uiteindelijk toch door de douane gekomen. Robert moet met de scheepspapieren, paspoorten en niet te vergeten,hier verry important, een stempel van de boot, naar het douanekantoor komen. Met een klein vrachtwagentje worden de spullen de steiger opgereden en voor onze boot afgeleverd. Onze buurkids, komen heel enthousiast ons helpen om de spullen aan boord te laden en uit te pakken. Ze vinden het net Christmas. Tegelijk komen Roderick, ons bemanningslid vanaf Lanzarote, samen met zijn nichtje Thamar aan, hier net over de grens. Ik ga ze op halen, alleen heb ik enige vertraging. Het licht was rood en de bomen waren dicht. Dat was altijd het excuus als jevroeger te laat op school kwam, maar dit keer moet ik wachten op het landen van het vliegtuig. Dan gaan hier de bomen dicht, want ze landen hier over de autoweg en het voetpad. We hebben een gezellige avond en gaan uit eten.
19 Oktober
Robert klust vandaag de hele dag en pakt de boel verder uit. Thamar en Roderick hebben ook een drukke dag, eerst maken ze een Rocktour hier in Gibraltar en bezoeken o.a. de rots ,de grotten en niet te vergeten de beruchte apen. ’s Avonds survivallen in de grotten tijdens de Lower Caves trip. Ik heb mijn eigen survivalcursus, namelijk survival at sea. ’s Ochtends eerst theorie met daarna de praktijk in het zwembad. Met kleding en een compleet zeilpak en automatisch zwemvest, in het zwembad springen. Het regende en bovendien was het zwembad koud. In een reddingsvlot klimmen, lijkt makkelijk, maar blijkt moeilijk, zelfs in een rustig zwembad. Als je uiteindelijk met zijn achten dubbelgevouwen in het vlot zit stijgt de temperatuur vanzelf. Je kunt beter geen last van claustrofobie hebben. Het is best knus in ons vlot, we moeten enorm lachen, maar ik moet er niet aan denken om zo dubbelgevouwen in de woelige oceaan te belanden. Zoals ze al zeiden, blijf maar liever op je eigen boot.
20 Oktober
De wekker gaat vroeg deze morgen, dat zijn we niet meer gewend. Er staat een stevige bries en een flinke deining. We gaan met de rally een proeftocht naar Marocco maken. Kijken of alles blijft drijven en of onze radio’s het allemaal doen. We hebben een lekkere zeiltocht, lopen alles voorbij, wat stiekem toch wel erg leuk is. Om 12 uur marrokaanse tijd arriveren we in Smir waar we meteen met een touringcar naar de in de buurt gelegen stad Tetuan worden gebracht. Hier worden we door Rachid, de gids en 5 undercover politieagenten de stad doorgeleid. We bezoeken Medina (de oude stad) waar we langs kraampjes worden geleid waar werkelijk van alles wordt verkocht. Wat wij allang hadden weggegooid wordt hier voor een 2de leven gebruikt. Vi skraampjes zonder koeling in de warme zon, waar de vliegen van smullen(laat de keuringsdienst van waren hier maar niet komen). Meest shocking was wel de leerlooierij, met een geur die niet in woorden uit te drukken valt). Ik (Wendy) was blij dat ik dichte schoenen aan had in tegenstelling tot Roderick die zijn slippers aan had, waar de wol, schaapsresten en andere derrie aan bleef kleven. Hij besloot ze dan ook maar achter te laten in de vuilcontainer. Leuk was de tapijthandel en de kruidenmarkt,waar ik zelfs wat kruiden heb gekocht. We sloten af met een echt Maroccaanse maaltijd in een authentiek restaurant compleet met muziek en marrocaans entertainment. Op onze trip terug naar de haven, werden we staande gehouden door een motoragent. In plaats van een boete kregen we escorte naar de haven,wat toch wel bijzonder was.
21 oktober
We doen het rustig aan en ontbijten uitgebreid in het zonnetje. Er staat weinig wind als we vertrekken op de motor, maar dan trekt de wind aan en hebben we een prachtige zeiltocht terug naar Gibraltar. Als de dolfijnen ons komen begeleiden kan onze dag niet meer stuk. We sluiten af met paëlla in de kuip.
22 oktober
We worden op ons gemak wakker, drinken een kopje thee in bed en als Robert tegen half 10 zijn hoofd buiten het luik steekt informeert de buurvrouw of we vandaag niet naar de meeting gaan. In dit drukke programma waren we het helemaal vergeten. Dus maken we een enorme spurt, want dit willen we beslist niet missen , het gaat namelijk  o.a. over onze tocht van Gibraltar naar Lanzarote. Verder komt er iemand van de locale vishengelshop van alles vertellen over hengels, vissen, lures, hoe je een vis binnen moet halen en niet te vergeten dat je het beste gin in zijn kieuwen kunt gieten, dan is hij gelijk K.O. Dat levert een run op de shop op en zijn we een superhengel met een grote molen en lures rijker, nu alleen nog de tonijnen! (maar daar gaat Roderick voor zorgen, zegt ie...)
23 Oktober
Vandaag is Roderick jarig. In alle vroegte bak ik een sachertorte en Thamar versiert de boot met balonnen.  Alle buurboten worden uitgenodigd voor die middag .  Iedereen komt en zo krijgt Roderick ook hier op de boot een verjaardagspartijtje.  Die avond hebben we een sjieke receptie bij de  Governor(Sir Robert and Lady Fulton )in The Convent,  een heel stijlvol gebouw in een grote zaal met imposante schilderijen . We worden verwend met lekkere hapjes en drankjes en de stemming is bijzonder geanimeerd. Om Roderick zijn verjaardag verder te vieren eten we in de locale “Gauchos” (niets te maken met de Gauchos die wij kennen), het enige restaurant in Gibaltar waar je goed kunt eten .  Vanzelfsprekend komen we hier andere Blue Water Ralliers tegen en hebben we “a good laugh”.
24 Oktober
In alle vroegte vertrekken Thamar en Roderick terug naar Barcelona waar hun camper genaamd Frank staat.  Ze hebben nog wat kilometers voor de boeg,want ze worden zondag terug in Nederland verwacht.  Het was erg gezellig met hun hier aan boord.  Vanaf Lanzarote vaart Roderick verder met ons mee. Wij hebben vandaag een uitje naar Ronda, een autheniek Spaans stadje. Wat we ons niet gerealiseerd  hebben dat het 3 uur heen en dus ook 3 uur terug met de bus is. Bovendien is het koud, het regent en kunnen ze de airco van de bus niet afzetten. Wat ben ik blij met mijn lange broek, er zijn er ook bij met sandalen en korte broek. We laten de stemming er niet door bederven, de middenstand doet goede zaken in de parapluhandel. Ronda heeft de oudste stierenvechtersarena van Spanje. De arena en museum zijn een bezoek zeker waard , ook als je net als ik niet van stierenvechten houdt. Verder heeft Ronda een prachtig uitzicht met een enorm diepe afgrond over de vallei en bergen. Van deze afgrond werden tijdens de spaanse burgeroorlog de vijanden naar beneden gesmeten. Gruwelijk! Je maag draait en je kunt beter ook geen last van hoogtevrees hebben. Na een goede lunch met warme cappuccino slenteren we nog even door het stadje en wordt het tijd onze bus terug op te zoeken.
25 Oktober
Al enige dagen heb ik last van een pijnlijke bult achter mijn linkeroor. Gelukkig nemen er een heel aantal artsen aan de blue water rally deel. Na enige dagen antibioticum vinden ze het toch verstandig er hier in het ziekenhuis naar te laten kijken. .Na ruim een halve dag wachten op de eerste hulp, ik kan er een uitgebreide tv serie van maken van wat er hier langs komt, ben ik eindelijk aan de beurt. Ik moet naar een kno arts, maar die is er pas morgen weer.
Robert klust de hele dag. Die avond is er een receptie van het “Ministery of Tourism””, de minister heet heel toepasselijk Holliday. Die naam kan ik zelfs onthouden!
De receptie wordt gehouden op de ‘Mount’. Een locatie met een prachtig uitzicht over de baai van Gibraltar. We worden enorm gastvrij ontvangen. Peter en Dorothy zingen daar als afsluiting hun blue water rally lied, op de melodie ‘my favourite things’, uit de Sound of Music . Daar hebben ze onderweg tijdens een onweersbui een ijzersterke tekst op gemaakt en ze oogsten enorm succes!
26 Oktober
Gelukkig gaat het veel beter met mijn oor, daarom besluit ik maar niet naar mijn doktersafspraak te gaan. Bovendien worden er vandaag foto’s  gemaakt van alle blue water rally leden en ook nog op onze boot. Dat wil ik in geen geval missen. Er komt ook nog een journalist van het tijdschrift Yachting Monthly met iedereen een interview houden. Ik ben erg benieuwd wat daarvan gepubliceerd wordt.
27 Oktober
De allerlaatste boodschappen worden gedaan, de boten gepoetst en vaarklaar gemaakt. Er hangt een prettig opgewonden sfeer in de haven. We willen onderhand weer eens varen en aan ons avontuur beginnen.
Die avond hebben we onze laatste receptie, een “farewell”receptie aangeboden door een verzekeringsmaatschappij, waar we overigens niet verzekerd zijn , maar als echte Hollanders gaan we toch.
28 Oktober
Vertrek!!!
Om 8 uur begint iedereen zich klaar te maken voor vertrek. We moeten om 10 uur bij Europa Point zijn, het zuidelijkste puntje van Gibraltar. Om exact 10 uur wordt het startschot voor het begin van de rally gegeven.
Jammer genoeg moet een van de boten, Tapestry, terug naar de haven gesleept worden wegens grote problemen met zijn roer. Dit is zeker geen leuk begin voor deze sympathieke mensen. We hopen dat het snel gerepareerd kan worden.
Er staan behoorlijk wat golven, want het heeft vannacht flink gewaaid. Dan is het eindelijk zover, het startsein wordt gegeven, iemand speelt I am saling, van Rod Steward, over de marifoon. Robert en ik geven elkaar een kus.
Vertrek!
29 Oktober
Mocht je je afvragen, wat doen die twee daar nu de hele dag op zo’n boot, is dat niet een beetje saai. Nou ik kan je vertellen, het is hard werken. Alle werkzaamheden die je thuis moet doen gaan allereerst gewoon door, maar alleen al een kopje koffie inschenken kan op woelig water al een hele toer zijn. De hele dag ben je met de zeilen bijstellen in de weer, de weersverwachting binnen halen, de radio, eten, etc.
Als dan ook de generator niet werkt, onder hoge zee, moet Robert zijn monteurkunsten vertonen. In een snikhete stampende machinekamer klaart hij de klus en komt er uit of hij net uit de sauna stapt, oorzaak 1 los draadje!
We hebben prachtig zeilweer, overdag windkracht 4 – 5 , ’s nachts trekt de wind aan tot 6 , daarom besluiten we het grootzeil te laten zakken en alleen op het kotterzeil en gereefde Genua door te gaan. Er staan veel golven en we slapen weinig en onrustig
30 Oktober
Bij daglicht en zo nu en dan zon ziet het er vriendelijker uit. .Het waait ongeveer windkracht 5 – 6. We zetten gereefd grootzeil op en de genua..
Er staan flinke golven waar we vanaf surfen, kicken! Dan trekt de wind verder aan tot 7 en als we met de giek en het achterdek door het water sleuren minderen we zeil.
Eten wordt heel belangrijk tijdens een zeilreis. Ieder dag eten we vers brood uit onze broodbak machine. Dat ruikt ook zo heerlijk door de hele boot. Gelukkig ben ik de laatste dag aan wal actief aan het kokkerellen geweest en hebben we het nu gemakkelijk. Lasagne, broccoli soep, ratatouille, goulash,hier smaakt alles.
Deze nacht minderen we flink zeil waardoor we minder snel varen maar een betere nachtrust hebben

31 Oktober
We zijn flink opgeschoten en zoals het er nu uitziet bereiken we begin van de avond Lanzarote.  Het zonnetje breekt door, ik kan zelfs mijn korte broek aan. Het wordt weer een fantastische zeildag. Onderweg worden we een tijd vergezeld door een groep dolfijnen. Ook al hebben we dit al vaker meegemaakt, het blijft geweldig deze dieren naast je boot hun kunsten te zien vertonen. Rond 6 uur komen we aan in Lanzarote en worden hartelijk ontvangen. Met 610 mijl op ons log , alles gezeild en wat mij betreft de beste zeilervaring ooit. We arriveren op het zelfde moment dat de nieuwe Halberg Rassy 54 van de Zweden Per en Ann-Charlotte aankomen. We hadden elkaar enkele malen gekruist. Wij waren de eerste twee van de groep de laatste worden pas morgen verwacht. Om de eerste echte Atlantische overtocht te vieren werd er champagne gedronken bij Per en Ann-Charlotte.

1 November
De hele dag komen er boten binnenlopen. Iedereen wordt met veel enthousiasme ontvangen, alle sterke verhalen worden uitgewisseld. Velen komen belangstellend informeren naar onze snelle overtocht.
Natuurlijk zijn er die avond ‘drinks’, het wordt dan ook laat en gezellig.
2 November
De kleinere boten lopen vandaag binnen. De was wappert overal. De boten worden gecleaned. Robert verhelpt een kleine storing  bij de autopilot.
Ook deze keer is er een ‘sundowner’ voor alle rallyleden. We eten met een hele groep bij een uitstekende Italiaan. Als we moe bij onze boot aankomen, met de intentie lekker in  ons bed te kruipen, is er bij onze buren een jamsessie met 5 gitaren aan de gang. .Robert blijft natuurlijk niet achter. Het wordt beregezellig, het al oude  wij zitten bij het kampvuur gevoel van vroeger komt helemaal terug. Het gaat door tot in de kleine uurtjes zonder dat, wonder boven wonder gezien het aantal decibels, iemand van de havensecurity bezwaar komt maken.
3 November
We hebben een rustige dag. Voor het diner worden we samen met nog een ander stel bij onze achterburen uitgenodigd. We worden getrakteerd op een “candlelightdinner”, alles in stijl. Ze hebben een grote catamaran met enorm veel ruimte. De beroemde Engelse curry smaakt heerlijk.
Kortom weer een feestdag.
4 November
Met veel toeters, gejuich wordt de laatste boot Tapestry, die met problemen aan zijn roer in Gibraltar achter moest blijven, onthaald. Wij springen in onze bijboot gewapend met een fles bubbels en roeien ze tegemoet. Op de meldsteiger proosten we op hun behouden aankomst en voor goed geluk wordt hun boot met het laatste restje uit de fles gedoopt. Je merkt dat er een enorm gevoel van kameraadschap bij  iedereen heerst. Het is hier net een grote familie.
Robert reviseert  2 lieren, ik lees lekker lui een boek . Ook deze avond gaat niet zonder meer voorbij, we zijn uitgenodigd voor “drinks en nibbels”,  door de eigenaar van de haven. Dit keer maken we het niet te laat , we moeten nog 2 weken hier voor we van al het feesten kunnen bijkomen op zee.
5 November
Aan boord is het werk nooit gedaan. In Gibraltar zijn 2 Kikkers waar de landvasten, lijnen waarmee je de boot vast legt, op vast zaten, enigszins los van het dek gekomen. We lagen daar voor langere tijd enorm onrustig te schudden tegen de kade. Dit karweitje houdt ons een groot deel van de dag bezig.De broer van onze buurboot trakteert ons, enorm attent, op een afscheidsetentje, want hij vliegt weer terug naar de States. We zullen hem in Antigua weer ontmoeten. Leuk!
6 NovemberWe zijn voor ons doen vroeg uit de veren. Om half 9 vertrekt de bus voor een uitstapje naar de zuidkant van het eiland. Het hoogtepunt van deze bustrip is een bezoek aan het National Park, een prachtig vulkaanlandschap, heel authentiek en dat weer heel anders is dan Tenerife. Als we uit de bus stappen moeten we mannen in starwarspakken volgen, zij demonstreren dat de vulkaan nog steeds warm is. De steentjes die ze met een schep op pakken zijn heel heet, als ze water in een gat gieten spuit het er met een luide knal uit. Bovendien kun je er gegrilde haantjes eten, die boven een opening van de vulkaan gegrild worden. We houden het op koffie, die hadden we nog niet gehad en als echte cafeïne verslaafden kunnen we dit moeilijk missen.
We borrelen bij ons aan boord en de “Neva’s” komen bij ons paella  eten. We hebben een zeer gezellige avond.

7 November
Bij de haven is een museum over walvissen en dolfijnen. We krijgen een uitgebreide presentatie over het leven van deze dieren, wat voor ons als reizigers over de oceanen natuurlijk heel interessant is. Dolfijnen zijn we al vaak tegen gekomen, walvissen jammer genoeg nog niet. Hoewel je beter niet tegen ze op kunt varen, want ’s nachts zie je ze niet en ze gaan niet voor je aan de kant. Walvissen duiken soms tot 10 km. Diepte en ze vangen vaak reuzeninktvissen. Ze kunnen maar liefst 45 minuten onder blijven, enorm imposante dieren. Die avond eten we bij de overburen.

8 November
Al vroeg in de ochtend huren we een auto, want ik heb een afspraak met de tandarts. De spalk achter mijn tanden heeft aan één  tand losgelaten.  Na drie minuten in de tandartsstoel, een beetje superglue en 100 euro lichter sta ik weer buiten. We gaan shoppen in Arrecife en worden een steekwagentje voor de boodschappen rijker. Aldus gewapend gaan we een flinke start maken met het halen van de boodschappen voor de overtocht. Wat een hoeveelheid!

9 November

Wedstrijddag!
Deze hele week wordt er gepromoot om mee te doen met de ‘McSorley’s Friday Night Regatta ‘, een zeilwedstrijd mede georganiseerd door de kroeg aan de haven. Van onze rally willen er heel wat deelnemen als crew, maar niet met hun eigen boot. .Wij besluiten  mee te doen en onze boot wordt een volle bak, 7 volwassenen en 2 kinderen. Er staat nauwelijks een spat wind, maar dat mag de pret niet drukken. Behalve 4 boten van de rally doen er ook nog 4 boten van locale bootbezitters mee, waaronder 2 J boten die licht en snel zijn. Na een “flitsende”start, 1 boot gaat achter uit in plaats van vooruit, er staat ook nog stroom tegen, en houdt het al gauw voor gezien. Het spant tussen de 2 J boten en ons heidenskip en langzaam maar zeker worden ze door ons ingehaald. De stemming stijgt aan boord, de biertjes worden uit de koelkast gehaald en ja hoor we winnen. Als echte helden worden we binnengehaald, ons jongste bemanningslid, Beth van 4 jaar, schreeuwt door de hele haven heen aan ieder die het wil horen of niet wil horen want je kan er niet om heen: ‘We won, we won’. We vieren het eerst aan boord en daarna in het havencafe’. Bij de prijsuitreiking ontvangen we een trofee en een fles champagne, die we met onze crew soldaat maken. Bovendien is er een gratis maaltijd voor iedereen die heeft meegedaan, Rijst met pittige curry. De stemming is top en de trofee krijgt een mooi plekje aan boord.

10 November
Vandaag is een echte rommeldag, zo’n dag, dat wanneer hij voorbij is, je jezelf afvraagt wat je nu eigenlijk precies gedaan hebt.
Ik maak een etentje klaar voor 6 man. De biefstuk is taai, maar de stemming wordt er niet minder door en we gaan door tot in de kleine uurtjes.

11 November
Roderick, onze crew arriveert vandaag. Zijn ouders, Karel en Syt, en zijn beide broers, Rutger en Arne komen die middag. Ze logeren in een appartement en zijn speciaal gekomen om Roderick zaterdag uit te zwaaien. Aan het eind van de middag besluiten we om nog even te gaan zeilen Wat is heerlijk weer op het water na anderhalve week in de haven gelegen te hebben gelegen. Het wordt een prachtig tochtje en we lopen de haven weer in als de zon net onder is. Onze zeiltocht blijft niet onopgemerkt, de dag erna vraagt de een na de ander,”Was that you heading for Africa?”.

13 November
Op het laatste moment besluiten we om mee te gaan met een bustoer naar het Noorden. Het landschap in Lanzarote is erg dor, weinig tot geen groen, maar er valt genoeg te bezichtigen. De eerste stop is bij de “cactus garden”een cactustuin met wel honderd verschillende cactussoorten. Een prachtige tuin aangelegd door de kunstenaar Cesar Manrique, met een haast serene sfeer. Hier lopen we een tijdje rond, we bekijken de windmolen die op het hoogste punt staat, vanwaar we een prachtig uitzicht over de tuin hebben. We gaan verder met de bus naar de zogenaamd groene grotten. Deze grotten zijn duizenden jaren geleden ontstaan, doordat de lavastroom in contact met lucht afkoelde en verhardde. Er is een gangenstelsel met prachtige vormen en kleuren. Op een grote open plaats in de grot staan 2 piano’s, er worden daar regelmatig concerten gegeven.  We gaan verder en staan  opeens, heel spannend, vlak naast een enorme afgrond zonder enige omheining. Iedereen blijft er een paar meter vandaan. Als je al geen hoogtevrees hebt krijg je die nu wel! Ik voel het enigszins in mijn maag. Dan gooit de gids een steen de afgrond in, en dan………
Het beeld verandert compleet, er verschijnen ringen die langzaam uitdijen, de afgrond blijkt een ondergronds meertje te zijn. Zonet nog zo vlak als een spiegel en absoluut niet te zien dat je in water keek. Niet te geloven dat je ogen je zo kunnen bedriegen, of beter gezegd je hersenen.
We lunchen daarna op een bijzondere plaats, Mirador del Rio, op het noordelijkste plekje van het eiland. Ook deze plaats is ingericht door Cesar Manrique en heeft een spectaculair  uitzicht.
Terug in de haven hebben we een paar uur voor onszelf, waarna we om half 7 met zijn allen weer de bus in gaan om ergens te dineren. We weten alleen nog niet waar, dat is een verrassing. Na een hele tijd in de bus , we hebben honger en zijn suf van de meest duffe muziek, mogen we eruit. We komen in een feeëriek verlichte tuin met een prachtig zwembad. Aan het eind van de tuin loop je een grot in waarin kleine albino witte krabbetjes zitten. Ze hebben hier in de grot nooit kleur gekregen. We gaan een wenteltrap op naar boven en komen in een nieuwe ruimte van de grot. Aan het eind van de grot staan tafeltjes keurig netjes gedekt, met in het midden ervan een podium. Ik krijg het gevoel of ik Alice ben in Wonderland. Nog nooit hebben we in zo’n speciale omgeving gegeten. Na het eten gaat onze B.W.R. (Blue Water Rally) band spelen, voor de gelegenheid  Accidental Gybe (klapgijp) gedoopt. Iedereen die iets kan spelen doet mee. Robert speelt met David een klassiek duet. Vervolgens treedt er een folkloristische dans en muziekband op. Daarna wordt er nog volop gedanst totdat we richting bus gaan. Dezelfde muziek van de heenweg staat weer op,maar die wordt al gauw overstemd door een jamsessie van Robert en David op gitaar en Michael op de bongo’s. Tot slot wordt er bij ons aan boord nog even afgezakt, een superdag!
 
14 November
De eerste boten vertrekken vandaag al naar Antigua, maar de grote groep begint zaterdag met de oversteek. Vanmiddag hebben we een bijeenkomst om de route voor te bereiden, het weer en de radio te bespreken en de aanloop in Antigua. Het wordt daar goed opletten, want er ligt een rif voor de kust. Daarna voegen we ons bij de familie de Boer, die ons op het terras opwacht. We eten samen en gaan bijtijds naar bed.
 
15 November
In alle vroegte staan we al voor de supermarkt, die gaat echter pas om 10 uur open. Bergen boodschappen worden ingeslagen, zoveel heb ik nog nooit  ingekocht. We zullen in ieder geval niet verhongeren onderweg. Terug aan boord moet alles een plekje krijgen. Met wat duwen gaat de vriezer net dicht en ook de koelkast puilt uit. De hele middag zijn we druk in de weer met klussen, wassen e.d. De hele haven is uitgenodigd op de Puerto Calero’s Visitors Drinks Party, georganiseerd door de eigenaar van de haven. Het is er druk, gezellig, goed georganiseerd en we worden enorm verwend. Wat een tegenstelling met de havens in Spanje en Mallorca! Hier ben je als gast zeer welkom, ze doen werkelijk alles om het naar je zin te maken. Deze haven is een absolute aanrader.

16 November
Op de laatste dag voor vertrek moet er altijd nog veel gebeuren.Roderick wordt de mast ingehesen om deze te inspekteren. De mast is 30 m hoog, om je een idee van hoogte te geven, 6 - 7 verdiepingen op elkaar gestapeld .Zijn broers Arne en Rutger staan beneden, er wordt over gediscuscieerd om hem in de mast te laten terwijl wij koffie drinken. Ze zijn coulant vandaag, hij mag naar beneden.Boffen met zo'n broers.We worden door Karel uitgenodigd om 's avonds met hun te eten. Hij haalt ons op met zijn huurauto. We dineren, uitstekend,  met de hele familie de Boer in een leuk restaurant aan de oude vissershaven. Na een gezellige avond gaan we met de taxi terug naar de boot. Daar inspekteren we het weer voor de komende dagen, zoeken de papieren kaarten naar Antigua op en bespreken de route die we willen varen. We zijn klaar voor vertreken hebben er echt zin in.

17 November
Robert vervangt de impeller van de motor nog voor alle zekerheid, de komende dagen wordt er weinig wind verwacht en zullen we waarschijnlijk veel op de motor varen. Klokslag 10 uur komt fam. de Boer, eerst nog even een kopje koffie en tegen 11 uur gaan de trossen los. Afscheid nemen is altijd lastig, zeker als je aan dit avontuur begint. de hele familie zwaait een bewogen Roderick en natuurlijk ook ons uit.

Lanzarote naar Antigua

17 November
Er staat inderdaad heel weinig wind, dus tot het eind van de middag varen we op de motor. Aan het begin van de avond kunnen we een tijdje zeilen, helaas valt hij weer weg en moeten de zeilen weer omlaag. De zee is heel rustig, wat wel fijn is mocht je een eerste dag last van zeeziekte hebben. We houden een wachtsysteem van 3 uur op 3 uur af aan, maar de eerste nacht loopt Roderick met Robert samen wacht, om zo met alles bekend te raken. Mijn eerste ' off watch' begint al om 9 uur, dus lig ik vandaag wel heel vroeg in mijn bedje.
18 November
Vanochtend ligt er een kleine pijlstaartinktvis op ons dek, het is ons een raadsel hoe die aan boord gekomen is gekomen  en dit na een dag vergeefs vissen. Bij mij weten heb je geen vliegende inktvissen. Toch wordt ons geduld beloond, die middag vangen we een makreel. Robert hengelt hem binnen en haalt hem heel voorzichtig met handschoenen aan , geassisteerd door Roderick die de hengel vasthoudt, mijzelf die als volleerd operatiezuster een tang aangeeft, van de lijn. Ik vind het maar een heel gedoe een vis vangen en we geven  hem de vrijheid terug. Eén makreeltje is te weinig voor 3 man en er staat al macaroni op het menu. Het is een schitterende dag ook al staat er weinig wind en kunnen we maar een paar uur zeilen. Om de beurt lopen we nu wacht, het loopt prima. Tijdens mijn wacht is het maanloos en inktzwart. Tegen de ochtend trekt de wind wat aan en hijsen  we de zeilen.
19 November
Met weinig wind kunnen we het grootste gedeelte van de dag toch zeilen. Als we een update over het weer voor de komende dagen downloaden blijven we lang puzzelen welke route we het beste kunnen nemen. Het blijft kiezen tussen 2 opties die allebei niet ideaal zijn, want we komen onherroepelijk door een vrijwel windstil gebied. We besluiten zuidwaarts te gaan, om zo gauw mogelijk de “tradewinds”op te pikken richting Antigua. We hebben een rustige dag , s’nachts varen we op de motor en tijdens de wacht luisteren we naar muziek en een luisterboek.  Robert speelt gitaar.

20 November
Rond half 11 komen er opeens heel veel dolfijnen naar onze boot. Wij gaan naar de boeg om ze beter te zien en dan blijven er maar steeds dolfijnen bijkomen, van alle kanten komen ze aangezwommen en gesprongen. Het moeten er wel honderd zijn. Het lijkt net of ze met elkaar afgesproken hebben, morgenvroeg een rendez-vous bij het Heidenskip. Echt spectaculair , wat een prachtige, sierlijke dieren. Ze blijven zeker een uur bij ons tot ook de laatste weer vertrekt. Later vangt Roderick  2 keer een vis. De eerste vis herkennen we niet, hij heeft een gele staart en een gele streep, wij zetten hem daarom maar weer terug. Bij nader onderzoek denken we dat het een california yellowtail was. De tweede vis is een dorade. Robert en Roderick hijsen hem aan boord, ik word bevorderd tot anesthesist en giet gin in zijn kieuwen. Daarna ga ik maar even naar binnen totdat de klus geklaard is en Roderick de vis gefileerd heeft. Ik blijk toch niet zo’n held te zijn. Het is weer een dag met zeer weinig wind. We motoren en af en toe zeilen we zuidwaarts en hopen morgen de passaatwind op te pakken. Preischotel met kaassaus bij kaarslicht is ons diner. De dorade bewaren we voor de lunch morgen.  

21 November
In de ochtend begint het te waaien en kunnen we eindelijk zeilen. De dorade de “catch of the day”van gisteren eten we bij de lunch. Eenmaal in de pan blijft er van de vis heel weinig over, hij smaakt heerlijk, maar het is echt niet voldoende om onze magen mee te vullen, dus gaan er nog een paar eieren achteraan. We vangen nog een vis, niet zo’n hele grote, we maken er vlug een foto van, gooien hem vervolgens terug en zoeken daarna in een visboek op, wat voor een vis het was. Wij, echte vissers, komen gezamenlijk tot de conclusie dat het een kleine gele tonijn was. Die middag hijsen we bij het grootzeil, onze halfwinder en maken zo steeds meer snelheid. Voor de nacht doen we het wat kalmer aan, met het grootzeil, de genua en het kotterzeil. De passaatwind trekt aan en met een noordoostenwind van 20 kinopen zoeven de hele nacht met een vaart door het water. In mijn bed heb ik het gevoel  dat ik op een vliegend tapijt lig en met moeite kan ik mijzelf nog net in bed houden. Morgen ga ik toch maar in de slingerkooi slapen.

22 November
De dagen vliegen voorbij, overdag zijn we druk bezig, bovendien heb je maar 12 uur daglicht en in die periode wil je alles doen. Vandaag staat er minder wind. We zijn de hele dag met zeilen druk in de weer en hebben een soort wedstrijdje met de  Pelle 5, die we uiteindelijk voorbij lopen. Als het net zo gaat als in de etappe van Gibraltar naar Lanzarote, zullen we elkaar ook dit keer nog enige malen treffen en ik stel voor  om iedere keer als we elkaar passeren samen een fles champagne te drinken., (naderhand). ’s Nachts ,tijdens het inhalen van de genuaboom valt Robert op zijn elleboog,, Hij bezeerd zich behoorlijk. Met ijs, arniflorgelei, paracetamol en een een drukverband, door zuster Wendy aangebracht, valt het gelukkig mee. Wel wordt de elleboog enorm dik en waarschijnlijk ook blauw!

23 November
Dit is niet de beste dag op zee, vinden we alledrie. Er staat nog minder wind, maar wel veel golven. We liggen enorm te schudden. Robert doet vandaag voor spek en bonen mee en geeft zijn bemanning aanwijzingen. We doen ons best. Roderick maakt het dek visvrij, de hele nacht vliegen er namelijk vliegende vissen op de boot. Je schrikt je soms rot als er een vis vlak langs je vliegt en dan spartelend neervalt. Als het donker wordt en Robert met een schijnwerper de zee in schijnt komen er allemaal vliegende vissen op af. Echt een heel raar gezicht. Het wordt weer, wat golven betreft een onrustige nacht. Gelukkig maakt de volle maan veel goed.
24 November
We bellen vandaag met de iridiumtelefoon naar het thuisfront. Het doet ons goed om de stemmen van onze kinderen te horen en dat alles goed met ze is. Ook Roderick belt naar huis op. Tijdens mij telefoongesprek met Tessa duiken er 2 walvissen naast onze boot op. Ik begin heel enthousiast te gillen, walvissen, walvissen. Hier hebben we de hele reis al naar uitgekeken. Ze zijn ongeveer 8 á 10 meter lang, we denken dat het een kleine soort potvissen waren. Helaas zijn we te laat met het fototoestel en staan er alleen wat golven op de foto. Nadat mijn enthousiasme weer enigszins getemperd is bel ik Tessa nog  terug ,zodat ik toch nog even gezellig met haar kan praten. In de loop van de middag neemt de wind weer af en beginnen we weer meer te rollen. De nacht is zeer onrustig, de wind varieert van behoorlijk tot heel weinig en wisselen we regelmatig van zeilvoering. Onze slaap wordt zeer verstoord en ik word al moe wakker.
25 November
De dag begint met een mooie zonsopkomst. We hebben uitgerekend, dat we vandaag ongeveer halverwege zijn. Tijd voor een feestje dus. We beginnen met toepen ( kaarten ) en tea, de Engelse wel te verstaan, inclusief zalmsandwiches en eigen gebakken scones. Het is vrij rustig weer, we hebben een zondagse relaxdag. Na de radio van 6 uur is het tijd om te kijken of we al halverwege zijn. We willen dit vieren met champagne. Eerst lijkt het erop dat we nog niet zover zijn, we zij al enigszins teleur gesteld, maar dan blijkt dat Robert vergeten is de mijlen die we vandaag hebben afgelegd mee te tellen. Tot onze vreugde zijn we precies op de helft! De champagnekurk plopt de oceaan in en we proosten op de eerste helft die we succesvol hebben afgelegd. We eten eigengemaakte lasagne, die ik al eerder bereid heb. Zo wordt het toch een beetje een feestje.
26 November
Zoals het gaat in de meeste Hollandse huishoudens, hebben we ook hier aan boord op maandag, wasdag. Nadat de witte was vrolijk aan de reling wappert, verandert het weer, zoals altijd als ik ga wassen, dus hou ik het op 1 machinewas. Gelukkig blijft het lang genoeg droog. Het weer is erg onstabiel. We zitten in de buurt van een koufront en er ontwikkelen zich tegen de avond buien, de zogenaamde “squalls”. Als er een squall overkomt wordt het kouder en draait de wind van het ene moment 15 á 20 graden, waar je goed voor moet uitkijken als je voor de wind vaart. Ze komen voor in de buurt van de evenaar. Er valt vaak nogal wat regen uit, ze gaan soms gepaard met onweer en zelfs met waterhozen. Als ik om 6 uur aan de radio zit, komt er een squall over, de wind draait, we krijgen een gijp, gelukkig staat de “preventer”erop, zodat de giek wordt tegengehouden. Wel maakt de boot een flinke zwieper. De hele avond en nacht door hebben we last van de squalls. Het ziet er soms spectaculair uit en zker in de vroege ochtend, met aan de hemel een enorme regenboog.
27 November
Ook het grootste gedeelte overdag staan er buien en is er weinig wind. Gedurende de ochtend hebben we kort gezeild en daarna hebben we toch maar de motor aangezet, om enigszins vooruitgang te houden en snel door dit buiengebied heen te varen. Als ik ’s nachts wacht heb, hoor en voel ik een soort ‘doek’geluid en onze stuurautomaat ‘Truus’ houdt er mee op. Dit alles in een enorme squall, met stortregen in het pikkedonker. Vlug neem ik het roer en roep Robert naar buiten. In de stromende regen sta ik achter het roer. Robert ontdekt gelukkig waar het probleem zit. Hij duikt zijn ‘kantoor’ in , waar de stuurautomaat zit en ontdekt dat een verbinding tussen de stuurautomaat en het roer losgekomen is. Even ben ik bang dat we de rest van de overtocht zonder ‘Truus’ moeten doen, wat betekent dat we alles met de hand moeten sturen. Gelukkig heb ik een bijzonder handige man, die ook dit probleem met waterpomp en andere tangen weet op te lossen. Een paar uurtjes later kan ik gelukkig naar mij bedje.

28 November
Iedere dag lopen we een rondje, om alles te inspecteren. Als je zo intensief vaart slijt alles snel, lijnen die bijna door zijn, Robert ontdekt dat een van de stuurwielen wat los zit maar weet het gelukkig snel te verhelpen. Ook wij zijn vermoeid door een tekort aan slaap en het voortdurende rollen van de boot en het wisselen van de zeilen. Het eist veel van het schip en zijn bemanning.
29 November
Er staat weer weinig tot geen wind. Gelukkig zijn we vandaag heel druk met vissen. Na 3 dagen niets gevangen te hebben, vangen we eerst een grote dorade. Als deze goed en wel gefileerd in de koelkast ligt, hebben we weer beet. Dit keer is het een hele grote vis, die zich niet gemakkelijk gewonnen geeft. We zijn een hele tijd bezig voor hij binnen is. Tot onze grote vreugde is het een mooie tonijn van 8,5 kilo. Morgen eten we dus heel veel vis. Aan het begin van de avond komen we in een enorme squall, waar een gigantisch onweer uit losbarst. Uren zitten we hier midden in , met een lichtshow waar geen enkel oud op nieuw tegen op kan. Ook valt er een zondvloed aan water, dat heeft een voordeel: onze boot is nu bijzonder schoon.
30 November
Om deze dag in een woord samen te vatten, het is een superzeildag. De hele dag door hebben we een prachtige halve wind en we glijden door het water alsof de boot met een hoge snelheid over het water zweeft. Dit is pas echt genieten! Net als de tonijn die Roderick voor het diner bereid. Een gedeelte als sushi en de rest van de tonijn grillen we. Tot een uur of 3 ’s nachts kunnen we zo zeilen, daarna valt de wind weg.

1 December
Halverwege de ochtend steekt de wind weer op, dit in tegenstelling met de weersverwachting. Ons radionet, die we 2 keer per dag houden met onze mede rallyleden gaat steeds moeilijker omdat de vloot  zo ver uit elkaar ligt en er bovendien veel buien in de lucht zijn waardoor de verstaanbaarheid sterk verminderd wordt. Toch worden we steeds handiger de posities aan elkaar te relayen, totdat ze allemaal bij de netcontroller zijn , die op zijn beurt de volledige lijst per email doorstuurt naar de  Blue Water Rally (BWR) organisatie. Trouwens tip van de dag, klik eens door naar de website van de BWR, voor vaak recente foto’s van alle deelnemers en laatste nieuwtjes over de vloot. Vandaag wordt de klok 2 uur terug gezet, het verschil met Nederland is nu 5 uur. Met het wachtlopen moeten we ons er weer even op instellen. Het voordeel is dat als we in Antigua aankomen we geen last hebben van een tijdverschil.

2 December
Op deze zeer zonnige zeezondag, hebben we praktisch zero wind, dus maken we er een rustdag van. Gedrieën lezen we veel en doen ’s middags een paar uur een zeilpoging, die weinig resultaat oplevert, behalve klapperende zeilen. We drinken de man maar liefst 1 biertje en luisteren naar Hans Teeuwen. Het eten is een welkome onderbreking, indiaas uit de vriezer en appelcrumble na. We sluiten de dag af met twee afleveringen van Weeds, een erg grappige serie, aanrader!
te gaan en ons enige probleem is dat de vriezer nog zo vol zit.

3 December
Vandaag is het Tessa’s verjaardag, we bellen en e-mailen haar, maar het is jammer dat we er nu niet bij kunnen zijn. Er staat geen spat wind en er wordt ook niet meer wind verwacht, voor ons betekent dat we de rest van onze reis naar Antigua op de motor moeten afleggen, wat we natuurlijk niet echt leuk vinden. Toch zitten wij in een hele luxe positie. De halve vloot is in malaise, ze liggen ver achter en hebben geen of heel weinig brandstof, dus liggen ze daar te dobberen wachtend op wind. Sommigen hebben bovendien een heel lage accuspanning en bij Zipadedoda is de generator ook nog stuk. Over de hele dag genomen hebben ze precies 20 mijl gemaakt en nu hebben ze ook nog stroom tegen en gaan ze zelfs achteruit. Hou dan de stemming er nog maar in! Wij hebben nog 1 nacht

4 December
Als ik aan de radio zit voor de dagelijkse rollcall, word ik naar buiten geroepen dat er een hele grote vis aan de lijn zit. We leggen de boot stil en zien dat er een enorme zwaardvis aan zit. Af en toe jumpt hij meters uit het water. Het gevecht tussen man en vis begint, hij is beresterk. Ik maak foto’s, maar ben een beetje bang dat hij in de boot springt. We hebben van de man van de hengelwinkel gehoord dat zwaardvissen soms bij je in de boot springen en zelfs wel eens de kajuit in duiken. Ze zijn met hun zwaarden niet ongevaarlijk. Na een gevecht van 3 kwartier, knapt de lijn, gelukkig maar. Ik wil immers geen gewonden aan boord en moet er ook niet aan denken wat we met een vis van dit formaat moeten beginnen.  Hij past echt niet in mijn vriezer. We tuffen op de motor naar Jolly Harbour in Antigua. Hier heeft de boot vroeger gelegen. Je zou kunnen zeggen dat het paard de stal ruikt, of beter gezegd de boot zijn thuishaven, want we schieten goed op. Even na zessen lopen we de haven binnen. Om 6 uur sluit het douane kantoor, maar Tony Diment heeft voor ons geregeld, dat we aan het pontoon van de douane kunnen overnachten en dat we met hem aan land mogen. Nu komt het moeilijkste gedeelte van de reis, namelijk hier in het donker binnen lopen. De kaart van Raymarine klopt niet, de boeien zijn  meest onverlicht en we lopen zelfs binnen de betonning , weliswaar zacht, even vast. Tony wijst ons de weg door met zijn koplampen van zijn auto te schijnen waar we heen moeten. We worden warm verwelkomd door Tony en zijn vrouw Christine, krijgen een fruitmand en worden getrakteerd op rumpunch bij ons aan boord. Daarna gaan we met zijn allen eten in een Italiaans restaurant, hier in Jolly Harbour. Na 17 dagen varen op de oceaan met alleen water om ons heen kunnen we eindelijk zeggen , we zijn er !!!

5 December
Al vroeg in de ochtend is Tony bij ons om te helpen met alle douane faciliteiten en een ligplaats in de haven te regelen. Het is geweldig wat de BWR organisatie allemaal voor je regelt. Terwijl Robert bij de douane is, komt de eigenaar van de haven ons welkom heten. Hij heeft een cadeautje voor ons meegenomen, een door zijn vrouw beschilderde grote boon, een “tsjaktsjak”, met welkome back to Jolly Harbour Antigua erop. Zoals ik al eerder vermelde, dit is 10 jaar lang de thuishaven van onze boot geweest. Overal zwaaien mensen naar ons, die we niet kennen. ’s Middags komt Hans Lammers de voormalige schipper van het Heidenskip met zijn vrouw bij ons langs. De tamtam gaat hier snel! We doen een drankje bij ons in de kuip. Binnen staat de boel nogal overhoop, want Robert repareert het toilet, wat een bijzonder leuk werkje is. In de loop van de dag komen 2 andere boten binnen. We hebben al gauw een BWR stamcafé aan de haven, waar we met zijn allen een sundowner nemen. Onderwijl komt Rieks uit Nederland aan en hij kan gelijk meedoen, waarna we met de hele groep gaan eten.

6 December
Alles gaat hier in een Caribisch tempo. Je ziet overal heel veel personeel die met zijn allen heel, weinig doen. Een voorbeeld hiervan is de kerstboom die ze hier in de haven aan het versieren zijn. Al 2 dagen wordt er de hele dag aan gewerkt, maar slechts het onderste gedeelte is pas versierd. Een groot deel van de vuile was breng ik naar de wasserette, waar 2 dames met een voluptueus postuur, de was doen. Ik kan hem om 3 uur weer komen op halen. Als ik even na drieën bij hun aan kom zetten, zit de was nog in de droger, dus staan we even later, heel huiselijk, samen, al babbelend, de lakens te vouwen.  Vlakbij onze haven is een idyllisch wit zandstrand, waar we gaan zwemmen, een beetje luieren en lezen. Het water is van een weldadige temperatuur, dit is echt genieten!

7 December
Op weg naar de locale kapper, wat ook af en toe moet gebeuren, loop ik langs de kerstboom. Goed nieuws, de ballen zitten er nu tot de helft van de boom in. We hebben goede hoop dat het toch nog gaat lukken voor de kerst. We lunchen met Rieks op het strand, met onze voeten in het zand. Iedere dag druppelen er nieuwe boten binnen. Daar moet natuurlijk dan mee gefeest, getoast en gegeten worden.

8 December
Na het ontbijt huren we een auto om samen met Rieks het eiland verder te bekijken. Als we na veel papierwerk de auto gehuurd hebben, moeten we eerst mee naar het politiebureau. Je hebt hier een voorlopig rijbewijs nodig uitgegeven door de politie waarna je op het eiland mag rijden. Ook daar nemen ze hun tijd voor, een Belgisch rijbewijs kennen ze niet, bovendien zijn we Nederlanders, leg dat maar eens uit. Na een half uur en 20 dollar lichter zijn we een voorlopig rijbewijs rijker en mogen we de weg op. Hier autorijden is een kunst op zich, want ze rijden hier als gekken, ze rijden links en bovendien zit de weg vol gaten.  Het is dus goed op letten geblazen,  in het donker beslist af te raden, daar heb je echt local knowledge voor nodig. Het eiland is prachtig groen, met zelfs een gedeelte tropisch regenwoud, hele mooie baaitjes met zilverwitte stranden, maar ook zie je overal autowrakken die verlaten naast de weg staan weg te roesten. Van autosloperijen hebben ze hier nog nooit gehoord en blijkbaar niemand komt op het idee om ze op te ruimen. We bezoeken Falmouth Harbour en English Harbour, waar een bootshow met superjachten aan de gang is. Niet te geloven wat een kapitaal aan boten daar ligt, de een nog mooier dan de andere. Ook de Velsheda ligt daar, een prachtig gelijnd, klassiek schip, waarvan we een model op onze slaapkamer thuis hebben. We lunchen in Nelsons Dockyard en als we terug in de haven komen zien we tot onze grote verbazing dat de kerstboom klaar is! Dit is maar goed ook want om 4 uur arriveert de kerstman in een helikopter. Alle kinderen van het personeel en van de haven krijgen een cadeautje. “s Avonds is er een heel feest met muziek en vuurwerk als afsluiting. Wij kunnen met zijn tienen nog net een plekje in de bistro bemachtigen, waar we genieten van de avond, het gezelschap en het eten.

9 December
Na een ochtend klusjes doen op de boot gaan we naar het strand een verkwikkende duik nemen. Om 4 uur moeten we terug zijn, we gaan met busjes naar Shirley Heights, een van de dingen op de “must do lijst”. Ik krijg de indruk dat meer mensen dit weten, want het is er net een mierenhoop. Het staat bekend om zijn spectaculaire uitzicht, tijdens zonsondergang, met rumpunch, begeleid door een steelband. Bovendien kun je er BBQ eten. Behalve dat het er naar mijn beleving veel te druk is, het uitzicht is prachtig, de steelband

10 December
Rieks vertrekt vanochtend naar Curaçao, wij gebruiken de ochtend om wat aan de boot te klussen. We lunchen op de Castaway”s Beach, waarna we op het strand blijven, ondanks dat het weer wat bewolkt is. We vergeten de tijd, om 5 uur moeten we gedouched en wel voor een borrel, aangeboden door de Oceansclub, weer op het strand zijn. Om lid te worden van de Oceansclub moet je minimaal 1000 mijl aan een stuk door hebben afgelegd. Het leuke is dat je een clubvlag krijgt, die je hijst als je ergens aankomt, je van een ander lid , te herkennen aan een zelfde vlag,  van hem een drankje en een praatje aangeboden krijgt. Voor je sociale contacten is dat natuurlijk erg leuk, bovendien kan iemand je een beetje wegwijs maken en goede tips doorgeven. Ook deze avond is weer erg gezellig. Er breekt een noodweer los met enorme hoosbuien, iedereen vliegt naar binnen. Als de regen iets minder wordt  worden we uitgenodigd door Tony en Christine om samen met Roderick , David en Jenny , in hun hotel iets te eten. Het is even proppen maar het lukt ons om met zijn zevenen in een auto te kruipen. Ze logeren in een heel idyllisch hotel restaurant, wat me sterk aan ons hotel in Bali laat denken. Onder ons klotst de zee, boven ons plenst de regen op het rieten dak. Er tussen door blaast een warme verkoelende zeebries. Het is er romantisch verlicht en we worden bediend door een ober die regelmatig een gele regenjas aan schiet als hij iets gaat
halen uit de keuken. We hebben een bijzonder gezellige, sfeervolle avond.

11 December
Met een waslijst van spullen voor de boot gaan we shoppen bij Budget Marine. Dat zou hét watersportwinkel walhalla zijn. Nu dat valt ons vies tegen , we kunnen nergens voor slagen, de bediening is knorrig en onbehulpzaam. Uiteindelijk gaan we gefrustreerd met alleen een tubetje lijm naar buiten. We hebben een rustige avond aan boord, wat ook wel eens lekker is en kijken een film en eten pizza.
12 December
Roderick vertrekt vandaag voor een paar daagjes. Hij helpt Eric mee om zijn boot naar Curaçao te varen. Eric’s vrouw, Marianne ligt hier in het ziekenhuis met Dengue koorts. Vermoedelijk mag ze zaterdag naar huis. De bedoeling is dat zij dan naar Curaçao vliegt en van daar uit samen met Eric naar Nederland. Roderick vliegt dan weer naar ons terug.
Met een hele BWR ploeg gaan we vandaag een rondrit maken over het eiland, dit wordt ons aangeboden door het Ministry of Tourism. Wij stoppen bij Betty’s Hope Sugar Mill, dit was vroeger een belangrijke bron van inkomsten, maar nu staan er nog slechts enkele ruines. Imposant is de Devil’s Bridge, met een ruige zee, opspuitend water tegen de kust en prachtig uitzicht. We krijgen een supersnelle rondleiding  in Nelson’s Dockyard en lunchen tot slot in OJ restaurant aan zee.
David en Jenny nodigen ons uit,om de fles champagne die ze voor hun goede aankomst nog steeds
hebben klaar staan, samen soldaat te maken. Daar zeggen we natuurlijk geen nee tegen 

12 December
Roderick vertrekt vandaag voor een paar daagjes. Hij helpt Eric mee om zijn boot naar Curaçao te varen. Eric’s vrouw, Marianne ligt hier in het ziekenhuis met Dengue koorts. Vermoedelijk mag ze zaterdag naar huis. De bedoeling is dat zij dan naar Curaçao vliegt en van daar uit samen met Eric naar Nederland. Roderick vliegt dan weer naar ons terug. Met een hele BWR ploeg gaan we vandaag een rondrit maken over het eiland, dit wordt ons aangeboden door het Ministry of Tourism. Wij stoppen bij Betty’s Hope Sugar Mill, dit was vroeger een belangrijke bron van inkomsten, maar nu staan er nog slechts enkele ruines. Imposant is de Devil’s Bridge, met een ruige zee, opspuitend water tegen de kust en prachtig uitzicht. We krijgen een supersnelle rondleiding  in Nelson’s Dockyard en lunchen tot slot in OJ restaurant aan zee.
David en Jenny nodigen ons uit,om de fles champagne die ze voor hun goede aankomst nog steeds hebben klaar staan, samen soldaat te maken. Daar zeggen we natuurlijk geen nee tegen 

13 December
Vanochtend krijgen we een briefing over het Caribisch gebied en onze aankomst in Panama. De rest van de dag vliegt voorbij en we moeten ons haasten om op tijd te komen voor de rally party, aangeboden door “the Ministry of Tourism en Jolly Harbour Marine “, op de Jolly Harbour Golfclub. Geheel volgens aanbeveling gaan we  Caribisch gekleed op pad, maar onderweg worden we overvallen door een tropische hoosbui. We proberen nog te schuilen maar kunnen niet helemaal voorkomen dat we als halfverzopen katten een beetje “fashionably late” arriveren.
Er speelt een steelband die ons opwarmt, waardoor we weer snel droog zijn. Natuurlijk ontbreken de gebruikelijke speeches niet, waarna het buffet geopend wordt. Het hoogtepunt van de avond is voor mij het optreden  van een Caribische kinderdansgroep. Prachtig uitgedost, heel gracieus, ritmisch dansend, met een enorme zelfverzekerde, trotse lichaamshouding. Wat zijn wij daar lomp bij vergeleken.

14 December
Vandaag verkassen we van Jolly Harbour naar Nelson’s Dockyard, een paar uurtjes varen er vandaan. Er staat een stevige bries, windkracht 6 á 7 en een flinke Atlantische deining. We zeilen hoog aan de wind, eerst met de genua, maar die moeten we al snel inhalen omdat hij water schept, daarna zeilen we verder  met een gereefd grootzeil en kotterzeil. Dan knapt opeens onze runner, de lijn die de mast ondersteund als je met het kotterzeil zeilt, alsof het niets is. Ondanks dat deze lijn van spectra en kevlar gemaakt is en dus heel veel moet kunnen hebben. Al motorsailend gaan we verder naar Nelson’s Dockyard, waar we al gauw een rigger gevonden hebben die al onze lijnen gaat vervangen. Alles slijt veel sneller op een dergelijke reis. Toch hebben wij niets te klagen, zeker wanneer je de verhalen van andere boten hoort. Op iedere boot is er wel iets, kapotte generatoren, stukken aan de mast,  gescheurde zeilen, koelkasten en diepvriezers die er mee op hielden. Dit leverde soms heel interessante maaltijden op, zoals soep met maden. 
Aangekomen nodigen we onze buren uit voor een drankje en al gauw, het is net zwaan kleef aan, zitten we met 16 man in onze kuip. Volgens mij hebben we al een reputatie opgebouwd als partyboot. Wanneer iedereen weer terug naar zijn eigen boot is komt Rene aan. Hij is van Curaçao naar ons gevlogen om ons een paar daagjes te bezoeken. Hier in de haven strijken we neer voor een maaltijd, en sinds we uit Nederland zijn vertrokken hebben nog niet zo lekker gegeten..  Carib

15 December
Met onze dingy volgeladen met mensen en bbq spullen varen we naar een strandje  vlakbij de haven. De BWR heeft er een bbq georganiseerd. Iedereen neemt zijn eigen eten en drinken mee. Rene gaat ook mee, hij heeft van het hotel een zwembroek en poloshirt gekocht, zijn koffer is tussen 2 vliegvelden verdwenen en nog niet terecht. Ik vind het iedere keer weer spannend,als ik naast de bagageband op mijn koffers wacht. Komen ze of komen ze niet, dat is de grote vraag.
We zwemmen volop en laten ons zelfs verleiden tot beachspelletjes. Het wordt een bijzonder geslaagde middag.
Na een verkwikkende douche aan boord worden we uitgenodigd door Rene voor een etentje bij hem in het hotel. De ambiance is bijzonder mooi, met uitzicht over de haven, waar romantisch verlichte superjachten liggen. Wij genieten van ons eten en de gezellige sfeer.

16 December
Na een uitgebreide brunch, met Rene in zijn hotel, hij is blij dat zijn koffer inmiddels weer terug is, bekijken we de boten en Nelson’s Dockyard.
We zijn door Tony en Christine, samen met David en Jenny uitgenodigd bij de “todclub”. Vroeger kreeg de bemanning bij de marine iedere avond om 6 uur een tod rum. Deze traditie wordt door de todclub in ere gehouden. Iedere dag om 6 uur wordt er een stuk uit de geschiedenis van de Royal Navy voorgelezen. In de ene hand krijg je een tod rum en in de andere hand een glas water. Bij elke keer als er in het verhaal een vijandelijke boot gezonken is, worden de glaasjes tegen elkaar getikt en roept iedereen,heh-hey. Wij zij blij dat er die dag geen Nederlands schip tot zinken gebracht is. Na het verhaal wordt het  glas geheven voor  H.M. the Queen en moeten we de rum in één keer naar binnen slaan, wat voor mij een onmogelijke opgave is. De traditie wil dat iedere zondag, de rest van de rum voorraad van de week,”the black mass”, wordt opgedronken. Dit laat ik maar aan mij voorbij gaan.
Met de dingy gaan we naar een restaurant op het strand, de rest gaat met de auto.
Na het eten komt de vrouwelijke amicale kok aan ons tafeltje, ze doet haar schort uit, schudt haar haren los en of we willen of niet we moeten met haar dansen. Anderhalf uur later kunnen we ons aan haar gezelschap onttrekken, volgens mij had ze de hele nacht nog wel willen doorgaan. Rene wordt met de auto naar zijn hotel gebracht, wij varen met de dingy en vinden met de zaklamp de weg terug naar onze boot, waar Roderick, terug van weg geweest, al lekker in zijn kooi ligt bij te komen van zijn zeiltocht.

17 December
Robert ververst de motorolie en de filters. Rene beleeft vandaag zijn eigen avontuur. Vanmorgen om 4 uur vloog hij terug, maar zijn vliegtuig had vertraging. In Trinidad was de aansluitende vlucht al weg. Hij informeerde naar de eerst volgende vlucht en kreeg te horen dat vrijdag pas het volgende vliegtuig gaat. Daar word je pas echt blij van!
Een van onze BWR leden leent ons de yachting monthly van January. Er staat een heel artikel over de BWR in en ook een interview met Robert over ons , de boot en waarom we met de BWR meedoen, wat we natuurlijk erg leuk vinden.

18 December
We krijgen bericht van Rene dat hij inmiddels via Suriname in Curaçao is aangekomen. Ons bezoeken in Antigua is een heel avontuur.
Twee ‘locals’ poetsen vandaag en morgen  onze boot en zetten hem keurig in de was. Men zit hier overduidelijk om werk verlegen. Ze zijn erg vriendelijk, lachen veel, werken hard en zijn erg trots op hun werk. Onze boot heeft er dan ook nog nooit zo goed uitgezien. Om half 5 gaan we met de bijboot nog even naar het strand om te zwemmen en drinken een rumpunch in de beachbar.

19 December
Al hel vroeg zijn onze mannen die de boot poetsen present. Robert krijgt een cadeautje van hun, een t shirt van zijn steelband, weliswaar niet helemaal nieuw, maar volgens hem very clean. Hij speelt in de steelband en treedt vaak op bij Shirley Heights. In ruil krijgt hij een heidenskip poloshirt, daar zat hij gisteren al op te vlassen.
Ook deze middag gaan we lekker zwemmen, waarna we met de hele groep gaan eten. Op weg naar de boot gaan we nog even op ziekenbezoek bij Keith van Baccus. Hij is een paar dagen geleden gevallen in een kuil en heeft daarbij zijn been gebroken. Onze ‘father Christmas’, hij lijkt als 2 druppels water op de kerstman, zit nu in het gips. Dat valt natuurlijk niet mee aan boord.

20 December
We rommelen wat aan en maken een fotosessie voor een digitale kerstgroet. Het blijft een heel raar idee dat het bijna kerst is, zeker als je in bikini met kerstboom op de foto gaat. We hebben Hans en Kathy Lammers uitgenodigd, het wordt heel gezellig .Ze vertellen ons alle ins en outs van de boot en wat de mooie plekjes zijn van deze omgeving.

21 December
De hele dag loop ik me te verheugen want aan het begin van de avond komen Bob, Tessa en Adil met het vliegtuig aan. Het is geweldig om ze weer te zien. Het zou perfect geweest zijn als Kevin en Geerte er ook bij waren , want je gaat je kids wel missen, maar hopelijk kunnen zij snel komen.
We gaan samen eten in een restaurant, waar Bob zich tegoed doet aan een halve kreeft. In het vliegtuig heeft hij zich daar al op zitten verheugen. We hebben veel bij te kletsen, het is toch heel anders praten dan door de telefoon.

22 December
Na een rustig ontbijtje en de boodschappen gaan we lekker zwemmen. We willen daar een hapje eten op terras maar ze serveren geen lunch meer, het is al te laat en nog te vroeg voor diner. Maar we laten ons niet uit het veld slaan, aan boord zijn de hamburgers zo ontdooid en wijdden we onze nieuwe bbq in.
In het café restaurant naast onze boot is er die avond een jamsessie, waar Bob en Robert zich laten verleiden om mee te drummen op 2 drumstellen.
23 December
Met de taxi gaan we naar St. John’s, de enige grote plaats op het eiland. Overal zie je marktkraampjes met groente en fruit, we besluiten om op de terugweg flink in te slaan. In St. John’s komen veel gigantische cruiseschepen aan. Hier worden de toeristen uitgeladen, die dan in de hoofdstraat met o.a. veel juwelierszaken taxfree kunnen shoppen  en vervolgens leeggeklopt door de locale economie hun reis vervolgen. Het is een enorme drukte, met de meest vreemdsoortige mensen. Je kijkt  er je ogen uit. Hier heb ik niets te zoeken, gelukkig denkt de rest er ook zo over , dus bezoeken we een rustiger, meer authentiek deel van de stad.
Twee schoenenwinkels, ieder op de hoek van een  straat, doen verwoedde pogingen klanten te trekken. Dit denken ze te bereiken door met megaboxen heel luid kerstliedjes de straat door te boesten. Het wordt een soort wedstrijd wie het hardste kan, draait de een de volumeknop open dan moet de andere er overheen. We vluchten.In een volgende straat staan kraampjes waar ze Caribische muziekinstrumenten verkopen. Al gauw staan Robert en Tessa met de verkopers te jammen met tsjak tsjaks en steeldrums.  Ze trekken veel bekijks. Na lange onderhandelingen kopen Tessa en Bob ieder een steeldrum en tsjak tsjak.
Als het begint te regenen  besluiten we om terug te gaan. Onderweg schuilen we onder een afdak, dit is geen regen meer maar een ware zondvloed die naar beneden komt. We denken dat een dergelijke bui nooit erg lang kan duren, maar na 3 kwartier wagen we het toch en rennen naar het busstation. Verschrikt kijken de inzittenden van een busje, dat 6 tot op de huid doorweekte blanken bij hen willen instappen. Aangemoedigd door de chauffeur weerstaan we de afkeurende blikken en nemen zompend plaats naast de locale bevolking. Ik kom naast een oudere man te zitten die daar zo te zien niet echt blij van wordt . Gelukkig hebben we net strandlakens gekocht, daar wikkel ik me in, zodat hij toch nog droog blijft.
Terug in Nelson’s Dockyard schijnt de zon volop en de hele dag is er daar geen drup gevallen.

24 December
Er komt een monteur aan boord om een extra compressor voor de koelkast in te bouwen. Na alle verhalen over falende vriezers en koelkasten willen we een back-up hebben. Bob gaat duiken met een instructeur en Steve van Hakuna Matata. De rest gaat zwemmen en snorkelen.

25 December
We hebben ons kerstontbijt net achter de kiezen, als er een reggaeband begint te spelen. Dit wordt een hele onconventionele kerstmis. In plaats van kou, sneeuw, kerstboom en kerstliedjes hebben wij tropische zonneschijn, strand, palmen en reggaemuziek. Iedereen  uit de haven en omgeving, blank en zwart, komen hier kerst vieren. Onder de opzwepende muziek danst iedereen met iedereen en drinkt volop champagne. De band is fantastisch en speelt 4,5 non-stop door. De stemming is uitgelaten, blij en verhit, (combinatie van zon, drank en dansen).
Om 4 uur maken we ons op voor het kerstdiner. Met alle bwr leden gaan we gezamenlijk in een restaurant dineren, het menu is bekend en we hebben vooraf al betaald. We zijn  enorm hongerig en zijn  helemaal klaar om aan te vallen. Na ruim 2 uur wachten krijgen we ons voorgerecht, een schoteltje met ongeveer niks, volgens Robert  een vies bordje! Dan volgt het wachten op het hoofdgerecht, we houden de stemming er in. Als vervolgens het hoofdgerecht geserveerd wordt , blijkt dat ze voor 7 personen aan onze dis geen eten hebben, vergeten!!! Uiteindelijk krijgt iedereen toch te eten. Laten we over het nagerecht maar zwijgen en afsluiting een lauwe kop bruin water genaamd koffie
Na dit fiasco hoef ik me nooit meer druk te maken over mijn kerstdiner.
 
26 December
Het kost ons een paar uurtjes om onze boot van 6 persoonsstacaravan weer om te bouwen tot zeilboot. We varen van Nelson’s Dockyard naar Green Island. Er staat een aardige bries en dito golven. Hoog aan de wind varend bereiken we na een paar uurtjes Green Island en vinden een ankerplekje. Het ziet er uit als op een ansichtkaart. De kids gaan zwemmen. Het water is hier zo helder dat je zelfs zonder snorkelbril de vissen ziet zwemmen. Ik ga met mijn kerstdiner aan de gang. Van de week kwam er een visserman met verse kreeften, die even gekookt  waren en vervolgens ingevroren, langs onze boot. Wetende dat ik Bob er een groot plezier mee deed, heb ik twee mooie exemplaren van hem gekocht. Ze moesten alleen nog 20 minuten in kokend water. Nu heb ik aan boord best grote pannen, maar 2 kreeftenkoppen staken boven de pan uit  en keken me met hun grote ogen aan. Niet  helemaal mijn ding dus. Halverwege de kooktijd heb ik ze met hulp van Bob gedraaid. Na enig ontleedwerk, smaakten ze voortreffelijk.

27 December
Met onze bijboot varen met de buitenboord motor langs en over de koraalriffen naar het strand met palmbomen. Een spannend vaartochtje want we moeten de diepte goed in de gaten houden, het is net een soort puzzeltocht. Bob peilt met de pikhaak steeds de diepte terwijl wij de riffen in de gaten houden. Onze moeite wordt beloond, het strandje is prachtig , fijn wit zand . Met onze snorkelspullen gaan we het koraalrif verkennen. Dat is een wereld op zich, prachtige, gekleurde vissen van verschillend formaat zoeken hun voedsel over een grillig gevormd ,mooi koraalrif. Voor mij is dit een van de hoogtepunten, je voelt je helemaal vrij in het water. Hongerig maar voldaan komen we terug aan boord. We bbq en op de boot ,waarna iedereen moe is,, kijken nog een film en maken het niet te laat.

28 December
We varen van Green Island  naar Deep Bay. Het waait flink, zeker het eerste gedeelte van de tocht en er staat een pittig zeetje. Niettemin genieten we van een prachtige zeiltocht. In Deep Bay ligt  een wrak van een gezonken driemaster vlak onder water, daar willen we gaan snorkelen. Als Bob als eerste de boel wil gaan verkennen, blijkt dat er enorm veel kwallen in het water zitten. Hij houdt het snel voor gezien en ons lijkt het ook niet erg aantrekkelijk, wij blijven liever aan boord en genieten van een lamsbout in de oven en een goede film.
 
29 December
In de ochtend, na de radio, ik ben vandaag voor het eerst netcontoller, vertrekken we naar Jolly Harbour. Hier genieten we van een luie middag op het strand, onder de parasol met een boek. We worden uitgenodigd voor een cocktail  bij Hakuna Matata , hun familie vertrekt morgen weer naar huis.
 
30 December
Vandaag, het is een dag met veel vette regenbuien, gaan we naar het tropisch regenwoud. We hebben daar, samen met de Hakuna Matata's, gereserveerd voor de Rainforest Canope Tour, een spannende onderneming. We gaan met ziplines over een afgrond en het regenwoud over grote hoogte naar beneden glijden. Survivallen over gammele bruggen, abseilen e.d. Eerst krijgen we een soort trapezebroek aan waaraan 2 veiligheidslijnen zitten en een helm op. Er kan ons niets gebeuren. Toch loop ik met een draaiend buikgevoel, zeker bij de eerste afdaling, als je een stap over de rand zet de diepte in. Het is erg leuk, spannend en inspannend, lopend en balancerend gaan we verder over gammele bruggen van touw, waarvan veel leggers ontbreken. Van alle inspanningen heeft iedereen enorme honger en dorst, een verlate lunch bij Castaways op het strand valt bij dan ook goed in de smaak. We zien daar de zon onder gaan, een superdag!
 
31 December
Oudjaar
Het is jammer genoeg, vooral voor de kids die hier maar kort zijn, een dag met veel regen. Wij willen 3 January weer verder zeilen , vermoedelijk in een ruk naar de San Blas eilanden, waar de Kuna indianen leven. Waarschijnlijk zal daar niet veel te shoppen zijn, dus sla ik hier nog even mijn slag, want er is een grote supermarkt naast de haven. Nog nooit heb ik zoveel boodschappen gedaan en zo prijzig,  want alles moet hier geïmporteerd worden. We hebben afgesproken om oud en nieuw met de familie H.M. te vieren, eerst samen eten en daarna verder vieren aan boord bij H.M., zij hebben een catamaran met een reuze terras. Jammer genoeg wordt Pat ziek,  we openen bij  ons aan boord een fles bubbels om 12 uur. Bob en Roderick gaan stappen tot in de "vroege "ochtend..
Happy New Year allemaal!

1 Januari 2008
Om het nieuwe jaar goed in te luiden, doen we mee met de traditionele nieuwjaarsduik. Weliswaar niet in Scheveningen maar hier vanaf de beach in Antigua. Met bijboten volgeladen met BBQ spullen gaan we met Hakuna Matata, Seabright en Namani naar een verlaten strandje. Iedereen heeft het enorm naar zijn zin, met onze voeten in het water en een plastic bekertje bubbels in de hand, proosten we op het nieuwe jaar. Beth van Seabright, 5 jaar, en Nicky van Namani, 4 jaar, zijn onvermoeibaar en spelen de hele dag in het water. Bob en Roderick bekomen op eigen wijze van hun nachtelijke avonturen . De rest is druk met zwemmen, spelevaren en BBQ en. Dit is echt een leuk begin van het nieuwe jaar!
 
2 Januari
Robert gaat met Bob naar Nelson´s Dockyard om o.a. kaarten te kopen van Bonaire, waar we morgen naar willen vertrekken.
Roderick gaat naar St. John´s de post ophalen voor bwr boten die al vertrokken zijn. Samen met de douane moet hij alle pakketjes open maken, die vol zitten met kerstcadeautjes. Hij verheugt zich nu al om de cadeautjes te overhandigen en zo zijn ambitie als kerstman waar te maken.
De rigger levert nog enkele lijnen die vervangen moeten worden.
Jammer genoeg moeten Bob, Tessa en Adil vanmiddag weer naar huis.
Gelukkig is er ook een troost, Kevin, Geerte, Tessa en Bob komen hoogst waarschijnlijk over een paar maanden naar Tahiti.
We maken schoon schip, ruimen op en doen de was. Met zijn allen pakken we flink aan en aan het eind van de dag denken we dat we klaar voor vertrek zijn.

3 Januari
Helaas hebben we te vroeg gejuicht. De wc zit ernstig verstopt. Deze zeer onplezierige klus neemt de hele ochtend in beslag. Hier wordt je niet echt vrolijk van. Robert weet hem gelukkig  te ontstoppen, na onze reis kan hij altijd nog als loodgieter aan de slag.
Ook het uitklaren, duurt dik 1 uur, en de haven betalen, duurt maar liefst 1,5 uur, gaan niet van een leien dakje. We willen dan ook zo snel mogelijk de haven uit, op naar Bonaire. Dan blijkt dat onze radar ook niet werkt, maar gelukkig krijgt Robert hem weer aan de praat. Soms is zeilen gewoon hard werken.
We zeilen langs Montserat, een vulkaaneiland waar een paar jaar geleden een grote vulkaanuitbarsting is geweest. Het halve eiland is onbewoonbaar geworden. Om de bevolking te steunen is er een groot popconcert gegeven en is er een dvd van gemaakt, Music fot Montserat. Toevallig blijken wij deze prachtige .dvd al een hele tijd in onze collectie te hebben en nu varen we er langs. Roderick vangt een kleine tonijn, hij wil hem graag opeten, maar Robert en ik vinden hem te klein, dus wordt de ‘baby tonijn terug gezet. Als ik na de afwas naar buiten  kom met de mededeling dat het gigantisch stinkt, vrezen we voor nog meer toiletperikelen. Wel is het vreemd dat het buiten nog veel erger ruikt, waarna Robert ontdekt dat het de vulkaan is en we inderdaad de zwavellucht herkennen. We gaan rustig de nacht in, al is de zee hier rommelig.

4 Januari
We zitten net aan de koffie, als er opeens een vliegtuigje heel laag over het water recht op ons afgevlogen komt. Eerst ben ik bang dat hij op ons zal neerstorten, of de mast zal raken, dan maakt hij een scherpe bocht vlak naast onze boot. Het is niet herkenbaar of het om een vliegtuig van de kustwacht gaat of gewoon een stuntpiloot.
De rest van de dag verloopt rustig. Wel rollen we enorm,wat niet erg comfortabel is.
’s Nachts slaap ik slecht, vanwege de vervelende golfslag 

5 Januari
We genieten van een mooie zeildag, met ruime wind, grootzeil op, de genua uitgeboomd,  de kotter erbij en stroom mee maken we een flinke snelheid. Een grote groep dolfijnen komt aan ons voorbij geschoten. Klaarblijkelijk zijn ze aan het jagen, want hun bewegingspatroon is anders dan wanneer ze met de boot komen spelen. In plaats van sierlijke rustige sprongen, springen ze nu allemaal tegelijk in strakke snelle bogen. Voor onze boot hebben ze geen belangstelling, ze zijn met serieus werk bezig. Tegen de avond minderen we flink zeil, we willen niet in het donker aankomen in Bonaire, we maken nu te veel snelheid.

6 Januari
Net als het daglicht begint te worden naderen we de aanloop van Bonaire. Rond half 10 meren we aan. Er zijn hier al een paar boten van de bwr. Paramour met Ian en Viv lopen even na ons binnen en komen naast ons liggen. Gezamenlijk gaan we inklaren, eerst bij de douane in de stad en daarna, immigratie is hier op zondag gesloten, bij het politiebureau. Hier gaat het gelukkig allemaal heel vriendelijk en relaxed. We lopen langs de waterkant en het water is hier zo helder dat je grote blauwe vissen, papegaaivissen, van de bodem ziet eten. We lunchen met zijn allen op de pier. Terug aan boord worden we door Peter van Jenny uitgenodigd voor een drankje, hij is vandaag jarig, waarna we met de hele groep gaan eten.

7 Januari
De halve dag is Robert bezig waar we  nieuwe accu’s kunnen kopen. Onze accu’s lopen op hun eind en moeten steeds vaker opgeladen worden. Onze ssb radio valt zelfs uit op het moment dat de lieren gebruikt worden. Helaas zijn er op Bonaire geen gelaccu’s te verkrijgen, wel in Curaçao. Na veel gebel en geregel, lukt het om daar 8 accu’s te reserveren. Overmorgen varen we daar dus speciaal voor heen. Ook de internetverbinding wil maar steeds niet lukken, zelfs niet in het internetcafé. Niet elke dag verloopt zoals je wilt. Roderick geeft de boot van buiten een grote beurt, hij ligt nu te glimmen in het zonnetje.

8 Januari
We gaan snorkelen bij klein Bonaire. Geweldig zijn de koraalriffen, met al zijn verschillende vormen, de prachtig gekleurde vissen die zo om je heen zwemmen. Dit is een eigen wonderlijke wereld op zich. Ik voel me bevoorrecht er even deel van uit te maken. ’s Middags gaan we uitklaren, de mensen zijn hier erg vriendelijk en maken grapjes met ons. Inmiddels zijn er heel wat bwr boten aangekomen. De plaatselijke kroeg aan de haven doet goede zaken, want  er moet, onder het genot van een drankje, toch even bijgepraat worden.

9 Januari
Om 7 uur vertrekken we naar Curaçao. Er staat geen spat wind, dus varen we op de motor. De zon brandt en het is een bloedhete dag. Rond het middaguur komen we bij Curaçao aan. Wij zijn al vaak op Curaçao Geweest,maar altijd met het vliegtuig en nu varen we hier met onze eigen boot. Het geeft een kick dat de Koningin Emma draaibrug nu voor ons open gaat. Natuurlijk zetten wie dat op de camera, terwijl we door wel 100 toeristen op de film gezet worden. Bij de werf krijgen we een piepklein plaatsje, waar we gedeeltelijk tussen en langs 2  andere boten in wringen. Ook hier moeten we weer inklaren bij douane en immigratie, Met een taxi gaan we er heen.  De douane bevindt zich midden in de stad en is gemakkelijk te vinden, immigratie zit op een plaats die alleen voor zeer ervaren taxichauffeurs te vinden is. Zeker geen aanmoedigingsbeleid voor bootjestoeristen. Hierna slenteren we door Willemstad en eten op terras,jawel, een broodje kroket! Dit is echt heimwee eten en we laten het ons goed smaken.

10 Januari, ofwel grote accudag.
De nieuwe accu’s arriveren rond het middaguur, maar eerst moeten de oude accu’s uit de boot, waarvoor we de boot moeten omdraaien. Ze wegen maar liefst 75 kg. per stuk. Iedere accu moet op ons bed getild worden en dan stuk voor stuk,  uit het voorluik het dek opgetakeld worden. Vervolgens worden ze door een heftruck op de kade gezet.
Naast onze boot staat een kleine lorrie met de nieuwe accu’s. Dan volgt hetzelfde proces in omgekeerde volgorde. Inmiddels is de hitte in de boot opgelopen tot 34 graden. Een verhit karwei, het enigste wat ik kan doen is stukken keukenpapier aangeven, voor de zweetdruppels en drinken inschenken om het vochtgehalte op peil te houden. Als dan na een paar uur de accu’s op hun plaats staan, blijken de accuklemmen niet te passen. In de winkel zijn ze niet voorradig, maar Robert krijgt een lift naar een ander filiaal waar ze gelukkig er wel zijn. Roderick en ik gaan nog een keer de voorraad van de boot bijvullen. We worden opgehaald en weer weggebracht met een busje van de supermarkt, dat is nog eens service!
Die avond hebben we afgesproken met Wouter en Mariëtte Mol, die hier op Curaçao wonen. Afgelopen December waren we er niet bij, maar nu we onverwacht hier zijn kunnen we het alsnog inhalen. We hebben een uitstekende en gezellige  maaltijd in Ford Nassau, met uitzicht over de baai. Het roept herinneringen op aan de allereerste keer dat we op Curaçao waren en we hier ook hebben gegeten samen met de inmiddels overleden Peer Janssen. 

11 Januari
Rond half 11 gooien we de trossen los, op weg naar San Blas. San Blas ligt ongeveer 680 mijl van Curaçao, waarschijnlijk voor ons een dag of 4 varen. Er staat lichte wind, toch maken we met stroom mee een goede snelheid. Ook dit keer ,we zijn nu een maal populair, krijgen we bezoek van een vliegtuig. Dit keer is het de Nederlandse Kustwacht, die even komt inspecteren. Het is een rustige relaxte dag.

12 Januari
Vandaag staat er meer wind, we schieten goed op. Tijdens de radio horen we dat inmiddels veel bwr boten op weg zijn naar San Blas. Omdat we langs de kust van Colombia komen is er bij veel boten behoefte aan contact  over de ssb radio, standbye ieder 2 uur en een positiemelding. Voor mij als netcontroller een extra job, maar het is tevens een welkome onderbreking. We vinden de tijd en rust om alle 3 een boek te lezen. ’s Nachts trekt de wind flink aan, we moeten 2 keer een rif zetten. Ook staan er hoge golven, waar dit gebied hier om bekend staat.

13 Januari
Tijdens het radio uurtje blijkt dat veel boten erg veel last van de golven gehad hebben en nog steeds hebben. Een boot meldt een nieuwe vismethode te hebben ontdekt, namelijk door de leeggelopen kuip na een overgekomen breker. Op een andere boot was de echtgenote met haar kin op de tafel gevallen en moest op 5 plaatsen gehecht worden. Geluk bij een ongeluk, haar echtgenoot is chirurg. Hij jokete op de radio “it was bloodier than killing a tuna”. Waarop het bemoedigende “chin up” schertsend door de radio klonk. De hele dag staan er erg korte onrustige golven, we liggen zeer onplezierig te rollen. We hebben uitgerekend dat met de snelheid die we maken we morgen rond 11 uur ’s avonds aankomen. Aangezien de kaarten van het gebied niet betrouwbaar zijn en er rond de San Blas eilanden overal koraalriffen liggen , die niet door boeien zijn aangegeven, willen we perse met daglicht binnenlopen en daarom minderen we flink zeil. Ook de nacht is zeer onrustig ,met forse golven.

14 Januari
Met slechts een zakdoekje zeil op varen we de hele dag. We hebben nu mooi de gelegenheid om ons sleepanker ofwel drogue te testen. In geval van zwaar weer met wind van achteren kun je zo je snelheid verminderen,waardoor je boot beter bestuurbaar blijft en niet van de golven afdendert. Om 6 uur horen we op de radio dat Hakuna Matata, een catamaran van de bwr., bij het binnenlopen van Snug Harbour in  San Blas, op een rif is gelopen en vast zit met 1 drijver. Gelukkig blijft de schade beperkt en met behulp van 2 Zweedse boten zijn ze 2 uur later weer los. Zelfs bij daglicht is het hier moeilijk binnenlopen, laat staan in het donker. We moeten daarom zeker niet te vroeg aankomen en varen de laatste uurtjes van de nacht rondjes, wat zeer frustrerend is, in aanblik van je bestemming.

15 Januari
Als we uiteindelijk  binnenvaren, loodst Jeremy van H. M. ons met zijn dingy langs de gevaarlijke riffen, er hangen buien in de lucht tot beneden aan toe, waardoor er slecht zicht is. Veilig in de baai voor anker met prachtig uitzicht en een privé eiland voor de deur of beter voor de boot, met palmbomen, komen de Kuna indianen langs met hun koopwaar, in eigengemaakte, uit boomstammen uitgeholde, kano’s en weten we weer waar we het allemaal voor doen! De Hakuna Matata’s nodigen ons uit bij hun te eten. Onderweg hebben ze een gigantische dorade gevangen, die ze van hun leven niet op kunnen. Met een dorade op de bbq, een goed glas wijn, Robert en Jeremy op de gitaar in deze unieke locatie, kan onze dag niet meer stuk!

16 Januari
Bij een locale Kuna indiaan, Leon, die met zijn bootje ons fruit heeft gebracht en onze afval voor 1 dollar heeft weggebracht, heeft Jeremy een tour geregeld naar zijn dorp. We worden uitgenodigd zijn huis te bezoeken, nadat hij eerst zichzelf uitnodigt om bij H.M. te lunchen, anders moet hij 2 keer op en neer met zijn boot. Wij volgen hem met  onze ding. Hij hijst zijn zeil dat gemaakt is van plastic balen, grote zakken, een bijzonder, kleurrijk geheel. Hier kunnen ze echt alles gebruiken en het spijt ons dat we geen oude zeilen bij ons hebben. In Antigua lagen er nog zeilen met een scheur bij de afval. Kuna indianen zijn erg vriendelijk, klein van postuur, maar pezig met knappe gelaatstrekken. Vooral de kinderen zijn plaatjes om te zien, overal komen ze vandaan en roepen ola, ola en willen je hand vasthouden. Wij zijn hier en bekijken de Kuna’s en hun leefomgeving, maar omgekeerd ook zijn wij voor hun een bezienswaardigheid. Bij Leon’s huis aangekomen worden we voorgesteld aan zijn familie, zijn vrouw, 8 kinderen, opa en oma. Wij moeten plaatsnemen op hun meubilair, een paar oude plastic tuinstoelen en wat houten, zelf in elkaar getimmerde krukjes. Ze laten vol trots hun zelfgemaakte mola’s zien, dit zijn ware textiele kunstwerkjes, gemaakt door laag over laag stoffen over elkaar heen te naaien in allerlei mooie patronen. Wij kunnen natuurlijk niet weg gaan zonder een paar mola’s gekocht te hebben. Hierna krijgen we een rondleiding door zijn huis. Dit is toch wel een ware cultuurshock. Aan de ene kant staat een soort huis,met een dak van hout en palmbladeren, er staat niets in, de grond ligt bezaaid met wattenstaafjes, langs de muren hangen hun kleren op, vader en moeder slapen in de woonkamer in hangmatten,. Er zijn 2 slaapkamers voor de 8 kinderen met 1 tweepersoons matras. De keuken ligt in een hut aan de andere kant, met een vuurplaats in het midden. Hierna krijgen we een tour door het dorp. De kinderen rennen met ons mee. Als je van een volwassen Kuna indiaan een foto maakt kost dat meestal 1 dollar. De reden hiervoor is dat een gefotografeerde Kuna indiaan  toevallig in Panama zijn foto op een ansichtkaart tegen kwam en die werden daar verkocht voor 1 dollar. Je kunt hun zakelijk instinkt niet ontzeggen. Van de kinderen kun je zo foto’s maken, ze vinden het leuk hun portret te zien. Op het pleintje zijn een aantal jongens aan het spelen. Ze maken handstalten en lopen op hun handen rond. Dan proberen ze met hun voeten de tegenstanders om te duwen. Enorm acrobatisch, lenig en vlug zijn ze in hun bewegingen. Het geeft een mooi schouwspel. Leon neemt afscheid van ons, vlakbij onze dingy’s. wij lopen nog even rond en zien prachtige mola’s hangen waarvan kledingstukken gemaakt zijn. Ik hou een blouse voor, maar weet niet of hij past. Met assistentie van 2 giechelende Kuna dames pas ik hem over mijn jurk aan, het valt nog niet mee hem er over heen te trekken. Ze hebben de smaak te pakken en tot hun grote hilariteit verkleden ze me als echte Kuna indiaan met rok en rood hoofddoekje. Met mijn nieuwe blouse en mijn Kuna vriendin ga ik op de foto. Opgetogen van alle indrukken gaan we terug naar onze boot. Daar maak ik kleine kreeften klaar, voor 5 dollar gekocht van locale vissers die met hun vangst van de dag bij je boot langskomen. Met wat pasta en groente en een lekker sausje smaakt het super.

17 januari
Het bezoek van gisteren heeft veel indruk op ons gemaakt, dat we  graag nog wat meer willen zien van de Kuna indianen. Daarom gaan we mee met een jonge Kuna van 25 jaar, Tino. Hij verteld ons over de historie en het leven van de Kuna’s. Ze trouwen hier al op hun 14 á 15 jaar, hij is zelf al vader van 2 kinderen. We gaan aan de vaste wal, op de top van een heuvel in het regenwoud , hun kerkhof bezoeken. Dat is , zo verteld hij ons vanaf de brug, waar we met onze dingy’s naar toe zijn gevaren, nog een kleine 5 minuten lopen. Waar heb ik dat meer gehoord? De deux minutes (= 1,5 uur) lopen in Frankrijk komen weer terug in mijn herinnering. We lopen langs een school en de kinderen komen op ons af gestormd, sommigen lopen de hele weg met ons mee. Een van de oudere kinderen heeft een schattig zwart poesje in zijn hand. Het is echter een babypoema, die hier in het oerwoud gevonden is . ik aai zijn kopje en buikje, die superzacht zijn en zelfs zijn nageltjes aan de pootjes voelen zacht aan. Niet iedereen kan zeggen dat hij een poema geaaid heeft!
Het oerwoud is prachtig , met grote bomen, wilde ananas en kokospalmen. Een grote colonne rode mieren lopen in een lange rij met stukjes bladeren op hun rug. .Dan klimmen we de heuvel op die moeilijk begaanbaar en glad is. De meeste van ons hebben moeite met naar boven komen, terwijl hier oude kunavrouwtjes hier iedere dag  naar boven gaan om hun overleden familieleden te bezoeken. Ze zitten aan de graven van hun familie, handwerken daar aan hun mola’s en eten ook op het graf. Het idee is dat zo ook hun doden met hun mee-eten. De graven hebben net zoals hun huizen een dak van palmbladeren. Ze graven een diep graf want de doden liggen en een hangmat, bevestigd aan 2 palen, daarover heen een plafonnetje en dan zand dat wordt aangeklopt. Ter bescherming komt er een plastic zeil over, Zeer indrukwekkend is ook het prachtige uitzicht  over de baai, het oerwoud en de eilanden. Met moeite glibber ik op mij slippertjes naar beneden. Bijna ga ik op een volgens Robert grote worm staan, maar onze gids verteld even later dat het een baby boaconstrictor is en maakt hem met zijn machete een kopje kleiner. Na deze fascinerende tour komen we dorstig en warm aan boord terug. We willen drinken en daarna zwemmen. Onze Leon, die even bij ons langskomt, raadt het af om hier te zwemmen. Hij laat zijn arm zien waar een white tip ‘ haai een hap uit heeft genomen en hij trekt wat met zijn been, als gevolg van een hongerige barracuda. Het zwemmen wordt opeens een stuk minder aanlokkelijk. Gisteren hebben we nog volop gesnorkeld en de onderkant van de boot gecleaned. Voor de borrel nodigen we alle bwr boten die er zijn uit op onze boot. Met 23! Man zitten we bij ons in de kuip, supergezellig!

18 Januari
We varen vandaag van Snug Harbour naar Three Palmtree island, een paar uurtjes varen. De San Blas eilanden bestaan maar liefst uit 350 eilanden.  De meeste hebben welklinkende namen zoals Whichubdupbidi en Naguargandup, ed. Three Palmtree island is een eilandje met een doorsnede van 25 m. en nee er staan geen 3 palmen op, maar liefst 6 palmen de H.M.ers  gaan we met zijn allen zwemmen en snorkelen vanaf een strandje, daar zijn we veilig voor die grote beesten met van die scherpe tandjes. Terug aan boord horen we dat Shaula 3 , de BWR boot van onze Italiaanse vrienden, Gianfranco en Barbara, knock down is gegaan, de boot wordt plat geslagen t.g.v. wind en golven. Barbara is hierbij over boord geslagen. De boot richt zich weer op en gelukkig weet ze weer aan boord te komen. Er is veel water in de boot gekomen, de motor is kapot, veel schade aan mast en tuigage, alle elektronica, stuurautomaat en vele andere dingen.
Gianfranco weet een klein zeiltje te hijsen, waardoor ze toch enige vooruitgang boeken, ze zijn dan nog 160 zeemijlen verwijderd van de eerstvolgende haven. De dichtstbijzijnde boot is zo’n 35 mijl verderop. Op dit moment kunnen wij weinig meer doen dan stand-by staan met radiocontact die gelukkig nog werkt en onze satelliettelefoon. Ook de Panamese kustwacht is inmiddels op de hoogte.

19 Januari
Voor het inklaren moeten we naar Porvenir. Er staat weinig en we hebben een rustig zeiltochtje. Met Shaula 3 hebben we radio contact. Het is geweldig hoe koelbloedig Gianfranco blijft.  Robert doet vandaag het radionet en fungeert als contactpersoon tussen rallyleiding en  de probleemboot. Er wordt een sleep geregeld voor als ze aankomen in Shelter Bay Marina. Bovendien wordt er alvast gezocht naar een monteur en dergelijke voor alle noodzakelijke reparaties.
Tony, David en Jenny komen bij ons aan boord BBQ-en. We hebben veel bij te praten . Het wordt laat en gezellig.

20 Januari
Slechts een paar mijl verderop liggen de Lemmon Cays, een groep kleine eilandjes, waar volgens ons pilot boek je bijzonder mooi kunt snorkelen. Het is hier een echte BWR happening, maar liefst 8 boten liggen hier voor anker. Het snorkelen is hier inderdaad fantastisch. De verschillende vormen en kleuren van het koraal zijn indrukwekkend. We gaan op het eilandje met de hele groep die avond BBQ-en, iedereen brengt wat mee. Jeremy van de Hakuna Matata offert zijn enorme Dorade  op aan de groep. Het beest leverde maar liefst 45 steaks op. Vanaf het strand zie je grote rode zeesterren in het water, de pelikanen strijken neer voor de nacht; Jeremy en Lee spelen gitaar en er wordt gezongen.

21 Januari
We blijven nog een dagje liggen. Er staat veel wind, maar aan het eind van de dag ,als de wind wat is gaan liggen, trotseren de kuna’s met hun kano’s het water en komen wederom met hun koopwaar voorbij. Hoewel ik al zoveel mola’s, e.d. gekocht heb dat ik er zelf een handel in kan beginnen, kan ik er niet aan weerstaan er toch nog een paar te kopen. De borrel is voor de verandering weer bij ons aan boord, met de boodschap dat iedereen die bier drinkt het zelf moet meenemen, aangezien we door onze hele biervoorraad heen zijn geholpen.

22 Januari
Met een frisse windkracht 6 varen we naar Portobello. Het wordt een prachtige zeiltocht. Na zijn vierde reis kwam Columbus hier aan wal en  Portobello werd het centrum van de goud en zilver transporten .Uit die tijd staan nog ruïnes van een oud fort, het douanekantoor en een kerk. De baai is ruim, met rondom tropisch regenwoud waar vogel en diergeluiden uit opklinken. Genietend van de omgeving en de rust eten we aan boord en maken het niet zo laat.

23 Januari
Met een busje worden we opgehaald voor de lunch. De hele BWR is nu na Antigua weer bij elkaar. We wisselen al onze verhalen en avonturen uit. Vooral Barbara en Gianfranco staan in het middelpunt van de belangstelling. Met een blauw oog en een snee in zijn rug  en een fors blauwe arm en been bij Barbara, zijn ze er goed vanaf gekomen. De lunch is zeer geanimeerd , wat we van de bijzonder lange briefing over het Panamakanaal, die na de lunch volgt,  niet kunnen zeggen. Terug in Portobello, gaan we direct aan boord. Tijdens het eten horen we over de radio dat Canopus  om een dokter vraagt. Bij het voetballen met de plaatselijke jeugd is Pat, niet een van de jongste, gevallen en heeft daarbij, blijkt later, zijn pols gebroken. Dr Hugh brengt een opblaasbare spalk aan en Pat moet morgen in Panama naar het ziekenhuis voor verder behandeling. Wat een pech!

24 Januari
In alle vroegte varen we van Portobello naar Shelter Bay. We moeten hier voor 11 uur zijn, want onze boot wordt officieel opgemeten voor de transit door het Panamakanaal. Ik ga mee met een busje geld halen en boodschappen doen. We zitten afgeladen vol met allemaal bwr leden en zeilen die voor reparatie weggebracht moeten worden. De terugweg is helemaal een bezienswaardigheid. Je zult verbaasd staan over de enorme hoeveelheid spullen vrouwen weten te vergaren , als je ze een half uurtje in de supermarkt los laat. Tony, die ons busje bestuurd, kijkt ook enigszins ontdaan, maar na enig stouwwerk krijgen we toch alles in het busje. Bij het Panamakanaal springt het licht net op rood en een knipperlicht geeft aan dat we een half uur moeten wachten. De beambte, die ons ziet zitten als haringen in een ton, heeft kennelijk compassie en laat ons als enige auto nog door. De tocht is geslaagd, we hebben nu eten genoeg om iedereen van voedsel te voorzien tijdens de transit in het Panamakanaal. Iedere boot  heeft naast de schipper 4 man nodig voor de lijnen in de sluizen en een loods, die allemaal mee-eten. Wat betreft de arm van Pat hij heeft echt pech, want de breuk is zodanig dat ze er in het ziekenhuis een pin in hebben gezet. Die avond komt hij met zijn arm in het gips toch weer terug aan boord

25 Januari
Met onze boot gaan we op 29 en 30 Januari door het Panamakanaal, als alles volgens programma gaat. Bij de sluizen van het Panamakanaal staat een webcam en op de website van het Panamakanaal www.pancanal.com <http://www.pancanal.com> kun je ons dan zien. Door de eerste 3 sluizen komen we waarschijnlijk tussen 18.00 uur en 20.00 uur,  er is een  tijdsverschil met Nederland , dus Nederlandse tijd tussen 24.00 en 2.00. De laatste 3 sluizen nemen we 30 Januari tussen 13.00 uur en 15.00, Nederlandse tijd, tussen 19.00 en 21.00 uur. Eerst gaan we in de eerste groep die het kanaal doorvaart mee als line handlers, op de boot Zipadedoda een blauwe Contest 48 cs en wel op dezelfde tijden. Vandaag staat de administratie op het programma. Het wordt een ware soap! Na een hele ochtend wachten  met steeds veranderende scenario’s, horen we dat de immigratie, ieder bemanningslid persoonlijk wil zien, met uitgebreide papieren en vingerafdrukken. Morgenvroeg komen ze samen met de instantie die de boot inklaart, om 8 uur naar de haven.  Ik ben benieuwd hoeveel de bwr organisatie hiervoor onder de tafel heeft moeten schuiven, maar zo werkt het blijkbaar in een derde wereldland. Robert ververst de olie van de generator, Roderick poetst de boot van de buitenkant en ik vermaak me met de was en de binnenkant van de boot.

26 Januari
Klokslag 8 uur is de hele bwr present, om al het papierwerk voor de transit van het Panamakanaal te regelen. Ondertussen dat van iedereen de vingerafdrukken worden genomen nuttigen we daar een ontbijtje en de nodige koppen koffie. Tegen lunchtijd is het eindelijk voor elkaar. Ik vergezel Terri en Pat naar de supermarkt en ga verder met inslaan van een voorraad voor de Pacific. Robert besteld een cruising spinakker, die in Tahiti geleverd wordt. Dit zal het zeilen voor de wind aanzienlijk verbeteren.

27 Januari
Vandaag staat het begin van het Panamakanaal voor de eerste groep boten op het programma. Wij gaan als “linehandlers”mee op Zipadedoda. Eerst ankeren we in de buurt van de ingang van het Panamakanaal, waar de transitadvisors aan boord komen. Iedere boot krijgt een advisor, waarna steeds 3 boten aan elkaar vast gemaakt worden.  Het is nog niet zo eenvoudig om al varend aan elkaar af te meren, Terwijl grote supertankers langs je heen varen. Lang niet overal verloopt het even vlekkeloos. Bij binnenkomst van de sluis worden door mannen op de kant 4 lijnen met ‘monkeyfists’ gegooid, die je aan de buitenste boten moet vastmaken. Zo trekken ze ons de sluis in en vervolgens wordt je een flink aantal meters omhoog geschut., waarbij je de lijnen steeds moet aantrekken. Langs de sluis lopen treintjes die de containerschepen naar binnen leiden, het is al donker en het begint ook nog te stortregenen. Er heerst een heel surrealistisch sfeertje, het gele licht, de RvS treintjes die fluiten, de speakers waaruit harde onverstaanbare instructies klinken. We worden achtereenvolgens door 3 sluizen getrokken, waarna we op een meer komen waar we aan een boei overnachten. Het is inmiddels al 11 uur als we afmeren, waarna we nog moeten eten. Het wordt laat en we genieten slechts van een korte nachtrust, want om 6 uur zijn de advisers weer present en gaan we verder.

28 Januari
We worden wakker gemaakt met een kopje thee op bed. In het ochtendlicht zie je pas hoe mooi het hier is met aan weerskanten tropisch regenwoud. Het panamakanaal is indrukwekkend en je wordt stil bij de wetenschap dat bij de aanleg van dit kanaal 22.000! mensen zijn omgekomen. Aan het eind van het kanaal zijn weer 3 sluizen de Miraflores Locks, aan de Pacific kant. Hier zakken we weer naar beneden en varen de Pacific in ! Jammer genoeg hebben we onderweg geen apen of krokodillen gezien, maar eenmaal op zee worden we begroet door 4 enorme dolfijnen. De skyline van Panama met groet hoge gebouwen steekt verassend tegengesteld af met de zee en palmbomen op de voorgrond, het vormt een mooi plaatje. Dan komt nog het moeilijkste gedeelte namelijk het aanleggen in Flamenco Marina. Er staat veel wind en er is geen manoeuvreer ruimte, sommige boten lopen wat krassen op. Wij gaan met een busje naar onze boot terug. Als we daar na een busrit van ruim 2 uur moe en hongerig aankomen, eten we snel wat en duiken ons bed in.

29 Januari
Vandaag is onze boot aan de beurt. Omdat de lengte ervan langer is dan 20 m met de bijboot in de davits krijgen we geen advisor mee, maar een beroepspilot voor grote schepen. Het wordt lang wachten voordat de pilot en advisors aan boord zijn. Aan onze boot komt slechts 1 andere boot , een x jacht, Miss Styx. Onze pilot zet er een flink tempo in , iedere minuut die langer duurt is een kostbare zaak, het Panamakanaal is big business. Hij is zeer ongeduldig en bij de laatste sluis worden de lijnen op zijn commando al losgegooid, terwijl de sluizen nog niet helemaal open zijn. Er staat een flinke stroom die ons met Miss Styx opzij zet richting muur, terwijl er nog te weinig ruimte zit om tussen de sluisdeuren door te gaan. Robert houdt zijn hoofd koel en weet met snel manoeuvreren en met veel geluk, het wordt centimeterwerk , de boten heelhuids de sluis uit te sturen, anders was het x jacht gecrashed tegen de wand. En dit moet dan een professionele pilot zijn !

30 Januari
Gelukkig krijgen we vandaag een andere pilot, die erg sympathiek en professioneel is. Hij helpt ons met het spotten naar krokodillen en vandaag hebben we geluk en zien liefst 3 keer een krokodil. Cajuco een van de bwr boten krijgt motorpech wegens oververhitting van de motor. We geven hem een sleep. In de laatste sluizen staat een webcam en op de website van het kanaal zijn we live te zien. Iedereen staat te zwaaien naar zijn familie en vrienden thuis. Dan gaan de sluizen weer open en onder de brug maken we een fles champagne open, op een nieuwe oceaan, Pacific here we come!

31 Januari
Om 9 uur is iedereen present voor de briefing over Panama, Las Perlas en de Galapagos eilanden. Robert regelt een monteur, die ’s middags de buitenboordmotor van de dinghy een servicebeurt komt geven. Hij wordt vergezeld door zijn twee zonen en is er de hele middag druk mee bezig. Robert is ook voortdurend in de weer want de man heeft geen gereedschap bij zich, geen olie, geen bak om de oude olie in te doen, geen nieuwe impellor, niets. Dus Robert blijft maar op en neer lopen tussen de winkel en de boot. Die avond is er een feestje van de bwr met een buffet en een voorstelling van een in mooie gewaden getooide dansgroep met muziek. Na alle nachten met weinig slaap, zijn we erg moe en maken het niet laat.
1 Februari
We gaan taxfree shoppen, in de komende tijd kun je moeilijk boodschappen doen en we zijn gewaarschuwd dat in Tahiti een blikje bier maar liefst 6 dollar kost. De waterlijn van onze boot is beslist gezakt nadat we onze drankvoorraad hebben aangevuld. Die middag gaan we met een hele groep giechelende  bwr meiden met een taxi panama in, eerst met zijn allen naar de kapper en daarna naar de supermarkt. Met zijn tienen zijn we bij Anahi uitgenodigd om daar die avond curry te komen eten. Henriétte heeft geweldig haar best gedaan, het smaakt dan ook verrukkelijk. Robert en David spelen gitaar  en het wordt een erg geslaagde avond.

2 Februari
Met de bwr bus gaan we naar Gamboa voor een bezoek aan het regenwoud. We lunchen op een heel bijzondere locatie, met een groot terras aan het water. Al genietend van een uitstekend buffet, zien we het wildlife in het water. Er zijn prachtige vogels, waterschildpadden, vreemdsoortig vissen en tot onze grote vreugde een krokodil, die het voorzien heeft op een jong vogeltje. Moeder vogel wordt heel nerveus, ze waarschuwt  met schrille keelklanken haar jong voortdurend, maar het ondeugende beest wil maar niet luisteren. Wanhopig plaatst zij zich tussen de krokodil en haar kleintje. Gaat het goed of wordt hij of zij een voorgerecht voor onze krok? Het blijft spannend, maar uiteindelijk besluit het jong te luisteren en gaat met zijn mama mee. De krokodil blijft hongerig achter. Hierna gaan we een kabeltour maken over het regenwoud. De bomen zijn reusachtig hoog, de sfeer stil en groen, met af en toe een dierengeluid uit het bos. Op het hoogste punt klimmen we in een uitkijktoren, vanwaar we uitkijken over het Panamakanaal, de meren en de rivier  Chagres River, die uitkomt op 2 oceanen. Terug beneden bezoeken we nog een reptielenhuis, een vlindertuin met prachtige grote vlinders in allerlei kleuren, een slangenhuis en een orchideeëntuin, waarna de hele groep vermoeid de bus in kruipt voor de terugreis naar de haven.

3 Februari
We hebben een rustige dag aan boord, we rommelen wat en zoeken foto’s uit voor de website. We eten met David en Jennie.

4 Februari
Met een taxi bezoeken we de oude stad van Panama. De chauffeur, die tevens cameraman is, biedt zich als tourgids aan en laat ons de mooie plekjes zien. Voor de woning van de president staan 2 bewakers en moeten we onze tassen laten zien. Op de benedenverdieping lopen 3 ooievaars statig rond en een ervan verpoosd in de koele fontein. We bezichtigen gerestaureerde pleintjes en hij verteld dat er in het vervallen clubgebouw van Noriega aan de waterkant ,op dit moment de nieuwste James Bond  film wordt opgenomen. De crew is net met middagpauze. Na de rondleiding eten we wat in een restaurantje. De ober vertelt ons vol trots dat de hoofdrolspeler, de nieuwe James Bond net 5 minuten weg is , we hebben hem net gemist, maar de producer en de cameramensen zitten naast ons te eten. Desgevraagd vertellen ze ons dat de titel van de film ‘ Quantum of Solas ’is, wat dat ook mag betekenen. Vervolgens gaan we de carnavalsoptocht bekijken. Hiervoor moeten we eerst langs een afzetting, waar we onze paspoorten moeten laten zien en iedereen gefouilleerd wordt op het bezit van wapens. Bij ons zou zoiets ondenkbaar zijn !. Er wordt ons ook verteld dat het carnaval ’s avonds niet safe is. Verschillende Zuid Amerikaanse muziekbandjes spelen op trommels, jembee’s , blikken met bonen en drums opzwepende muziek. Zelfs de kleinste dreumessen dansen ritmisch mee, heel schattig om te zien. De mannen hebben ook een goede dag, op de praalwagens dansen mooie meisjes in verleidelijke outfits en werpen het publiek kushandjes toe. Dit is nog eens wat anders dan van die carnavalsprinsen!

5 Februari
We benutten onze laatste kans om te gaan shoppen. In de multiplazza, een groot winkelcentrum met heerlijke airco en veel winkels, shoppen we en doen onze laatste boodschappen, vooral verse groente en fruit. Bepakt en bezakt komen we bij de boot en weten weliswaar met moeite alles weer weg te stouwen. We krijgen bezoek van Ian en leslie en gaan daarna met zijn allen eten.

6 Februari
Het feest der uitklaring!
Vandaag gaan we de haven verlaten en moeten hiervoor ‘uitchecken’. In Nederland betekent dat niet meer dan de havenmeester het verschuldigde geld in de handen te drukken, waarop de beste man een aantal krabbels op een papiertje zet, je een goede reis wenst en als het echt tegenzit je in 10 minuten weer buiten staat. In Panama gaat het echter iets anders. De procedure kost je zeker een halve dag , een doosje tissues, en mocht je het aan boord hebben, een valiumpje wil ook enigszins helpen. De andere helft van de dag heb je nodig om hiervan bij te komen. We kunnen van Panama niet erg enthousiast worden, er drijft een dikke laag olie en een halve vuilnisbelt in de haven, hoewel Panama prat gaat op zijn ecotoerisme. Ook voel je je hier niet erg veilig. Panama tabee

7 Februari
Met heel weinig wind varen we op de motor naar een van de las Perlas eilanden. Onderweg komen we een hele groep grote gespikkelde dolfijnen tegen. We hebben een gesprek met Roderick. Voor we aan onze reis begonnen en besloten om Roderick mee te nemen , hebben we afgesproken dat we zouden zien tot hoever hij mee zou gaan. Omdat we steeds meer onze privacy missen hebben we besloten dat hij tot en met de Galapagos eilanden de reis met ons voort zal zetten.

8 Februari
We maken een wandeling over het eiland en rond het vliegveldje, dat hier dwars over het eiland ligt. Aan de kust liggen verschillende hotels, de locatie is schitterend, alleen zouden ze wat meer aandacht aan het onderhoud kunnen besteden. Met een hele groep ‘bwr booties’ die hier inmiddels voor anker liggen, houden we een sundowner op het strand.

9 Februari
Ondanks er maar weinig wind staat en we maar 10 mijl hoeven te varen naar het volgende eiland, hijsen we onze halfwinder. Met een rustig vaartje glijden we door het water. Overal om ons heen springen grote vissen uit het water. We voelen ons enigszins gefrustreerd want ondanks verwoede vispogingen vangen we niets, bovendien sleept Hakuna Matata de ene na de andere tonijn uit het water. Ze komen allemaal bij ons eten, samen met Teri en Lee van Glendorra. De maaltijd bestaat niet uit vis, zoals we gehoopt hadden, maar uit een grote pan macaroni, waarna de avond wordt voortgezet met muziek en Robert's gitaar gaat van hand tot hand.

10 Februari
We varen vandaag een stukje verder naar een prachtig wit strand en gaan daar voor anker. Vandaag staat het vissersgeluk aan onze kant, we vangen 2 grote tonijnen. Net als we de tweede tuna binnen halen komen er twee haaien langs onze boot gezwommen. Het word een spannend moment à la jaws, wordt onze vis een hapje voor hongerige haaien en hebben we dadelijk een haai aan de lijn? Gelukkig besluiten ze om toch verder te gaan, een boot verderop heeft ook een vis gevangen en is die aan het schoonmaken in het zeewater. Roderick maakt de tonijnen schoon, onze boot wordt een waar bloedbad, waarna Robert de lunch voor gezien houdt. Die avond eten we met alle boten die er voor anker liggen, 16 man ! , bij Hakuna Matata gegrilde tonijn op de bbq.

11 Februari

Als laat in de middag het tij opkomt en de rivier weer vol water stroomt, varen we met de hele ploeg in onze dingy's de rivier op. Daar zetten we onze motors af en laten ons met de stroom meedrijven de rivier op. Vier andere dingy's maken aan ons vast en zo raften we naar boven, door de mangroves en het regenwoud. De sfeer is zo bijzonder dat het zelfs de anders zo luidruchtige bwr mensen tot stilte brengt. We laten de geluiden van het oerwoud op ons inwerken, hier en daar klinken luide schreeuwen van groene papegaaien. Als de rivier te smal wordt en we takken en lianen tegen ons aan krijgen, maken we van elkaar los en gaan zo nog even door. Rond 6 uur draaien we om, we willen voor het donker weer bij onze boten zijn en gaan terug op de motor. We worden bij Teri en Lee uitgenodigd om bij hun Mexicaans te eten, heerlijk pikant en gezellig.

12 Februari
Een verjaardag vieren ver van huis voelt eerst wat vreemd, ik denk aan de kinderen, familie en vrienden. Hartverwarmend zijn alle reacties die ik krijg, de telefoontjes, vele mails. De hele ochtend komen de mede rallyleden bij ons langs om me te feliciteren met leuke cadeautjes. Ook is het bijzonder druk met felicitaties over de radio. Elena van HM , 10 jaar, heeft een taart voor me gebakken en van haar zakgeld oorbellen voor me gekocht, super! Van Jenny krijg ik een grote bruine beer, die me gezelschap moet houden, als Robert 's nachts wacht heeft. Om 5 uur komt iedereen 24 man! Bij ons borrelen. Het wordt supergezellig, iedereen is blij en enthousiast. Ik voel me enorm jarig!!

13 Februari
Rond half 9 vertrekken we richting Galapagos eilanden. Er staat totaal geen wind, we varen de hele dag en nacht op de motor. Gelukkig hebben we flinke stroom mee. De zee is vlak, met opeens op sommige plaatsen plotse rimpelingen en zeegang, met een sterke stroming. Een rog springt uit het water en maakt een salto. De hemel is bedekt, een beetje een grijze nevelige dag, haast Hollands weer, alleen dan met een tropisch temperatuurtje.

14 Februari
Jammer genoeg laat de wind ons ook vandaag in de steek. Robert repareert met succes de engineroom blower, die er wegens oververhitting mee op hield. ’s Middags kunnen we een paar uurtjes zeilen, weliswaar opkruisen tegen weinig  wind, maar met goede stroom mee. Een dag als deze draait om het eten, wat een welkome afwisseling met zich meebrengt. Vanaf 3uur ’s nachts trekt de wind aan en kunnen we zeilen tot de volgende dag 12 uur.

15 Februari
Vandaag ben ik netcontroller en omdat het inmiddels de gewoonte is geworden een paar minuten voor aanvang van het net een toepasselijk muziekje te draaien, spelen we bij het ochtendnet van 10 uur, Lost at Sea van Tessa. De hele dag regent het pijpenstelen, het voelt zelfs enigszins fris aan en er staat weer geen wind! Om de stemming bij de bwr erin te houden draaien we voor het radionet van 6 uur , it rains again van Supertramp. Bij wisseling van de wacht ’s nachts is het inmiddels gaan waaien en kunnen we de zeilen optrekken. We moeten weer opkruisen,maar eindelijk rust, de motor is uit!

15 Februari
Vandaag ben ik netcontroller en omdat het inmiddels de gewoonte is geworden een paar minuten voor aanvang van het net een toepasselijk muziekje te draaien, spelen we bij het ochtendnet van 10 uur, Lost at Sea van Tessa. De hele dag regent het pijpenstelen, het voelt zelfs enigszins fris aan en er staat weer geen wind! Om de stemming bij de bwr erin te houden draaien we voor het radionet van 6 uur , it rains again van Supertramp. Bij wisseling van de wacht ’s nachts is het inmiddels gaan waaien en kunnen we de zeilen optrekken. We moeten weer opkruisen,maar eindelijk rust, de motor is uit!

16 Februari
Een luide klap schrikt ons op, zijn we ergens tegenaan gevaren? Maar dan komt Roderick naar buiten gesneld, hij is door de knal wakker geworden. Het blijkt een grote brandblusser te zijn die met een knal van de muur gevallen is. Dit is wat je noemt Spaans vakmanschap, in Mallorca geïnstalleerd door een erkend bedrijf en dit is al de tweede brandblusser die in de machinekamer naar beneden komt. Gelukkig is er geen schade en is de brandblusser niet geactiveerd. .Het weer is onstabiel , de hele dag regent het en er staan hoge golven van alle kanten. De boot krijgt flink op zijn donder en wordt op de proef gesteld. Een nieuwe knal schrikt ons op. Nu is de trek van de giek losgekomen, waar de achterkant van het zeil mee vastzit. Met een rif in het grootzeil varen we verder. Drie keer is scheepsrecht, als ik onder flinke helling aan het koken ben, begeeft het slotje van een la het en zeilt de hele bestekla met inhoud, veel!, door de kajuit. Ik sta te trillen op mijn benen, maar ook nu komen we goed weg.

17 Februari
Wet, wet, wet, De hele dag regen! Flinke wind, golven slaan over, onze boot lijkt af en toe een onderzeeër. Hebben bovendien 2,5 knopen stroom tegen. Alle rallyleden hebben hetzelfde probleem, een gehoorde opmerking is ’like being in a washingmachine’. Is dit nu het beloofde tropisch zeilparadijs? We hadden ook thuis met een wijntje bij de open haard kunnen zitten. Het is koud, ik heb zin in warme melk en een warm bad en dat terwijl we bijna de evenaar passeren.

18 Februari
Ik steek mijn hoofd buiten de ingang van de kajuit en zie dat we de evenaar al gepasseerd zijn. Roderick ligt nog te slapen en dit wil hij beslist niet missen. We maken hem wakker en varen weer terug naar de evenaar, zodat Roderick dit ook bewust kan meemaken. Op de kaartplotter zie je onze afgelegde weg en er verschijnt een driehoek, die we vervolgens de beruchte Roderick triangle noemen. Neptunes krijgt een toast, een slokje zurige champagne, een restje van mijn verjaardag die vergeten in de koelkast stond, de rest is voor de zee. Vandaag is het droog, het water vlak en we hebben superzeildag. Ondanks weinig wind en nog steeds stroom tegen maken we een hele goede snelheid. Onze boot is in zijn element en wij ook.

19 Februari
Vannacht is het weer gaan regenen en de wind is uitgedoofd. In de loop van de ochtend lopen we de Galapagos eilanden aan. Heel jammer dat het zicht slecht is , het is erg nevelig. Zelden zijn we zo blij geweest  we ons anker te laten zakken, het was niet bepaald een pleziertochtje. Voor we goed en wel liggen is onze agent Yvonne en haar echtgenoot Ricardo, die het inklaren voor ons regelen, al aan boord samen met een politieagent. Ze zijn zeer behulpzaam en erg aardig en nemen zelfs onze vuile was mee. Dit is wel een groot contrast met Panama! De pelikanen en fregatvogels komen ons ook begroeten. We worden gewaarschuwd onze dingy ´s nachts niet in het water te laten liggen. De zeeleeuwen, hier berucht als dingy krakers springen er in en gaan er vervolgens niet meer uit. Bovendien stinken ze gigantisch, dus je bootje dan ook. Tot slot van de dag eten we met Blue Raven in een aanbevolen restaurantje, een uitstekende uitgebreide sushi maaltijd met dessert voor 14 dollar!

20 Februari
We worden langzaam wakker en onder het genot van een kopje thee in de kuip genieten we van de omgeving. Naast ons ligt een wrakkige oude boot, die we al gauw de ark van Noah dopen. Op de boot zitten allemaal pelikanen en in de boot liggen verschillende zeeleeuwen te slapen. Het is ons een raadsel hoe die beesten daar aan boord zijn gekomen, maar dan zien we hoe ze, na eerst een paar vergeefse pogingen , met een aanloopje  op het achterdek springen. Zo nu en dan zie je iguanen langs de boot zwemmen. Robert start na het ontbijt met verschillende reparatiewerkzaamheden. Met de watertaxi ga ik aan wal voor een bezoek aan de supermarkt. De winkel heeft prachtige houten schappen, alleen het assortiment is beperkt, de vrachtboot is niet aangekomen. Zelfs de bakker zit zonder brood, hij heeft niet kunnen bakken, omdat het meel op was. Met de groep die inmiddels gearriveerd is, gaan we eten. Iedereen kan zijn ervaringen met elkaar delen, de barre tocht wordt uitgebreid besproken. We zijn begaan met alle boten die nog dagen van de veilige haven verwijderd zijn en weinig tot geen brandstof meer over hebben en hopen dat de omstandigheden snel voor hun verbeteren.

21 Februari
Zonnig weer!
We gaan het dorp verkennen. Er zijn leuke toeristenwinkeltjes, galeries en een winkel waar ze prachtig houtsnijwerk verkopen, van zeeleeuwen tot grote stoelen in de vorm van schildpadden, pelikanen, ed, ware kunstwerken! Tegenover de vismarkt drinken we een kop koffie. De vismarkt zelf lijkt net een zoo. Terwijl de vissers de vis schoonmaken komen de pelikanen steeds dichterbij, een durfal springt op het aanrecht en kijkt of er nog iets valt mee te pikken. Over de grond lopen de iguanen langs een grote hond die daar, als goede lobbes de boel bekijkt en geeneens noch op de pelikanen noch op de iguanen  reageert. Dit zie ik Gyzmo, onze hond nog niet doen, hij zou in zijn sas zijn in dit jachtparadijs. De iguanen zijn zo tam dat je ze bijna kunt aaien. Auto´s stoppen om ze veilig te laten oversteken. We gaan hier nog veel meer zien en bekijken, maar ik vind het nu al erg leuk!

23 Februari
Onze boot ligt aan het eiland Santa Cruz. Tegen het eind van de middag worden we met en bus opgehaald en gaan voor een briefing voor onze volgende oversteek met daarna een bwr party. We krijgen zo een beeld van het eiland, de vegetatie is weelderig, met een frisse lentegroene kleur. Voor onze briefing krijgen we een alcoholvrije cocktail, ze willen zeker dat we ons hoofd er goed bij houden. Eerlijk gezegd staat ons hoofd helemaal nog niet naar een volgende etappe, twee boten zijn zelfs nog niet gearriveerd. Hierna volgt een gladde glibberige wandeling, het regent inmiddels en zakken we de lavatunnels in, de Galapagos eilanden zijn vulkanisch. Het pad dat we volgen, als we de tunnels uitkomen, wordt sfeervol verlicht door fakkels en leidt ons naar een restaurant. Hongerig schuiven we aan tafel en van het uitgebreide buffet wordt goed gebruik gemaakt. Hoogtepunt van de avond is voor mij de nieuwe songs over bwr avonturen en miseries van Peter en Dorothy (Neva) en hun bemanning. Hun repertoire is inmiddels uitgegroeid tot een waar cabaret. Een zeer geslaagde avond.

24 Februari
Vandaag beginnen we aan onze Galapagos cruise. Ik verheug me op een vakantie op onze reis. Met 8 stellen gaan we de eilanden bekijken op cruiseboot Angelito, met Diego onze gids. Een bus brengt ons naar de boot vanwaar we naar het eerste eiland Noord Seymour vertrekken. De lunch wordt onderweg geserveerd en is uitstekend. Als na de afwas de voedselrestjes en het afwaswater over boord gaan, krijgen we gezelschap van een grote school vissen en 2 grote Whitetip haaien, die om onze boot heen cirkelen. Met een bijboot worden we naar aan land gebracht, tussen een zeeleeuwen kolonie. Het is mating time en het 150 kg zware macho zeeleeuwen mannetje is niet van ons bezoek gediend en komt met zijn lompe zware lichaam, luid schreeuwend het water uit om ons weg te jagen. Een zeeleeuwen kolonie bestaat uit 1 mannetje met verschillende vrouwtjes en jongen. De baby zeeleeuwtjes zijn schattig om te zien, sommigen liggen rustig te slapen, andere komen nieuwsgierig naar je toe. Op het eiland broeden de Bluefeet Boobies en de fregatvogels. De mannetjes fregatvogels hebben een grote rode krop, die een paar dagen per jaar de grootte aanneemt van een ballon. Heel bijzonder vind ik dat je alle dieren hier tot heel vlakbij kunt benaderen en ze gewoon rustig blijven zitten. Je hebt land en zeeleguanen. Vooral de grote landleguanen zijn prachtig om te zien, heel prehistorisch van uiterlijk. Aan boord volgt de borrel en diner. Iedereen is opgetogen en vermoeid van een indrukwekkende dag. Om half 10 liggen we allemaal al in bed, ons programma morgen begint al weer om 7 uur!

25 Februari
Om 4 uur ‘s ochtends is onze boot weer gaan varen en als we om 7 uur aan het ontbijt zitten, liggen we voor het eiland Santiago voor anker. Een kleine honderd jaar geleden is hier de laatste vulkaanuitbarsting geweest. Hier gaan we met onze gids aan land. Het eerste dat ons opvalt zijn de vuurrode krabben, die fel afsteken tegen de zwarte lavamassa. We klimmen en klauteren over de schotsen van de versteende lavaresten. Een pittige wandeling van twee uur. Diego onze gids vertelt ons van alles over het ontstaan en laat ons de mooie plaatsen zien. Daarna gaan we snorkelen vanaf het strand waar ‘s nachts de schildpadden hun eieren komen leggen. Het water is helder en jekunt de meest prachtige kleurrijke vissen zien. Maar dan kom ik tot mijn grote schrik een haai tegen, een Whitetip shark, en weet niet hoe snel ik uit het water moet komen. Volgens Diego doet hij normaal gesproken geen kwaad, maar toch loop ik niet erg warm van zo’n ontmoeting. Na wederom een voortreffelijke lunch snorkelen we van de boot naar het strand en de baai van Barthalome. Robert zwemt bijna tegen een pinguïn aan. Op het strand liggen we naast de zeeleeuwen die daar ook een siësta houden. Een van de jongen verveeld zich en zoekt een maatje om meet e spleen. Maar de oudere zeeleeuwen zijn veel te lui en willen duidelijk niet in hun middagdutje gestoord worden, dus gaat hij zich maar met de snorkelaars amuseren. Vooral Robert valt goed in de smaak bij hem. Terug aan boord worden we van koffie thee en snacks voorzien en gaan we Barthalome verkennen. Ook dit eiland is vulkanisch, maar ziet er weer heel anders uit. Eerst klimmen we een eind naar boven en het laatste stuk bestaat uit een trap van 365 treden. In die hitte is he teen hele klim naar boven , maar het fenomenale uitzicht maakt de inspanning meer dan waard. Met de bijboot gaan we terug naar de boot, nadat we eerst de pinguïnkolonie bezoeken. Twee parende pinguïns geven nog even een showtje weg. Na een dag als deze, een heerlijk diner en een glas wijn gaat iedereen weer bijtijds naar bed.

26 Februari
Vannacht zijn we verder gevaren naar het eiland Genovesa . Alle eilanden van Galapagos zijn weer heel anders qua uiterlijk, flora en fauna. Vanmorgen gaan we de rode mangrove bezoeken en de hoge kust. In de mangrove nestelen de redfeet boobies in de struiken en de masked boobies die groter zijn en op de grond hun nesten hebben. De jongen zijn donzig wit en je kunt ze van heel nabij benaderen. Ze hebben honger en maken het geluid van een huilende baby. Hun moeders zijn op visvangst, zee ten alleen vliegende vissen. Op het strand ligt een moeder zeeleeuw haar jong te zogen. Daarna volg het meest spannende onderdeel van ons dagprogramma. Vanuit de bijboot gaan we snorkelen met Hammmerhead Sharks! Onze snorkelgids Mario gaat voorop, ik verlies hem dan ook niet uit het oog. De meest mooie vissen zwemmen langs me heen, en dan, Jawl hoor een grote Hammerhead haai zwemt onder ons door en vreemd genoeg ben ik op dat moment niet eens bang, het is ook zo mooi en indrukwekkend. Ook een zeeleeuwenjong komt even kijken, heel speels en sierlijk, hij maakt buitelingen, zwemt hij om ons heen. Na de lunch varen we met de bijboot langs de rotsen, waar de furr zeeleeuwen liggen. Vervolgens maken we een wandeling over het eiland waar we nog meer boobies zien. Soms struikel je bijna over de vogels. De beloofde uilen laten zich echter niet zien. Wederom maken we het vanavond niet laat, zeker omdat we morgenvroeg al om kwart voor 6 opmoeten!

27 Februari
We worden wakker in James Bay op het eiland Santiago. Om kwart voor 6 zitten we slaperig aan het ontbijt. Voordat het te warm wordt maken we een wandeling langs de kust. Hier zijn enorm veel grote zeeleguanen, veel groter van postuur dan op de andere eilanden. De kust is ruig met grotachtige rotsen waar het water soms omhoog spuit. In de branding is een zeeleeuwenjong aan het spelen, als een volleerd surfer zoekt hij de hoogste golf uit en surft vervolgens het strand op. Hij is zich bewust van zijn publiek en is onvermoeibaar, een echte showing off surfboy! Ondanks het vroege ochtenduur is het al erg warm, een verkoelende duik verfrist ons, voordat we weer aan boord gaan. Tijdens de lunch varen we naar  Rapida, een eiland met rood zand dankzij het hoge ijzergehalte in de bodem. Op dit eiland nestelen veel grote zeeleguanen. Ook zien we 2 imposante haviken, die een zeeleguaan aan zijn start het nest uit proberen te trekken. Als we van onze rondwandeling terug komen zien we dat zee r in geslaagd zijn en ze zich kunnen verheugen op een uitgebreide maaltijd. Aan boord worde wij ook in de watten gelegd, een voortreffelijk diner staat ons te wachten. Na het eten worden de gitaren tevoorschijn gehaald en besluiten we de dag met een muzikale avond.

28 Februari
Na het ontbijt gaan we van boord op het eiland South Plaza. Dit eiland heeft steile kliffen en glanzend wit gesteente, die zo glad geworden zijn door de uitwerpselen en het voortdurend bewegen van zeeleeuwen over dit gesteente. We worden voorgesteld aan Herman een gekleurde landleguaan, hij gaat graag met ons op de foto. De uitgebreide zeeleeuwenfamilies hier zijn een lust voor het oog, je kunt er wel uren naar blijven kijken. Iedere familie , vader met meerdere vrouwtjes en hun baby’s hebben hun eigen territorium. Terug aan boord zetten we koers naar Santa Fe. Onderweg worden we verrast door wel 10 mantaroggen, die als de boot vlak voor hun wordt stilgelegd, ons een ware balletvoorstelling geven. Terug op koers duikt een walvis heel even voor de boeg van de boot op. Bij het eiland Santa Fe gaan we na de lunch snorkelen met spelende jonge zeeleeuwen, die heel nieuwsgierig om ons heen zwemmen. Ze krijgen geen van ons en wij niet van hun. Een zeeschildpad leidt ons af, we zwemmen achter hem aan. Zijn poten gaan langzaam als peddels door het water, af en toe steekt hij zijn kop boven water om even adem te halen, waarna hij weer naar beneden duikt,.om zo met zeeleeuwen en schildpadden te zwemmen is voor mij een geweldige, unieke ervaring. Robert heeft er gelukkig hele mooie opnames van kunnen maken. Terug aan boord maken we ons klaar voor een wandeling op Santa Fe. Op het eiland zijn gele leguanen en grote oude cactussen. Het is een pittig programma, moe en voldaan laten we in bed, de beelden nog eens aan ons voorbij gaan.

29 Februari
Na een onrustige nacht, wij zijn met flinke deining naar het eiland Espanola gevaren, gaan we bij Punta Suarez van boord. Een vrouwtjeszeeleeuw, die niet met haar beste been uit bed is gestapt, wil geen plaats maken op de landingsstrip. Ze valt uit naar onze gids, die haar met een zwemvest wegjaagt. Op dit eiland wonen rode zeeleguanen. We maken een wandeling van 2,5 uur over stenen en rotsen. Het uitzicht is mooi met rotsen en een flinke branding. Tussen de rotsen bevinden zich 3 gaten waardoor het water omhoog gestuwd wordt tot grote fonteinen. Hierna is een verkwikkende duik zeer welkom, jammer genoeg valt het snorkelen hier wat tegen. Na de lunch gaan we verderop naar het strand. Het water is hier azuurblauw met een zilverwit strand en poederachtig zacht zand. Eerst denken we dat het strand vol met rotsen ligt, het blijken echter wel een paar mpjes en video. groetjes wendy

1 Maart
Vanmorgen worden we wakker bij Floriana eiland bij Post Office Bay. Aan land krijgen we een verklaring voor de naam van deze baai. Er staat namelijk een vat dat als brievenbus fungeert. Als je een kaart hebt kun je die in deze bus zonder postzegel achterlaten. Een volgende toerist die in het betreffende land moet zijn neemt de post dan mee en doet hem daar op de bus. Zo wordt op een goedkope manier de post bezorgt. We dalen af in een lavatube, waar we een piratengrot bezoeken. Daarna gaan we snorkelen bij Devils Crown, waar we een werkelijk spectaculaire onderwaterwereld aanschouwen. Ik ben amper in het water als onder me door een White Tip shark glijdt. Grote scholen vis zwemmen aan me voorbij en vier stingrays zwemmen over de zeebodem. Een keer schrik ik, recht op me af komt een groot beest naar me toe zwemmen. Dan herken ik het, een nieuwsgierige zeeleeuw komt even naar me kijken. Het snorkelen hier op Galapagos is wel een van de hoogtepunten. Na de lunch gaan we aan land op een ander gedeelte van Floriana. Op een binnenmeer staan roze flamingo’s rustig te waden. Verderop een strand is het paargebied van de zeeschildpadden. Tot onze verrassing komt een grote vrouwtjesschildpad uit het water. Ze wil even tot rust komen  van al te opdringerige mannetjes, maar dan staan er al gauw allemaal toeristen om haar heen. Onze gids vraagt ons wat afstand te houden, zodat ze rustig op adem kan komen. Dan gedragen door een vloedgolf verdwijnt ze weer in zee. Het personeel van Angelito bereidt voor ons een speciaal afscheidsdiner. De Neva’s verrassen ons wederom met een nieuw lied. Het is bijzonder gezellig en we maken het later dan ooit aan boord, we liggen om 10 uur in bed.

2 Maart
Om 6 uur! Zitten we al in de bijboten op weg naar de mangroves op Noord Santa Cruz. Dit is het gebied voor het paren van de zeeschildpadden. De motor wordt afgezet en rustig peddelt onze gids in de stille ochtend door het mangrovegebied. We zien zeeschildpadden en de kleine Galapagos haai en twee Aegles roggen. Terug aan boord staat ons ontbijt klaar, waarna we afscheid nemen van de bemanning .Ze hebben zich enorm ingezet het ons zo plezierig mogelijk te maken, het eten was voortreffelijk en van onze gids Diego hebben we veel geleerd. We hebben een superweek gehad, het enige dier wat we nog niet gezien hebben is de landschildpad, daarom gaan we naar een farm en natuurreservaat om ook deze creaturen te bekijken. In het reservaat horen we een geloei, zijn er hier ook koeien? Onze gids wordt heel enthousiast en gaat op het geluid af. Twee schildpadden zijn met veel geluid aan het paren. In tegenstelling tot de pinguïns die hun job zo geklaard hebben, doen de schildpadden, het zijn nu eenmaal langzame dieren, er een half uur tot 5 uur over. Terug op weg naar de boot moet de bus onderweg 2 keer stoppen, voor liftende schildpadden, die niet van de weg af gaan. Met de watertaxi gaan we terug aan boord en gelukkig ligt onze boot dankzij goed oppaswerk van Roderick  met assistentie van Denzel er nog goed bij.

3 -4  Maart.
Deze twee dagen zijn we druk bezig de boot helemaal op orde te brengen voor onze langste oversteek naar de Marquesas eilanden.  De startaccu’s van de generator moeten vervangen worden. Deze staan op een moeilijk bereikbare plaats in de machinekamer, waar het bloedheet is. Dit is volgens Robert de meest vervelende klus die hij ooit gedaan heeft. Voor proviand moet ook gezorgd worden, wat geen eenvoudige zaak is. De winkels zijn hier erg leeg, het bevoorradingsschip heeft nog steeds problemen. Alle bwr boten en ook vele boten van de world ARC doen een run op de winkels. Ik sjouw van de ene winkel naar de andere en slaag er toch nog behoorlijk in onze voorraad aan te vullen. Bovendien hebben we onze blikken met vlees en groente ook nog, dus zullen we zeker niet verhongeren. Dinsdagmorgen gaat Roderick bij ons van boord, een andere bwr boot, Penelope 3 kan een derde man goed gebruiken. Hun zoon was verhinderd vanwege een nieuwe baan en kon op het laatste moment niet mee. Zo zijn alle twee de partijen gelukkig, Roderick heeft een nieuwe boot en John en  Jane een crew.  Ze vertrekken om 11 uur, wij wensen hun een goede vaart!

5 Maart
Voor dag en dauw hijs ik Robert de mast in om een kapot stoomlicht te vervangen. Daarna gaan we ontbijten in de Red Mangrove. Ze hebben daar wifi en we kunnen dan tegelijkertijd op het internet, mails checken, foto’s sturen en het weer downloaden. Bij een benzinestation halen we benzine en olie voor de buitenboordmotor, doen nog wat boodschappen en dan zijn we om 1 uur klaar voor vertrek. Hier in de haven hebben we twee ankers uit, een voor en een achter, omdat de haven heel vol ligt en er geen ruimte is om rond te slingeren. Het boeganker vormt geen probleem, met en vinger op de knop komt het anker zo omhoog. Het hekanker krijgen we met geen mogelijkheid omhoog, het zit muurvast. Gelukkig krijgen we assistentie van Denzel, met zijn duikuitrusting aan springt hij het water in en graaft het anker op, waarna Robert het aan boord hijst. Uiteindelijk varen we om 2 uur de haven uit, op weg naar de Marquesas eilanden! Onze grootste oversteek, ruim 3000 zeemijl verderop, zonder en mogelijkheid voor een tussenstop. Er staat nauwelijks tot geen wind. Motorsailend  varen we de nacht in.

6 Maart.
Het grootste gedeelte van de dag kunnen we zeilen ondanks dat er weinig wind staat. De dag kabbelt rustig voort net zoals onze boot. Acht boten hebben de haven nog steeds niet kunnen verlaten wegens technische mankementen, zoals kapotte generators, accu’s en motorproblemen. De tijd tijdens het wachtlopen ’s nachts vullen we in door op Kevin’s portabel cd speler elke wacht 1 aflevering van 24 te kijken, afgewisseld met wat muziek luisteren en een boek lezen. Al valt het soms niet mee om wakker te blijven, in dat geval brengt een kop thee met een creamcracker uitkomst. Ook de nacht verloopt rustig.

7 Maart.
Het is vandaag bewolkt en er staat totaal geen wind. Dat wordt dus een dagje motoren. De dag wordt wat gebroken door het dagelijkse radionetwerk. We zijn weer eens netcontroller, daarvoor downloaden we de gribfiles. Het is moeilijk een weerbericht te krijgen voor dit gebied. Ook zoeken we een muziekje uit dat we een paar minuten voor de radio begint afspelen. Het Rosenbergtrio valt goed in de smaak en een van de reacties hierop is,  is that you Robert playing gitar, nou dat zou hij wel willen. Verder is het een rustige dag.

8 Maart.
We zitten in een depressiegebied met een lage luchtdruk. De wind steekt op tijdens het wisselen van de wacht. Om 6 uur hijsen we de zeilen. Er staat veel wind, 25 tot 30 knopen, het regent flink, maar we zijn blij dat we eindelijk kunnen zeilen. Het grootste gedeelte van de dag genieten we van het zeilen met een lekkere snelheid. Net als Robert als eerste wil gaan slapen, gaat het bildgealarm en blijkt dat de bildgepomp niet werkt. In plaats van een comfortabel bed wacht hem een nieuwe klus in het donker. Gelukkig weet hij dit ook weer te repareren. Met wat handigheid en een paar nieuwe reserve kleppen functioneert de pomp na een uurtje weer.
We motoren de nacht door en rond het ochtendgloren steekt de wind weer op en kunnen we weer zeilen.

9 Maart
Het is vandaag een superzeildag, we flitsen door het water, met ook nog 1 knoop stroom mee. Eten koken is vandaag een kunst. Als we met een bordje spaghetti op schoot zitten te eten en dat terwijl we zeilen met een snelheid van 10,5 knoop, is het echt kicken! De hele nacht surfen we door de golven.

10 Maart
Al een hele tijd was ik me al bewust van een vieze vislucht. Bij zonsopkomst zien we dat er wel 5 kleine inktvisjes op het dek liggen. Als Robert ze met een handschoen  verwijdert, spuit er eentje zijn inkt over het dek. Nu ruikt onze boot helemaal naar een oud vissersschip. Daar ben je blij mee met zulke ongenode gasten. Tijdens het radionet wordt de klok nog een uur teruggezet, er is nu een tijdsverschil van 9 uur met Nederland. We zijn flink op geschoten en hebben de laatste 24 uur maar liefst 220 mijl afgelegd. Ook vandaag gaan we als een speer. Tijdens de schemering neemt de wind, maar vooral ook de golven toe. De giek maakt klappen van het rollen in de golven. Dan schiet een grote RvS ring los van het dek, waar de preventer, tegen onverwacht gijpen, aan vast zit. Vlug steken we een dubbel rif waardoor we rustiger in het water liggen. Met wat minder snelheid, maar wel een stuk rustiger en beter voor het tuig zeilen we de nacht door. Er wacht Robert morgen weer een klusje.

11 Maart
De wind is duidelijk afgenomen, het rif gaat er weer uit. In plaats van iedere keer met een klap door de golven te gaan, wiegen we er nu met een plezante snelheid doorheen. Het wordt een relaxte zeildag.

12 Maart
Waar is de ons beloofde passaatwind gebleven? Er staat geen spat wind, dus toch maar weer de motor aan. Nu kunnen we wel de boot goed op orde brengen, er wordt geklust, gepoetst, de was wordt gedaan en zelfs de koelkast krijgt een beurt. De hele dag zitten we ons al te verheugen op onze wacht, want dan mogen we weer een aflevering van 24 kijken en het is toch spannend!

13 Maart
Om 7 uur ’s ochtends sta ik in mijn nachtjapon met zwemvest en lifeline aan Robert te assisteren op de voorpunt van de boot. De spinakerboom, groot en zeer zwaar, moet gezet worden om de genua uit te bomen. Als we in onze poging geslaagd zijn loopt de boot met bakstagwind lekker door de golven. De hele dag zeilen we rustig met een zuidoostenwind van 12 tot 15 knopen. We hebben de helft van de te overbruggen afstand, 3100 zeemijl, een zeemijl is 1,81 km., afgelegd. Om dit te vieren bak ik brownies en ’s avonds toasten we erop met ieder 1 biertje. Tot slot kijken we met zijn tweeën een extra aflevering van 24.

14 Maart
De wind is verder aangetrokken. Zowel bij het ochtendradionet als het avondnet moeten we vlug eerst rif één steken in het grootzeil en om half 7 rif twee. Onze Truus, de onmisbare stuurautomaat en tevens ons derde bemanningslid heeft het zwaar te verduren. In de avond neemt de wind tijdens buien verder toe tot 30 knopen. De zee is onrustig met veel deining, dat betekent voor Truus veel stuurwerk bij deze voordewindse koers. Om middernacht heeft ze er genoeg van, de hydraulische pomp van de stuurautomaat houdt er mee op. Kapot! Betekent dit voor ons dat we de rest van de reis met de hand moeten sturen? Gelukkig heeft Robert speciaal voor deze reis een reserve pomp aangeschaft, je weet maar nooit, en terwijl ik aan het roer sta, weet hij onderin de hevig rollende boot een nieuwe pomp te monteren. Er moeten zelfs nieuwe schroefgaten geboord worden, de nieuwe pomp past niet op de plaats van de oude. Hartelijk dank Raymarine! Dan volgt om 3 uur ’s nachts een spannend moment. Gaat onze Truus het na haar harttransplantatie weer doen? En ja hoor, als vanouds gaat ze weer aan de slag, met een extra kopje hydraulische olie kunnen we haar rustig voor de nacht toedekken en kunnen wij om de beurt aan een hazenslaapje beginnen. Motto van een oceaanzeiler, inmiddels door ons overgenomen, alles wat kapot kan gaan op een boot gaat ook kapot. Je bent gewaarschuwd.
15 Maart
Een nacht met zo weinig slaap begint ons op te breken. We proberen dit overdag in te halen, wat niet meevalt op een rollende boot. We zeilen met 20 knopen wind en zeilen met gereefd grootzeil, kotter en uitgeboomde genua. Ik krijg het gevoel wat je wel eens hebt , als je met kleine kinderen een lange autorit maakt. Dan probeer je met liedjes als “een potje met vet”en “we zijn er bijna, maar nog niet helemaal”, de stemming erin te houden. Nog ruim 1000 mijl te gaan. We zijn er bijna.
16 Maart.
We leggen een flinke afstand af, recht voor de wind met windkracht 5 tot 6, ’s nachts oplopend tot 7. Robert zet er nog een extra preventer op, mochten we bij een draaiing van de wind onverwacht gijpen en de ene preventer knapt, dan hebben we er nog altijd een extra als reserve staan.
17 Maart.
Nu we wat beter zijn uitgerust zit de stemming er weer in. Tijdens het radionet gaat de klok 1,5! uur achteruit. Dit is alvast Marquesas tijd, het is daar 1,5 uur vroeger dan in Nederland. Op onze kaartplotter kunnen we onze vermoedelijke aankomsttijd aflezen en met deze goede snelheid komt die steeds vroeger te liggen. In de nacht hebben we weer veel last van veranderlijke wind.
18 Maart
Het ruikt heerlijk naar appeltaart in onze boot. In de oven zit de aan Robert beloofde appeltaart. We moeten het toch een beetje Hollands gezellig maken. Zo lang op zee is een traktatie extra welkom. Gelukkig schommelen we vandaag iets minder en kunnen we weer een aflevering van 24 kijken, wat eerst door de deining niet mogelijk was.

19 Maart
Vandaag hebben we lekker gezeild, totdat rond half 10 ’s avonds de wind totaal wegvalt. Er staat een enorme deining terwijl er geen wind staat. Het tuig klapt op en neer en heeft zo veel te lijden. We halen de zeilen omlaag en motoren verder. De hele nacht blijft de zee zeer onrustig.

20 Maart
Afwisselend zeilen we, motorsailen en varen we op de motor vandaag. Bij zonsondergang zien we voor het eerst leven op deze zeer stille oceaan. Een groep dolfijnen zwemt met onze boot mee. Bij ondergaande zon springt een dolfijn, als een afscheidsgroet, hoog uit het water, waarna ze weer in de grote oceaan verdwijnen.

21 Maart
Land in zicht!
Aan de horizon doemt een groen grillig gevormd landschap op. Dit is het eerste meest oostelijk gelegen eiland van de Marquesas eilanden, het eiland Uka Huka.
We zeilen verder naar Nuka Hiva, waar we om half 3 ’s middags ons anker laten zakken. We hebben er 3100 mijl opzitten in slechts 16 dagen. Twee boten zijn al gearriveerd, maar die zijn eerder vertrokken en hebben er twee dagen langer over gedaan. Tony staat ons al op te wachten om te helpen met inklaren. Dat gaat hier van een leien dakje. Het eerste wat ons hier opvalt, het landschap is prachtig, ruig en dramatisch. Er lopen veel honden rond en veel travestieten. Dat is hier heel normaal en komt in bijna iedere familie voor. Vaak wordt er in een gezin een van de jongens als meisje opgevoed. De mannen lopen gekleed als vrouwen, mooi opgemaakt en met bloemen in hun haar. Het is niet helemaal duidelijk of deze travestieten een seksuele of een sociale oorsprong hebben. Sommige zijn gewoon getrouwd en hebben kinderen. De spreektaal is hier Frans, wat voor ons even oefenen is, maar een koud biertje bestellen wil nog wel lukken. We eten samen met Tony in zijn hotel. Om10 uur liggen we in bed en kunnen we eindelijk van een lange ongestoorde nachtrust genieten.

22 Maart
Als we om half 10 in de morgen  op de kade staan voor de groente en fruitmarkt, zijn we veel te laat en is de markt al opgeruimd. Ze zijn hier heel vroeg uit de veren, de zaterdagmarkt is van 4! tot 6 uur ’s ochtends. Gelukkig is de supermarkt nog wel open waar ze heerlijk stokbrood verkopen. We bestellen een petit dejeunertje op een terras, waar we op ons gemakje ontbijten. De middag gebruiken we om de generator een grote beurt te geven, Robert, terwijl ik de boot aan kant maak. Die avond hebben we onze eerste party, de early arrival party in Tony’s hotel. We worden ontvangen buiten op het terras wat uitkijkt over de baai. Twee mooie Polynesische dames hangen ons een bloemenkrans om en met een drankje in ons hand zien we hoe de zon achter de bergen onder gaat, vrijwel onmiddellijk gevolgd door de opkomst van een perfecte volle maan.  Best aardig dus. Na de drankjes worden we uitgenodigd aan het buffet. Plotseling blijkt een van de serveersters een elegante Polynesische danseres te zijn die speciaal voor het clubje bwr mensen een sierlijke verleidelijke dans laat zien. Een bijzonder geanimeerde avond!

23 Maart
Eerste paasdag.
Het is vandaag bloedheet en erg vochtig, het voelt erg benauwd aan. Voor de lunch gaan we de wal op,  maar vinden alles  gesloten. We besluiten door te wandelen naar het hotel om daar iets te nuttigen. Onderweg valt het ons op hoeveel paarden je hier ziet. Ze zijn niet zo groot van formaat en hebben hier een betekenis net als wat in Nederland een fiets is. Ieder kind krijgt hier een paard, je ziet ze er zelfs de zee mee in gaan. Wat auto’s betreft, ieder inwoner heeft hier een 4 wd. We horen dat ze die van de Franse regering krijgen, wat niet echt verkeerd klinkt. Als we warm en hongerig bij het hotel aankomen zijn we te laat voor de lunch en lopen na een drankje genuttigd te hebben weer terug naar de boot.

24 Maart
Gelukkig is het vandaag minder benauwd. We hebben een rustige dag aan boord en lopen in de middag over de rommelmarkt die hier in het dorp gehouden wordt. Bingo blijkt ook hier populair te zijn, we zien echter af van deelname. Met alle nieuw gearriveerde boten borrelen we en eten daarna in het hotel. Een wederom geslaagde avond.

25 Maart
Langzaam maar zeker lopen er steeds meer boten binnen, waar we ook deze avond natuurlijk iets mee moeten drinken, terwijl we alle verhalen uitwisselen. We eten met de bemanning van Pelle 5 in een restaurantje waar een zeer vrouwelijke travestiet ons vriendelijk bediend. Dit is voor ons een ietwat vreemde ervaring, maar op de een of andere manier past het in deze omgeving.

26 Maart.
Behoorlijk wat boten hebben tijdens deze tocht problemen gehad. Generatoren die er mee ophielden, keerkoppelingen die weigerden, diverse zeilen verloren gegaan tijdens nachtelijke squals. Onze vrienden op Zipadedoda krijgen aan de lijzijde van een eiland in een zogenaamde acceleratiezone waar de wind enorm toeneemt en van richting veranderd, een klapgijp, waarbij hun preventer breekt en de giek met veel geweld naar de andere kant van de boot slaat. Schade: gebroken preventer, volledig  verkreukelde en onbruikbare bimini ( zonnescherm ), gebroken runningbackstay, uit de giek getrokken neerhouder, waardoor de giek vermoedelijk aan vervanging toe is. Gelukkig geen persoonlijk letsel. Zodra ze in de haven aankomen gaan we ze verwelkomen en een beetje goede moed inspreken.

27 Maart.
We gaan een uitstapje maken met een fourwheeldrive over het eiland met een gids. De natuur en de bergen zijn fenomenaal. Alle verschillende kleuren groen, de weelderige flora zijn indrukwekkend. Tegelijk hangt er over het eiland een mysterieuze dramatische sfeer. Een oorzaak hiervoor  misschien is het feit dat zeker in de vorige eeuw er hier nog kannibalisme voorkwam. Er waren 5 stammen die elkaar bevochten, ze spraken elkanders taal niet, daar hadden ze geen tijd voor, de vijanden werden immers meteen opgegeten. Het idee er achter was behalve dat ze hun buik rond aten, ze tevens de kennis en kracht die deze persoon bezat, zo op hun overging. Op de zogenaamde Tiki plaatsen werden dierlijke en menselijke offers gebracht. Vooral jongens tot 12 jaar waren geliefde offers. We bezoeken 2 zulke Tiki plaatsen waar prachtige hoge bomen staan. Als ik hoor dat de schedels van de slachtoffers in de bomen gehangen werden, krijg ik gewoon kippenvel. Dit is niets voor mij, er hangt een haast spooky atmosfeer en ik ben blij wanneer we weer in de auto stappen. Men scheen er ook niet voor terug te deinzen af en toe een buurkind op te peuzelen. Het eiland is meer dan indrukwekkend, het uitzicht over de bergen en zee niet te beschrijven, maar toch zou ik hier niet graag willen wonen.

28 Maart
We begroeten de nieuw aangekomen boten en drinken een kop thee bij Hakuna Matata. We lopen het zeer kleine dorpje in om een postzegel te kopen, die we nog altijd nodig hebben om de papieren voor het inklaren op te sturen naar Papeete. Helaas wil dit ook deze keer niet lukken. ’s Avonds borrelen we met een heel gezelschap bij ons in de kuip.

29 Maart
Op de kade wordt een tent opgezet voor de officiële ontvangst van de bwr door de burgemeester. Ze serveren vers fruit en sapjes voor ons, waarna de burgemeester een toespraak houdt, die vertaald wordt in het Engels. Er volgt een dansvoorstelling door danseressen in rieten rokjes en mannelijke dansers in dito rokjes. De mannen laten een agressieve warriordans zien met dreigende gebaren  en kreten. Ik krijg de neiging om een stap achteruit te zetten als ze dicht op me af komen. Je moet hier van houden al is het wel interessant om gezien te hebben. Hierna overvallen we het enige restaurant in dit dorp en hebben een erg gezellige avond.

30 Maart
We hebben een rustige dag aan boord. Voor de lunch gaan we naar het hotel, waar we het beste dessert ooit eten, frozen chocolat parfait, voor chocolade lovers zoals ik een ultiem genoegen. Als we terug aan boord zijn worden we uitgenodigd bij de Hakuna’s voor het avondeten. Ze hebben onderweg een Merlin van meer dan 2 meter gevangen, de foto’s bewijzen het,  je ziet dat de vis nog langer is dan Jeremy zelf. Met een grote groep genieten we van een voortreffelijke vis bbq.

31 Maart
Om 9 uur is de hele bwr groep present voor een briefing van de volgende etappe, de Tuamotu eilanden. ’s Avonds is er een feest georganiseerd met een traditionele pigroast. Die ochtend wordt er in de grond een vuur gestookt, waarin stenen worden gelegd die gloeiend heet worden. Daarop wordt een wild varkentje, gewikkeld in bananenbladeren gelegd, daaroverheen komt de aarde die het afdekt. Vervolgens blijft het 7 uur in de grond garen en op het laatst wordt er groente bij gelegd. We hebben er hooggespannen verwachtingen van en iedereen staat erbij als de maaltijd uitgekuild wordt. Het eten valt echter zwaar tegen en is een voor mij een van de  ”worst ever” ervaringen. Gelukkig maakt een daarop volgende dansvoorstelling veel goed. De stemming zit er goed in. De mannelijke dansers werken zich in het zweet en vertonen een tribal dans en de meisjes met de rieten rokjes laten dit keer een verleidingsdans zien waarop enthousiast gereageerd wordt.

1 April
Met een grote groep bwr boten varen we naar Daniëls Bay een uurtje zeilen verderop. De naam komt van Daniël die hier in zijn eentje in een hut woonde. Het Amerikaanse tv programma survival, in Nederland expeditie Robinson, kocht Daniël uit en heeft hier vervolgens verschillende seizoenen gefilmd. De baai is prachtig, omringd door grillige heuvels en rotsen, met een strandje waarop palmbomen staan. Vier mantaroggen zwemmen sierlijk met golvende bewegingen langs onze boot. We gaan picknicken en bbq en op het strand, waarna er met 2 teams cricket gespeeld wordt. De teams, het Engelse en het internationale team worden gekozen. Het Engelse team begint met een yell die verdacht veel op de kreten van een tribaldans lijkt, waarop tot grote hilariteit het internationale team een dansvoorstelling geeft. Helaas heeft niemand een camera bij zich. Het Engelse team wint. Nadat de mannen uitgespeeld zijn en de schemering begint te vallen gaat iedereen weer naar zijn boot terug. ’s Avonds wordt in kleinere groep bij ons aan boord nog wat plannen doorgenomen voor de Tuamotus.

2 April
Onder leiding van een paar gidsen gaan we een wandeling maken naar de Hakata Waterfalls. Dit is de derde grootste waterval van de wereld. Helaas valt er heel weinig water naar beneden omdat het hier ‘dry season’ is, al zou je dat niet zeggen vooral ’s nachts valt de regen hier met bakken uit de lucht. Het is een pittige wandeling, 2 uur heen 2 uur terug, de berg op, over gladde glibberige stenen, door het oerwoud. Helaas heb je weinig tijd om rond te kijken omdat je steeds moet opletten waar en hoe je je voeten neerzet. Onderweg moeten we door verschillende beekjes waden, waarna we bij de waterval aan komen. Er komt inderdaad maar een siepstraaltje uit. De poel waar het water in terecht komt is aanlokkelijk voor een verfrissende duik, waarop een heel aantal van ons een plonsje neemt. Het water is heerlijk koel en ik zwem verder tot ik onder de waterval een douche krijg. Lekker afgekoeld hervatten we de terugtocht. Bij terugkomst verrassen de gidsen ons met heerlijk vers fruit en drinken . Ze nodigen ons heel gastvrij uit om met hun een pigroast te nuttigen speciaal voor ons gemaakt. Dit kunnen we natuurlijk niet weigeren, maar gezien onze vorige ervaring kijken we enigszins dubieus. Gelukkig is het dit keer heel smakelijk en heeft het niets met onze vorige roast experience  te maken. Het is hartverwarmend hoe vriendelijk en gastvrij deze mensen zijn. Terug aan boord rusten we uit, waarna we ’s avonds bij Zipadedoda samen met Big Blue en Neva voor een diner uitgenodigd zijn en we een bijzonder geslaagde avond hebben.

3 April
We besluiten nog een dagje te blijven liggen in deze prachtige baai en houden een huishoudelijke dag. Voor  de borrel worden we uitgenodigd bij Rascal samen met Gaia.

4 April
We varen naar het eiland Ua Pou en zeilen er aan de wind met een mooie snelheid in 2,5 uur naar toe. We laten het anker zakken in de pittoreske baai van Hahahetau. Er ligt nog een andere bwr boot voor anker, Jenny, die hier al een paar dagen eerder is aangekomen. Ze zijn hier rondgeleid door een gepensioneerde onderwijzer, Etienne, die ons allemaal uitnodigt om te gaan dineren bij de curator van het locale museumpje. Etienne is een vlotte  prater, hij weet ons van alles te vertellen over de historie van het eiland, de dansen en de functie ervan. De Marquesean god was eerst alleen op het eiland en had wat behoefte aan gezelschap. In het zand tekende hij de contouren van een vrouw met een gat erin. Daar ging hij op liggen en vanuit het zaad in de grond werd de eerste bewoner geboren, het was een meisje. Dit en nog veel meer verhalen worden met verve verteld. Op de veranda van het huis krijgen we een typische Marquesean maaltijd voorgeschoteld, met veel garnalen, vis, fruit en heerlijk breadfruit in kokosmelk. Het is een bijzondere avond. In de truck van Etienne worden we weer naar de bijboten gebracht. Het valt nog niet mee aan boord te komen. Ze hebben hier geen trap en door het tij zijn de boten een meter of twee gezakt. Met een noodsprong naar beneden en wat inventiviteit weten we het toch allemaal droog te houden en komen we veilig en voldaan in onze boten terug.

5 April
Etienne heeft ons uitgenodigd om het vierjarig festival van Ua Pou bij te wonen, het begint om 12 uur. Als we met onze dingy’s om kwart over 12 aan land stappen, zien we nog net een paar minuten van de ‘pigdance’. Omdat we net aan boord gelunched hebben sla ik het aanbod om mee te eten af. Robert neemt een bordje en schuift aan in de rij. Als hij een mooi Polynesisch meisje ziet langskomen met een bordje met 2 vissenkoppen erop, gaat zijn eetlust over en besluit hij het met alleen een biertje te doen. De muziek gaat beginnen, onze verwachtingen zijn hooggespannen, wat heeft het festival voor ons in petto? Een man achter een aftands hammondorgeltje begint te spelen, een soort Gert zonder Hermien, op zijn Polynesisch. Hier lopen nu niet echt warm voor. Na een uurtje houden we het voor gezien. We beloven Etienne om ’s avonds terug te komen. Op de kade wordt dan de verjaardag van zijn vriend gevierd , met een bbq. Wel worden we dit keer geacht zelf ons eten en drinken mee te nemen. Hij belooft ons fruit uit eigen tuin mee te brengen, dat we kunnen kopen. Om 7 uur zijn we met 4 boten paraat op de kade, dit keer zijn onze verwachtingen enigszins gedaald. Eerst handelen we de fruitbusiness af. Voor een appel en een ei krijgen we een enorme hoeveelheid fruit, mango’s, enorme zoete pompelmoezen, een tros bananen, breadfruit en super grote avocado’s. De mensen zijn erg in ons geïnteresseerd en komen een praatje maken in het Frans, sommigen spreken een beetje Engels. Ze willen ook graag je hand even vasthouden. Dan begint een gitarist en een banjo te spelen en wordt er gezongen. Erg gezellig allemaal. Aan het eind van de avond worden we in onze dingy’s geholpen. Speciaal voor ons hebben ze een touwladder gemaakt, maar het blijft nog steeds een kunst in de bootjes te komen, want er staat een forse deining en stroom. Morgen varen we verder naar de Tuamotus. De indruk die we van de bevolking hier gekregen hebben, is dat het erg mooie mensen zijn, vooral de kinderen. Ze zijn heel vriendelijk, gastvrij en nieuwsgierig.

6 April.
Om 7 uur ’s ochtends zetten we koers naar Manihi, een van de Tuamotus eilanden, ongeveer 465 mijl ten zuidwesten van de Marquesas. Er staat heel weinig wind, maar we hebben geen haast en dus zeilen we langzaam maar gestaag de dag door. De klok wordt om 10 uur weer een half uur teruggezet, het tijdsverschil met Nederland is nu 12 uur. Het wordt al vroeg donker, je ziet hier enorm veel sterren, al laat de maan verstek gaan en is het pikkedonker. Met een kop koffie in de hand gaan we de avond in, als er naast onze boot een puffend geluid klinkt Rondom onze boot licht het water regelmatig op, niet allen bij golven aan de oppervlakte, maar ook in de diepte in het water. Ik vermoed dat er dolfijnen om onze boot zwemmen, al zijn ze niet te zien, ook niet wanneer we met een schijnwerper rondom onze boot schijnen. Robert ziet een vage contour van een groot dier ongeveer 25 m van de boot, dat onmiddellijk weer verdwijnt. Het maakt je nieuwsgierig en het is tegelijk ook spannend omdat je niet precies kunt waarnemen wat er rondom de boot gebeurd. De wind valt verder weg en als we om half 11 nog maar 3,5 knoop door het water gaan besluiten we de motor bij te zetten. De nacht is rustig en om half 6 kan de motor weer uit.

7 April.
Het is warm en er staat weinig wind. We zeilen de hele dag door en we lezen veel. We hebben weinig energie om veel te doen. Af en toe nemen we een verfrissende douche op het achterdek.

8 April
Ook vandaag staat er weer weinig wind. Tegen de avond zetten we de motor bij. We willen morgen rond 1 uur bij Manihi binnenlopen, het is dan dood tij. Manihi is een atol eiland. Het is van vulkanische oorsprong. De randen rond de krater zijn ingezakt en van het eiland is alleen een randje blijven staan, waarop het koraalrif is gegroeid. Door een kleine opening in het rif moeten we naar binnen. Al het water wordt door deze nauwe doorgang naar binnen en buiten geperst. Aan de kant waar de wind op het atol staat, slaan de golven bij vloed over de rand heen en loopt het atol steeds voller. Bij eb verlaat het water de atol via de toegang waardoor er een enorme stroom staat. Het is moeilijk in te schatten hoeveel stroom er zal staan omdat dit met name bepaald wordt door de hoogte van de golven en dus hoeveel water er over de rand van het atol slaat. ’s Nachts krijgen we aardig wat squals over, maar het blijft droog.

9 April.
Als we Manihi naderen lijkt het alsof we met onze boot op het IJsselmeer zijn en de Friese kust naderen. Met nog 2 andere boten zijn we om 1 Uur bij Manihi. Een locale vissersboot zal ons naar binnen loodsen. Als we tussen de opening van het rif komen, lijkt het water rondom ons net een wasmachine. Ook staat hier het water hoger dan aan weerszijden, wat een heel vreemde ervaring is. We kijken uit op huisjes in het water op palen, de pearlfarms ofwel zoals Jan van de Boogaard in een mail aan ons schrijft, de kralenboeren. Door de visserman, Fernando en zijn vrouw worden we keurig naar de ankerplaats gebracht. Het begint te gieten en ondanks dat we drijfnat zijn springen we in het heldere water van een heerlijke temperatuur. Het uitzicht is idyllisch met palmbomen op het rif.

10 April.
Fernand speelt een grote rol in ons bwr verblijf hier. Behalve visser is hij ook nog bakker in Manihi. Om half 9 brengt hij ons geurend vers stokbrood en kokosbrood.
Om 12 uur neemt hij ons mee naar zijn pearlfarm. Het wordt een bijzonder interessante middag, we krijgen het hele proces te zien van babyoester tot zwarte parel. Eerst laat hij ons de oesterbedden zien, waar aan lijnen de babyoesters groeien. Die moeten een bepaalde grootte bereiken waarna ze geschikt zijn voor de parelproductie. Hij duikt een paar lijnen op waar de volwassen oesters aan hangen waarin de parels zitten. Vervolgens gaan we naar zijn kleine farm, die hij samen met zijn vrouw en dochter runt en krijgen we het hele proces te zien. Eerst worden de oesters schoongemaakt, vervolgens worden ze een stukje opengemaakt en met een soort wasknijper wordt hij een beetje opengehouden. Vervolgens gaan we naar een ander kamertje met een soort tandartsuitrusting. Zijn vrouw snijdt piepkleine stukjes uit de mantel van een oester. Hierin zit de kleurstof die de kleur en glans van de parel gaat bepalen. Dit stukje wordt geplakt op een bolletje van de abaloneschelp uit de Mississippi en door de nauwe opening van de met de klem opengehouden oester in de voet teruggezet. Een staaltje precisiewerk! Nu wordt de oester weer aan de lijn bevestigd en moet dit bolletje in zijn oesterbedje uitgroeien tot een zwarte parel. We besluiten een busseltje oesters te kopen. Er zitten 20 oesters aan die een voor een opengemaakt worden. Met mijn vingers moet ik in de oesters wroeten om te voelen of er een parel inzit. Het is een soort roulette, iedere keer is het weer spannend, zit er iets in en zo ja hoe ziet de parel eruit. We hebben geluk van de 20 oesters bevatten er 15 een parel. Als je het hele proces hebt gezien dat zo arbeidsintensief is, begrijp je waarom deze parels niet echt goedkoop zijn. Die avond eten we samen met Glendorra bij Hakuna Matata. Iedereen brengt iets te eten mee. Het wordt een erg gevarieerde maaltijd die ons uitstekend smaakt.

11 April
Ook vandaag staat Fernand weer voor ons paraat. Hij brengt ons naar een andere pearlfarm waar ze van de parels ook sieraden maken en verkopen. Ik laat mijn oog vallen op een prachtig collier zwarte parels, waarna Robert voor mij een armbandje en bovendien voor de hele groep een  goede korting weet te bedingen. Hierna brengt Fernand ons naar het dorp waar juist een vrachtschip is binnengelopen. Dit is hier een hele happening, het hele dorp loopt uit. Alle levensmiddelen, de brandstofolie in vaten, alles wordt uitgeladen. Een wasmachine wordt per driewieler vervoerd en naar huis gebracht. Er lopen net twee andere bwr boten, Anahi en Zipadedoda binnen. Vanaf de kade zien we hoe hard het water stroomt , met moeite komen ze vooruit. Die avond gaan we met Eric en Marianne eten in het hotel. In dit prachtige ressort hebben we een gezellige Hollandse avond en kunnen we voor de verandering met landgenoten onder elkaar, eens een hele avond Nederlands praten. Er speelt een leuk Polynesisch bandje, op gitaar, ukelele, mandoline en de bas is een emmer. Een touw wordt aan de bovenkant van een bezemsteel en de emmer vastgemaakt. Het klinkt nog erg goed ook!

12 April
Vandaag brengt Fernand ons met de hele groep naar de blue lagoons, een 45 minuten varen met zijn boot. Iedereen heeft zelf voor picknick spullen gezorgd. Fernand zorgt voor een visbbq en verse kokosmelk uit kokosnoten, die hij zo uit de palmen hakt. Eerst zwemmen we in verschillende blue lagoonbaaien. Dan gaan we naar het strandje waar zijn vrouw en dochter hem assisteren bij het klaar maken van de maaltijd. Blacktip sharks zwemmen hier tot bijna op het strand, ze komen tot heel vlakbij als ik daar lekker sta pootje te baden. De hele dag blijf ik gefascineerd door deze dieren. Fernand gaat eerst met zijn harpoengeweer de lunch bij elkaar vangen, ondertussen vlechten de vrouwen van palmbladen heel kunstig de borden . Wij zwemmen, luieren en spelen jeu de boules. Een grote octopus zit onder de boot, Fernand pakt hem met zijn blote handen, waarna de inktvis tot tweemaal toe een grote hoeveelheid inkt spuit, waardoor de zee donker kleurt en de haaien even komen kijken of ze deze smakelijke maaltijd kunnen verschalken. Met moeite bevrijdt Fernand zich van de zuigende tentakels en hergeeft hij de vis weer zijn vrijheid, die snel weer onder de boot duikt. De lunch is uitstekend, de restjes vis worden erna aan de haaien gevoederd, die er op afschieten en het in een hap weg slikken. Tegen de schemering varen we, nog opgetogen van deze superdag, terug naar onze boot.

13 April
Vandaag hebben we een rustige dag aan boord. Af en toe nemen we een verfrissende duik in het water. Herriëtte van Anahi nodigt, erg dapper en gastvrij, alle bwr boten hier voor anker uit om bij hun spaghetti te komen eten. Met liefst 23! Man eten we bij hun aan boord. Het is volle bak, het eten heerlijk en de stemming gezellig.

14 April

Met nog 2 andere boten besluiten we om rond 12 uur te vertrekken. Het is dan dood tij en er staat dan weinig stroming in de nauwe doorgang, de pas. We hebben een visser geregeld, die tevens kan duiken, om ons veilig naar buiten te begeleiden. Dit blijkt geen overbodige luxe, met geen mogelijkheid komt ons anker omhoog. Hij duikt naar beneden en weet de ankerketting die onder een koraalrif door in het koraal vastzit, vrij te maken, waardoor we het anker omhoog kunnen halen. Veilig verlaten we de haven van Manihi, waar we een geweldige tijd gehad hebben. Onze bestemming is Rangiroa, dit is het grootste eiland van de Tuamotus en ligt 100 mijl verderop. We hebben uitgerekend dat we dat we daar niet eerder dan 10 uur morgenochtend kunnen binnenlopen. Dat betekent dat we zo langzaam mogelijk er naar toe moeten varen. Met slechts een klein stukje genua op , varen we al rollend, er staat een behoorlijke deining en we varen recht voor de wind, de nacht door. Niet erg comfortabel dus.

15 April
Rondom de klok van 10 passeren we de pas in Rangiroa. In de hoge golven in de ingang zwemmen grote dolfijnen met ons mee. Vlakbij een fraai resort laten we ons anker zakken, waar we met een hele groep om 5 uur een drankje nemen in de bar. Het restaurant is helemaal volgeboekt, maar na enige overtuigingskracht van mij, weet ik nog net een tafeltje voor twee te regelen en genieten we van een intiem romantisch dineetje.

16 April
We lunchen met Blue Raven en Zipadedoda in een pension restaurantje pal gelegen aan de pas. Nu tijdens het middaguur is het water hier vlak en lijkt op geen enkele manier op de wild waterpartij waar we gisteren doorheen zijn gekomen. Het water is helder en vanaf de kade zien we gekleurde aquariumvissen rondzwemmen. Met de watertaxi  gaan we naar het dorp, dat in het middaguur uitgestorven lijkt. De bank, waar we er voor naar toe gingen is gesloten en opent morgen pas weer. Het is enorm warm daarom gaan we snel naar onze boot terug, waar we snel opfrissen door een verkoelende duik.

17 April
Via het resort boeken we met een grote groep een uitstapje naar de blue lagoon. Met een snelle speedboot is het een uurtje varen. We waden het laatste stukje door het water, waar kleine blacktip sharks op gepaste afstand van ons rondzwemmen. Op een eilandje is onze bbq picknick plaats. De lagoon is prachtig, jammer genoeg zit er door de hoge temperatuur van het water daar weinig vis in. We gaan snorkelen aan de buitenkant van het rif. Robert ziet een haai en een mantarog. Jammer genoeg zie ik, hoewel we naast elkaar zwemmen, er niets van, mijn duikbril lekt en beslaat. Na de picknick worden de haaien gevoederd. Eerst vanaf de kant. Een van de gidsen grijpt een haai bij de staart en gooit hem zo de lucht in. Terug aan boord worden de grotere haaien gevoederd. Als je wilt kun je dit met je snorkel vanuit het water bekijken. Ik voel er niets voor om tijdens de haaienlunch als voer in het water te liggen. Je weet maar nooit wat voor gasten erop af komen. Er komt inderdaad een grote lemonshark op af en iedereen moet vlug het water uit. We hebben een leuk dag, maar de ervaring in Manihi met onze Fernand blijft uniek. De avond brengen we rustig door aan boord en kijken een film.

18 April
Na wat klusjes aan de boot te hebben gedaan gaan we met onze bijboot naar een nabij gelegen koralrif. We maken ons vast aan een boeitje en gaan daar snorkelen. Het water is erg helder, je ziet hele scholen prachtig gekleurde vissen, het lijkt net op zwemmen in een groot aquarium. Ook het koraal is prachtig om te zien, het heeft verschillende kleuren en grillige vormen. Terug aan boord hebben we een rustige middag. Om 7 uur hebben we een tafeltje voor 2 gereserveerd in het restaurantje aan de pas. Als we daar aankomen blijken meer bwr leden dezelfde gedachte te hebben. Uiteindelijk schuiven we met 15 man aan een lange tafel. De volle man verlicht het heldere water in de pas, een zijdezacht briesje verkoelt zachtjes mijn huid. Een zwoele zomeravond, waar je in Nederland alleen van droomt.

19 April
Het plan is om na de lunch te vertrekken richting Tahiti. Als een van de boten al eerder vertrekt en meldt dat het met de stroom en de golven meevalt in de pas besluiten we meteen het anker te lichten. Het is 210 mijl varen naar Tahiti en als we bijtijds vertrekken hoeven maar 1 nacht wacht te lopen in plaats van 2. We varen soepeltjes door de pas , er staat bovendien totaal geen wind waardoor de golven die opbouwen bij stroom tegen wind, erg meevallen. Het betekent wel dat er jammer genoeg te weinig wind staat om te zeilen.

20 April
Om 2 uur lopen we de haven van Tahiti binnen. Het is heerlijk om weer eens in een stad te liggen. Op de steiger is water waarmee we de boot eens goed kunnen afspoelen. Voor de borrel worden we allemaal bij Pelle 5 uitgenodigd, waarna we met zijn allen gaan eten in een soort caravanpark. Rond iedere caravan staan tafeltjes en stoeltjes en voor ieder wat wils is er wel wat naar zijn gading, chinees, crepes, vis, bbq, italiaans, kortom van alles.

21 April
Vandaag loopt de rest van de bwr vloot binnen. Ik vind een winkel waar ze van de parels van de pearlfarm oorbellen kunnen maken. Het is een leuke stad om doorheen te slenteren. Midden in het centrum bevind zich een grote groente en fruitmarkt, waar ze bovendien ook hoeden, sieraden, kleding en souvenirs verkopen. Een heel levendig geheel. ’s Middags gaan Robert en ik samen shoppen in Roberts favoriete winkel, namelijk de watersportwinkel. Bij onze buren in de haven, Eric en Marianne, niet uit Stiphout maar van de Marianne, gaan we op de borrel en bewonderen hun prachtige zelfafgetimmerde Hoek 50. Ook vanavond eten we in het cravanpark, dit keer chinees.

22 April
Voor de bwr is er vandaag van alles georganiseerd door het bureau van toerisme en de overheid van Tahiti. We worden ’s middags op de kade verwacht waar kanoraces plaats vinden. In 6 persoonskano’s zitten 3 polynesische meisjes en 3 leden van de de bwr. Er is muziek met o.a. een bejaarde dame op gitaar, die er nog lustig op los speelt. De pers is ook aanwezig, drankjes en fruit worden rondgedeeld. Een fraaie dame met een kapitaal aan parels om haar hals en lichaam gedrapeerd promoot de parelindustrie. Kortom een waar festijn daar op de kade. Om 5 uur worden we weer verwacht, dit keer op ons paasbest, voor een receptie met een toespraak van de vice premier van Tahiti, hoofd van het ministerie van toerisme en van de havenauthoriteiten. Hoogtepunt van de avond is een voorstelling van een dansgroep met polynesische danseresjes. Zeer gracieus en elegant zijn hun bewegingen. De temperatuur stijgt zeker bij de mannen enige graden en er wordt met zeer veel enthousiasme gereageerd.

23 April
Met 2 bussen gaat de bwr het eiland verkennen. Bij verschillende panoramapunten maken we een stop. Het eiland heeft een weelderige natuur en alles ziet er mooi verzorgd uit. Aan de kust bezoeken we het zoveelste blowhole en ook bekijken we de vuurtoren. De lunch is in een restaurant dat prachtig aan het water gelegen ligt. De eigenaar, zelf ooit ook op wereldreis met zijn zeilboot, is hier toen in de buurt op een rif gelopen waarna zijn boot zonk. Hij besloot om maar op Tahiti te blijven wonen. Om in zijn levensonderhoud te voorzien is hij hier dit restaurant begonnen. In grote kweekvijvers houdt hij als hobby, grote jackfish en in een ander bassin 4 haaien. Na het eten worden ze gevoederd met de resten van de maaltijd. Vooral de jackfish springen wild uit het water en vechten letterlijk om de graten. De bus brengt ons verder naar het Gauguin museum, die hier op Tahiti gewoond heeft en trouwde met een 12 jarige polynesische schone. Vervolgens bezoeken we een Tikiplaats. Net als in Nuka Hiva werden hier vroeger menselijke offers gebacht, maar in tegenstelling tot de Marquesas eilanden werden ze hier niet opgegeten. Als afsluiting bezoeken we nog een museum over de historie van Tahiti en de omliggende eilanden. Deze interessante dag geeft ons een goed beeld van Tahiti en wordt door iedereen gewaardeerd.

24 April
’s Ochtends checken Marianne en ik samen uit, waarna we de sieraden die van onze pareloogst bij de farm gemaakt zijn gaan ophalen. Ze hebben er hele mooie sieraden van gemaakt en het is wel heel uniek dat je er zelf de parels voor uit de oesters gehaald hebt. In de middag nemen Pat, Terri en ik een taxi naar een grote Carrefour en slaan de nodige proviand in. Met Eric en Marianne eten we in cafe Koké, een bijzonder goed verfijnd frans restaurant. Een zeer geslaagde avond

25 April
Vandaag komen Kevin, Tessa, Geerte en Bob. De bedjes worden opgedekt en alles wordt klaar gemaakt voor hun komst. Om half 11 ’s avonds is het dan eindelijk zo ver. De laatste dagen heb ik afgeteld. Op het vliegveld koop ik bloemenkransen. Het is hier in Tahiti de gewoonte om je gasten te verwelkomen met een bloemenkrans. De deur van de douane gaat open en dan als een van de allerlaatste passagiers komen onze kids naar buiten en kunnen we ze eindelijk in onze armen sluiten.

26 April
Na het ontbijt ga ik met de kids eerst snorkelspullen kopen, we slagen goed bij intrasport. Op weg terug naar de boot bezoeken we de markt. Even nog wat fruit kopen en de locale sfeer opsnuiven. We besluiten naar Moorea te varen, waar we voor anker gaan en bij het koraalrif meteen de snorkelspullen kunnen uittesten. Snorkelend aan de hand van haar papa overwint Tessa haar angst voor haaien en met zijn allen genieten we van de prachtige onderwaterwereld. We eten aan boord, waarna de jetlag toeslaat en iedereen een enorme dut krijgt, daarom maken we het niet erg laat.

27 April
In alle vroegte varen we van onze snorkelplaats weg. Gisteravond hebben we herankerd omdat we te dichtbij een andere boot kwamen en zien bij daglicht dat we wel erg dicht naast een koraalrif liggen. We ankeren in Cooksbay waar de rest van de bwr boten liggen, voor het hotel waar Peter en Annette, de rallyleiding logeren. De kids maken een flinke wandeling. Om 12 uur is er een bijeenkomst in het hotel, waar we wat nadere informatie krijgen. ’s Avonds varen we met onze dingy naar een Frans restaurant, wat als uitstekend aanbevolen wordt. Het eten valt erg tegen, maar dat wordt goed gemaakt door de fraai verlichte zee,  waarin we vissen en  rays zien zwemmen en die de overgebleven kip graag lusten.

28 April
We hebben een auto gehuurd om Moorea te verkennen. Het landschap lijkt net op een fraaie ansichtkaart, de kust met palmbomen, stukken mangroves, een onwaarschijnlijk azuurblauwe zee, het koraalrif waartegen grote brekers rollen en aan de andere kant een bergachtig binnenland met een weelderige groene vegetatie. We stoppen bij een fruitfarm en tevens agrarische school waar een wandeling van ruim 1 uur is uitgezet. Je kunt er allerlei fruitbomen en bloemen bewonderen en uitgestrekte ananasvelden. De farm heeft ook scharrelvarkens die daar een luizenleventje hebben, ze lopen daar rond en wentelen zich languit in een modderpoel. Na afloop drinken we een verse fruitshake en kopen een paar potten eigengemaakte jam. We genieten van een heerlijke vislunch in een restaurantje op het strand. Om 6 uur is er in het hotel een krabbenrace georganiseerd. In een soort sjoeltafel worden de krabben losgelaten. Je kunt wedden op een van de ‘renpaarden’. Kevin, onze Guus geluk, wint natuurlijk en gaat vol verwachting zijn prijs ophalen. Tot zijn grote teleurstelling is dat precies de teruggave van zijn inzet.

29 April
We varen terug naar Tahiti om onze spinakker op te halen die inmiddels gearriveerd is. Bovendien kunnen we hier taxfree tanken. Als we daarmee klaar zijn merken we dat de koelwaterpomp van de motor lekt. Robert en Kevin proberen dit te verhelpen, maar met geen mogelijkheid krijgen ze de pomp eraf. Er zal toch een monteur met gereedschap aan te pas moeten komen. Gelukkig zijn we hier in de jachthaven met faciliteiten en kan een monteur morgen komen. Onverwacht ontmoeten we Reinhard en Sheila van Blue Raven die gestopt zijn en gaan we met zij allen eten.

30 April
Vol spanning wachten we op de monteur. De kinderen gaan ondertussen snorkelen. Pas aan het eind van de middag komt de man, maar ook hij krijgt de pomp niet los en hij moet de hulp van een collega inroepen. De koelwaterpomp kan niet gemaakt worden want hij heeft er geen reserve onderdelen voor. Hij probeert er alsnog aan te komen en ondertussen bestelt Robert een nieuwe pomp in Nederland. We zullen hier in Tahiti moeten blijven tot de pomp gemaakt is. Gelukkig zijn er ergere plaatsen om vast te zitten. We eten bij ons in de haven en kunnen ondertussen mooi meegenieten van een leuk bandje dat bij de buren speelt.

1 Mei
Met zijn allen gaan we snorkelen bij het koraalrif. Het water is helder en je ziet de meest kleurrijke vissen. Iedere keer als je gaat snorkelen, zie je weer andere dingen en vissen. Roderick, net met zijn boot Penelope gearriveerd, komt bij ons iets drinken. Jammer genoeg houdt zijn reis met de Penelope op. Na wat brainstormen besluit hij terug naar Nederland te gaan en vermoedelijk de opleiding van yachtmaster te gaan doen. Onverwacht lopen er een heel aantal boten van de bwr binnen, de meeste hebben reparatiewerkzaamheden aan hun boot. Met zijn allen gaan we eten, het restaurant wil alleen hele grote pizza’s voor zo’n grote groep serveren. Het duurt eindeloos voor we uiteindelijk eten en dan is de bediening zo de kluts kwijt dat de ze met 4 pizza’s teveel komen aanzetten.

2 Mei
We hebben een toer geboekt met een 4 wheeldrive, die dwars over het eiland de bergen met ons in gaat. Robert blijft aan boord, de monteur komt hopelijk vandaag terug als hij erin is geslaagd reserveonderdelen te krijgen. De binnenlanden zijn indrukwekkend, oerwoudachtig, veel wilde bloemen, tulpenbomen en watervallen. We stoppen bij een stuwmeer waarin armdikke lange palingen rondzwemmen. Ze komen naar ons toe en als een andere gids ze een stuk broodje ham voedert weten we waarom. De alen komen er zelfs een stukje voor uit het water en een bijt in de schoen van de gids. Bob en Kevin maken foto’s met de onderwatercamera, waarop een van de vissen het uitprobeert  of de camera ook smaakt. We picknicken bij een watervalletje met een klein meertje. Het blijkt een populaire zwemplaats te zijn en de kids wagen ook een plonsje. Ondertussen zie ik tussen de rotsen een grote paling zwemmen maar besluit er pas over te vertellen als we weer in de 4 wd zitten. Tahiti is van oorsprong vulkanisch en bovenop de berg heb je een prachtig uitzicht op de nu volkomen begroeide krater. We worden heftig door elkaar geschud in de jeep en rijden over bruggetjes waarvan je afvraagt of het wel goed zal gaan. Als we denken dat we alles gehad hebben vraagt de gids ons de gordels om te snoeren want we komen aan het einde van de highway. We krijgen de giechels achterin zo worden we nu geschud. Geerte grapt dat we nu niet naar de sportschool hoeven, het is net een grote trilplaat waar we op zitten. Alle dames zijn het met elkaar eens dat het kledingsadvies voor deze tocht een stevige sportbeha zou moeten zijn. Door een tunnel gaan we naar de andere kant van de berg en bumpen en butsen zo naar beneden. Terug aan boord is net het reserveonderdeel gearriveerd. Robert en Kevin weten het samen te repareren en tot ieders vreugde doet de pomp het weer en kunnen we morgen verder naar andere eilanden varen.

3 Mei
Na de boodschappen en wat klusjes vertrekken we rond 1 uur naar Huahine, hier 80 mijl vandaan. Eerst maken we een mooie snelheid, maar na een aantal uur zakt de wind in, wat niet erg is want we moeten de nacht doorvaren en willen niet voor het donker aan komen. Nu maken de kinderen ook eens mee hoe het is om een nachtje door te varen. Niet iedereen geniet van een even goed nachtrust.

4 Mei
Om 10 uur lopen we Huahine aan. Onderweg vangt Kevin een babytonijn, die hij liefdevol het ruime sop laat kiezen. We ankeren in een mooie baai. Hakuna Matata en Glendora zijn we op weg naar Huahine tegen gekomen en komen bij ons in de baai liggen. We snorkelen en zwemmen. Bob wordt door 2 locale jongens aan gesproken of ze met hun surfplank achter de bijboot mogen hangen. Ze gaan zelfs op de plank staan en worden met een behoorlijke snelheid door het water getrokken. Bob probeert het ook, maar dat valt nog niet mee. Als Tessa en ik al snorkelend naar het strandje zwemmen, vragen 2 meisjes en hun broertje van ongeveer 4 jaar of ze onze duikbrillen even mogen lenen. Het is een leuk gezicht, ze duiken met veel plezier stenen op. De kleine guitige kleuter haalt vlug een surfplankje en gaat er met de duikbril scheef op zijn hoofd vanaf duiken. Zo klein als hij is, hij is zich van zijn publiek al goed bewust en maakt er een showtje van. Ze vinden het jammer als we weer naar onze boot terug zwemmen. De Hakuna’s komen bij ons aan boord even bijpraten onder het genot van een drankje. Met zijn allen gaan we eten in het enige restaurantje dat hier open is.

5 Mei
Het is prachtig warm weer. Af en toe springen we voor een verkoelende duik in het water. Voor ultieme waterpret trekken we met onze bijboot de tube van Hakuna Matata door het water en om de beurt mag iemand erin. ’s Middags gaan Bob, Kevin en ik gaan met de bijboot varen en de lagunes hier verkennen. Robert, Tessa en ik gaan met de bijboot varen en de lagunes hier verkennen. Die zijn ver boven alle verwachtingen, de prachtigste plaatjes zoals je ze op vakantiebrochures en in natuurseries ziet. Kevin, Geerte en Bob proberen met de bijboot te vissen in de pas,helaas vangen ze bot en eten we hamburgers aan boord. Na het eten komen de Hakuna’s en Glendora bij ons voor een muzikale avond. Met 5 gitaren, een mondharmonica (Lee) en zang wordt het een zeer geslaagde, gezellige avond.

6 Mei
We varen vandaag naar het eiland Tahaa, hier ongeveer 25 mijl vandaan. Onderweg proberen we onze nieuwe spinakker uit. Er staat weinig wind dus ideaal weer voor een eerste try-out. Hij staat er mooi bij al moeten we hem weer laten zakken, want de windrichting voor Tahaa is aan de wind tot halve wind en we willen daar toch graag aankomen. Nadat we net voor anker liggen en er al bemanningsleden aan het snorkelen zijn komt een visser, die ons vriendelijk vraagt even verderop te ankeren, hij heeft hier netten en vallen uitgezet. We herankeren voor het Hibiscus hotel, waar we ’s avonds met zijn allen gaan eten. Het is een gezellige , eenvoudige gelegenheid, een soort clubhuis met gastenvlaggetjes aan het plafond van de hele wereld, een echte zeilersontmoetingsplaats. De amicale eigenaar houdt in een bassin 2 zeeschildpadden en is een soort Lenie in ’t Hart maar dan voor schildpadden. In de vallen en netten van de vissers raken deze dieren vaak verstrikt. Hij redt ze van een wisse dood door ze van de vissers te kopen, ze op te lappen en te ringen, waarna ze weer losgelaten worden. Om zijn stichting te steunen kopen we een poloshirt en een t shirt met save the turtle erop. Het eten smaakt prima en we schrijven nog iets in zijn gastenboek waar we de naam van een vorig rallylid tegenkomen, Hutch en zijn vrouw Gilly, die we vorig jaar in Lipari getroffen hebben.

7 Mei
Met zijn zessen in de bijboot varen we naar een pearlfarm in de volgende baai. Er staan behoorlijk steile golven en na enige twijfel, als de eerste waterspatten in ons bootje slaan, of we hier wel verstandig aan doen, besluiten we toch door te gaan. Met Geerte als boegbeeld om haar camera te beschermen tegen het opspattende water, komen we daar lachend en drijfnat aan. We worden enorm vriendelijk en hartelijk ontvangen. Voor Robert en mij is de uitleg over de parelteeld al gesneden koek, maar voor de kinderen is het nieuw. De babyoesters groeien niet hier maar worden uit de Tuamotus geïmporteerd om hier verder te groeien. De hele familie woont hier op de farm, opa, oma, broers, zussen, kleinkinderen, een kleine commune op zich. De mannen vissen hier en doen de oesterkweek. De vrouwen houden hier rondleidingen en hebben een winkeltje en een restaurantje aan het water. Het is erg mooi idyllisch gelegen en we besluiten er te lunchen. De vis is van uitzonderlijke kwaliteit en de gastvrijheid hartverwarmend. Terug aan boord varen we een eindje verderop om bij het koraalrif tussen kleine mini-eilandjes te snorkelen. Het valt nog niet mee een geschikte ankerplek te vinden, maar eindelijk lukt het ons en zien we een prachtige zonsondergang met op de achtergrond Bora Bora.

8 Mei
Met heel weinig wind varen we naar Bora Bora, dat bekend staat als een van de mooiste eilanden ter wereld en als het ultieme honeymoonparadijs. We ankeren in een mooie baai tegenover het romantische hotel Bora Bora, met houten huisjes op palen in de zee. Aan wal gaan we het dorpje bekijken, dat hoofdzakelijk bestaat uit overprijsde kleding en souvenirshops en luxueuze juweliers met uiteraard veel zwarte parels. Voor het avondeten gaan we met de dingy naar het hotel Bora Bora. De zee wordt daar met schijnwerpers verlicht en allerlei vissen worden er door aangetrokken. Tonijnen waar Kevin van droomt om ze te vangen met zijn vishengel, Black Tip sharks waarover Bob droomt om ermee te snorkelen. Het hotel heeft jammer genoeg geen plaats voor vanavond, maar weet in Bloody Mary’s hier vlakbij voor ons een plaatsje te reserveren. Wijn stappen weer in de dingy en gassen er naar toe. Kevin schijnt bij met een zaklantaarn, waardoor de vliegende vissen uit het water springen en er eentje bij Robert in zijn nek springt. Bloody Mary’s is een bekend restaurant waar alle filmsterren en beroemdheden komen. Op een bord staan alle namen van de celebrities zoals o.a. Meg Ryan, Cameron Diaz, Paul Allen, Bill Gates. We maken er een foto van. Bij de ingang kun je je maaltijd uitzoeken, de mooiste vissen en vlees, geflankeerd door 3 levende kreeften, liggen daar geëtaleerd. Het is erg leuk ingericht met zand op de vloer. Natuurlijk kijken we om ons heen of we geen beroemdheden herkennen, maar het enige wat we zien zijn veel verliefde stelletjes. De avond is bijzonder geslaagd.

5 Mei
Het is prachtig warm weer. Af en toe springen we voor een verkoelende duik in het water. Voor ultieme waterpret trekken we met onze bijboot de tube van Hakuna Matata door het water en om de beurt mag iemand erin. ’s Middags gaan Bob, Kevin en ik gaan met de bijboot varen en de lagunes hier verkennen. Robert, Tessa en ik gaan met de bijboot varen en de lagunes hier verkennen. Die zijn ver boven alle verwachtingen, de prachtigste plaatjes zoals je ze op vakantiebrochures en in natuurseries ziet. Kevin, Geerte en Bob proberen met de bijboot te vissen in de pas,helaas vangen ze bot en eten we hamburgers aan boord. Na het eten komen de Hakuna’s en Glendora bij ons voor een muzikale avond. Met 5 gitaren, een mondharmonica (Lee) en zang wordt het een zeer geslaagde , gezellige avond.

6 Mei
We varen vandaag naar het eiland Tahaa, hier ongeveer 25 mijl vandaan. Onderweg proberen we onze nieuwe spinakker uit. Er staat weinig wind dus ideaal weer voor een eerste try-out. Hij staat er mooi bij al moeten we hem weer laten zakken, want de windrichting voor Tahaa is aan de wind tot halve wind en we willen daar toch graag aankomen. Nadat we net voor anker liggen en er al bemanningsleden aan het snorkelen zijn komt een visser, die ons vriendelijk vraagt even verderop te ankeren, hij heeft hier netten en vallen uitgezet. We herankeren voor het Hibiscus hotel, waar we ’s avonds met zijn allen gaan eten. Het is een gezellige , eenvoudige gelegenheid, een soort clubhuis met gastenvlaggetjes aan het plafond van de hele wereld, een echte zeilersontmoetingsplaats. De amicale eigenaar houdt in een bassin 2 zeeschildpadden en is een soort Lenie in ’t Hart maar dan voor schildpadden. In de vallen en netten van de vissers raken deze dieren vaak verstrikt. Hij redt ze van een wisse dood door ze van de vissers te kopen, ze op te lappen en te ringen, waarna ze weer losgelaten worden. Om zijn stichting te steunen kopen we een poloshirt en een t shirt met save the turtle erop. Het eten smaakt prima en we schrijven nog iets in zijn gastenboek waar we de naam van een vorig rallylid tegenkomen, Hutch en zijn vrouw Gilly, die we vorig jaar in Lipari getroffen hebben.

7 Mei
Met zijn zessen in de bijboot varen we naar een pearlfarm in de volgende baai. Er staan behoorlijk steile golven en na enige twijfel, als de eerste waterspatten in ons bootje slaan, of we hier wel verstandig aan doen, besluiten we toch door te gaan. Met Geerte als boegbeeld om haar camera te beschermen tegen het opspattende water, komen we daar lachend en drijfnat aan. We worden enorm vriendelijk en hartelijk ontvangen. Voor Robert en mij is de uitleg over de parelteeld al gesneden koek, maar voor de kinderen is het nieuw. De babyoesters groeien niet hier maar worden uit de Tuamotus geïmporteerd om hier verder te groeien. De hele familie woont hier op de farm, opa, oma, broers, zussen, kleinkinderen, een kleine commune op zich. De mannen vissen hier en doen de oesterkweek. De vrouwen houden hier rondleidingen en hebben een winkeltje en een restaurantje aan het water. Het is erg mooi idyllisch gelegen en we besluiten er te lunchen. De vis is van uitzonderlijke kwaliteit en de gastvrijheid hartverwarmend. Terug aan boord varen we een eindje verderop om bij het koraalrif tussen kleine mini-eilandjes te snorkelen. Het valt nog niet mee een geschikte ankerplek te vinden, maar eindelijk lukt het ons en zien we een prachtige zonsondergang met op de achtergrond Bora Bora.

8 Mei
Met heel weinig wind varen we naar Bora Bora, dat bekend staat als een van de mooiste eilanden ter wereld en als het ultieme honeymoonparadijs. We ankeren in een mooie baai tegenover het romantische hotel Bora Bora, met houten huisjes op palen in de zee. Aan wal gaan we het dorpje bekijken, dat hoofdzakelijk bestaat uit overprijsde kleding en souvenirshops en luxueuze juweliers met uiteraard veel zwarte parels. Voor het avondeten gaan we met de dingy naar het hotel Bora Bora. De zee wordt daar met schijnwerpers verlicht en allerlei vissen worden er door aangetrokken. Tonijnen waar Kevin van droomt om ze te vangen met zijn vishengel, Black Tip sharks waarover Bob droomt om ermee te snorkelen. Het hotel heeft jammer genoeg geen plaats voor vanavond, maar weet in Bloody Mary’s hier vlakbij voor ons een plaatsje te reserveren. Wijn stappen weer in de dingy en gassen er naar toe. Kevin schijnt bij met een zaklantaarn, waardoor de vliegende vissen uit het water springen en er eentje bij Robert in zijn nek springt. Bloody Mary’s is een bekend restaurant waar alle filmsterren en beroemdheden komen. Op een bord staan alle namen van de celebrities zoals o.a. Meg Ryan, Cameron Diaz, Paul Allen, Bill Gates. We maken er een foto van. Bij de ingang kun je je maaltijd uitzoeken, de mooiste vissen en vlees, geflankeerd door 3 levende kreeften, liggen daar geëtaleerd. Het is erg leuk ingericht met zand op de vloer. Natuurlijk kijken we om ons heen of we geen beroemdheden herkennen, maar het enige wat we zien zijn veel verliefde stelletjes. De avond is bijzonder geslaagd.

9 Mei
Met zijn allen gaan we snorkelen bij de koraaltuin. Dit is zeer de moeite waard, grote scholen vissen komen nieuwsgierig naar je toe en mijn rode bikini vinden ze zeer interessant. ’s Avonds gaan we naar het dorpje. Alles ligt er een beetje verlaten bij, alleen 3 honden houden ons gezelschap en wandelen de hele weg mee. Zelfs als we bij een pizzakeet, buiten een paar pizza’s verorberen blijft er eentje geduldig wachten en vergezelt ons naar de bijboot terug.

10 Mei
Bob heeft voor vanmorgen 2 duiken geregeld en komt enthousiast terug. Hij heeft met rays gezwommen, black tip sharks en zelfs lemmon sharks..Kevin probeert al enige dagen een plaats op een big game visboot te regelen, maar ze vragen daar de exorbitante prijs van 400 tot 600 dollar voor en dat voor een paar uurtjes vissen. Dit is hem toch een beetje al te gortig. Daarom probeert hij met onze dingy en buitenboordmotor te vissen. Hij krijgt een tonijn aan de lijn, maar helaas buigt de haak en weet de vis te ontsnappen. Tessa, Geerte en Kevin gaan nog een keertje snorkelen. Voor vanavond staat een Polynesisch dansfestijn op het programma. Een grote happening hier in Bora Bora, ze hebben er een grote tent voor gebouwd. Volgens de VVV begint het om 7 uur, maar ze adviseren om er iets eerder te zijn i.v.m. zitplaatsen. Dus zijn we keurig om kwart voor 7 present. Het is nog wat stilletjes maar ondertussen geven we onze ogen goed de kost, ongeveer de hele bevolking van Bora Bora komt langzaam aan binnen gelopen fraai uitgedost in kleurrijke kleding. Je ziet dat overgewicht ook hier al een groot probleem wordt. De suikerconsumptie is in Frans Polynesië een van de hoogste ter wereld. Inmiddels wordt het half 8, 8 uur en dan uiteindelijk om half9 begint na een uitgebreide speech in het Frans, gevolgd door een dito gebed in het Polynesisch de dansvoorstelling.  Er zijn 4 leeftijdscategorieën van 5 tot 7 jaar, van 7 tot 12 jaar, van 12 tot 17 jaar en de moeders. Het is onvoorstelbaar hoe meisjes van 5 al met hun heupjes kunnen schudden. We bewonderen het sierlijke dansen en genieten van de couleur locale.  Terug aan boord drinken we nog een biertje, Hinano.

11 Mei
Vandaag is de laatste dag voor onze kids aan boord. Na het inpakken en een laatste duik in het water gaan we aan wal lunchen. Om half 6 brengen we ze met de bijboot naar de ferry die hun naar het vliegveld brengt. Met zij zessen in de dingy met alle koffers en handbagage ligt het bootje diep in het water. We varen voorzichtig en langzaam om vooral droog aan te komen. Het valt niet mee afscheid te nemen en de boot is erg stil zonder de kids.

12 Mei
Robert serviced de motor en de generator, ik hou grote opruiming en begin aan de was. Het is goed flink bezig te zijn. We zien dat Tapestry naast ons is geankerd, in alle drukte hebben we ze niet zien aankomen. Ze komen bij ons borrelen waarna we met zijn allen gaan eten bij Bloody Mary’s.

13 Mei
We hebben een rustige dag aan boord. Af en toe nemen we een verkoelende duik. Tapestry nodigt ons uit, waarna we met zijn vieren eten.

14 Mei
Kaimin is gisteren naast ons komen liggen en nodigt ons voor de borrel uit. Ze hebben 3 aardige gasten aan boord. Robert probeert de powerdive uit en cleaned de schroef en het roer van allerlei aangroei en schelpen. Met de hele bemanning van Kaimin en Tapestry gaan we na de borrel tapas eten.

15 Mei
We gaan naar het dorpje om boodschappen te doen. We boffen want vandaag zijn er verse groente aangekomen, daar wordt dankbaar gebruik van gemaakt en als lunch maak ik een verse salade klaar. ’s Middags gaan we snorkelen en voor de verandering blijven we een avondje aan boord en kijken een film.

16 Mei
We gaan met de bijboot een gedeelte van het eiland verkennen. Daarbij moeten we goed uitkijken voor stukken koraal die opeens in de vaarweg vlak onder water opduiken. Het is een prachtige dag en we zien de meest idyllische plekjes. We leggen voor de lunch aan bij het Intercontinental Resort met uitzicht over de baai en houten huisjes op palen. Daarna gaan we snorkelen in de koraaltuin, waar verschillende charterbootjes met toeristen in het water de vissen voeren. Ze komen uit hun handen eten en honderden vissen worden er door aangetrokken. Een van de vissen ziet Roberts hand voor voer aan en bijt er zachtjes in. De dagen lopen hier in elkaar over en de zon gaat weer onder, ‘an other day in paradise’.

17 Mei
Meer boten komen hier zo langzamerhand binnendruppelen. Met de hele club boten hier aanwezig gaan we borrelen en bijpraten bij Bloody Mary’s , gevolgd door een wederom heerlijke vismaaltijd.

18 Mei
Zondag is hier een rustdag op het eiland, er is niets te doen, alles is gesloten. We varen met veel wind en golven met de bijboot naar het dorp en vinden daar alles dicht. Een uurtje wandelen verderop is de yachtclub van Bora Bora, we willen daar gaan lunchen. Als we daar aankomen is de club eigenlijk gesloten. Twee weken geleden is de nieuwe eigenaar er pas in gekomen en schenkt alleen een drankje en is op dit moment basiskamp voor de ARC. Als ik vertel dat we speciaal voor de lunch helemaal zijn komen lopen, maakt ze voor ons uit haar eigen keuken een heerlijke snack voor ons klaar, waarvoor ze ons niets wil rekenen. De eigenaar brengt ons met zijn 4 wd zelfs terug naar de boot. Het zijn enorm aardige, gastvrije mensen en als over een paar dagen de ARC vertrokken is zullen we graag van hun clubhuis en drankjes gebruik maken. De Cagefamilie van Hakuna Matata komt ’s avonds bij ons aan boord eten.

19- 20 Mei
De dagen vloeien in elkaar over. We liggen al een hele tijd op dezelfde plaats dat we haast wortel schieten hier. Het goede nieuws is we hebben uitgerekend dat een kamer met zeezicht en zwemtrap vanuit je slaapkamer in de zee in hotel Bora Bora 1000 dollar per dag kost. We zijn dus dik geld aan het verdienen hier met onze boot geankerd naast het hotel met hetzelfde uitzicht en ook wij duiken zo het water in. Dat is nog eens slapend rijk worden. Zeker tot 26 Mei zullen we hier in Bora Bora blijven. Daarna varen we naar Rarotonga (Cook islands), waar de ARC boten aan de moorings liggen. Er zijn daar maar een beperkt aantal moorings en het water is te diep om te ankeren, daarom wachten we met vertrek tot de ARC boten verder varen en er voldoende plaats voor de BWR is. Ondertussen houden we hier lekker vakantie.

21 Mei
We hebben een tour geboekt met een 4 wd , een echte terreinwagen, met Hakuna Matata en Glendora. Onze gids tevens chauffeur Karen is een masculiene vrouw, no-nonsense met een groot gevoel voor humor. Zodra we met de wagen off the road gaan wordt de weg zo slecht en begeeft de koppeling het. Nadat we een nieuwe terreinwagen gescoord hebben gaan we met onverminderde vaart verder. Af en toe komt de auto geheel van de grond los, het wordt  dan een ware kermisattractie belevenis. Nu krijgen we een fraai beeld hoe Bora er buiten de toeristenresorts uit ziet. Spectaculaire adembenemende uitzichten vanaf de heuvels over de baaien en het rif. Karen vertelt ons uitgebreid over het eiland, de vegetatie, de honden die hier voor hun voedsel vissen vangen uit de zee. Ze stopt regelmatig de auto, duikt de natuur in en komt terug met een vrucht, een bloem of een kokosnoot. Een zeer geslaagde excursie!

22 Mei
Slapend rijk worden, deel 2.
Na een goede nachtrust en een wederom zeer fraai uitzicht vertellen mede rallyleden ons dat er een nieuw resort in aanbouw is. De prijs per overnachting in dit goddelijke hutje boven de zee is ‘slechts’ 30.000 dollar per nacht. Van de prijs alleen al krijg ik spontaan een nachtmerrie. Gisteren in een parelshop waarin we naar een ketting voor Robert zijn moeder zochten en naar de prijs informeerden van een wel aardig parelsnoertje, dat tot onze verbijstering slechts 73.000 dollar kostte. Ach dat is slechts iets meer dan 2 overnachtingen, degene die daar een hotelovernachting boekt ligt daar echt niet wakker van.

23 Mei
Al luierend, zwemmend en snorkelend, brengen we de dag door. Voor de borrel wordt de hele club bwr boten bij Peter van Lousille uitgenodigd, die vandaag jarig is. Het is een geanimeerde bende, waarna we
een rustig filmavondje aan boord hebben.

24 Mei
Met Moonshadow, Glendora en Hakuna Matata hebben we een snorkeltour geboekt. .De gids komt ons met een snelle motorboot ophalen. Op drie verschillende plaatsen gaan we het water in. De tweede keer is echt spectaculair. Tot borsthoogte staan we in het water. Van alle kanten komen grote roggen, stingrays, naar ons toe. De gids voert ze met stukken tonijn. Ze komen langs je lichaam en benen aanvlijen om iets te eten te krijgen. Hun rogvleugels voelen heel zacht aan en een beetje slijmerig. Als je met je duikbril onder water kijkt zie je hoe prachtig elegant hun bewegingen zijn. Een aantal blacktip sharks wordt ook aangetrokken door het visvoer, maar blijft op gepaste afstand. .De gids vertelt dat je de stingrays ook kunt kussen en demonstreert het. Hij vraagt aan mij of ik het ook wil en mijn nieuwsgierigheid wint het van mijn angst. Terwijl de gids de rog vasthoudt en voert geef ik hem tot mijn eigen verbazing een kus. Robert is net te laat met een foto maken, dus ik moet nog een keer en dit keer op de film. Het is een unieke geweldige ervaring met deze prachtige dieren te zwemmen. ’s Avonds hebben we met alle bwr leden een klein feestje in Bloody Mary’s voor iedereen weer vertrekt naar Rarotonga.

25 Mei
De hele ochtend ben ik druk in de weer met koken, er komen vanavond 7 man bij ons eten, en met de boot vaarklaar te maken. Morgen willen we dan toch maar weer eens doorvaren. Jeremy die vandaag jarig is nodigt iedereen uit voor de borrel. Zijn catamaran is net een drijvend terras, waar geanimeerd gekeuveld en gedronken wordt. Hierna is het eten bij ons en als Robert Marianne galant een hand geeft bij het uitstappen vanuit hun bijboot, belanden ze samen in het water. Drijvend nat, maar gelukkig ongedeerd en met bril!, komen ze proestend van het lachen weer aan boord. Na een douche en droge kleren gaan we eten en hebben een zeer geslaagde avond.

26 Mei
Gelukkig hebben we gisteravond alles opgeruimd en afgewassen, zodat we nu vroeg in de morgen kunnen vertrekken naar Rarotonga, hier 530 mijl vandaan. We hebben een heerlijke tijd hier gehad in de Society eilanden, met als hoogtepunt het bezoek van onze kinderen. Er staat weinig tot geen wind vandaag, in de middag kunnen we een uurtje zeilen, daarna wordt het weer motorzeilen. Na het avondeten trekt de wind iets aan tot 10 knopen en kunnen we rustig de nacht doorzeilen tot in de vroege ochtend.
P.S. Voor de oplettende lezer van het verhaaltje van gisteren, ja het moet natuurlijk zijn drijfnat en niet drijvend nat. Ze zijn weliswaar kopje onder geweest, waarna ze gelukkig bleven drijven en vervolgens druipend weer aan boord kwamen.

27 Mei
Na het radionet van 10 uur trekt de wind onvoorspeld aan en kunnen we lekker aan de wind zeilen. Als een renpaardje glijdt de boot door het water. We hebben een prachtige zeildag. Na middernacht valt de wind jammer genoeg geheel weg en gaan we op de motor verder.

28 Mei
Er staat weinig wind en het is een beetje bewolkt. Rond vier uur bouwen er wat squalls rondom ons op en na het radionet van 6 uur begint het licht te onweren. De wind trekt aan en met alleen de genua op racen we door het water. Rond 10 uur is de windsnelheid dusdanig toegenomen dat met alleen een gereefd kotterzeiltje op, we 8 tot 9 knopen door het water gaan. Dan draait de wind 180 graden en neemt verder toe tot ruim windkracht 8. We gaan bijliggen om geen schade aan ons tuig te krijgen. Het is aardedonker, geen maan geen sterren, niets. De zee is bijzonder wild, met golven van alle kanten, de wind neemt verder toe tot windkracht 9 met af en toe uitschieters tot 60 knopen wind! (meer dan 100 km per uur). Dit is  bovendien totaal niet voorspeld door alle weersverwachtingen. Dit is bepaald geen plezierreisje. In de ochtend neemt de wind gelukkig af tot windkracht 5 á 6.

29 Mei
De wind komt precies uit de richting waar we heen moeten, dat betekent dat we moeten opkruisen. De zee is nog erg onstuimig door de storm vannacht, het waait nog steeds windkracht 5 á 6. Door alle golven die er staan maken we weinig voortgang. De ETA , de verwachte aankomsttijd, was 12 á 1 uur maar dat gaan we bij lange na niet halen. We hebben ook weinig zin nog een nacht op zee door te brengen, daarom zetten we de motor aan en gaan we met motor en  alleen het grootzeil op gaan we verder. Om 10 uur ’s avonds lopen we de haven binnen door de leading lights te volgen en met hulp van Peter en Dorothy leggen we aan. Ik kan me weinig keren heugen dat ik zo blij was dat weer waren en een biertje in de kuip voor we gaan slapen is dan ook meer dan verdient.

30 Mei
Het is hier een stuk frisser dan op de Society eilanden. Vannacht ben ik zelfs op zoek gegaan naar een dekentje. Overdag lijkt de temperatuur veel op Tenerife. Robert is daar erg blij mee. Na het inchecken, wat hier heel gemakkelijk gaat, vragen Peter en Dorothy ons om mee te gaan voor een rondleiding van de locale bierbrouwerij. Nou voor zo iets zijn we altijd wel in, dus wandelen we met zijn viertjes naar het dorp op weg naar de brouwerij. Het wordt een zoektocht, wel zien we ondertussen het hele dorp, dat er gemoedelijk, fraai en goed onderhouden uitziet. We spreken verschillende mensen aan, die ons vriendelijk te woord staan als we ze om de weg vragen, maar niemand kan ons helpen. De brouwerij blijft onvindbaar, dus uiteindelijk eindigen we op een terrasje en drinken daar een biertje. Het is er zo gezellig dat we er meteen voor die avond reserveren om er te eten. Met een hele groep BWR ers genieten we van de maaltijd. Er speelt een erg goede band en na het eten gaan zelfs de voetjes van de vloer en swingen we er lustig op los.

31 Mei
Naast de haven is er op zaterdags een markt, wat een ware happening is. Vanuit onze boot kunnen we de life muziek al horen, die ons er naar toe lokt. Behalve groente en fruitkraampjes verkopen ze  in leuke houten huisjes locale kunst en kleding. Overal staan eettentjes en in het midden van het hele gebeuren staat in een kiosk een erg goede zanger  met een stevig postuur, geflankeerd door 2 danseresjes, te zingen. Zijn stem doet ons erg denken aan Lee Towers. Ze maken van de zaterdagse marktdag een waar festijn. Na het marktbezoek gaan we een auto huren om wat van de omgeving te zien. In een BMW Z 3 met open dak crossen we het eiland over. De natuur is prachtig, je hoort de vogels fluiten en wat opvallend is de serene rust om je heen. Het is net of de tijd hier is blijven stilstaan. In de voortuintjes van sommige huizen tref je naast keurig bijgehouden perken, ook grafstenen aan. Het is niet ongewoon om je overleden geliefden in je eigen tuin te begraven. Dat is lekker dichtbij in de buurt, alleen wordt het een beetje ingewikkeld als je wilt verhuizen, maar ik geloof dat  dit hier niet echt gebruikelijk is. ’s Avonds gaan we met een grote groep naar een resort voor een buffet met dansshow. Helaas is er van het eten weinig over als we uiteindelijk aan de beurt zijn en valt het dansen een beetje tegen.

1 Juni Rarotonga
Van vorige rally’s hebben we gehoord dat we vooral de kerkdienst met gezang niet moeten missen. Dus gaan we keurig netjes op zijn zondags gekleed om 10 uur naar de mis. We worden vriendelijk ontvangen en krijgen een plaatsje boven op het balkon zodat we een goed uitzicht op de dienst hebben. De kerk is druk bezet en iedereen is gekleed in het wit. De mannen in smetteloos witte pakken en de vrouwen in dito jurken, waarbij ze de meest schattige hoedjes dragen. Van de mis zelf kunnen we weinig verstaan want het grootste gedeelte is in Maori, maar het zingen is erg indrukwekkend. Meerstemmig zingen ze hier vanuit hun tenen, hun hele hart en ziel leggen ze erin. Na de dienst worden we gastvrij uitgenodigd voor een kopje koffie, met een complete tafel vol met lekkernijen en sandwiches. Hierna toeren we nog een keertje over het eiland. Voor dat we er erg in hebben zijn we alweer rond. Wat heel bijzonder en onverwacht is voor zo’n klein eiland, is dat ze in bezit zijn van een grote bioscoop. Met Eric en Marianne gaan we ’s avonds naar de bios en zien de nieuwste Idiana Jones film. Er hangt een gezellig sfeertje, hele families, sommigen met baby’s in maxi cosy’s  komen naar de film kijken. Het is een leuk idee dat we in Rarotonga naar de bioscoop zijn geweest.

2 Juni Rarotonga
Het is vandaag een rustige dag.  Vanwege de Queens Birthday ( de Engelse) is alles gesloten. Met Eric en Marianne gaan we ’s avonds naar een resort waar een dansvoorstelling gehouden wordt. Het ziet er hier leuk en verzorgt uit, het restaurant is niet te groot met sfeervol gedekte tafeltjes. Wel even iets anders dan onze vorige resort ervaring. Het eten wordt aan tafel geserveerd en smaakt uitstekend. Als de voorstelling gaat beginnen horen we een bekende stem. Tot onze verbazing herkennen we dezelfde presentator van de vorig keer, hij vertelt dezelfde grapjes en krijgen we een herhaling te zien van wederom dezelfde dansshow, alleen genieten we er dit keer meer van.

3 Juni Rarotonga
Vandaag is het boodschappendag, we willen morgen of overmorgen weer verder varen. Allereerst gaan we naar een grote ijzerwarenwinkel waar Robert met enthousiasme kan shoppen. Vervolgens gaan we naar een grote taxfreeloods. Het is er een enorme puinhoop. Na enig zoeken vindt de winkelassistente een paklijst wat er allemaal op voorraad is. Alles is hier zeer voordelig, dus bestellen we een grote hoeveelheid, die morgen voor vertrek aan boord zal worden afgeleverd. Tot slot willen we onze versvoorraad aan in de supermarkt en weet ik nog een topje voor mij en een bloemenshirt voor Robert te bemachtigen.

4 Juni Onderweg van Rarotonga via Beverage Reef naar Nuie.
Er staat vandaag een behoorlijke wind, 20 tot 30 knopen, eerst halve wind die krimpt tot voor de wind. Met alleen de genua en het kotterzeil op loopt de boot tussen de 7,5 en 8,5 knoop met uitschieters naar 9 knopen. Robert is vandaag niet helemaal fit en heeft wat koorts. Overdag slaapt hij veel, daarom loop ik veel wacht. Het weer wordt er in de loop van de dag niet beter op, de wind trekt nog iets meer aan en het regent de hele nacht. Met zulk weer en wind kunnen we Beverage Reef beter overslaan, dus zetten we koers direct naar Nuie. Beverage Reef is een atol net onder water, hier midden in de oceaan. Er staat geen enkele begroeing op, maar als je door de opening naar binnen vaart kun je er prachtig ankeren. Het snorkelen schijnt hier erg mooi te zijn. Helaas niet voor ons weggelegd dit keer.

6 Juni. Op weg van Rarotonga naar Niue.
Veel wind en vooral veel regen. Een pluspunt vandaag, Robert voelt zich gelukkig veel beter.
7 Juni. Op weg van Rarotonga naar Niue.
Tijdens het radionet van 10 uur horen we dat de kans groot is dat er te weinig moorings vrij zijn in Niue. We verwachten daar midden in de nacht aan te komen en zullen moeten bijliggen tot het licht wordt om dan veilig een mooring op te pikken, daarom besluiten we door te varen naar Tonga, waar we overmorgenochtend denken aan te komen. Bovendien geeft de weersverwachting aan dat het over een paar dagen hard gaat waaien tussen Nuie en Tonga.  De wind is erg veranderlijk van richting. Tot middernacht kunnen we gelukkig zeilen en het grootste gedeelte van de dag is het droog.

8-9 Juni. Op weg van Rarotonga naar Tonga.
Het weer is redelijk vandaag. Bijna de hele dag varen we met alleen de genua op. Ik raak gespecialiseerd in Sudoku, dit werkt echt verslavend. We passeren vandaag a.h.w. de datumgrens ( eigenlijk op 180 graden oost en west, maar in Tonga hebben ze besloten aan de andere kant van de datumgrens te gaan zitten) . Onze klok gaat hier 23 uur vooruit, je slaat nu een dag min 1 uur over. Je zal jarig zijn vandaag! Het tijdverschil met Nederland wordt nu van 12 uur vroeger naar 11 uur later.

10 Juni Op weg van Rarotonga naar Tonga.
Om 10 uur zijn we aan de noordkant van Vavau een van de eilanden van Tonga. Jammer genoeg regent het weer en is het zicht ook matig, zodat we Tonga niet op zijn best zien. Als we om 1 uur vastmaken aan een mooring zijn we erg blij er te zijn. Het inklaren is hier een bureaucratisch gebeuren, we moeten maar liefst langs 4 verschillende afdelingen, wel zijn de mensen erg vriendelijk. Nog geen 5 minuten nadat we goed en wel vastliggen wordt er hard en doordringend op onze boot geklopt. Een man in zijn vissersbootje vraagt ons of we morgenochtend vers brood willen. Nadat we hier met enthousiasme op in gaan, verkoopt hij ons ook nog 2 verse, al gekookte kreeften, komt hij morgen onze was halen die zijn dochter voor ons doet. Weer een andere dochter vertelt hij vol trots maakt vlaggen en of we ook misschien nog vlaggen nodig hebben. Het is een actieve handelaar. Ian en Viv van Paramour, die even na ons arriveren, vergezellen ons samen met Richard en zijn vrouw Boot van de bwr leiding, voor een hapje en drankje aan wal. Dat is echt genieten na deze pittige zeiltocht van 850 mijl.

11 Juni Tonga.
Al vroeg klopt Loffy bij ons aan boord, met zijn beloofde brood. Hij nodigt ons uit om ’s avonds zijn huis te bezoeken, waar hij voor ons Paramour en Hakuna Matata tegen betaling een Tonga Feestmaal met muziek wil maken. Wij zijn benieuwd hoe deze mensen leven en besluiten met zijn allen te gaan. Na het ontbijt gaan we aan wal en bezoeken de markt. Behalve groente en fruit verkopen ze huiskunst en nijverheidsproducten zoals o.a. rieten manden, houtsnijwerk, sieraden en lampen van schelpen gemaakt. De mensen zijn erg arm hier, dus besluiten we de locale economie te steunen en komen er met allerlei aankopen vandaan. We verkennen het stadje, heel opvallend zijn de varkentjes die hier overal los rondlopen, soms met hun biggetjes en dat terwijl er ook veel honden zijn , die geen enkele notitie van de varkens nemen. Je ziet aan de huizen dat de mensen het niet breed hebben. Een van de huizen bestaat uit 3 delen, een deel is een soort overdekt terras waar een eettafel staat, het middelste gedeelte is een aftandse boot die ze hier op de kant gezet hebben met waarschijnlijk het slaapgedeelte en aan de andere kant van het vaartuig is een tweede terras met een soort keuken. Een wel heel creatieve huisvesting. Om 5 uur staat Loffy op ons te wachten en brengt ons naar zijn huis. We moeten onze schoenen uit doen en komen via een smoezelig halletje in de woonkamer. Op de vloer liggen een paar matten en in het midden daarvan staat op een wittig kleedje een ‘feestmaaltijd ’voor ons klaar. We nemen rondom het kleed op de grond plaats. Heel opvallend aanwezig is een tv toestel dat in deze vrijwel lege kamer met luid volume aanstaat. Voor de maaltijd wordt er eerst gebeden, de mensen zijn hier erg religieus, terwijl ondertussen de tv onverminderd blijft door schetteren. Loffy zijn dochter, kleinkinderen en wat vrienden zijn ook aanwezig, we worden nieuwsgierig door hun bekeken, net zoals wij alles om ons heen observeren. De maaltijd is eenvoudig, ze hebben maar 3 glazen, dus we moeten om beurten drinken en bij gebrek aan bestek eten we met onze handen. Na het eten staat er een teiltje met een viezige vloeistof klaar. Om de beurt krijgen we een kommetje ervan. Het is kava dat we , na eerst geproost te hebben, dat heet ofatu hier, in 1 teug geacht worden op te drinken. De smaak is minder erg dan ik vreesde en het geeft een prikkelend gevoel op de tong. Een van zijn vrienden pakt zijn gitaar en begint voor ons te spelen en zingen. Hij is bijzonder muzikaal en heeft een prachtige hoge stem. Het is een avond die we nog lang zullen blijven  herinneren en laat ons het grote cultuurverschil met onze luxe westerse wereld beseffen.

12 Juni Tonga.
Net als we ’s ochtends met een kop koffie in onze hand, in de kuip langzaam wakker worden, komt Loffy met een brood aan. Hij nodigt zichzelf uit aan boord om de bestelling signaalvlaggen met ons te bespreken. Ongehinderd door enige schroom vraagt hij om een kop koffie ( Gistermorgen zat hij bij Paramour aan de ‘medicinale’ whisky omdat hij plotseling last van zijn keel had) en vraagt hij tevens of we bovendien nog batterijen hebben voor zijn zaklamp. Geheel tevreden zonder enige haast blijft hij bij ons plakken en vertelt dat hij ook een goede stem heeft. Luidkeels begint hij bij ons te zingen en krijgt zodanig de smaak te pakken dat hij er ook bij gaat dansen. Na enige uren vertrekt hij uiteindelijk met een bestelling voor de vlaggen, batterijen en enige kilo’s rijst en bloem. s ‘Middags komt hij terug met onze was. Wat ik al vreesde toen we  hem thuis bezochten komt geheel uit. Hun standaard van schoon is anders dan die van ons. De was is nog klam, ruikt zurig en er zitten vlekken in die er eerst nog niet in zaten. Ik zal alle was overnieuw moeten doen als het weer droog is. Sinds we uit Bora Bora zijn vertrokken regent het bijna continu en is het weer zeer onstabiel. We zitten hier in de convergentie zone, dat is een gebied waar veel slecht weer zit. Hopelijk trekt het snel voorbij, want ook hier krijg je van zoveel regen gauw genoeg. 

13 Juni
Een van de bwr boten Gaia heeft onderweg motorpech gekregen. Ook hun autopilot deed het niet, dus hebben ze in dit barre weer, 5 dagen lang, met zijn tweetjes, alles met de hand moeten sturen. Een enorme prestatie! Zipadedoda is steeds bij hun in de buurt gebleven, als stand-by in noodgevallen en heeft hun de laatste mijlen naar binnen gesleept. Bij de ingang van de baai neemt Robert de sleep van hun over, met onze dingy met buitenboordmotor is het beter manoeuvreren en ook Alan van Jenny staat met zijn dingy paraat. Veilig worden ze aan de mooring afgemeerd. Hun boot is een grote chaos.  Ze hebben zelfs niet kunnen koken en nog geen kop thee kunnen zetten. Hun maaltijd bestond uit de inhoud van blikken, zo onopgewarmd opgegeten. Ze gaan naar een hotel om even bij te komen.
Eens per jaar komen de bultrug walvissen ( humback whales ) naar de wateren rondom Tonga om te paren en baby’s te krijgen. De mannetjes lokken de vrouwtjes door hun gezang dat over grote afstand te horen is. Jammer genoeg zijn we daar 1 maand te vroeg voor hier, ik had dat graag gezien.
Peter en Dorothy komen ons opgetogen en enthousiast vertellen dat ze een kleindochter hebben gekregen en nodigen ons uit voor een glas champagne. Het valt niet mee als je aan de andere Kant van de wereld bent, want het liefst wil je er natuurlijk meteen naar toe. Ook de Zippy’s komen mee en we hebben een erg gezellige avond.14 Juni Tonga.
 
De hele dag valt de regen met bakken uit de lucht. Op de weinige momenten dat het even droog is en we met onze dinghy er even op uit gaan, zijn we nog niet goed en wel in ons bootje of we worden weer drijfnat geregend.
 
15 Juni Tonga.
Op deze zondag gaan we hier in Tonga naar de kerk. In de Lonely Planet reisgids staat dat het zingen ook hier zeer de moeite waard is en daar worden we inderdaad niet in teleurgesteld. De meeste mensen hier in de kerk hebben om hun middel een soort geweven mat dat door middel van een gevlochten koord op zijn plaats gehouden wordt. De vrouwen zijn van een stevig formaat en worden er met deze kleding niet veel flatteuzer op. De rest van de dag is bijna alles hier in Tonga gesloten en het weer is niet erg aanlokkelijk voor buitenactiviteiten. Om 5 uur is er in het hotel een rallybriefing, wat een welkome afwisseling van de dag is. We hebben nu gelegenheid om even met iedereen bij te praten.
 
16 Juni Tonga.
Samen met Hakuna Matata hebben we een 2 persoonsbuggy gehuurd en gaan we onder leiding van een gids het eiland over scheuren. Eerst door de bewoonde wereld, opvallend zijn de zeer armoedige woningen en dat bijna iedereen rondom zijn woning wel een paar varkentjes heeft lopen. Ze waggelen zo de weg over maar zijn kennelijk wel aan het verkeer gewend, want als je komt aangereden gaan ze keurig aan de kant. Vervolgens begint de echte pret, dwars door de bush bush, door grote kuilen en modderpoelen. Prompt begeeft onze buggy het, we krijgen een sleep van onze gids tot het uitkijkpunt en terwijl wij van het uitzicht genieten repareert hij ons voertuig. Er blijkt water in de brandstof te zitten. We gaan verder het eiland rond, naar de meest prachtige plaatsen. Ondertussen worden we er niet schoner op. De laatste tijd is hier regen in overvloed gevallen en dat in combinatie met de rode klei waar we doorheen crossen, maakt dat we nog nooit ergens zo smerig vandaan zijn gekomen. ’s Avonds is er het rallyfeest, waar ik helaas verstek moet laten gaan vanwege een acuut buikgriepje en Robert zich alleen moet vermaken.
 
 
17 Juni Tapanabay.
We zeilen met de rally naar Tapanabay waar ’s avonds een Tonga feest gehouden wordt. Eerst is er een dinghyrace, waarbij de motor niet gebruikt mag worden, slechts 1 peddel is toegestaan en verder alles gebruikt mag worden, behalve echte zeilen.
Omdat ik nog niet helemaal fit ben doen we slechts als toeschouwer mee. De overwinning blijft een Nederlandse, Eric als echte Vikinger verwoed peddelend en Marianne heel elegant met 2 grote kleurige paraplus, komen als eerste over de eindstreep. Het Tonga feest is een succes, het hele dorp levert zijn bijdrage, de kinderen dansen voor ons, de mannen maken al kava drinkend welluidende muziek en de vrouwen hebben voor ons een goedogende feestmaaltijd gemaakt. Ze mengen zich tussen ons en maken een praatje, terwijl de kinderen graag met ons op de foto willen. Een zeer geslaagde avond.

18 Juni Tonga , Nuku Beach
We varen met de rally naar Nuku Beach waar we ’s middags een bbq op het strand hebben. Het is een prachtig gouden zandstrand. Er vallen wel wat spatjes regen, maar tijdens de bbq blijft het droog. Het weer is voor ons niet aantrekkelijk genoeg voor een duik. Hierna varen we terug naar de moorings en hebben een rustige filmavond aan boord.

19 Juni Tonga.
We klaren vandaag uit, dat moet 24 uur voor vertrek gebeuren. Verder vullen we de dag met wat poetsen, boodschappen, koffiedrinken, lunchen en hebben tot slot met de bemanning van Marianne, Richard en Boot een gezellige maar zeer rumoerige avond in Mango restaurant. Een Nieuw-Zeelandse filmploeg met een zeer bekende presentator van een tv sportvisprogramma  maken hier opnames over sportvissen in Tonga en  brallen luidruchtig met ukelelebegeleiding.

20 Juni Tonga.
Vandaag moeten we officieel Tonga verlaten, daarom vertrekken we uit de baai maar ankeren stiekem in een baaitje uit het zicht van de douane en immigratie. Daar maken we water en doen de was. Verder hebben we een rustige dag , we besluiten morgen naar Fiji te vertrekken.

21 Juni Tonga naar Fiji.
We worden wakker in dit fraaie ankerbaaitje en zoals gisteren besloten maken we onze boot klaar voor vertrek naar Fiji. De buitenboordmotor moet van de bijboot en wordt aan de reling van de grote boot gehangen. De bijboot hijsen we in de davits. De huik (afdekhoezen) worden van de zeilen gehaald, de luchthappers worden met de opening naar achter gedraaid, de dekluiken gesloten zodat we de zee weer op kunnen. De oceaan heeft ons al een paar keer verrast met zwaar weer. Je moet ten allen tijde voorbereid zijn. Dit betekent dat binnen alles vast moet staan, alle kastjes gesloten moeten zijn en er goed opgeruimd is. Om half 11 zijn we zo ver en zetten zeil richting Fiji eilanden 425 mijl hier vandaan. Met grootzeil en uitgeboomde genua zeilen we de dag door en de nacht in.

22 Juni Tong naar Fiji.
De hele nacht hebben we rustig doorgezeild maar omdat de wind iets gedraaid is moeten we eigenlijk gijpen. In plaats van de boom om te zetten besluiten we onze nieuwe spinakker te hijsen. Vanaf het moment dat hij staat ligt de boot er veel rustiger bij en varen we met een mooie snelheid naar ons geplande waypoint. Het gaat zo voorspoedig dat we zelfs de nacht doorvaren met de spinakker op.

23 Juni Tonga naar Fiji.
’s Ochtends moeten we onze koers verleggen om tussen de eilandjes en riffen door richting Fiji te varen. Vandaar we onze spinakker moeten strijken en met de genua op verder varen. De wind gaat verder liggen en met een beetje motor erbij varen we rustig door. We willen morgen bij daglicht Fiji aanlopen vandaar dat we geen haast maken. ’s Nachts onweert het lichtjes en in de squalls valt het hemelwater rijkelijk naar beneden.

24 Juni Fiji
Rond 8 uur lopen we Fiji aan, een prachtige aanblik met lichte nevel rond de heuvels met palmbomen, waar het zonlicht in stralen doorheen schijnt. Je hoort de vogels fluiten, er heerst een haast serene sfeer deze ochtend. Aankomen op je bestemming is een van de mooiste momenten van onze reis. We wachten aan een pontoon tot de douane, immigratie en een functionaris van de gezondheidsdienst aan boord zijn geweest. We moeten een enorme stapel papieren invullen, de boot wordt vluchtigjes op ongedierte geïnspecteerd, maar de mensen zijn alleraardigst. We waren een beetje huiverig wat we hier konden verwachten. Niet zo heel lang geleden is hier een coup geweest en de bureaucratie schijnt zodanig te zijn dat als je niet aan alle regeltjes voldoet je in de gevangenis kunt belanden. Opvallend is ook dat je op de papieren behalve welke nationaliteit je bezit, ook je ras, dus huidskleur moet vermelden. Dit zou in ons land ondenkbaar en zelfs strafbaar zijn. Hierna krijgen we een piepklein plaatsje aangewezen, waar we tussen 2 boten met de achterkant naar de kade toe en met voor het anker uit aan moeten meren. Nu wil dit aan het terrasgedeelte van de yachtclub en het restaurant liggen. Het hele terras zit overvol, we hebben dus maximaal publiek. Ook de yachties op de boten aan de moorings, gaan op de voorpunt van hun schip staan om vooral niets te missen. Er wordt nog net niet gegokt op de mogelijke afloop of het parkeren van onze boot in dit minuscule plaatsje gaat lukken. Met onbewogen gezicht en ijzeren stuurmanskunst van Robert, ik laat op precies de juiste plaats het anker vallen, hou af met een stootwil ertussen, geef nog wat meer ankerketting en we liggen perfect afgemeerd. We krijgen een staande ovatie van het hele terras. Dit is natuurlijk een biertje waard en daarvoor liggen we op exact de juiste plaats.

25 Juni Fiji
Het wordt een beetje een rommelige dag. Als Robert ’s morgens een kopje thee zet en voor een scheutje melk de koelkast in duikt blijkt dat de koelunit het begeven heeft. Hij kan dus meteen aan de slag. De koolborstels van de elektromotor van de koeling zijn versleten. Nu valt het niet mee om hier in Fiji passende koolborstels te vinden, maar na 6 rommelige hardware stores bezocht te hebben, slaagt hij er in redelijk passende te vinden. Ondertussen maak ik van de gelegenheid gebruik, de koelkast en vriezer een grondige schoonmaakbeurt te geven. Als Robert weer onderin de boot ligt om de unit weer in te bouwen, gaat onze buurboot weg. Zijn ankerketting ligt echter dwars door de halve haven heen. Met geen mogelijkheid krijgt hij zijn anker omhoog, onze ankerketting en die van nog een paar andere boten liggen over zijn ketting heen, dus moet Robert onderuit de boot komen, met zijn handen tot aan zijn ellebogen in de smeer, onze boot weg varen, ons anker ophalen en weer aanleggen. Eer alle kettingen weer vrij van elkaar zijn en we weer aan het pontoon liggen zijn we een halve middag verder. Met een hele ploeg gaan we eten, na een zoektocht naar een restaurant in het stadje gaan we eerst een chinees binnen. Het ziet er erg groezelig uit, maar we schuiven wat tafels tegen elkaar en gaan zitten. Ian gaat ondertussen naar het toilet en komt terug met de mededeling “well I’m not sure we should be eating here”. Hij kon nog niet ademen in het toilet. Eensgezind staan we en bloque op en lopen weer naar buiten. Uiteindelijk belanden we in onze haven waar we veilig, goedkoop en uitstekend eten.

26 Juni Fiji
Ankerperikelen deel 2.
Als we terug komen van de computerwinkel om een wifi verbinding  in onze boot voor elkaar te krijgen, ligt onze boot schuin tegen het pontoon aan. Het anker lijkt niet goed te houden. Dus varen we weer uit en hijs ik het anker op. Tot mijn verbazing zie ik als het anker langzaam boven water komt dat er een grote tractorband vol met modder aan hangt. Tot grote hilariteit van de haven, we krijgen het commentaar waar we de rest van het voertuig gelaten hebben. Met geen mogelijkheid krijg ik de band er weer vanaf. De assistent-havenmeester komt ons met zijn bootje te hulp schieten. In plaats van de band met zijn boot af te voeren, laat hij hem weer in de plomp zakken. Dit voor de volgende nietsvermoedende bootbezitter. Susan van Baccus heeft een currynight in een restaurantje georganiseerd.  We krijgen een uitstekende 3 gangenmaaltijd, soep met papadums gevolgd door een uitgebreide Indiase dis, ijs met cake en een biertje voor totaal het bedrag van 6 euro! De man. Daar kan ik het niet voor maken.

27 Juni Fiji
De yachtclub verwelkomt de Blue Water Rally met een kava welcome ceremony. Het wordt een ware party. Robert wordt uitgekozen om aan de ceremony deel te nemen, als een van de afgezanten van de BWR. Voorafgaande aan het kavadrinken volgen verschillende rituelen. Om de beurt krijgen de deelnemers dan een kommetje kava dat in 1 keer moet worden opgedronken, waarna je  2 keer in de handen moet klappen. Vervolgens volgt er nog een tweede ronde, dit alles gebeurt in een gepaste, eerbiedige stilte. Hierna krijgen we een dansvoorstelling te zien van Fiji dames, waarna de jonge mannen een dans vertonen met speren. Na afloop zal Robert als afgezant van het kavafeestje er aan moeten geloven en jawel zijn favoriete dans, de polonaise wordt ingezet. Het bier dat ons aangeboden wordt vloeit rijkelijk, de sfeer is ongedwongen en uitgelaten. We krijgen bovendien nog een gevlochten mand met vers fruit. De mensen zijn bijzonder vriendelijk en gastvrij.

28 Juni, Fiji.
Voor de jeugd hier in Savusavu organiseert de yachtclub zeillessen in optimisten. De kids kunnen hier gratis aan deelnemen en de kosten voor de boten ed. worden gesponsord. Sommigen ervan zeilen op internationaal niveau en vandaag, zaterdag, zijn ze in de baai aan het trainen. ’s Middags hebben ze de optimistjes voor de BWR beschikbaar gesteld en gaan we tegen elkaar racen. Er wordt een pool geopend en er worden “forse”bedragen ingezet op wie er gaat winnen. Het geld wordt gebruikt om de kinderen hier te sponsoren. Het is een leuk gezicht om de mannen, waarvan sommigen met bierbuik, met ingespannen gezichten in deze minibootjes tegen elkaar te zien strijden. Er staat nauwelijks een spat wind, maar dat doet aan hun fanatisme geen afbreuk. Vanwege het aantal deelnemers wordt de wedstrijd in 3 rondes gehouden. De eerste 3 van de eerste manche en de eerste 3 van de tweede, strijden voor de uiteindelijke overwinning. Per eindigt als eerste, Ian als
tweede en Robert wordt derde. In de yachtclub moet daar uiteraard op gedronken worden. Na het happy hour geven de kinderen een schattige dansvoorstelling, zelfs de allerkleinste van 4 jaar doet mee. Hierna volgt hun jaarlijkse trofee uitreiking. De burgemeester van Savusavu komt persoonlijk voor een speech, voor de kids en de BWR, waarna hij de bekers overhandigt. Wederom krijgen we een erg warm welkom en genieten van de mensen en het hele zeilevenement.  

29 Juni, Fiji.
Het enige dat op deze zondag op het programma staat is een pot luck lunch, iedereen brengt iets mee, met een lovo, een traditionele in een kuil in de grond gegaarde vis. Tergen de tijd dat we aan de beurt zijn, er staat een enorme rij te wachten, is van de vis niets meer over. Toch hebben we een geslaagde middag op deze regenachtige zondag.

30 Juni, Fiji.
Vandaag gaan we met de bus een rainforest tour maken. Het regent lichtjes als we instappen, dus zijn we op het ergste voorbereid en gewapend met paraplu en regenjassen gaan we op pad. De natuur is weelderig groen, grote hoge bomen, palmbomen, prachtige planten met grote bladeren. Wanneer we uitstappen en aan een rondwandeling beginnen begrijpen we waarom dit regenwoud genoemd wordt, het is opgehouden met zachtjes regenen en het water komt nu met bakken uit de lucht. Desondanks dalen we het woud in, via een pad , dat zorgvuldig wordt bijgehouden en de snelgroeiende vegetatie wordt weggekapt. Volgens mij komt er niemand droog het bos uit. Het zou een goede testcase zijn of de zogezegde waterproof kleding dat ook inderdaad is. Koud en nat gaan we de bus weer in, we verlangen naar warme chocolademelk, soep en droge kleren. Gelukkig hebben we bij onze buren, het restaurant naast onze boot, een uitstekende bisque waarna we ’s avonds terwijl e crackers met
kaas eten en een kopje thee, films kijken aan boord.

1 Juli, Fiji.
Jammer genoeg wil het weer ook vandaag niet meewerken. Als we de bus instappen voor een villlagetour is de aanhoudende regen het gesprek van de dag. Het lijkt Nederland wel op een herfstige natte dag. Wanneer de bus stopt bij het dorpje dat we gaan bezoeken, staat een deel van de bevolking klaar en begroet ons met een welkomstlied, waarna ze bij ons een ketting met bloemen omhangen. De huisjes zijn eenvoudig, bovendien is het overal een grote modderpoel. De moeders zullen hun handen vol hebben met alle vieze was. Bij het gemeenschapshuis, waar we onze schoenen moeten uit doen, krijgen we een kavaceremonie, een dansvoorstelling en een speerdans en eindigen we uiteraard weer met de hier zo populaire polonaise. Ze hebben ook een marktje waar ze hun ambachtwerk verkopen. Natuurlijk moeten we daar ook iets kopen. Onze boot begint inmiddels op een wereldwinkeltje te lijken met alle houtsnijwerken, gevlochten manden, tassen, bijouterieën en nog veel meer. ’s
Middags gaat  Neva onze buurboot weg en ligt met zijn ankerketting innig verstrengeld met die van ons. Dus moeten we voor de derde keer wegvaren, anker ophalen en weer aanleggen. Maar zoals iedereen weet, drie keer is scheepsrecht

2 Juli, SavuSavu Fiji.
Morgen varen we van SavuSavu naar Musket Cove. Ondanks dat dit beide in Fiji is moeten we hier eerst uitklaren en daar weer inklaren. Bovendien moeten we precies onze route opgeven en waar je eventueel wil overnachten. Als je hier niet aan voldoet ben je strafbaar en de boette daarvoor is hoog. Ze zijn hier erg streng in en er wordt gecontroleerd. Dus vullen we braaf de papierwinkel in bij de douane. Daarna maken we de boot vaarklaar, doe ik de boodschappen en hijs ik Robert de mast in, waar hij een kapot navigatielampje vervangt. ’s Avonds is er een afscheidsdiner voor de rally bij onze buren ( Surf en Turf restaurant ). Ze zijn inmiddels zo met ons bevriend geraakt, dat ze onze boot van binnen komen bekijken. Bovendien nemen ze een currymaaltijd voor onderweg voor ons mee.

3 Juli Van SavuSavu naar Musket Cove, Fiji.
Om kwart voor 7 varen we de baai van SavuSavu uit. Het is een mooie ochtend, al staat er eerst nog weinig wind. Dan trekt de wind aan en hebben we de hele dag prachtig zeilweer. Met halve tot aandewindse koers glijden we soepel en snel door het water. ’s Nachts zakt de wind in en verandert van richting, zodat we een paar uurtjes op de motor verder gaan.

4 Juli Op weg naar Musket Cove, Fiji.
’s Ochtends om 6 uur trekken we de zeilen weer omhoog en varen naar Cuvubay waar het Shangri-la resort ligt.  Rond half 12 laten we daar het anker zakken en gaan met onze dingy aan wal voor de lunch. Het ziet er gezellig uit, er heerst een bedrijvige sfeer, mede door alle kinderen die hier aan het zwemmen en spelen zijn. Na de lunch gaan we in de winkeltjes van het resort shoppen, waar we allebei slagen voor een goede zonnebril. Terug aan boord, inmiddels zijn er nog 10 andere BWR jachten gearriveerd, komt er een bootje van het resort. We moeten papieren invullen en 40 dollar betalen om aan wal te komen. Niemand van de BWR boten wil hieraan voldoen, het is van de zotte dat je eerst 40 dollar moet betalen om daar vervolgens een kapitaal te spenderen in hun restaurant. Dit getuigt niet van de ons beloofde gastvrijheid. Iedereen weigert dus te betalen. We worden met zijn allen bij Hakuna Matata uitgenodigd om Independence Day te vieren. Het is gezellig, waarna we nog een kleinigheidje aan boord eten en bijtijds onze kooi in gaan.

5 Juli Musket Cove Fiji.
Om half 8 zetten we koers naar Musket Cove. Eerst zitten we nog heerlijk in het zonnetje, maar als we in de buurt van de haven komen begint het enorm te regenen en houdt het voor de rest van de dag ook niet op. In Musket Cove moeten we een paar uur wachten voor we de haven kunnen binnenlopen. Het is laag laagwater spring, het water staat vandaag het laagst van het hele jaar, dus ankeren we in de baai en wachten geduldig. Rond half4 staat er genoeg water om de havenmonding in te lopen. Aan de kade staat Peter van de BWR leiding ons op te wachten en helpt ons met aanleggen in de stromende regen. Naast ons komt de Marianne te liggen, waar we ’s avonds mee gaan eten.

6 Juli Musket Cove Fiji.
We worden wakker met een verwarmend zonnetje. De wereld ziet er nu heel anders uit. Het resort dat er gisteren mistroostig, grauw en grijs uit zag, heeft nu een azuurblauwe zee, goudgeel strand met palmbomen, een waar vakantieparadijsje. We verkennen het resort en maken een wandeling over het strand, waar we ook de runway van het vliegveldje op dit eiland oversteken. Er is hier een bar waar ze ieder avond een grote BBQ aansteken en waar je dan zelf je eigen meegebrachte vlees of vis kunt grillen. Met een grote groep besluiten we dit te doen. Tegen de avond steekt er zoveel wind op dat het vlees bijna van de BBQ waait, waarna we bij Hakuna Matata aan boord belanden en pat de tonijn grilt. De gitaren worden te voorschijn gehaald en het wordt erg gezellig.

7 Juli Musket Cove, Fiji.
De dag vliegt om en voor we het in de gaten hebben is het 5 uur en worden we voor een welkomstcocktail, gastvrij aangeboden door het resort, verwacht. De bar is een boot aan het zwembad en wordt door de BWR leden goed bezocht. Ook de gefrituurde hapjes gaan erin als koek.
8 Juli Musket Cove, Fiji.
Vandaag is het Pat’s 50 verjaardag, iedereen is uitgenodigd voor het feest. Robert en ik hebben samen een liedje geschreven op de melodie ‘When you get older’ van de Beatles. De hele dag ben ik een beetje zenuwachtig. Het weer werkt goed mee, de sfeer is uitstekend en na een prachtige zonsondergang wordt het tijd voor ons lied. Het valt goed in de smaak, iedereen zingt mee. We krijgen veel bijval en Pat laat een traantje. Hierna zingen Peter en Dorothy een nieuw rallylied over, hoe kan het ook anders in dit gezelschap, bier! Het is een bijzonder geslaagd feest.

Pat’s lied:
When you get older, losing your youth,
many years from now.
Will you still be able and remembering,
all of us, who are here to sing.

When you are out there on the high sea,
several weeks from now,
who will still hail us,
who will still mail us,
please, do tell us how.

Visit you in New York or Singapore,
where ever you have gone.
Who keeps calling us on channel seven-two,
Net-controlling, what should we do?

Creating a party, or fixing a meal,
could you please stay some more,
who will still need us,
who will still feed us,
when you’re here no more.

What about Teri and about Lee,
after you have gone.
Can’t you see they can’t be left alone by you,
What should we do with these poor two.

They will be waiting,
day in and day out,
every day at three,
and every new island,
will be so silent,
calling you desperately.

Send us an email, drop us a line,
Stay in touch with us.
Just tell us precisely where you going to stay,
Keep on phoning, when you’re away.

Have all good fun now, enjoy your new live,
Yours for evermore.
We will still need you,
We will still greet you,
Bye bye, good luck, you four.

9 Juli Musket Cove Fiji.
We beginnen de dag met een rally briefing over onze tocht naar Vanuatu en Australië, waarna ik samen met Marianne een wandeling over het eiland maak. .We zijn op zoek naar een galerie die ergens halverwege op de heuvel ligt. Het valt niet mee om de weg te vinden. Eerst lopen we verkeerd en komen op d top van de heuvel uit. Daar worden we beloond met een werkelijk schitterend uitzicht over het hele eiland. Vooral de zee is prachtig , je ziet de koraalriffen lopen en de heldere meest verschillende tinten blauw water. Uiteindelijk na veel zoeken vinden we de galerie toch. Marianne koopt als ware pareladdict een zoetwaterparelkettinkje en ik een azuurblauw sjaaltje.’s Avonds is er een afscheidsborrel van Peter en Liz van Moonshadow. Zij gaan ons hier jammer genoeg verlaten en vervolgen de volgende BWR rally over 2 jaar.

10 Juli Van Musket Cove naar Vuda Point, Fiji.
Om 9 uur varen we uit naar Vuda Point waar onze boot het water uit gaat voor een nieuwe laag antifouling. Brin, Luke en Ellie varen met ons mee. Ze willen graag wat geld bijverdienen en gaan onze boot cleanen en in de was zetten. Als onze boot het water uit gaat zijn we erg blij met hun hulp, want de ruimte tussen onze boot en de betonnen palen is slechts 15 cm aan weerskanten. Ook Ann Charlotte en Per schieten te hulp, zodat even later de boot ongeschonden uit het water getakeld wordt. Het geeft een vreemd gevoel om je boot, ons huis voor deze 2 jaar, in de takels te zien hangen. Gelukkig is dit hier in de haven goed geregeld en nadat de boot met een hogedrukspuit is schoongespoten, gaan er meteen 6 man aan de slag met schuren en de boot in de antifouling te zetten. De jongens en Ellie beginnen ondertussen met poetsen. Wij logeren een paar daagjes in het resort dat vlak naast de haven ligt. ’s Avonds worden we uitgenodigd om met zijn tienen te eten. Eric en Marianne vieren vandaag hun 38 jarige trouwdag en Peter en Ann Marie hun 28 jarige trouwdag. Met zo’n hele BWR groep is er altijd wel een reden voor een feestje!


11 Juli Vuda Point, Fiji
Vandaag profiteer ik van het comfort van het resort.. Bij het zwembad relaxen, terwijl ik een boekje lees, zo nu en dan een verfrissend duik. ’s Middags geniet ik van een bodymassage. Een echte vakantiedag!

12 Juli Vuda Point - Musket Cove, Fiji.
We checken uit bij het resort. De boot ziet er perfect uit. Om de puntjes op de i te zetten, maak ik de bekleding schoon met water met een scheut azijn. Ik heb eer van mijn werk, de bekleding ziet er weer uit al nieuw. Om half 4 brengt onze taxichauffeur, Abdullah 2, ons naar het vliegveld. We hebben om 5 uur een vlucht geboekt met een klein 2 motorig vliegtuigje, naar Musket Cove. Hakuna Matata gaat de rally verlaten en heeft ons voor een afscheidsetentje bij hun aan boord uitgenodigd. Ze vieren tegelijk de verjaardag van Bradley. Als we om kwart over 4 inchecken, kunnen we meteen aan boord samen met nog 4 andere passagier. Aangezien iedereen er is kunnen we meteen vertrekken. Robert neemt plaats naast de piloot, aangezien er geen copiloot meevliegt. De vlucht duurt slechts 10 minuten, intussen kunnen we vanuit de lucht prachtig zien waar we gevaren hebben en de koraalriffen waar we tussendoor moesten manoeuvreren zijn zo duidelijk zichtbaar. We vliegen vlak over de haven heen, waar we BWR boten zien liggen en landen er vlak naast. We checken in Musket Cove voor 1 nachtje in, nu niet in de haven,maar in het resort. Wederom verrast Pat ons met een uitstekende lasagnemaaltijd, het is erg gezellig. We zullen de hele Hakuna clan dan ook erg missen!

13 Juli Musket Cove- Vuda Point, Fiji.
Met tranen in de ogen nemen de Hakuna’s afscheid van ons. Het vliegtuigje waarmee we vertrekken is een beetje verlaat. Dit keer is het volle bak in het toestel, dus zitten Robert en ik achterin. Onze taxichauffeur, Abdullah 2, wacht ons geduldig op en brengt ons terug naar de haven. Onderweg zien we veel suikerrietplantages, een belangrijke bron van inkomsten hier. Terug aan boord gaan we druk aan de slag. Morgen gaat de boot weer in het water en daarvoor willen we alles in orde hebben. We eten die avond met een helle groep in het hotel, waar voor de gasten vanavond een dansvoorstelling is,gevolgd door een vuurshow. Helaas kan het dansen niet tippen aan Frans Polynesië. De muziek is een soort moderne techno maar dan op zijn Fiji’s. Bovendien zien we na een tijdje kijken dat de “beste danseres”een man blijkt te zijn. Gelukkig is de vuurshow wel leuk om te zien, er wordt gejongleerd met brandende fakkels, waarschijnlijk werd de keuken door hun geïnspireerd want onze biefstuk is weel heel well done en zwartgeblakerd. .Dit mag de pret niet drukken, want we hebben een zeer geanimeerde avond.

14 Juli Musket Cove, Fiji.
We informeren bij de havenmeesteres, Millika wanneer onze boot het water in gaat. Aangezien dit pas om 3 uur is willen we de ochtend gebruiken om uit te checken. Millika belt voor ons met de douane, we hebben geluk we kunnen in Lautoka uit checken zonder dat de boot daarbij aanwezig is. Abdullah 2 brengt ons met de taxi. Als we in het bedrijvige douanekantoor binnen komen wordt ik met enige verbazing en gegiechel bekeken, blijkbaar komen er hier niet zo veel vrouwen uitchecken. Een van de beambten wordt van zijn werkplek gezet zodat Robert en ik beiden een zitplaats hebben. Reeds een kwartiertje later zijn we al klaar. Abdullah2 die staat te wachten brengt ons vervolgens naar de supermarkt. Wanneer we bij de groenteafdeling zijn komt onze trouwe taxichauffeur de supermarkt in om ons te assisteren. Hij zoekt het beste fruit en groente uit, geeft zakjes aan, helpt met de boodschappen inpakken en sjouwt alles naar de taxi. Wij worden bij de boot afgezet en hij geeft zelfs de boodschappen aan de ladder op, de boot staat immers nog op het droge. Dat is nog eens service! Om 3 uur komt de kraan onze boot in het water leggen. De plekken waar de stutten tegenaan stonden worden ook nog in de antifouling gezet. Boven het water laat Robert de kiel zakken, dit alles heeft veel bekijks, en ook die wordt behandeld. Het gaat allemaal perfect totdat, als we keurig in het water liggen en de havenbaas ons in zijn bootje naar een ligplaats manoeuvreert. Hij houdt er gen rekening mee dat de lijnen van de boten net onder water dwars door e haven liggen. Een van de lijnen komt vast te zitten tussen de twee roerbladen. We kunnen geen kant op. Een neurotische Française van en van de boten, denkt dat we er met hun lijn vandoor willen gaan en wil hem niet eerst niet losmaken. De havenbaas met zijn strooien hoedje is onverstaanbaar , dan moeten we de voorlijn weer aantrekken, dan weer losser maken, hij loopt voortdurend iets te schreeuwen. Uiteindelijk komen we na en uur los en zijn we blij als we afgemeerd zijn. Morgenvroeg varen we verder naar Vanuatu.

15 Juli, Fiji naar Vanuatu, 540 mijl.
Nadat we het havengeld hebben voldaan en de rekening voor alle werkzaamheden aan de boot, varen we om 9 uur de haven uit. Het eerste uur valt de wind nog mee, maar daarna trekt hij steeds meer aan. Als we om half 12 door de pas bij de koraalriffen komen, staat er een woelige zee, die naarmate de dag vordert steeds turbulenter wordt. Met slechts de gereefde genua op maken we een snelheid tussen de 8,5 en 9,5 knopen. ’s Nachts zitten we met zwemvest en aangelijnd in de kuip. We slapen om de buurt maar zeer onrustig. Onze Truus, de stuurautomaat, heeft het zwaar te verduren, maar houdt gelukkig dapper stand.

16 Juli, Fiji - Vanuatu.
Ook vandaag houden de harde wind en de onstuimige zee aan. Afwassen of koken kan ik op deze rollende, stampende boot wel vergeten. Gelukkig heb ik nog een restje lasagne, die we opwarmen in de magnetron. Verder houden we het bij instantkoffie, thee, cup a soup en niet te vergeten creamcrackers. De tweede helft van de nacht neemt de wind wat af en kunnen we wat beter slapen.

17 Juli, Fiji- Vanuatu.
Het weer is veel rustiger vandaag en naarmate de dag vordert nemen de golven ook af. Zo is het veel comfortabeler varen. We willen graag bij daglicht in Vanuatu aankomen, we hebben geen haast dus zeilen we met alleen de genua op verder, met een snelheid van 7 knopen.

18 Juli, Vanuatu.
’s Ochtends om 8 uur komen we in Vanuatu aan en ankeren naast de gele custumsboei. Rond half 10 komt de quarantaine inspecteur aan boord. Hij kijkt in de koelkasten, opent sommige kasten en neemt de gember, citroenen en papaja’s in beslag. Tegen een kleine vergoeding, die volgens mij in zijn eigen portemonnee beland, mogen we de kaas houden. Daarna mogen we aan wal naar de immigratie gaan, die zit midden in de stad en vervolgens naar de douane, helemaal aan de andere kant een kwartier varen met onze bijboot, om in te klaren. Iedere keer volgt een heel papieren spektakel. Omdat er nog geen plaats aan de kade is blijven we vannacht voor anker liggen. Vanuatu ziet er bedrijvig uit met veel taxfree winkels, cafés restaurants en een grote groente en fruitmarkt..
Je kunt er zelfs taxfree gitaren kopen. We maken het niet laat vandaag, een lange goede nachtrust is welkom na de stormachtige overtocht.

19 Juli, Vanuatu.
Wanneer we om 8 uur ons anker willeen lichten om naar een plaatsje aan de kade te varen, weigert het anker omhoog te gaan. Het blijkt een elektrisch probleem te zijn, maar voordat de boosdoener met kortsluiting in de ankerbak ontdekt en gerepareerd is zijn we een paar uur verder. Aan het eind van de ochtend liggen we op onze plek en na de lunch gaan we de stad in. Robert probeert de gitaren uit in de taxfreeshop en gaat er zo in op dat hij niet in de gaten heeft dat er rondom hem een enthousiast publiek gevormd is die ademloos staan te luisteren. De verkoper vraagt mij of Robert een beroepsmusicus is, wie weet denkt hij een celebrity in zijn winkel te hebben. Inmiddels is de winkel al gesloten, als Robert tot een keuze komt. We laten de gitaar wegzetten,.om hem dinsdag met hoes op te halen. We eten met Peter en Dorothy, het wordt laat voor we uiteindelijk in bed liggen.

20 Juli, Vanuatu.
Een rustige zondag. We zoeken wat foto’s uit, maken een wandeling en lunchen in een restaurantje op de heuvel, Rendez Vous, met prachtig uitzicht over de baai.

21 Juli, Vanuatu.
Met de Nova’s, Paramour en Zipadedoda vliegen we naar Tanna, In een Norman- Bidon islander, een 8 passagierstoestel, met een Oostenrijkse 65 jarige piloot, Franz, met een witte baard en paardestaartje. Hij kwam hier 16 jaar geleden met zijn boot op wereldreis aan en is hier gebleven. Zijn boot ligt in de haven vlakbij onze boot. Robert is wederom copiloot. We vliegen over de haven heen, het is een mooie vlucht van ruim 1 uur. In Tanna worden we opgehaald door 2 jeeps. Peter en Dorothy zitten buiten op een tuinbankje dat ze achterop gezet hebben. We gaan hier de nog werkende vulkaan bezoeken. De weg ernaar toe is vol kuilen en enorm stoffig. Peter en Dorothy worden gezandstraald en mijn witte broek is ondanks dat we in de auto zitten zwart. Overal langs de weg zie je mensen lopen op hun blote voeten, de kinderen zwaaien enthousiast als we langskomen. De natuur is prachtig, je ziet werkelijk enorme bomen, benjitrees. De meest grote boom dient als bijeenkomstplaats voor het dorp, de bevolking zit in en onder de boom en er is een groentemarktje. Ook worden sommige bomen gebruikt als woonhuis, in de boom wordt een hut gebouwd en een gedeeltelijk uitgeholde stam dient vaak als slaapkamer. Dan komen we bij de vulkaan, vanuit de verte zie je de grote rookwolken er boven uitkomen. Onder de vulkaan stoppen de jeeps en klimmen we de rest omhoog tot we op de kraterrand staan. Onze gids heeft ons gewaarschuwd niet met je rug naar de vulkaan te staan en niet weg te rennen. Er komen soms grote brokstukken uit de vulkaan en een Japanse toerist is er vorig jaar dodelijk door getroffen omdat hij in paniek wegrende. Enigszins gespannen komen we boven. Onderin de krater zien we de rode lava soms borrelen en dan horen we een grommend, brommend oergeluid, de aarde vibreert en de eruptie volgt. Brokstukken steen vliegen de lucht in en enorme rookwolken groeien als paddestoelen uit de vulkaan. Werkelijk enorm imposant, eng en indrukwekkend. Volop maken we foto’s en films en bij iedere volgende uitbarsting krijg je de neiging om weg te rennen, aan de andere kant is het zo fascinerend dat je wil blijven kijken. Dan is het tijd weer terug te gaan, in de jeep is iedereen stil en niet alle oogjes blijven open. De terugvlucht verloopt gladjes en als we geland zijn kijken we terug op een unieke dag, zoiets zie je maar één keer in je leven!

22 juli Vanuatu,
Na Vanuatu is de bestemming Mackay in Australië. Daar willen we ook Sydney bezoeken, dus zijn we vandaag druk doende vluchten en een hotel te reserveren. Kevin en Geerte komen ons daar bezoeken en zeilen dan mee naar de Whitsunday eilanden  in onze haven ligt een Hongaarse solozeiler, met een 4,5 m bootje die vanuit zijn geboorteland hiermee over de oceanen naar Vanuatu is gezeild. Je vraagt je af hoe dit mogelijk is. Iedere golf die hier overkomt kan fataal zijn. Vandaag kot er ook een catamaran aan. De woonruimte is slechts 2 tentjes op de drijvers, waarin de tweemansbemanning droog hoopt te slapen. Achterop de boot staat een plastic tuinstoel, waarin ze de wacht houden. Hoe is het mogelijk dat ze zo ver zijn gekomen/ Er heerst verbazing alom, dit is leven on the edge. We worden samen met Paramour bij Zipadedoda uitgenodigd om hun onderweg gevangen mahimahi te eten. Jenny heeft er veel werk van gemaakt en het smaakt uitstekend.

23 Juli, Vanuatu.
Keith en Susan van Baccus zijn samen met de Neva’s en ons uitgenodigd voor de lunch bij het hoofd van een nabijgelegen dorp. We worden opgehaald door zijn zoon en schoondochter. De ontvangst is bijzonder hartelijk. We krijgen als aperitief een jonge kokosnoot met kokosmelk aangeboden. De behuizing is meer dan eenvoudig, maar de tafel is keurig netjes gedekt, zelfs met servetten. Het hoofd van het dorp eet als enige met ons mee. We krijgen breadfruit in kokosmelk vooraf, gevolgd door een salade, in bladeren gestoofde kip wederom in kokosmelk, gestoofde banaan en nog meer onbestemde dingen.  Na het eten vraagt Robert of we een kijkje mogen nemen in de keuken, nou dat was even schrikken. Het voedsel ligt op matten op de vloer, waartussen de honden met vlooien vrolijk rondlopen, het barst er van de vliegen, ze koken het vlees in grote bladeren op een vuurtje op de vloer waar ze gloeiend hete stenen opleggen, die vervolgens het  eten langzaam garen. Ze hebben geen koelkast. Toch zijn ze heel trots op hun huis, dat ze zelf gebouwd hebben, heel luxe, dat wil zeggen een paar betonblokken, dito vloer en bladeren als dak. Daarna krijgen we een rondleiding over hun land waarop ze alles verbouwen wat ze nodig hebben, bananen, papaja’s , breadfruit, Chinese kool, van alles. Hun badkamer is een beekje dat langs hun land loopt, waarin ze zichzelf en hun kleren wassen. Ondanks ieder gebrek aan westerse luxe, zien ze er heel gelukkig uit en zijn ze trots op hun bestaan. De kinderen zijn vertederend, als we langskomen in de pick-uptruck staan ze te roepen en te zwaaien. We voelen ons bevoorrecht hun gast te zijn.

24 Juli, Vanuatu.
Met 4 stellen hebben we een busje gehuurd voor een tour rond het eiland. Als eerste stoppen we bij de Cascadewatervallen. Onze verwachtingen zijn niet erg hooggespannen, maar we worden zeer aangenaam verrast. De zon beschijnt de prachtige natuur, met gigantisch hoge braambos, exotische planten en dartelende vlinders. De waterval kot eerst in kleine klaterende watervalletjes naar beneden, waar we soms doorheen moeten waden. Het is een hele klauter naar boven en iedere keer worden we verrast door een nog fraaier waterspektakel, tot we inmiddels goed nat boven komen en daar de grootste waterval zien. Er heerst een sfeer zoals je Adam en Eva in het paradijs voorstelt. Erg mooi! Terug in het busje wacht ons een hele lange, bumpy rit. Onderweg stoppen we een keertje voor koffie. De natuur groeit hier meer dan weelderig. Behalve de hoofdstad Port Villa is er qua beschaving weinig te vinden op dit eiland , behalve een aantal villages, die bestaan uit huizen die in elkaar getimmerd zijn  met oude houten planken en golfplaten met hier en daar een rieten dak. Soms zie je een stenen huis ( van betonblokken ) en hier en daar een authetiek huis dat uit gevlochten bladeren bestaat. Voor een late lunch doen we een luxe resort, met een uitstekend restaurant van Nederlandse eigenaars aan. Wat een schril contrast met de rest van het eiland,

25 Juli, Vanuatu.
Ondanks dat we nog niet weten waneer we hier willen vertrekken, checken we vast uit bij de douane en immigratie. Mochten we besluiten dit weekend of maandag te vertrekken dan kunnen we zo gaan. Het weer is nog erg onstabiel, we willen eerst afwachten hoe het zich gaat ontwikkelen. Met het uitklaringbewijs kunnen we Robert’s gitaar taxfree kopen en hij kan wederom de winkel niet verlaten voor hij, op aandringen van de verkoper, een klein concertje ten gehore heeft gebracht. ’s Middags brengen de zoon van het hoofd van het dorp, Meto, en zijn vrouw, Janet, ons een wederbezoek, ze willen onze boot graag van binnen zien. We voeren geanimeerde gesprekken. Elsie en John, de eigenaars van de haven hier, Yachting World, hebben de hele BWR uitgenodigd voor een bbq buffet met muziek en dans. De muzikanten zijn zeer schaars gekleed. De dans wordt uitgevoerd door nog schaarser geklede, beschilderde mannen met speren. Aan hun enkels hangen een soort kleppertjes waarmee ze al stampend ritmisch muziek maken, begeleid door een handdrum die het ritme aangeeft. Het geeft wel een beetje het idee dat dit speciaal voor de toeristen in scène wordt gezet. Na het eten moeten we natuurlijk een kommetje kava drinken. Ik merk er weinig van, behalve dat het een beetje bitter smaakt en een prikkelend gevoel op de tong geeft. De gastvrijheid hier is hartverwarmend.

26 Juli, Vanuatu.
Voorlopig liggen we nog in Vanuatu, er komt een trog met lage luchtdruk aan. Onze buren, Peter de eigenaar, Neill zijn vriend uit Nieuw-Zeeland en hun beroepsschipper, Jeff komen bij ons op de borrel. Jeff kent Heidenskip nog van Antigua en is er altijd een beetje verliefd op geweest. Met veel enthousiasme bekijken ze de boot van binnen. Neill, van 76, vertelt ons zijn bewogen levensgeschiedenis, hij heeft nog in het Jappenkamp gezeten. Teri en Lee komen ook bij ons binnenvallen en we gaan samen iets eten. .Daarna lokt de livemuziek uit het havencafe ons voor nog een afzakkertje.

27 Juli, Vanuatu.
Als Robert ’s ochtends de motor inspecteert ontdekt hij een lek in de uitlaatdemper van de motor. De rest van de ochtend is hij bezig het ding uit te bouwen. Vandaag kan hij er verder weinig aan doen, het is zondag en alle winkels zijn gesloten. We worden uitgenodigd om bij Anahi te eten. De curry is wederom voortreffelijk.

28 Juli, Vanuatu.
In alle vroegte gaan we op pad, op zoek naar epoxy en glasvezelmatten.  Na wat rondgereden te hebben in de taxibusjes, die hier voor al het openbaar vervoer zorgen, slagen we voor onze boodschappen. Eric met zijn twee rechterhanden, hij heeft zelf zijn Hoek 50 gebouwd, helpt Robert bij het lamineren. Het resultaat mag er zijn, weer een reparatie voor elkaar. Wil je met je boot rond de wereld varen, moet je van alle markten thuis zijn. We nodigen Eric en Marianne uit om samen op het eilandje Tririki, bij ons in de haven, te eten. Het restaurant is romantisch verlicht met tuinfakkels en heeft een fraai uitzicht over de haven. Bovendien is het eten van uitstekende kwaliteit en het gezelschap nog beter.

29 Juli, Vanuatu.
Morgen willen we vertrekken naar Australië. Ik haal de laatste verse boodschappen en kook 2 maaltijden voor de eerste dagen onderweg. Vandaag passeert het6 front met veel regen en wind. We zijn blij dat we veilig in de haven liggen. ’s Avonds gaat de wind liggen.

30 juli, Vanuatu naar Mackay, Australië.
Om 10 uur varen we de haven uit naar Mackay in Australië hier 1150 mijl vandaan. De zee is eerst nog wat onrustig maar de golven nemen af naarmate de dag vordert. Met grootzeil, genua en kotterzeil op varen we aan de wind langs de koerslijn met een mooie snelheid. Na de lunch zie ik aan stuurboord opeens een walvis, je ziet zijn rug tegen de waterlijn en regelmatig blaast hij een waterfonteintje omhoog. Vlug pakken we binnen de camera, maar we zijn te laat. Dan zie ik aan bakboord een hele groep walvissen. Helaas Heidenskip is niet populair bij de walvissen. Zouden ze worden afgeschrikt door onze indrukwekkende kiel? We zullen het nooit weten,maar ze gaan er meteen vandoor. Ondanks dat het een beetje een grijze dag is hebben we goed zeilweer. ’s Nachts moeten we af en toe de motor bijzetten.

31 Juli, op weg naar Mackay.
Dit is werkelijk een schitterende zeildag. Het is helder weer met een lekker zonnetje, maar niet te warm. We zeilen met een net iets ruimere aandewindse koers. De zee is rustig en we schieten door het water heen. ’s Nachts reven we het grootzeil, want in het pikkedonker, het is nieuwe maan, met een snelheid van 10 tot 11 knopen over het water denderen is wel wat veel. In een etmaal leggen we 220 mijl af. 

1 Augustus, op weg naar Mackay.

Er staat vandaag minder wind, bovendien komt de wind van achteren waardoor we minder snelheid maken. Toch kunnen we de hele dag zeilen, alleen ’s nachts zetten we de motor op een gegeven moment bij.

2 Augustus, op weg naar Mackay.
Vraag aan een visser op welke plaats in zee de meeste vis zit , dan kijkt hij waar er veel vogels laag boven het water vliegen, want daar zit dan de vis. Hier midden op de oceaan zien we een groep vogels, laag op een bepaalde plek luidruchtig krijsen, dus waarschijnlijk zit daar een jagende vis. En ja hoor, dit keer is het geen kleintje, een walvis blaast zijn lucht uit en we zien zijn contouren tegen het water aan. Helaas is het een eindje van ons vandaan en men raadt het af om naar een walvis toe te varen, want dan kunnen ze soms rare dingen doen. Een confrontatie met zijn staart zoeken we niet op. Afwisselend zeilen we en motorzeilen we wanneer de wind wegvalt.

3 Augustus, op weg naar Mackay.
Een rustige zonnige dag op zee, we lezen veel, zelfs Robert heeft deze trip al 2 boeken uit. Verder vormt het eten een welkome onderbreking van de dag , samen met veel koppen thee en uiteraard nog meer creamcrackers. We maken minder mijlen dan we verwachten omdat er stroom tegen staat, niettemin schieten we goed op.

4 Augustus, op weg naar Mackay.
Het is een stralende dag, bikiniweer. Voor het eerst sinds lange tijd komen dolfijnen ons begroeten. Het zijn prachtige, grote dieren en ze vertonen voor onze boeg hun kunsten. Je ziet ze nauwelijks bewegen en toch schieten ze vooruit, soms zelfs op hun rug, dan op hun zij. Ik krijg het idee dat ze ons zo nieuwsgierig bekijken en dan zijn ze met zijn allen opeens verdwenen, op weg naar? Om 11 uur ’s avonds komen we bij het Great Barrier Reef aan. Bij springtij kan hier een stroom van 6 knopen tegen staan. We zijn de hele dag aan het racen om tijdig, voor we de ergste stroom tegen krijgen aan te komen. We hebben geluk , eerst staat de stroom nog 2 uur mee, waarna hij draait en we 2,5 knoop tegenstroom krijgen. Dat valt dus mee. Het vergt wel enige voorbereiding en nauwgezette navigatie om tussen de riffen in het donker door te manoeuvreren. We blijven beiden op en houden gezamenlijk wacht tot we op ruimer water komen.

5 Augustus, aankomst Mackay.
De dag begint met een prachtige rode zonsopkomst. Net als we met een kop thee in de kuip zitten zie ik een walvis die hoog uit het water springt. Meteen is alle vermoeidheid verdwenen, wat een imposant gezicht als zo’n kolos helemaal los komt en met een gigantische plons terug valt. Onbeschrijfelijk! In de loop van de ochtend zien we verschillende Bultrug walvissen. Soms zie je ze al vanuit de verte, want ze spuiten hoge fonteinen de lucht in. Dit moet ik natuurlijk tijdens het radionet van 10 uur vertellen, waarna Keith van Baccus met een sterk verhaal op de proppen komt. Hun boot is gisteren door een grote haai aangevallen die zijn tanden in hun roer zette, gelukkig heeft hij waarschijnlijk geen schade aangericht. Ze hebben hem kunnen verjagen door chilipoeder op hem te strooien,( pittig visje ?! ). Om 2 uur komen we aan in Mackay, waar we eerst een hele custums en quarantaine procedure krijgen.  Eerst komt de custums met 2 man sterk aan boord. Behalve uitgebreide papieren die moeten worden ingevuld, inspecteren ze de hele boot. Alle kastjes worden bekeken, de safe moet open, de medicijnkist wordt geïnspecteerd, alleen met onze drankvoorraad hebben ze problemen. We mogen de drank houden, maar dan moet het allemaal in een afgesloten kast, die ze verzegelen. Hiermee zijn we nog niet klaar, wanneer 2 dames van de quarantaine aan boord komen. Wederom moet er een hel stapel papieren worden ingevuld en opnieuw wordt de boot geïnspecteerd. We waren op de hoogte dat je in Australië geen vlees, groente, fruit en zuivel die niet uit Australië komt het land mag inbrengen. Bovendien worden alle souvenirs bekeken of ze ongedierte of houtworm hebben. Samen met onze vuilnis, wat appels, citroenen, kaas en honing  verlaten de dames onze boot. Peter Seymour van de BWR organisatie helpt ons met aanleggen op een mooie plaats in deze goed geoutilleerde haven. Hij komt aan boord een biertje drinken, die we gelukkig mochten houden. Samen met zijn vrouw Annette en Brian van Our Island gaan we thais eten.

6 Augustus, Mackay.
Er zit een dikke zoutlaag op onze boot. Tijdens onze tocht hierheen is er steeds een beetje spray overheen gespoeld en zo langzaam maar zeker is er een korst van zout aangekoekt. Met schrobbers en sop geven we de boot een grote beurt. Het is zonnig maar wel fris overdag en ’s nachts hebben we weer een dekbed nodig, dat zijn we helemaal niet gewend.

7 Augustus, Mackay.
De stiksels van de uv bescherming van de voorzeilen hebben losgelaten, waardoor er allemaal rafels aan hangen. In alle vroegte voordat er meer wind opsteekt, halen we de voorzeilen eraf, om ze naar de zeilmaker te brengen. Dit is een zware klus, maar gelukkig krijgen we hulp van Brian en Camille. Ik ga hier naar de kapper en kom er heel tevreden vandaan. Ze hebben mijn haren glad gestyled waardoor sommige mensen me in eerste instantie niet herkennen. Lorraine wilde Robert al een “smack in the face”geven omdat hij met een vreemde vrouw zat te lunchen. Aan sociale controle zal het hier bij de BWR niet ontbreken!

8 Augustus, Mackay.
Met de bus gaan we naar Mackay. Opvallend is dat de meeste huizen op palen, wat hoger van de grond staan. Dit doen ze omdat hevige regenval in hun zomer vaak grote overstromingen veroorzaakt. Mackay zelf is niet erg spectaculair. Er zijn 2 grote winkelcentra die we beiden bezoeken, maar er niet in slagen de geplande inkopen te doen. Nadat we in de supermarkt onze vers voorraad aanvullen nemen we een taxi naar de boot terug. Om half 6 is er in een café bij ons in de haven een druk bezochte rallyborrel, waarna we met een hele club bij de Thai belanden.

9 Augustus, Mackay.
In de ochtend is er een rallybriefing over onze tocht naar Darwin. Een Australisch clublid van de haven vraagt of hij onze boot van binnen mag zien. Hij schrijft voor een plaatselijk krantje en interviewt ons over de reis en  onze zeilervaringen. We gaan op de foto naast Heidenskip. De rest van de dag is Robert druk bezig met olie verversen en filters van de motor en de generator.

10 Augustus, Mackay.
Op zondag rijdt er een speciale gratis toeristenbus. Samen met Eric en Marianne nemen we de bus naar de botanische tuin. Deze is mooi aangelegd , al staan verschillende planten er een beetje droog en verlept bij. Wel is er een meertje met heel veel verschillende watervogels waaronder een gigantische flamingo. We drinken een kopje koffie met een levendig uitzicht op het birdlife rond het water. De service is zo langzaam dat we vervolgens de bus missen en 2 uur moeten wachten op de volgende. Het wordt dus een botanisch dagje. Teri en Lee, Eric en Marianne komen bij ons borrelen, waarna we tapas gaan eten.

11 Augustus, Mackay
Brian en Margaret van Our Island gaan de rally verlaten. Ze wonen hier in Australië en dan is het moeilijk de kinderen en kleinkinderen weer gedag te zeggen om vervolgens nog een keer rond de wereld te zeilen. Vanavond geven ze een groot afscheidsfeest. Samen met Marianne en Harriet ga ik op pad om een cadeau te zoeken. Eerst gaan we op zoek naar een mooie lijst voor een aquarel van hun boot dat Harriet geschilderd heeft. Er wordt heel wat afgelachen, we krijgen nog een lift van een Australiër van Duitse oorsprong, die 3 dames wachtend op een taxi wel van het industrieterrein, waar de lijstenmaker is, naar de stad wil brengen. Het wordt een uiterst gezellige ochtend en we slagen er in leuke cadeaus te vinden.  Wanneer we het schilderij ophalen, Harriet zit inmiddels bij mijn kapster Josephine, besluiten Marianne en ik haar het eindproduct te laten zien. We krijgen allemaal koffie, er wordt gezellig gekeuveld en het wordt een waar kappersfeestje. Josephine biedt me aan mijn haren nog een keer te stylen, ik krijg een vip behandeling en dit helemaal voor niets! Om 6 uur worden we op het feest verwacht. Als voorafje krijgen we typisch Australische hapjes, zoals krokodil in een krokant korstje, kangaroo, je moet er van houden, waarna er een uitgebreid buffet volgt. Er speelt en leuke band en enige BWR deelnemers vertonen ook hun muzikale kunsten. John zingt niet onverdienstelijk Long Tall Sally, Patrice onze nieuwe Franse deelnemer imiteert Louis Amstrong, Brian met ondersteuning van Peter en Dorothy YMCA en tot slot Lee op gitaar met twee prachtige countrysongs. Een bijzonder geslaagd rallyfeest!

12 Augustus, Mackay.
Al vroeg zijn we paraat voor een hibiscustour met de bus naar een National Park waar vroeger de aboriginals leefden in een mangrove gebied. Na een uurtje rijden stoppen we bij een tearoom gevestigd in een oud treinstationnetje, waar we heerlijke scones met koffie krijgen. Daarna stoppen we in een plaatsje aan de kust waar veel kampers het hele jaar door staan. Er staan prachtige RvS bbq’s voor iedereen vrij te gebruiken. Men zwemt hier in een soort kooien van net gemaakt, dit om de zeer gevaarlijke reusachtige Box Jellyfish buiten te houden. Onze ranger geeft ons het advies om na het zwemmen meteen goed te douchen, want naast deze reusachtige kwal zijn er ook hele kleine kwalletjes, die nog veel gevaarlijker zijn. Na enige uren bijvoorbeeld in je wenkbrauwen of haren gezeten te hebben laten ze los en wanneer ze dan ergens op je huid vallen ben je binnen een paar minuten dood, zo giftig zijn ze. Dit maakt het zwemmen hier niet erg aanlokkelijk. Hierna gaan we naar het National Park. Onze gids weet boeiend te vertellen hoe de aboriginals hier vroeger leefden en toont ons hun voedsel in de bomen, de mud crabs in de mangrove en de grasstrees waar altijd water in zit. Op de terugweg zien we onze eerste wilde kangaroo. Dit geeft me pas echt het gevoel dat we in Australië zijn.

13- 19 Augustus, Sydney.
Met het vliegtuig gaan we naar Sydney, waar we in het Swissotel logeren. Kevin en Geerte komen hier 16 Augustus ook naar toe. Sydney is een grote, bruisende stad. We shoppen, bezoeken het operahuis, waar we ook een voorstelling meemaken, de beroemde bridge aanschouwen, de dierentuin, het aquarium, de botanische tuin, een rondvaart door de haven naar Watsonsbay, het maritiem museum en nog veel meer. Kevin trakteert ons op een bioscoop bezoek in een imax bioscoop waar we de nieuwe Batman zien, the black night. Een zeer geslaagde vakantie van de boot.

20 Augustus, Mackay.
Gisteren zijn we terug uit Sydney gekomen. Bij aankomst kregen we het trieste nieuws dat Keith en Susan van Baccus met de rally stoppen, vanwege een ernstige ziekte van Keith. Ze zijn inmiddels naar Engeland terug gevlogen. We zullen ze missen! We willen zo snel mogelijk doorvaren naar de Whitsundayeilanden, in Mackay valt er niet zoveel te beleven. Eerst moet de boot weer vaarklaar  gemaakt worden. De twee voorzeilen komen terug van de zeilmaker en moeten er weer opgezet worden. Ik draai twee wasjes waarna we een lift krijgen van onze buurman naar Mackay, waar we een grote voorraad eten inslaan. Kevin en Geerte hebben in Mackay ook geshopt en we treffen elkaar, waarna we een taxi terug naar de haven nemen, waar we bepakt en bezakt bij de boot aankomen. We eten lasagne aan boord, kijken daarna een filmpje. Maar iedereen is zo moe, dat alleen Robert de film helemaal afziet.

21 Augustus, Mackay - Brampton Island.
Rond half twaalf maken we uiteindelijk de trossen los, na wat laatste klussen en ons havengeld betaald te hebben. Aangezien we nog geen tijd hebben gehad om een vaarplan te maken, besluiten we voor een kort tochtje naar Brampton Island, hier twintig mijl vandaan. Kevin en Geerte gaan daar aan wal, en wandelen en klauteren het eiland rond. Ondertussen maken we een vaarplan en beantwoorden alle mails. Na een maaltijd aan boord, kijken we een niet al te beste film en maken het niet zo laat.

22 Augustus, Brampton Island - Long Island (Happy Bay, Crocodile Resort)
Rond 8 uur halen we ons anker op met bestemming Long Island. Er staat geen spat wind dus varen we op de motor. We maken een D-tour omdat we in de verte een walvis spotten met jong. Langzaam varen we er achteraan en leggen de motor stil om ze niet te storen. We horen moeder walvis brommend en steunend uitblazen. Dan duiken ze onder, hun majestueuze staart komt nog uit het water, en weg zijn ze. Onderweg komen we meerdere keren walvissen tegen. Een keer komen ze heel dichtbij ons. Ze beginnen tegen elkaar te zingen. Het lijkt net of het geluid recht onder onze boot vandaan komt. Waarschijnlijk fungeert de aluminium romp als klankkast. Het jong zingt hoge tonen en je hoort de moeder antwoorden, dit is heel indrukwekkend. Dan vervolgen ze hun weg en wij starten de motor weer. Om half 4 meren we af aan een mooring bij het Crocodile Resort. We gaan aan wal, waar we eerst een kleine wandeling maken. In het bos zien we verschillende Wallabys, kleine kangaroos. Wanneer we dichterbij komen, hupsen ze er vandoor. Witte papegaaien vliegen krijsend door de bomen. In het Resort zelf lopen reigerachtige vogels op hoge poten. Ze zijn zo tam, dat ze zelfs in de bar en het restaurant rondstruinen op zoek naar eten. We drinken wat in de bar en schuiven aan bij het buffet en eindigen de avond met erg aardige Australiërs in de bar, die ons helpen de drooggevallen dingy, in het water te leggen.

23 Augustus, Long Island, Nara inlet.
Wanneer we ‘s ochtends, met zijn viertjes met een kopje thee in de kuip langzaam wakker worden, in dit idyllisch baaitje, zien we in de verte een walvis. Dat is nog eens romantisch wakker worden. Na het ontbijt varen we naar Hoek Island. Er staat een frisse bries, we varen voor de wind met de genua op en we zijn dan ook in no time in Hoek Island. We ankeren in Nara inlet, een mooie baai die ver het land inloopt waar we rustig liggen. Met de dingy gaan we aan wal . Eerst bezoeken we een grot waar vroeger de aboriginals geleefd hebben. Op de muren zie je nog enige primitieve schilderkunst. Vervolgens gaan we verder, via een moeilijk begaanbaar pad, door de rimboe naar de watervallen. Zoals verwacht staat er alleen wat water in kleine poelen, het is nu droog seizoen. Kevin en Geerte wandelen nog even verder,Robert en ik geloven het wel en gaan terug naar de boot. Op de een of andere manier raken we van het pad af. Dwars door de rimboe heen moeten we klimmen en klauteren, over rotsen en bomen, we dalen af naar de zee,maar daar kunnen we ook niet verder, dus klimmen we weer naar boven. Ik krijg het gevoel of ik met Indiana Jones op pad ben en wordt achtervolgd door…… Als ik een boomstam vasthoud zit ik onder de grote rode mieren. Met de wetenschap dat er hier slangen zitten, voel ik me niet safe, glijdend door de bladeren. Het is bovendien een forse klim. Ik ben dan ook erg blij als we uiteindelijk weer bij de aboriginalgrot komen en terug naar de boot varen. Om van het avontuur bij te komen, zet ik een kop thee. Kevin en Geerte zijn inmiddels ook terug aan boord en wanneer we lekker relaxen komen er 2 witte papegaaien naar onze boot gevlogen. Ze hebben het bij ons goed naar hun zin. Als Kevin ze eerst een stukje appel uit de hand voert, laten ze het vallen, maar een stukje eigengebakken brood gaat er in als koek.  Wanneer het brood op is houden ze het voor gezien, vliegen nog een rondje om de boot en verdwijnen dan naar een volgende eetgelegenheid. Erg leuk!

24 Augustus, Hoek Island naar Cape Gloucester.
Met alleen de genua op en een frisse wind zeilen we een ruime koers waarbij we een flinke snelheid maken. Onderweg zien we vanuit de verte twee keer een walvis. Wanneer we in de buurt van  Cape Gloucester komen zien we een zeeschildpad naast de boot zwemmen. We pikken een mooring op naast Big Blue die hier ook ligt. ’s Avonds eten we samen met Mike en Lorraine in het resort, waar we gastvrij worden ontvangen en van een uitstekende maaltijd genieten. Ze geven ons zelfs nog een brood mee. We zitten namelijk geheel zonder mik en aangezien we morgen van plan zijn in 1 keer  naar Cairns te varen, hier 260 mijl vandaan, is een sneetje brood meer dan welkom.

25 Augustus, van cape Gloucester naar Cairns.
Om half 8 zetten we zeil naar Cairns. Ook vandaag staat er weer een windkracht 6 tot 7. We varen recht voor de wind. Robert en Kevin bomen de genua uit en we schieten door het water. Kevin gooit 2 hengels uit en dat blijft niet zonder resultaat. Hij vangt 4 tonijnen en een wahoo, die nadat ze uitgebreid op de foto zijn gezet weer hun vrijheid in het ruime sop krijgen.

26 Augustus, Cairns, Yorkeys Knob.
Wederom is het weer een fantastische zeildag. De wind is iets gedraaid, waardoor we moeten gijpen en dat betekent dat de loodzware genuaboom moet worden omgezet. Gelukkig hebben we Kevin aan boord en twee sterke mannen weten de klus zo te klaren. Kevin vangt twee tonijnen en heeft ook beet Van een hele grote vis die er met het hele tuig vandoor gaat. Om 3 uur lopen we Yorkeys Knob binnen ongeveer samen met Paramour en Rascal die we onderweg zijn tegengekomen. Met zijn allen gaan we hier in het havencafé eten.

27 Augustus, Cairns.
Teri heeft een uitstapje naar Kuranda georganiseerd. Kuranda is een dorpje in de bergen gelegen , midden in het regenwoud. Een busje met Teri en Lee die al eerder zijn ingestapt, haalt ons en Paramour en Rascal op. Met een ouderwets boemeltreintje gaan we in slakkengangetje de berg op. Iedereen doet zijn best zoveel mogelijk foto’s te maken door de raampjes, waar het een drukte van jewelste is, want om de beurt moet er vlug een kiekje geknipt worden van het prachtige uitzicht, voordat we er weer voorbij zijn. Kuranda is een leuk dorpje met veel toeristenwinkeltjes en kunst. Er klinken lage meditatieve didgeridoogeluiden uit een winkel  waar een aboriginal didgeridoo speelt. Ze verkopen daar uiteraard ook didgeridoos. Wij komen uiteindelijk na enig dubben zonder didgeridoo, het spelen erop is nog niet zo eenvoudig bovendien is het een heel apparaat, maar met handbeschilderde boemerangs naar buiten. Na een gezamenlijke lunch gaan we per cablecars over het regenwoud naar beneden. Het uitzicht is magnifiek. We zien een waterval met een stuwmeer, de bomen zijn hoog en indrukwekkend en er gaat een enorme rust vanuit. Er zijn 3 tussenstations met een tentoonstelling en we krijgen van een gids uitleg over het regenwoud en zijn bewoners. Een erg geslaagde uitstap.

28 Augustus, Cairns.
Met de bus gaan we naar Cairns.  Opvallend is dat de stad er zo goed onderhouden uitziet. Midden in de stad liggen schaars geklede mensen op een grasveld te zonnen.  Het blijkt echter geen park te zijn, maar een openbaar zwembad voor iedereen vrij toegankelijk. Ook hier staan blinkend schone bbq’s voor een ieder die een stukje vlees wil grillen. Australië heette vroeger Nieuw Holland omdat Willem Jansz in 1606 met het schip Duyfken Australië ontdekte. Een replica van de boot ligt in de haven en we besluiten het te bezichtigen. De vrijwilligers die de boot onderhouden geven ons een rondleiding voor 5 dollar. In 2000 deed de Duyfken Amsterdam aan en ze hopen de reis in 2010 opnieuw te maken. Als je zelf de oceaan bent overgestoken heb je veel bewondering voor de prestaties van destijds. Zonder moderne navigatiemiddelen, geheel onbekend terrein, totaal geen comfort, de bemanning sliep in weer en wind aan dek en de boot ziet er allerminst luxueus uit. Hierna gaan we de stad verkennen. Als we ’s avonds hier een hapje willen eten, komen we Teri en Lee tegen op een terras bij en Indiaas restaurant. We schuiven bij hun aan en genieten
van het spicy eten en van hun gezelschap.

29 Augustus, Cairns.
Met de bus gaan we naar de watersportwinkel, wat een hel reis op zich is. De buschauffeur is uiterst behulpzaam en zet ons voor de deur van de winkel af. Wat een service! Het assortiment van de shop is echter beperkt. Hierna gaan we naar Cairns nog een keer in, waar we o.a. de dagelijkse boodschappen doen. Terug aan boord met Kevin en Geerte drinken we een biertje, eten een salade en kijken een film

30 Augustus, Cairns.
In alle vroegte vertrekt Kevin voor een big gamefish trip. Wij blijven aan boord en houden n huishoudelijke en klusdag. Hier volgt Kevin’s visavontuur:
Enigszins verdwaast, het is tenslotte pas kwart over 6 als ik naar de bushalte loop. Na om 7 uur uitgestapt te zijn in Cairns, loop ik naar de haven waar de boot op mij ligt te wachten, met de kapitein en deckhand. Op deze boot heeft Rex Hunt bekend van zijn visprogramma op Discovery Channel ook enkele keren meegevaren.  De overige vissers zijn een vader met 2 zoontjes, Damien 35 jaar en een op leeftijd zijnde corpulente Australiër. Iets over 8 worden de trossen losgemaakt. Met 25 knopen maken we onze weg  in een uurtje naar de marlijnvisgronden. Onderweg zien we verscheidene walvissen die uit het water springen. Rond kwart over 9 worden de lures in het water gelaten. Het duurt niet lang totdat de jongste van het stel een tonijntje aan de haak slaat. Ook onze ronde Australiër weet even later met veel gekreun, gesteun, zweet en hartkloppingen een babytonijn binnen te hengelen. Het duurt niet lang totdat mijn hengel, gillend ontdaan wordt van zijn lijn. Beet! Dit moet een dikke zijn. Met aardig wat moeite weet ik de vis langzaam richting boot te trekken. Eenmaal in de buurt van de boot zien we het exemplaar grote sprongen boven het water maken. Het is een marlijn!!! Na een aardige touwtrekwedstrijd weet de vis op 10 meter van de boot zich te bevrijden door boven op de lijn te springen. Iedereen is teleurgesteld, maar wel blij dat we een marlijn hebben mogen aanschouwen. Het is nog maar half 11, dus de moed zit er nog goed in. Waar er één zit zitten er vast nog meer. En inderdaad even later weet pa een sailfish te haken. Helaas weet ook deze te ontsnappen. Jammer. Maar nog niet getreurd, we gaan vrolijk verder en ja hoor, de tweede zwarte marlijn biedt zich aan. Alweer op mijn hengel! Met een hoop acrobatische sprongen komt de vis uiteindelijk naast de boot. De deckhand pakt met gevaar voor eigen leven de lijn  en met zijn andere hand de neus ofwel het zwaard van de marlijn. Met veel moeite wordt de vis aan boord getild en hebben we met 3 man sterk veel moeite om de vis vast te houden zodat de haak er kan worden uitgehaald. Voldaan pakken we met zijn drieën de vis op voor de overwinningsfoto. Uitgeput en voldaan worden er snel een paar kiekjes genomen, waarna we de vis snel weer zijn vrijheid teruggeven. Euforisch maak ik een overwinningsdansje en drinken we er een biertje op. Mijn dag kan niet meer stuk. Nog 1,5 uur vissen we  verder op marlijn, waarna we besluiten om verder ons succes op makreel te beproeven. Aangezien ik een grote vis gevangen heb doe ik niet meer mee, hier ben ik zeker niet rouwig om. We varen naar een ander gebied en al snel wordt er een Spaanse makreel van een cm. of 60  gevangen. Even later vangt Damien een barracuda van hetzelfde formaat. Nadat we 2 uur op makreel hebben gevist wordt het aas gegrepen door een andere zware vis. Pa heeft er zeer veel moeite mee en deze blijkt zeer lastig binnen te halen. Na een gevecht van 20 minuten is de kracht ineens van de lijn verdwenen. Al snel blijkt dat er alleen nog een kop aan de haak zit. Een hongerig, luie haai is zo vriendelijk geweest om alles behalve de kop op te eten. Deze vis werd ooit een giant trevally genoemd, met een afmeting van ongeveer 140 en een gewicht van minimaal een kilo of 25. De afdruk van de tanden is duidelijk te zien Iedere tand is ongeveer 5 cm. breed. Dat moet een flinke haai geweest zijn. Omdat iedereen inmiddels een aardige vis heeft gevangen besluiten we weer op marlijn te gaan vissen. Helaas levert dit geen marlijnen meer op maar wordt er nog wel een gevlekte makreel van 1.25 m door Damien gevangen. Ik mag de marlijnvlag hijsen bij binnenkomst van de haven. Dit is een oud gebruik bij succesvol marlijn vissen. Ook wordt mijn foto toegevoegd aan het zogenaamde “bragbook” Al met al een zeer geslaagde dag, waarna ik samen met Damien besluit een biertje ( en nog enige meer) te gaan drinken. Die avond gaan we verder in de kroeg, wat de dag erna leidt tot nog meer visvoer.

31 Augustus, van Cairns naar Port Douglas.
Aangezien Kevin en Geerte tot in de kleine uurtjes zijn doorgegaan met zijn visoverwinning te vieren, vertrekken we niet om 7 uur zoals we  van plan waren, maar om 11 uur. Het is niet zo heel ver varen naar Port Douglas en we kunnen de haven i.v.m. het getij en het waterpeil pas na  5 uur binnenlopen. Op ons gemak met alleen de genua op dobberen we naar onze bestemming. Het is een prachtige, warme, zonnige dag. We lezen een boek en relaxen. Als we bij onze gereserveerde havenplaats aankomen ligt er een andere Nederlandse boot op onze plaats. We lossen het op de Nederlandse manier op en we maken naast elkaar vast, waarbij de andere boot tegen ons aan komt liggen. We maken een praatje met onze buurman, hij blijkt een bekende Nederlandse solozeiler te zijn en heeft aan de ostar meegedaan. Zijn naam is Bertus Buys, de voormalige eigenaar van een van de bekendste visstallen van Nederland op het Rijswijkse plein. Harinkje happen op het Rijkwijkse plein. Uit het clubhuis hier aan de haven klinkt het geluid van een getalenteerde zanger, gitarist. We besluiten er iets te gaan drinken en de muziek valt zo goed in de smaak dat we er ook blijven eten. Hierna lopen we het stadje in om even onze benen te strekken. Het ziet er bruisend uit, vol met restaurantjes en winkels.

1 September, Port Douglas.
Kevin en Geerte gaan met een snorkeltour naar het Barrier Reef. Robert en ik gaan met de dingy de rivier op, krokodillenspotten. Er schijnen hier volop krokodillen te zijn, overal zie je borden met waarschuwingen om vooral niet te zwemmen en wanneer je aan wal gaat alert te blijven voor de krokodillen. Met de motor gaan we stroomopwaarts, met aan weerskanten van de rivier dichte mangrove. Terug zetten we de motor af en drijven langzaam, af en toe peddelend terug. Uit de mangrove klinken allerlei vogelgeluiden. Eenmaal meen ik de staart van een krokodil te zien, die het water induikt, maar voor de verdere rest blijven ze onzichtbaar. Volgens onze buurman zijn ze totaal niet bang voor mensen en blijven ze onbeweeglijk zitten. Tussen het hout en de wortels van de mangrove zitten ze perfect gecamoufleerd te wachten op een toevallig langskomende prooi en bijten naar alles wat beweegt. Hierna wandelen we naar het stadje en doen boodschappen. Kevin en Geerte komen enthousiast terug. Met een wetsuit aan, het water is hier een stuk frisser dan in Frans Polynesië, hebben ze langs het Barrier Reef gesnorkeld, met prachtige grote koraalpilaren en gigantische lipschelpen. Na het eten gaan ze hun koffers pakken, morgenvroeg zetten ze hun reis voort en vliegen naar Adelaide waar ze met een camper verder trekken.

2 September, Port Douglas.
Om 7 uur gaat de wekker en na het ontbijt vertrekken Kevin en Geerte met de bus naar het vliegveld. Het was erg gezellig met hun aan boord, we zullen ze missen. Na wat in de boot gerommeld te hebben lopen we het stadje in en lunchen bij Soul and Pepper. De vriendelijke eigenaar blijkt een geïmmigreerde Eindhovenaar! te zijn. We hebben vanavond afgesproken met Peter en Ann-Marie van Lousille om samen te gaan eten, dit lijkt ons een leuke gelegenheid. We zijn net bij hun gearriveerd als onze telefoon gaat. Het is de havenmeester, de eigenaar van de ligplaats (en van de haven) komt morgen heel vroeg onverwacht terug. Hij vraagt ons vriendelijk en een beetje bezwaard of we voor 8 uur willen vertrekken. Het wordt morgen dus weer een vroegertje.

3 September, van Port Douglas naar Lizard Island, 115 mijl.
Om 7uur varen we port Douglas uit. Eerst staat er in de ochtend heel weinig wind, maar we maken toch een snelheid tussen de 6 en 7 knopen. ’s Middags steekt de wind op tot windkracht 6 tot 7 en we vliegen over het water heen. De temperatuur is hier veel hoger dan in Mackay, wat een enorm verschil op zo’n korte afstand. In de verte zien we nog een keer twee walvissen uit het water springen. Om 9 uur komen we in het pikkedonker bij Lizard Island aan. Omdat we zo weinig kunnen zien en de situatie hier in de Watson’s Bay niet kennen, ankeren we wat verder van de kant aan het begin van de baai. We kijken nog een filmpje waarna we moe maar voldaan in onze kooi duiken.

4 September, Lizard Island in Watson’s Bay.
Na ons rituele kopje thee in de vroege morgen herankeren we nu wat dichter bij het strand. De BWR boten Spectra en Happy liggen hier ook voor anker. Paramour en Glendora zijn net vertrokken. We gaan aan wal en maken een wandeling over het eiland. In de 17de  eeuw kwam de familie Watson hier en begon een visbedrijfje. Toen de mannen aan het vissen waren, werd een van hun bediendes vermoord door aboriginals. Hun woning stond op een voor de aboriginals heilig gebied. Mevrouw Watson vreesde voor haar leven en wist samen met een van de bediendes en haar kind in een kuip over zee te ontkomen. Ze spoelde aan op een verderop gelegen eiland, waar ze na enige weken overleden aan uitdroging. Drie maanden later heeft men hun stoffelijke resten teruggevonden, samen met haar dagboek. Haar man die na het vissen thuiskwam, was ontroostbaar en verliet het eiland. De ruïne van het huis staat hier nog steeds. We wandelen er langs en lopen midden over het eiland, door de mangroves, langs de runway van het vliegveldje, door het duingebied naar de andere klant van het eiland, waar een prachtige blue lagoon ligt. Op de terugweg komen we onze eerste lizard (hagedis) tegen. Deze is van veel grote formaat dan die we op de Galapagos eilanden zagen, meer slangachtig met stippen. Op dit eiland is ook een resort, waar yachties niet welkom zijn voor diner, maar wel om in de bar op het strand een drankje te nuttigen. Samen met Spectra en Happy drinken we een sundowner. Uiteraard blijft het niet bij eentje, in dit gezelschap.

5 September, Lizard Island, Watson’s Bay.
In alle vroegte voordat de zon te fel en te warm wordt, gaan we een klim maken naar de top van het eiland. Kapitein Cook, die hier in de buurt op een rif liep, het Endeavour Reef, waarbij hun schip de Endeavour flinke schade opliep en hij de boot in Cookstown repareerde, zocht een opening in het Great Barrier Reef. Hij beklom de berg op dit eiland. Op de top had hij een uitzicht over alle riffen en vond hij inderdaad een opening. De enige dieren die hij op dit eiland tegenkwam waren grote lizards (hagedissen), waarna hij het Lizard Island noemde. Het bewijst zijn grote zeemansschap dat hij de Endeavour hier veilig tussen de riffen wist door te manoeuvreren. Vooral aan het begin van de berg is het behoorlijk klauteren. Hijgend met af en toe een stop kom ik na ruim 1,5 uur boven. Onderweg is het uitzicht magnifiek, maar eenmaal boven zit de top in de nevel en kunnen we niet veel zien. Als we bij het hoogste punt komen, staat er een houten kistje waarin een boek zit met de namen van iedereen die hier naar boven is geklommen. Ook wij schrijven onze naam erbij. Op de terugweg zien we verscheidene lizards, die opwarmen in de zon. Een groot exemplaar zit midden op ons pad en is niet van plan opzij te gaan. Hij komt niet erg vriendelijk over, daarom kiezen we eieren voor ons geld en wijken wij van het pad af, met een boogje om het dier heen. 3 Uur later staan we weer bij onze dingy. s’Middags gaan we van het strand af snorkelen en bbq en met Spectra en Happy. Hier zijn gelukkig geen krokodillen, haaien of gevaarlijke kwallen, dus kunnen veilig snorkelen en een gedeelte van het Great Barrier Reef bekijken. Het koraal is mooi gevormd en vooral de metersgrote lipschelpen zijn prachtig. Het wordt een gezellige happening op het strand, waarbij andere yachties even komen buurten. Terug aan boord begeeft de pomp van het toilet het, waardoor Robert een groot gedeelte van de avond bezig is met het inbouwen van een nieuwe. We zijn blij als deze niet zo gemakkelijke en onplezierige klus met succes geklaard is.

6 September, van Lizard Island naar Bathurst Bay, 75 mijl.
Om 7 uur vertrekken we naar Bathurst Bay. Eerst is het nog een beetje bewolkt en staat er niet zoveel wind, later op de dag, zoals we hier meestal ervaren, neemt de wind toe en schijnt de zon volop. In Bathurst Bay schijnen dugongs te leven, volgens mij zijn dat zeekoeien. Het zijn vegetariërs en in deze baai groeit veel zeegras waar ze van grazen. Vandaag laten ze zich jammer genoeg niet zien. Happy en Spectra vangen samen 3 vissen onderweg. We worden bij Happy uitgenodigd voor een vismaaltijd, door Mary in de oven uitstekend bereid.

7 September, van Bathurst Bay naar Flinders Island, 15 mijl.
Er staat totaal geen wind vandaag en het is bloedheet. We varen rustig op de motor naar Flinders Island. Onderweg blijf ik zonder succes, ingespannen spotten naar zeekoeien. Wel zie ik een gevlekte zeeslang naast onze boot, die verschrikt onderduikt. Het is niet safe om hier te zwemmen, dus blijven we aan boord. ’s Avonds eten we wederom bij Happy, die van de overgebleven vis een smakelijke vispie heeft bereid gevolgd door een door mij gebakken chocoladetaart.

8 September, van Flinders Island naar Morris Island, 65 mijl.
De dag begint warm en zonder wind. Vanaf half 11 kunnen we zeilen, met een mooi lopend windje. Om 4 uur ankeren we bij Morris Island, een smal eilandje met een palm erop. We zouden graag willen zwemmen maar overal om onze boot zien we minuscuul kleine kwalletjes, daarom verkiezen we een verkoelende douche. Tijdens borreltijd komt de hele bemanning van Spectra, Happy en Prew of holland bij ons iets drinken.

9 September, van Morris Island naar Portland Road, 60 mijl;.
We hebben van de rallyleiding al verschillende mails gehad over het verkrijgen van toestemming om Indonesië aan te doen. Het wordt met de dag gekker, wat de autoriteiten in deze landen vragen. Men wil nu dat iedere  boot 15 % van zijn waarde, bij aankomst voldoet en als we Indonesië verlaten en alles is ok, krijgen we dan het geld teruggestort. Geen haar op ons hoofd, denkt er over hieraan te voldoen. Bovendien moet je in een dergelijk land maar afwachten of je het terugkrijgt. Wederom boffen we met de wind en glijden we door het water heen. Om kwart over 3 laten we ons anker zakken. Lousille ligt hier ook voor anker, we zijn nu met in totaal 5 bwr boten. Met zijn allen gaan we hier aan wal, eten in een café restaurantje. We moeten zelf onze drank meenemen, aangezien ze hier geen vergunning voor hebben. De eigenaar is bijzonder vriendelijk, we eten op een knusse veranda en de verse garnalen, die hier gevangen worden zijn de lekkerste die ik ooit gegeten heb. Na deze zeer geanimeerde avond, worden we door de eigenaar begeleid met een zaklamp terug naar onze dingy’s en vergewist zich ervan dat we gevrijwaard blijven van hongerige krokodillen.

10 September, van Portland Road naar Red Island, 155 mijl.
Om 12 uur vertrekken we naar Red Island hier 155 mijl vandaan. Vannacht zullen we een nachtje door moeten varen. We willen de volgende ochtend bij daglicht door de Albany Pass varen, een nauwe vaarweg in het Noordelijkste puntje van Australië. We hebben uitgerekend dat als we met niet meer dan een gemiddelde van 7 knopen varen, we juist bij het krieken van de dag daar zijn, dus varen we met slechts de genua op met een mooie wind. Het blijft hier wel goed uitkijken met alle riffen en snellopende vrachtschepen, die je van alle kanten inhalen. Vooral ’s nachts is het ingespannen wachtlopen en we moeten de genua nog wat inrollen want we maken te veel snelheid. Precies bij zonsopkomst gaan we door de Albany Pass, met aan weerszijden bomen,mangroves, rotswanden en stranden. Vroege vogels net ontwaakt fluiten hun ochtendgezang. We hebben een flinke stroom mee en we vliegen door de pas, waarna we alle zeilen bijzetten en om 9 uur ankeren bij Red Island.

11 September, Red Island.
We liggen voor anker tussen Red Island en de vaste wal. Het plaatsje heet Seisa. Veel Australiërs komen hier met hun 4wd naar toe gereden, het is voor hun heel bijzonder om in het Noordelijkste puntje van Australië geweest te zijn. Opvallend is dat het land net een grote gravelbaan is. Het zand is rood gekleurd, doordat het bauxiet bevat. Dit is het land van de aboriginals. Inmiddels liggen hier 7 BWR boten voor anker en we gaan met zijn allen eten op de camping.

12 September, Red Island.
Omdat we geheel zonder contanten zitten gaan we met de taxi naar het dichtstbijzijnde plaatsje waar een ATM machine is. Dat lijkt eenvoudig maar het wordt een compleet dagprogramma. Bij de camping zijn ze zo vriendelijk een taxi voor ons te bellen en na een uur wachten en nog een keer telefoneren arriveert de taxi, die ons in het stadje afzet. Hij belooft ons na een half uur, 3 kwartier weer op te halen. Het plaatsje zelf bestaat uit 1 postkantoortje,  1 supermarkt en een van alles en nog wat winkel. De ATM is in de supermarkt, die we geheel legen. Na bijna 1,5 uur nog steeds geen taxi gezien te hebben, krijgen we een lift terug van een toevallig passerend rallylid. .Geldmissie geslaagd! ’s Avonds is er bij de locale visclub een BBB feest ( burger, bier en band ), waar we met de hele club naar toe gaan. De vierkante zangeres zingt erg vals, gelukkig stopt ze na een aantal nummers met zingen en is de zanger die haar opvolgt van betere kwaliteit. De muziek is zo hard, dat van een conversatie weinig overblijft. Rond een uur of 10 zijn we weer aan boord en kijken nog een filmpje.

13 September, Red Island
We willen morgen naar Darwin vertrekken, hier ongeveer 5 dagen varen vandaan. De laatste verse voorraad wordt ingeslagen. Het is vandaag bloedheet, er zijn prachtige stranden, maar o.a. vanwege de krokodillen, die we nog steeds niet gezien hebben, wordt zwemmen hier ten strengst afgeraden. Hugh en Shan van Stargazer konden in Morris Island de verleiding niet weerstaan en zwommen van hun boot naar het eiland, maakten daar een wandeling waarna ze weer terugzwommen.  Nog nat van hun sportieve uitje, zagen ze op het eiland een levensgrote krokodil van meer dan 4 meter. Over geluk gesproken! Wij zien van een dergelijke ontmoeting maar liever af. Met Teri en Lee gaan we nog een keertje op de camping eten. Als we daar op het terras zitten, duurt het een tijdje en dan komt de hulp van de kok vertellen, dat de kok er vandaag helaas vandoor is gegaan. Zij wil ons toch helpen en kan ons een eenvoudige maaltijd voorzetten. Haar bijdehante dochter serveert ons en het smaakt prima. We maken het niet zo laa5t want we willen morgen vroeg vertrekken.

14 September, Red Island naar Darwin, 840 mijl.
Even na zevenen, net na laag water vertrekken we naar Darwin, een tocht van ongeveer 5 dagen. Er staat heel weinig wind, afwisselend zeilen we en motorzeilen we als de snelheid erg ver wegvalt. We lezen veel en na het avondeten kijken we een spannende aflevering van Kapitein Hornblower, om toch in de nautische sfeer te blijven.

15 September, op weg naar Darwin.
Langzaam zeilen we de dag door. Er staat heel weinig wind,maar net genoeg om de zeilen vol te houden. Een vliegtuigje van de kustwacht vliegt laag over en roept ons op. Hij wil weten waar de boot geregistreerd is, waar we vandaan komen en wat onze bestemming is. Alle vaartuigen worden hier goed in de gaten gehouden, we horen ze regelmatig boten oproepen. Pas om 11 uur ’s avonds houdt de wind het helemaal voor gezien en gaan we op de motor verder.

16 September, op weg naar Darwin.
De dagen vloeien langzaam in elkaar over. Heel relaxed zeilen we de dag door. We ontwikkelen weer onze boot routine, tijdens een oversteek. Ook ons eetpatroon passen we hierop aan. Het is plezierig bij daglicht te koken, eten en afwassen, dus eten we tussen  4 en 5 uur. Na het radionet van 6 uur kijken we samen een filmpje, waarna ik om 9 uur als eerste de wacht in ga, met als gezelschap mijn grote vriend, een prachtige volle maan.

17 September, Op weg naar Darwin.
Het is vandaag wel heel erg warm, binnen in de boot wijst de thermometer 36,9 graden aan. We houden weinig energie over nog veel te ondernemen. Een verfrissende salade voor de lunch is een welkome onderbreking van de dag. Robert komt tot de conclusie dat we op precies het juiste tijdstip bij de eilanden boven Darwin arriveren. Dat bekent dat we met het tij mee tussen de eilanden door kunnen varen en er niet omheen. Het bekort onze zeiltocht met maar liefst 100 mijl en we komen een dag eerder aan. Onze wacht ’s nachts vergt continue concentratie, er is hier veel scheepsvaart en ook het navigeren tussen de eilanden en riffen door moet precies gebeuren.

18 September, Darwin.
Met een flinke stroom mee worden we a.h.w. tussen de eilanden door geflushed. We kunnen de jachthaven hier in Darwin niet zo maar binnen lopen, hij ligt achter de sluis en ze zijn hier in Australië bang voor de zeer snelgroeiend “black striped mussel”. Voor we door de sluis kunnen krijgt de boot eerst een controle van het onderwaterschip en het koelwatersysteem wordt behandeld met een gif dat alle eventueel aanwezige mossels dood. Het moet dan 14 uur blijven zitten. Morgenvroeg komen ze voor de behandeling. Eerst ankeren we in Fannie Bay , waar een onplezierige deining staat en waar we niet aan wal kunnen. We houden het daar snel voor gezien en herankeren in Francis Bay. Anahi komt naast ons ankeren. We nodigen hun uit om bij ons iets te drinken en uit mijn noodvoorraad, maak ik een alternatieve spaghetti. We kletsen gezellig bij.

19 September, Darwin.
Al om half 7 krijgen wede pestcontrole inspectie. Gelukkig is onze boot vrij van de gevreesde mossel. Wel kunnen we vandaag niet varen, dus blijven we nog een dag voor anker. Met onze bijboot gaan we aan wal. Darwin is een aantrekkelijke stad en zeer geschikt om souvenirs te kopen. Bepakt en bezakt komen we bij de boot terug en met een prachtige didgeridoo. Nu nog erop leren spelen, de verkoper in de winkel heeft ons uitgelegd en voorgedaan hoe het moet. Opgetogen ga ik in de kuip zitten met de didgeridoo tussen mijn benen. Je moet er met ontspannen lippen op blazen, de grote kunst is dat je je adem moet laten circuleren. Af en toe schater ik het uit van het lachen. Tot nu toe komen er alleen een soort toiletgeluiden uit, of het lijkt veel op een jankende hond. Gelukkig heb ik onderweg nog voldoende tijd om het te leren. Ik ben benieuwd of ik een didgeridoo concert kan geven tegen de tijd dat we thuis zijn.

20 september, Darwin.
Om half 9 gaan we naar Tipperary Marrina. Hiervoor moeten we door een piepklein sluisje. Eerst denk ik dat het nooit gaat lukken, maar met passen en meten en flink manoeuvreren, liggen we in de sluis en wonder boven wonder, de sluisdeur kan nog net dicht.  Tipperary is een klein intiem haventje met rondom leuke appartementen, waarvan sommigen met steiger. .De boot heeft een grondige schoonmaakbeurt nodig, maar spelen met water is bij deze hoge temperatuur geen straf. Hierna wandelen we naar de stad, wat een hele tippel is, zeker bij deze verzengende hitte. Dorstig en uitgeput ploffen we neer bij de eerste beste gelegenheid om wat te drinken. We besluiten dan ook de taxi te nemen voor de terugweg. ’s Avonds hebben we met de hier aanwezige rallyleden afgesproken in een nabijgelegen yachtclub. Verhalen worden uitgewisseld bij een glas bier. Het is leuk elkaar weer te zien, na sommige rallyleden ruim een maand gemist te hebben.

21 September, Darwin.
Met Eric en Marianne gaan we naar het museum hier in Darwin. Er zijn verschillende afdelingen, een met aboriginalkunst, een natuurhistorische en een maritieme afdeling, waar wat scheepjes staan. We lunchen bij Fannie Bay. ’s Avonds gaan Paul en Harriet ook mee en met zijn zessen in de auto gaan we naar een markt, waar van alles te koop is. Er zijn veel foodkraamojes, waaruit je kunt kiezen uit de keuken van ongeveer de hele wereld. Het allerleukste is de muziek. Heel speciaal is de didgeridoospeler, die begeleid wordt  door een strakspelende drummer. Hij bespeelt 4 didgeridoos die aan elkaar vast zitten en versterkt worden. Het heeft een pop- swingend effect, heel wat anders dan de meditatieve klanken, die je vaak bij didgeridoos hoort.

22 September, Darwin.
Het is vandaag een rommeldag. Robert bekijkt om half 7, voor het te heet wordt om te klussen, de airco, die het nog nooit enigszins gedaan heeft,na. Hij komt tot de conclusie dat het waarschijnlijk een kwestie is van wat gas bijvullen. Het is niet eenvoudig om een bedrijf te vinden die hier tijd voor heeft, maar als het goed is komt er morgen iemand voor kijken. Wel staat er binnen een uur na een telefoontje iemand voor het maken van een goed passende sprayhood op de stoep. Hij kan bovendien goede zonbescherming, iets dat onmisbaar is in dit klimaat. Ik ga met een winkelwagentje vol met een hoge berg wasgoed naar de wasserette, wat bij sommige rallyleden het commentaar uitlokt of ik soms met al mijn bezittingen op stap ben. Bovendien regelen we een tour naar 2 nationale parken hier in de buurt, eind deze week. We willen graag nog wat meer van Australië zien, tot nu toe hebben we bijna alleen iets van de kust gezien. Ook vandaag is het weer tropisch warm.

23 September, Darwin.
Robert wacht de hele ochtend tevergeefs op de aircoreparateur. Ik ga met Marianne de stad in shoppen en naar de douane De Neva’s, Paramour en Marianne komen bij ons borrelen, waarna we met zijn allen in de yachtclub gaan eten.

24 September, Darwin.
Er wordt druk geklust aan onze boot. De man van de airco is in alle vroegte paraat. Jammer genoeg is het niet een kwestie van even gas bijvullen. Hij is er de hele dag druk me doende. De praatgrage Australiër Mat, die onze spayhood Komt maken, is ook de hele dag bezig, zo ook Robert die zijn aandacht tussen beiden moet verdelen. Ondertussen ga ik naar de Indonesische ambassade om een start te maken met onze visa aanvragen. ’s Avonds gaan we met Zipadedoda wederom bij de yachtclub eten. Voor nog geen 10 Euro serveren ze een uitstekende maaltijd. We treffen er ongeveer de hel BWR aan. Bovendien speelt er een getalenteerde zanger, gitarist, die er de stemming goed in weet te brengen.

25 September, Darwin.

De hele dag is de aircoreparateur druk bezig. Ook Mat komt regelmatig de maten nemen voor de sprayhood en het zonnescherm. Ondertussen is het verzengend heet en benauwd. We hebben geen plekje schaduw, dus vluchten we binnen in de boot en kijken ’s middags een filmpje, het is te heet om maar iets te doen.

26 September, Darwin.
Om 7 uur worden we opgehaald, we gaan  een uitstapje maken naar Litchfield National Park. Het landschap is groot, wat eentonig en droog, het is nu immers het droog seizoen. In Oktober beginnen de moesson regens en zal een groot gedeelte van dit gebied onder water lopen. We komen enorm veel termietenheuvels tegen, er zij wel 20 verschillende soorten vertelt de chauffeur ons. We zien hele kleintjes, die als kabouterpuntmutsen in het landschap staan, maar ook metershoge plateau termietenheuvels. Heel bijzonder zijn de magnetische termietenheuvels, die allemaal in de Noord- Zuid richting staan. We komen bij een vlakte met wel honderd van die heuvels. In de schaduw ervan zoeken wallaby’s de koelte op, soms hupsen ze naar de volgende grote, waar ze uit de zon kunnen verpozen. We maken een wandeling door de bush en bezoeken de Florence Falls en de Wangi Falls, twee fraaie watervallen, waar we kunnen zwemmen en even lekker kunnen afkoelen. Terug in de haven, is er een BBQ georganiseerd voor iedereen hier aanwezig. Er zijn gegrilde worstjes en verder is het, hier in Australië heel gebruikelijke, BYO ( Bring Your One) drank en dit keer ook salades, saus en vlees. De BWR wordt heel gastvrij ontvangen en het wordt een geslaagde avond.


27 September, Darwin.
Robert heeft last van een oorontsteking en doet het vandaag kalm aan. Morgen hebben we een 2 daagse trip naar het Kakadu National Park. En hopelijk voelt hij zich dan wat beter. Daarom ga ik alleen bij Pelle iets drinken, die de hele groep die op uitstap gaat heeft uitgenodigd. Na een uurtje haal ik een kant en klare kip en salade in de winkel, die we aan boord opeten terwijl we een film kijken.

28 September, Darwin naar Kakadu National Park.
Al om 6 uur in de ochtend haalt de bus ons op, te vroeg voor ons om te ontbijten. Gelukkig stoppen we onderweg voor een kop koffie en na deze cafeïneshot en een broodje zijn we weer bij de les. Onze chauffeuse vertelt ons over het landschap en zijn seizoenen. Eens keer per jaar wordt het land gecontroleerd in brand gestoken. De aboriginals doen dit al meer dan 10.000 jaar. Van generatie op generatie wordt deze gewoonte doorgegeven, om het land op te ruimen en vrij te maken voor nieuwe flora. Je ziet inderdaad zwartgeblakerde bomen, die niet dood zijn en op gedeeltes die al een paar weken geleden gebrand zijn, schieten al weer nieuwe planten de grond uit. We stoppen bij Nourlangie Rock, een grote rotspartij, die beschilderd is met aboriginals kunst. Iedere tekening heeft zijn eigen verhaal en als het verhaal niet meer van belang is wordt er gewoon overheen geschilderd. We maken een wandeling naar een uitzichtspunt. Het is werkelijk verzengend heet en onze gids drukt ons op het hart de hele dag door veel water te drinken. Er gaan heel wat liters doorheen,. ik heb nog nooit zoveel water gedronken. Na de lunch gaan we een vaartocht maken op de Yellow Water Billabong. We varen door een prachtig waterlandschap met lotus lelies, de meest exotische vogelsoorten, waaronder een zeearend. In de verte zie je wilde paarden en runderen met soms op hun rug een witte vogel die even meelift. Een fraaie witte vogel is een gelukkige visser, hij spiest met zijn snavel een grote vis. Aan wal probeert hij de vis naar binnen te werken, door hem omhoog te gooien en dan door te slikken. Dat is nog niet zo eenvoudig, de vis dreigt te ontsnappen, maar uiteindelijk weet hij zijn buit naar binnen te werken. Er heerst een hele rustgevende haast serene sfeer. Maar ongemerkt loert het gevaar van alle kanten.  Overal zijn er ogen die je ongemerkt observeren. Dit is namelijk ook het gebied van de krokodillen. We worden gewaarschuwd geen handen buiten de boot te houden. Dan zien we een paar krokodillen zwemmen. Ze zien er haast prehistorisch uit, wat een indrukwekkende beesten. Een krokodil ligt op de rivieroever een dutje te doen in de zon, zo warmen deze dieren op, ze zijn immers koudbloedig. Iedereen maakt enthousiast foto’s van hem. Hierna bezoeken we nog een aboriginal cultuurcentrum, met een tentoonstelling hoe deze mensen leefden. We worden afgezet bij het Holiday Inn Crocodil Resort Hotel. Dit hotel is gebouwd in de vorm van een  krokodil. Met de hele groep wordt er ’s avonds gezellig gegeten en nagepraat.

29 September, Kakadu National Park naar Darwin.
Om 10 voor8 is onze bus weer paraat. Eerst brengt hij ons naar Ubiri waar we nog veel meer aboriginals rotskunst zien. We beklimmen de berg vanwaar we een uniek, ver uitzicht over het prachtige land hebben. Een van de aboriginals schreef: “people need to come here and relax sit on the country, feel the spirits of this country and go home and feel the same way”. Het zou inderdaad mooi zijn het gevoel van deze plaats met je mee te kunnen nemen. We gaan verder met de bus en al is het pas 11 uur, buiten in de schaduw is het al 38 graden! Dan komt voor mij het meest indrukwekkende gedeelte van deze trip, we gaan een cruise maken op de East Alligator River. In tegenstelling met de naam van deze rivier zitten er hier geen alligators maar levensgrote gevaarlijke krokodillen. We zitten nog maar nauwelijks in de boot ( handen en benen binnenhouden) of we zien aan alle kanten de reuze kroks. Het tij stroomt de rivier binnen en brengt uit zee veel vis mee, dat betekent voedertijd. Het water kolkt soms om ons heen, de vissen springen uit het water. We zien een krokodil een grote baramundi vangen, hij zwemt met de vis in zijn bek aan wal waar hij het dier met een ruk omhoog in een hap snap klap naar binnen slokt. Wat een imposant dier. Op de oever ligt een groot exemplaar te zonnen. We naderen hem met de boot om foto’s te maken. Ik zit aan de buitenkant van de boot, dan voor ik me realiseer wat er gebeurt springt de krokodil vanuit slaapstand recht op onze boot in de richting waar ik zit,af en beland gelukkig in het water. Ik geef een enorme gil en ik duik  naar het midden van de boot. De adrenaline giert door mijn lijf. Nooit geweten dat deze kolossen zo snel en gewelddadig zijn. We gaan van boord bij Arnhem Land. De aboriginalgids geeft ons met eigengemaakte speren een demonstratie hoe er gejaagd wordt op vis en wild. Hierna gaan we weer terug naar de bus, we lunchen en op de terugreis stoppen we bij een uraniummijn die we vanuit de bus bekijken. Uit de diepe mijn komen vrachtwagens vol rotsblokken aangereden. Ze stoppen op een plaats waar ze getest worden of er uranium bijzit, slaat de vrachtwagen rechtsaf dan zit er niets bij en is deze lading tevergeefs, slaat hij linksaf dan hebben ze uranium gevonden wat dan verder verwerkt wordt. In de tijd dat wij er staan kijken is het twee keer bingo, wat volgens onze gids heel bijzonder is. Als laatste bezoeken we een wetland met een groot meer, waar nu aan het einde van de dag duizenden vogels neerstrijken. Zelfs een ooievaar vliegt sierlijk langs. Een prachtig eind van de dag, waarna we nog en paar uurtjes moeten rijden voor we weer terug bij de haven zijn.

30 September, Darwin.
We moeten vandaag nog veel regelen voor we klaar voor vertrek naar Kupang zijn. De visa voor Indonesië zijn inmiddels binnen. We hebben Aust6ralische, Amerikaanse dollars en rupiahs nodig, wat  een hele tocht langs verschillende pinautomaten en wisselkantoren oplevert. Aangezien we onze voedselvoorraad zoveel mogelijk hebben opgemaakt voor we Australië binnenkwamen, moet deze nodig worden aangevuld.  Met een enorme lading komen we terug aan boord. Om 5 uur is de briefing voor Kupang aan het andere eind van de stad met aansluitend een rallyparty. We horen dat er vandaag op het nieuws bekend is gemaakt dat een visser in Cookstown hier in Australië door een krokodil is opgegeten. Met deze dieren valt dus inderdaad niet te spotten.

1 Oktober, Darwin.
Om 9 uur moeten we ons bij de custums melden, om het land uit te checken. Van allerlei papieren moeten Kopieën gemaakt worden en we doen de laatste boodschappen. De boot krijgt nog een schoonmaakbeurt en de aircoman komt nog langs, hij werkt tot 8 uur ’s avonds aan de airco en zet er een nieuwe pomp in. Er zit ergens nog lucht in de leiding waardoor de airco het nog steeds niet geweldig doet. We gaan met Zipadedoda in de stad eten.

2 Oktober, van Darwin naar Kupang, Indonesië.
Nadat we om half 8 door het sluisje van de haven naar buiten zijn geschut, gaan we eerst tanken in de vissershaven. De halve BWR vloot gaat daar tanken, bovendien moet er flink doorgewerkt worden vanwege het tij. Om de voortgang te bespoedigen laten we een aantal rallyboten, die veel minder brandstof kunnen tanken, aan ons vastmaken en voorgaan. Uiteindelijk varen we om half11 afgetopt met taxfree diesel de haven uit. We zijn in Australië en hier in de haven bijzonder gastvrij ontvangen. Speciaal zullen we het overal gehoorde ’Hey mates, no worries’, missen. Australië is een enorm groot uitgestrekt land, heel schoon met bijzonder goed bijgehouden openbare faciliteiten en aardige behulpzame mensen. Tevens een land met de meest gevaarlijke dieren, zoals haaien, krokodillen, zeer giftige kwallen en  slangen , spinnen en vervelende vliegen. We varen nu naar Kupang hier 500 mijl vandaan en we zijn erg benieuwd wat we daar aantreffen. Het is weer een warme dag, er staat eerst geen wind maar in de namiddag steekt er een lichte bries op en kunnen we aan de wind 9,5 uur zeilen, waarna  het weer windstil wordt en we op de motor verder gaan.

3 Oktober op weg naar Kupang.
De hele dag hebben we op de motor gevaren, net als de rest van de BWR motorbotenvloot Het is windstil, bloedheet weer. Robert gaat nog een keer met de airco aan de slag. Hij ontdekt dat de monteur die de pomp heeft ingebouwd de slangen,met terugslagkleppen, verkeerd om gemonteerd heeft. Vandaar dat de airco de koelte niet kan rondpompen. We lezen veel en verder is het te warm om iets te doen. Tijdens de wacht hou ik mezelf wakkere door teteris te spelen en heel veel koppen thee te drinken. 

4 Oktober, op weg naar Kupang.
Ook vandaag staat er geen spat wind, de zee is zo glad als een spiegel en het is erg warm. We kijken ’s middags de film, Pride and Prejudice, iets wat we hier aan boord nog nooit eerder gedaan hebben. Vlakbij varen Pelle en Zipadedoda en zo motoren we de hel dag door de nacht in.

5 Oktober, Kupang.
Als we dichtbij het land komen wordt het druk met vissersboten. Ze hebben hun netten vaak veruit liggen en het eind ervan wordt gemarkeerd door een stroboscopisch lichtje. We nemen wat gas terug, want we zijn wat vroeg en het is nog donker. Bij zonsopgang lopen we baai in en laten het anker zakken. In de lob van de ochtend krijgen we de quarantaine en custums aan boord. Het verloopt onverwacht buitengewoon gladjes. Ze zijn onder de indruk van onze bootstempel, die we onder alle papieren en kopieën moeten zetten. Robert is de hele dag bezig de custums van de ene BWR boot naar de andere te brengen met onze dingy aangezien de meeste boten hun bijboot nog niet hebben opgeblazen. Met onze dingy gaan we aan wal en drinken daar een biertje. Al gauw staan er verschillende mensen rondom ons, die ons hun diensten aanbieden, oppassen op onze boten en dingy’s, taxiservice, geld wisselen, toeristenuitstapjes, tot verkoop van kleedjes en een bedelend kind. Met een goed Engels sprekende man gaan we in zee. Hij brengt ons met busjes naar een betrouwbaar restaurant, waar we met 15 man een heerlijke Indonesische maaltijd voorgeschoteld krijgen. Hij eet met ons mee, want zoals Robert hem op het hart drukt het moet schoon eten zijn, “We sick, you sick”.

6 Oktober, Kupang.
Aan het eind van de ochtend, na onze boot een opruimbeurt gegeven te hebben, gaan we met e dingy aan wal. We worden daar opgewacht door het dingybewakingsteam. Voor 2,5 dollar per dag helpen ze ons aan wal, tillen onze zware bijboot het land op en bewaken het de hele dag. We zijn van plan even iets te drinken op het terras waar de BWR bijeenkomt, maar het is zo levendig en gezellig dat we het grootste gedeelte van de dag blijven plakken. Ondertussen kopen we allerlei soevenirs van de handelaren die met niet aflatende ijver en volhardendheid hun waren aan ons proberen te slijten. We lunchen daar ook en eten nasi en gado gado voor omgerekend nog gen 3 euro. ’s Avonds gaan we met de hel BWR op sap en eten een zeer pittige rijsttafel.

7 Oktober, Kupang.
We gaan een uitstapje maken met de bus, georganiseerd door het bureau van toerisme. Eerst bezoeken we een traditionele markt. Het is een kakofonie van geluiden, de brommertjes zoefen je van alle kanten voorbij. De rijst en specerijen kraampjes zijn een schilderij voor het oog, maar ook is het erg smerig, levende dieren worden er verhandeld en hun uitwerpselen liggen overal verspreid. Hierna bezoeken we een huis met een privé-kunstcollectie. Er staan o.a. grote VOC kruiken. Daarna is het museum aan de beurt, waar ze heel trots op zijn, maar dat ons niet echt kan bekoren. De volgende stop is Florama Beach, we krijgen een demonstratie hoe je in en palmboom moet klimmen en van het palmsap maken ze een soort snoepgoed boven een houtvuurtje. Het is jammer dat het hel land overal zo vuil en smerig is en overal ligt er plastic. Marianne omschrijft het heel goed: Je wordt energiek wakker  met het plan je rommelige garage of overvolle zolder een grondige opruimbeurt te geven. Dan open je de deur van de garage, overziet de chaos, waarna je de deur maar weer dicht doet. Hetzelfde gevoel krijg je als je dit land ziet, het is zo bezaaid met zwerfafval, gebouwen vallen bijna in elkaar en ook de natuur heeft weinig te bieden. Na een goede lunch, uiteraard wederom rijsttafel, bezoeken we een traditionele workshop waar ze authentieke snaarinstrumenten maken. Dit is het hoogtepunt van de dag, we worden begroet met een dans. Een van hun is een bejaarde man, op zijn hoofd  een traditionele , voor ons komische soort carnavalshoed, die met veel plezier en verve, ritmisch danst. Hier worden al generaties de traditionele sesandi instrumenten gemaakt. De kleinzoon van onze dansartiest geeft ons een concert. Hij imponeert ons, binnen hele korte tijd verandert onze stemming van verveeld naar uitbundig en zeer  enthousiast. Hij is bijzonder muzikaal en zou in het buitenland zeker een beroemd artiest worden. Ik heb nog nooit een dergelijk instrument gezien en gehoord. Het heeft iets weg van een gitaar maar ook van een harp. Hij speelt zowel traditionele als westerse muziek. Volgens Robert de Timorese Eric Clapton, zeker na het spelen van Wonderful Tonight. De hele familie wuift ons uit. Onze gids heeft op de markt een grote tros bananen gekocht, want we gaan de apengrot bezoeken, waar meer dan 100 apen wonen. Wanner we daar aankomen is de moessonregen net gestopt. De apen hebben zich teruggetrokken in hun grot en hoezeer onze gids zijn best doet met zijn bananen en lokgeluiden er laat zich geen aap zien. Terug in de haven moeten we een paar uurtjes wachten op het groen quarantaineboekje. De tijd spenderen op terras met onze mederallyleden, waarna we terug aan boord relaxen en het niet zo laat maken.

8 Oktober, Pukang.
Na een rustige dag aan boord, worden we verwacht voor een groot rallyfeest voor ons georganiseerd door de locale overheid. Nu krijgen we ook onze cruisingpermit, waarmee we verder kunnen varen. Na een openingsdans van sierlijke danseresjes krijgen we een toespraak van de burgemeester, die vertaald wordt in het Engels. De hele pers heeft zich verzameld, we zijn hier een hot item. Hierna volgt Richard, die namens de BWR een klinkende speech geeft. Tijdens een uitstekend buffet speelt onze sesandi muzikant, hij steelt wederom ons hart.  Inmiddels ben ik in gesprek geraakt met een 23 jarige jongeman, Alfredo die we hier al eerder ontmoet hebben. Hij is leraar Engels op school en van het geld dat hij verdient onderhoudt hij 10 weeskinderen, die bij hem slapen. Hij nodigt ons uit om zijn dorp en het weeshuis dat geleid wordt door zijn buurman, de pastor van het dorp en zijn vrouw. Eigenlijk willen we morgen heel vroeg vertrekken, maar met een aantal BWR dames besluiten we daar morgenvroeg een kijkje te gaan nemen. Een zanger begeleid door een keyboardspeler, weet de voetjes van de vloer te krijgen. Als twee4 goedogende slanke danseresjes Robert uitnodigen om mee te dansen, is hij zo op de dansvloer. Hier profiteer ik weer van, want hij heeft de smaak te pakken, dus dansen we vanavond heel wat af. Ook de eigenaar van het café restaurant, Robin grijpt als de meeste gasten al naar huis zijn, de microfoon en zingt niet onverdienstelijk. Als een van de laatste gaan  naar onze boot terug. Een zeer geslaagd feest!

9 Oktober, Pukang.
Bepakt en bezakt met boeken, kleding, handdoeken, pennen en een voetbal sta ik om 9 uur aan wal. Met 8 dames sterk gaan we met Alfredo naar zijn dorp en het weeshuis. We zijn een uur verder voordat we in een taxibusje zitten en na een half uur rijden komen we bij het dorp aan. Moeders met kleine peuters en kleuters staan klaar om ons te verwelkomen. Ze zijn echt blij met de kleine cadeautjes, die we voor hun hebben meegebracht. De boeken zijn voor de bibliotheek en de voetbal wordt voor de voetbalcompetitie gebruikt. Er wordt gevraagd of we geen spelletjes hebben. Jenny, die vroeger onderwijzeres was, zingt een paar liedjes met ze, zoals hoofd schouders, knie en teen. Het doet er niets aan de pret af dat het in het Engels gezongen wordt, de kindjes doen glunderend mee. Hierna gaan we naar het weeshuis. Het duurt een tijdje voor er iemand naar buiten komt, maar dan komt er een man met een wit T-shirt en stelt zich voor als de pastor. Hij heeft in Canada gestudeerd en heeft daar zijn vrouw leren kennen. Ze besloten samen naar zijn geboorteland Timor terug te keren en zijn begonnen met eerst 2 weeskindjes bij hun in huis te nemen. Inmiddels hebben ze 30 kinderen en 3 eigen kinderen. Ze proberen de kinderen een opleiding te geven, zodat ze in staat zijn later in hun eigen onderhoud te voorzien.. Dan komt zijn westerse vrouw naar buiten, ze vraagt ons waar we vandaan komen. Als ik haar vertel dat ik uit Nederland kom, gaat ze in het Nederlands verder. Ze heet Femmy en heeft tot haar 21st jaar in Staphorst gewoond. Hierna is ze naar Canada geïmmigreerd, waar ze haar man heeft leren kennen Haar ouders en hun vrienden uit Nederland bekostigen voornamelijk het weeshuis. Van de overheid krijgen ze niets, zelfs geen geld voor medicijnen voor de TBC waar 6 kinderen aan leden. We krijgen een rondleiding, het is bepaald niet veel luxe, maar er is wel een werkplaats waar sommige kinderen leren houtbewerken en een kantoortje waar 2 oudere kinderen de administratie doen .In de keuken hangt een schema welke taak iedereen heeft, het ziet er goed georganiseerd uit. We besluiten allemaal een steentje bij te dragen, want ze kunnen het geld hier goed gebruiken. Voor mij was dit een hele speciale ontmoeting met deze bijzondere mensen. We gaan met het busje terug naar de haven, waar we van wal steken, zeil zetten en koersen naar Solor.

10 Oktober, van Kupang naar Maumera op Flores.
In plaats van gisternacht te stoppen bij Solor zijn we doorgezeild met bestemming Maumera op Flores. Zowel gisteren als vandaag staat er weinig wind en afwisselend zeilen, motoren of motorzeilen we. Marianne vertelt aan de radio, dat gisteren hun boeg van de boot plotseling met een klap omhoog kwam alsof ze vastliepen, daarna nog een dreun tegen hun kiel. Ze keken elkaar verschrikt aan en vroegen zich af hoe je midden op zee kunt vastlopen. Als ze achter hun boot kijken zien ze een 20 meter lange walvis. Waarschijnlijk is hij net als hun enorm geschrokken. Het water om de walvis kleurt bruin alsof hij van schrik in zijn broek heeft gedaan en hij slaat wild met zijn staart om zich heen. Gelukkig heeft hun boot zo te zien geen grote averij opgelopen. Dit is al de tweede rallyboot die een close encounter met een walvis heeft. Paramour heeft op de Pacific ’s nachts een aanvaring gehad, waarbij hun roer schade opliep. Bij het krieken van de dag varen we door de pas tussen Solor en Flores heen. Het uitzicht is magnifiek alleen gebruiken ze hier de zee ook al als vuilnisbelt, overal drijft de rotzooi. Om 7 uur laten we ons anker zakken bij Maumera, waar aan wal een resort is. Omdat het onze trouwdag is nodigen we de andere 3 boten, Zipadedoda, Marianne en Lousille bij ons uit voor de borrel, waarna we in het resort gaan eten. De ons inmiddels zeer bekende nasi en gado gado smaakt prima en voor totaal 48 euro hebben we met 8 man inclusief wijn en bier prima gegeten.

11 Oktober, Maumera op Flores.
Om half 5 zijn we al op, we gaan vandaag met zijn allen een tour maken naar de kratermeren van Gunung Kelimutu, hier 100 km. vandaan. Deze meren die tegen elkaar aanliggen en slechts gescheiden worden door een klein kraterwandje zijn beroemd om hun kleuren, Om deze kleuren goed te kunnen zien moet je daar het liefst bij zonsopgang zijn, de kleuren veranderen namelijk en later op de dag kan er bewolking ontstaan. De rit door het landschap en over de bergen duurt 4,5 uur, toch is het geen groot bezwaar, de omgeving is zo schitterend. We zien sawa’s, rijstvelden met soms waterbuffels, kleine dorpjes met heel eenvoudige huisjes, kinderen die naar school gaan, die vriendelijk naar ons zwaaien en mister mister roepen, mannen die naar hun werk gaan in volgepakte lorries en soms zitten ze zelfs op het dak vaneen busje. Bij het nationaal park van de kratermeren parkeert onze chauffeur, Donatus het busje en maken we een wandeling omhoog naar de kratermeren. Omdat het hier hoog is 1640 meter is het heerlijk koel, net als in Nederland op een mooie knisperende lenteochtend. Een foldertje verklaart de verschillende kleuren van de meren, ze bevatten verschillende mineralen en hebben een andere zuurgraad. De bewoners van dit gebied hebben een andere verklaring, als iemand is overleden gaat de geest van deze persoon naar een van de drie meren. Is deze persoon slecht geweest dan gaat zijn geest naar het rode meer, een jong overleden persoon gaat naar het groene meer en een oude wijze geest gaat naar het zwarte meer. De meren zijn imposant, vooral de turquaas groene   is haast surrealistisch van kleur. Als je hier staat bij dit geweldige uitzicht, kun je het goed voorstellen waarom de bewoners van Flores in het verhaal van de geestenmeren geloven. Op de klim naar de meren komen we op de trap naar boven een groep wilde apen tegen, die opgeschrikt door onze komst ervan door gaan. Op de terugweg stoppen we voor een lunch. Het enige minpuntje van deze dag is de sanitaire voorzieningen. Van mijn flesje desinfectans voor de handen wordt dankbaar gebruik van gemaakt. We maken ons enige zorgen dat de mensen die gebruik maken van deze voorziening ook onze maaltijd bereiden, maar niet teveel over nadenken. Als we om 5 uur weer terug aan boord zijn spring ik meteen onder de douche. We maken het niet laat, morgenvroeg om5 uur varen we weer verder.

12 Oktober, Maumera op Flores naar Riung Bay op Flores.
Net als de zon op komt, hier om 5 uur, varen we weg van Maumera, met bestemming Riung Bay, hier 80 mijl verderop het eiland Flores. Er staat heel weinig wind. Een gedeelte van de tocht kunnen we zeilen. Aangezien we voor het donker willen aankomen, er liggen daar veel gevaarlijke koraalriffen waar we niet met onze boot willen oplopen, zetten we de motor maar bij. Net voor zonsondergang laten we bij Riung Bay het anker zakken. Het ziet er uit als een romantische ansichtkaart, een prachtig zandstrand, idyllisch baaitje en een mooie zonsondergang.

13 Oktober, Riung Bay op Flores.
 We blijven hier vandaag een dagje liggen. Lekker op ons gemak opstaan. Op het eilandje staan rieten parasols met rondom tafeltjes en stoeltjes. Met Zipadedoda en Lousil gaan we barbecuen, zwemmen en snorkelen. Het water is van badwatertemperatuur, je koelt er totaal niet vanaf, ongeacht hoe lang je erin blijft. Tijdens het snorkelen kom je zelfs op de koraalriffen de vuilnis en plastic zakken tegen. De mensen hebben hier nog veel te leren hoe ze met hun milieu moeten omgaan. We hebben een heerlijke relaxdag.

14 Oktober, Flores 50 mijl verderop.
 Om 6 uur in de vroege ochtend zetten we koers naar een baaitje hier 50 mijl verderop. Rustig varen we deze dag, gedeeltelijk zeilend. De ankerbaai is niet gemakkelijk aan te lopen. Er zijn veel koraalriffen, die in de laagstaande middagzon moeilijk te onderscheiden zijn. Bovendien ligt de baai vol met visnetten, we moeten dus scherp uitkijken. Om 4 uur laten we het anker zakken. Zipadedoda nodigt ons uit voor het eten. Hier geven we graag gehoor aan, Jennie is een uitstekende kok. Bovendien heb ik al het vlees over boord moeten zetten, omdat de thermostaat van de vriezer kapot is en de hele boel is ontdooid. Als de zon ondergaat ziet de lucht zwart van de vleermuizen. Van een eilandje verderop stijgen duizenden en duizenden fruitbats op. Er komt geen eind aan. Dit geeft in de schemering bij het schijnsel van de volle maan een sfeertje die in de film the birds van Alfred Hitchcock niet zou misstaan.

15 Oktober, van Flores naar Komodo Island.
Even voor zessen varen we weg naar Komodo Island hier 50 mijl vandaan. Bij Komodo Island staat er een flinke stroom tegen tot bijna 6 knopen!  Rond half twee komen we op onze bestemming aan, waar we meteen aan wal gaan. We zijn erg nieuwsgierig want dit eiland is een nationaal park en hier leven de Komodo dragons. Dit zijn reuze varanen van meer dan 3 meter lang. Het zijn carnivoren en ze eten van alles van wilde zwijnen, herten, ze weten zelfs wel eens een complete waterbuffel te verschalken. Ruiken doen ze met hun tong, zo sporen ze hun prooi op. Bloed kunnen ze vanaf een kilometer of 5 ruiken. Ook kunnen ze  een prooi rennend achtervolgen. Hoog op hun poten maken ze een snelheid van 20 kilometer per uur. Als we ons aangemeld en betaald hebben bij het park gaan we in het caférestaurantje iets drinken. Onder het huisje liggen 3 jonge draken te slapen. Ze zien er haast prehistorisch uit. Een ervan is een beetje hongerig en gaat op zoek naar voedsel. Zijn tong gaat flitsend op en neer. Iedereen heeft ontzag voor deze beesten. Een beet alleen al kan dodelijk zijn, hun speeksel is zeer giftig. De gidsen hebben lange stokken met een v - vormige vork aan het uiteinde. Zo kunnen ze deze beesten wegduwen bij hun kop of neus. Ook lopen hier reeën en wilde zwijnen rond. Op weg terug naar onze boot worden we belaagd door de verkopers van souvenirs zoals houtsnijwerken van de dragons, maskers en zoetwaterparels. Dan is er opeens geen belangstelling meer voor ons. Alom is er commotie. Ze rennen naar het huis toe. Nieuwsgierig als we zijn, we willen beslist niets missen, volgen we. Iemand heeft de deur van het huis opengelaten. Een van de dragons vond het wel een lekker hol, en is de trap opgekropen en heeft zich in het huis genesteld. Twee mannen met stokken gaan naar binnen en proberen hem het huis uit te werken. We horen veel kleng beng lawaai, maar de dragon wil zijn nieuwe etablissement niet zo maar verlaten. Dan komt een man naar buiten, hij springt op de balustrade en houdt zijn stok angstvallig naar voren. Heel langzaam komt het reuzebeest naar buiten. Hij kiest eieren  voor zijn geld en gaat onder het huis liggen. De verkopers keren weer terug naar hun kraampjes en wij gaan beladen met souvenirs terug naar de boot.

16 Oktober, Komodo Island.
Om 7 uur zijn we present bij de gids van het nationaal park, voor een wandeling door het gebied. We hopen veel dragons tegen te komen. Nauwelijks zijn we onderweg of we zien een groot, mannelijk exemplaar ons breed, hoog op zijn  poten, wijdbeens tegemoet komen. De gids met stok bij de hand hoeft niet in akte te komen, de dragon wijkt van het pad af en wandelt de bush in. Bij een dode hoge boom blijft de ranger stilstaan en wijst ons boven in de boom een kleine babydragon aan. Zodra de dragons uit het ei komen gaan ze de bomen in. Op de begane grond zijn ze voer voor andere dragons. Het zij echte kannibalen. Zelfs voor hun eigen moeder zijn ze niet veilig. De eerste twee tot drie jaar leven ze in bomen, daarna worden ze te zwaar. Ze eten daar insecten, hagedissen en vogels. De natuur is erg dor, het is het einde van het droge seizoen. In dit droge, kleurloze landschap zien we een mooie roze orchidee op een boom. We komen reeën en wilde zwijnen tegen en nog een dragon die in de verte bij een waterplaats aan het drinken is. Hoewel het nog vroeg in de ochtend is, loopt de temperatuur al aardig op. Na een wandeling van 2,5 uur zijn onze waterflessen leeg en gaan we met Zipadedoda en Lousil koffie drinken en ontbijten in het cafeetje. Met zijn allen besluiten we een stukje verder aan de Noordkant van het eiland te gaan ankeren om daar te gaan zwemmen en snorkelen. Jammer genoeg duurt onze frisse duik slechts een paar minuutjes. In die tijd ben ik al twee keer door een kwal geprikt, het stikt er namelijk van kleine, transparante kwalletjes. We houden het voor gezien en terug op de boot houden we een rustige dag. 

17 Oktober, van Komodo Island naar Moyo Island, 140 mijl.
Om 8 uur halen we ons anker op. Gelukkig komt het meteen omhoog en zit het niet verstrikt in het koraal. Vandaag varieert de wind van niets tot windkracht 6, uit alle denkbare hoeken. We zijn druk in de weer met de zeilen hijsen en strijken, van stuurboord naar bakboord en weer terug. Verder verloopt de tocht rustig. In de nacht komen we geen vissersvloot tegen met zijn netten overal uitgespreid, waarvoor Lousill ons gewaarschuwd heeft. Om half 7 ’s ochtends ankeren we bij Moyo Island.

18 Oktober, Moyo Island.
Hier op Moyo Island ligt een prachtig resort waar we een kijkje gaan nemen. Op de aanlegsteiger voor de dingy’s  worden we allerhartelijkst ontvangen door de manager, Kevin. We zijn welkom om van al hun faciliteiten gebruik te maken. Het ziet er geweldig uit, het personeel is zeer voorkomend om al onze wensen te vervullen. Het is heerlijk om van deze westerse luxe te genieten. Alleen al het brandschone, lentefris geurende toilet, met gevouwen wc papier en hagelwitte handdoekjes is zo’n verademing vergeleken bij de nooit schoongemaakte, stinkende, gore plees, die hier zo normaal zijn. We besluiten om er ’s avonds met Zipadedoda te gaan eten. Wanneer we daar in het donker aankomen, is de tuin heel romantisch, feeëriek verlicht met fakkels. Lantarentjes langs het pad wijzen ons de weg naar het restaurant. Na eerst een aperitief bij de bar op comfortabele banken gedronken te hebben, waarbij we diverse kleine hapjes geserveerd krijgen, gaan we op het terras buiten bij het strand aan tafel. Op een gegeven ogenblik voel ik een scherpe prik, gevolgd door meerdere steken. Ik kijk en zie dat ik helemaal onder de grote mieren zit. Rennend vlucht ik de gelukkig schone wc in, waar ik me helemaal uitkleed en ga de mieren te lijf met een nat wit handdoekje. Miervrij keer ik terug naar de tafel. We krijgen een ander plekje binnen in het restaurant en de ober neemt mijn tas, die ook bedolven met mieren is, mee om hem te behandelen met insecticiden. Inmiddels is de maaltijd geserveerd, die uitstekend smaakt. We genieten van een perfecte avond.

19 Oktober, van Moyo Island naar Noord Oost Lombok, 50 mijl.
In alle vroegte vertrekken we met bestemming een ankerplaats bij Noord Oost Lombok. Dit is een tussenstop voor de Gili Islands. Het eerste uur zeilen we prachtig. Er staat een lekker windje en we gaan met 9 -10 knopen door het water heen. Dat belooft een mooi tochtje te worden. Helaas een uurtje verder zakt de wind in tot bijna nul, bovendien krijgen we flink stroom tegen. Het wordt een saaie motordag. Rond half 5 hebben we onze bestemming bereikt. ’s Avonds barst er een flink onweer los. De wind steekt op, maar gelukkig houdt ons anker en langzaam drijtft de bui over.

20 Oktober, Gili Aer bij lombok, 50 mijl.
Om 6 uur vertrekken we naar Gili Aer een eilandje vlakbij Lombok aan de Noord Oostkant. Een gedeelte van de tocht kunnen we zeilen, maar jammer genoeg  moeten we het grootste gedeelte motoren. Om half 2 laten we ons anker zakken. Er liggen hier een heel aantal andere BWR boten voor anker, maar het overgrote deel is vandaag op een trip naar Lombok. We snorkelen hier in de baai. Het water is niet erg helder en er zitten weer kwalletjes. Aan wal ziet het er leuk uit. Er heerst een relaxte, rustige sfeer. Op het eiland zijn eenvoudige bars, restaurantjes en een hotel. Op een terrasje gaan we wat drinken. We zien kinderen spelen en zwemmen, vissersbootjes komen aan en vertrekken. Nieuwsgierige bewoners komen een praatje maken, waar we vandaan komen. Met paard en wagentje komen ze een nieuwe lading Bintang bier brengen. Een prachtig beeld dat in een Heineken reclame niet zou misstaan. We besluiten er ook een hapje te eten. Alleen gaat er hier als het donker wordt geen licht aan. De stroomverbinding met de vaste wal is uitgevallen. Het hele eiland zit zonder stroom. Ze koken gelukkig op gas, dus met het eten komt het wel goed en een candlelight dinner is wel zo gezellig.

21 Oktober, Gili Aer, Lombok.
Met Rascal, Zipadedoda, Liahona en Evelyn gaan we een tour maken op Lombok naar de watervallen. Eerst gaan we met de veerboot, een wankel, smal bootje, naar de vaste wal van Lombok. Er heerst daar een chaotische drukte. Onze gids neemt ons mee naar het busje. Met veel passen en meten kunnen we er allemaal in. De gids zet er nog 2 krukjes bij waar hij en een jongen van een jaar of 10 op gaan zitten. De deur gaat net dicht, alleen het  slot is kapot, maar daar hebben ze een oplossing voor bedacht, een haakje houdt de deur gesloten. Het landschap is mooi, we zien veel sava’s. We rijden door dorpjes, waarvan sommigen met een markt. Tijdens het passeren is het er een bedrijvige drukte, maar het ruikt er niet altijd even fris. Na een shaky rit van 3 uur zijn we op onze bestemming. Nu volgt een fikse wandeling, over paden, trappen, klauteren over rotsen en waden door de beekjes en stroompjes van water van de watervallen en de berg. We passeren zelfs een stuw, die vroeger door de Nederlanders nog is aangelegd. Ze hebben het water van de watervallen gekanaliseerd naar de rijstvelden en naar het dorpje toe. De grote waterval is schitterend, er loopt een grote stroom water naar beneden, net zilveren druppels. Prachtige lentegroene vegetatie alom. We hebben onze zwemkleding aan en nemen een duik. Het water is hier echt fris. Je koelt er enorm vanaf en de wandeling terug lijkt eens zo snel en gemakkelijk te gaan. Dit keer voert de gids ons door een ondergrondse tunnel, waar het water door stroomt. Dit is een gedeelte van de kanalisatie. Het is er donker, op sommige plaatsen is een opening waar licht door valt. We schrikken op van een paar vleermuizen, die hier ook leven. Onderweg verlies ik een schoen, die snel weg stroomt. Strompelend kom ik naar buiten waar onze gids een stukje verderop met mijn schoen staat en ik als Assepoester weer in mijn muiltje stap. We stoppen voor de lunch bij een backpakkers hotelletje. De hele familie wordt ingeschakeld om de maaltijd te bereiden. Ze doen enorm hun best, al duurt het uren. Als we terug in het busje stappen wil hij niet starten. Dus gaan we er allemaal weer uit en duwen het busje aan. Wanneer we niet zo ver van onze bestemming af zijn, houdt de bus er helemaal mee op. De benzine is op. Onze jongen wordt op pad gestuurd en komt een tijdje later met een paar flessen brandstof terug. Kan gebeuren nietwaar. Vermoeid komen we terug aan boord. Toch gaan we om 7 uur nog aan wal om te eten. Onze voedselvoorraad loopt op zijn eind en er is hier geen supermarkt op de hoek van de straat.

22 oktober Gili Aer naar Bali 60 NM
Bij het eerste licht van de dageraad om half vijf halen we het anker op met bestemming Bali. We hebben een forse stroom mee. De eerste helft van de tocht kunnen we prachtig zeilen, daarna gaan we op de motor verder. Het laatste gedeelte van de trip moeten we gas terugnemen, er staat nog zoveel sroom en we willen het liefste bij doodtij aankomen, zoals in de pilots geadviseerd.Dat gaat niet lukken. We zijn al om half een in de haven.
Het is een enorme chaos voor de kust. Er zijn overal speedboten met touristen en langs alle kanten worden we voorbij geraced. Soms met gigantische luchtbedden in de lucht erachter aan. Helaas is er geen plek in de haven voor ons, ondanks dat de BWR gereserveerd had. We moeten wachten en even verderop voor anker gaan. Als we goed en wel liggen worden we weer weggestuurd. Onze boot is te groot en blokkeert de doorgang. We moeten nu buiten voor anker tussen de grote scheepvaart die daar ook ligt. Verre van ideaal dus. De havenmeester zal ons oproepen zodra hij een plekje heeft.
Maar na 3 uur wachten neemt Robert zelf het intiatief en gaat met de dinghy aan wal. Hij klopt aan bij een Swan 59, met een Deense vlag. Hij legt de situatie uit en hoewel in eerste instantie aan de havenmeester geweigerd, is hij nu uiterst vriendelijk en heeft hij geen enkel probleem dat we langszij gaan.

23 okober Bali
We stellen orde op zaken. De was wordt gedaan en ik spreek met Pauline (Prew) om na de lunch samen boodschappen te doen. In de yachtclub lunchen we samen met Ed en Pauline. Een zakenrelatie van de partner van Ed komt langs. Hij stelt zich voor en dan blijkt (hij kwam Robert al zo bekend voor), het is een goede vriend van Robert’s overleden vader. Wat een kleine wereld en wat zou hij dit leuk gevonden hebben.
Met Pauline maak ik een begin met het bevoorraden van de boot.

24 oktober Bali
Samen met de Zippi’s en Pat van Canopus, gaan we toeren. We kennen Bali nog van een vakantie in 2005 die we samen met de kinderen gemaak hebben in verband met ons 25 jarig huwelijk. Dit keer gaan we op olifanten safari. De rit in de auto is al de moeite waard. Het prachtige landschap met zijn weelderige natuur, de sawa’s, kleine dorpjes en de duizenden tempels. De bevolking is hier overheersend hindu en elk huishouden, famlie en dorp heeft zijn eigen tempel. Bij de olifantensafari, krijgen we onze eigen olifant “Cindy” en de berijder Agong. Robert en ik klimmen via een plateau op haar rug. Op dit kolosale dier rijden we door de jungle en door een dorpje. Het is prachtig, je zit hoog en je kunt alles overzien. Onze Agong blijk een grappenmaker, verteld honderduit en maak voortdurend grapjes. Hij is dol op z’n Cindy en noemt haar zijn 2 e vrouw, of z’n Ferrari, wanneer we een andere olifant inhalen. Af en toe staat ze stil om wat te eten of uit een poel te drinken.
Helemaal droog houden we het niet, ze heeft het warm en spuit met haar slurf water over haar heen. Op het einde van de tocht mag ze door een grote plas waden, we moeten onze benen daarbij optrekken om droog te blijven. Als beloning voeren we haar wortels en ananas. Best wel spannend naast zo’n groot beest te staan. Ze is echter erg lief en laat zich graag over haar slurf aaien. Ook een paar babyfantjes zijn hongerig. We voeren hen ook wat wortels. Ze zijn nog niet zo mak als Cindy, daarom moeten we enige afstand bewaren. Na de lunch gaan we naar een dorp waar ze houtsnijwerk maken, naar het koninklijk paleis en de markt in Ubud. En tot slot naar een vogelpark. Inmiddels zijn we aardig moe en na een leuke vogelshow, ploffen we neer voor een fruitsapje. Het vriendelijke meisje dat de show gaf komt naar ons toe en vraagt of we met de twee superstars van de show willen kennismaken. Ik hou mijn handpalmen open en de bonte papegaai klimt op m’n handen, draait zich om en laat zich als een baby’tje op de rug door mij op en neer wiegen. Ondertussen krijg ik de ster van de show, Anna Maria een prachtige grote zeer zeldzame Kaketoe ui t Papoea Nieuw Guinea, op mijn schouder. Van Robert is ze helemaal gecharmeerd, ze praat tegen hem en loopt over hem heen. Ze heeft enige overreding nodig, want ze wil niet vertrekken. Hoewel we geen echte vogelaars zijn, is dit wel er leuk. Hierna terug naar de boot, opfrissen en als afsluiting van de dag, naar een Balinees dans en dinner show. Een zeer geslaagde dag.

25 okober Bali
Half acht staat we klaar voor de volgende trip. We gaan met Zippi en Lousil, wild water raften. Voor ons de 2e keer omdat we dit met de kids al gedaan hebben. Er is een mannen- en vrouwenteam. Ik was alweer vergeten hoe spannend dit was. Door het kolkende water heen, botsend tegen rotsblokken, dan plat op je rug om onder lage bamboe bruggetjes door te gaan, en dit alles door een fantastisch landschap met de sawa’s, het oerwoud, de mensen die hun kleding in de rivier wassen. We komen ogen te kort. Tot slot gaan we met een waterval van ruim 4 meter luid gillend naar beneden. Dit is echt kicken! Iedereen is laaiend enthousiast. Hierna 360 treden naar boven en komen we bekaf boven waar de lunch wacht. Terug naar onze boot waar we na 2 uur rust opgehaald worden voor het avondprogramma. Bij de Uluwatu Tempel aan zee wordt met zonsondergang een Kecak dansvoorstelling gegeven. In deze prachige oude tempel heeft een grote apenkolonie zijn toevlucht genomen. We worden gewaarschuwd voor deze brutale apen, het zijn echte zakkenrollers en stelen alles wat los en vast aan je zit. Maar we worden vertederd door een trotse apenmoeder, met een pasgeboren piepklein jong. We nemen plaats in een cirkelvormige tribune. Het orkest bestaat uit 70 mannen die behalve dansen, met hun stemmen verschillende ritmische geluiden maken. Heel bijzonder. De voorstelling stelt het oude thema voor: mooie prinses wordt onvoerd door lelijke rivaal van haar vriend en na veel verwikkelingen kom het allemaal weer goed. Dit wordt met veel verve uitgevoerd in prachige kostuums en met een vuurdans wordt de slechterik weggejaagd. Op het strand van Jemboran eten we in een seafood restaurant. We horen de branding en met onze voeten in het strandzand genieten we volop. Na 2 volgepakte dagen waarin we zoveel mogelijk wilden beleven, zijn we moe van maar voldaan van alle indrukken.

26 Oktober, Bali.
Na eens lekker uitslapen tot 8 uur! Gaan we in de yachtclub ontbijten en daarna onze foto’s uitzoeken voor de website. Hier hebben ze een, weliswaar zeer trage internetverbinding. Jean-Michel en Pat van Canopus komen bij ons een sundowner drinken en voor we een uurtje verder zijn zit onze kuip vol met borrelaars. Hierna gaan we met zijn allen in de haven de traditionele nasi eten.

27 oktober, van Bali naar Kalimantan, 450 mijl.
De afgelopen nachten heeft het hier geregend, een teken van het begin van het natte seizoen. Vannacht is er wel heel veel regenwater naar beneden gevallen. Overdag is het warm, benauwd en vochtig. We willen vandaag vertrekken naar Kalimantan. Voor vertrek doe ik nog een karlading boodschappen en Robert tankt diesel. Om half 1 varen we uit. Het is windstil weer, dus de hele dag varen we op de motor. We varen vlak onder de kust, er staat hier continu een flinke stroom tegen. Dichtbij het land staat hier de minste stroom, aldus de locale vissers. ’s Nachts zijn er buien, met hier en daar een lichtflits.

28 oktober. Op weg naar Kalimantan.
Het is bloedheet, windstil weer. Het is een saaie dag, de hele dag motoren. Af en toe een douche, die weinig verkoeling brengt. De temperatuur in de kajuit loopt op tot 38 graden. Tijdens de wacht moeten we goed opletten voor de talloze vissersboten. Onze radar is onmisbaar, want vaak zijn de boten en netten onverlicht. Bovendien is het nieuwe maan, dus aardedonker.

29- 30 oktober, op weg naar Kalimantan.
Aan het begin van de ochtend komen we bij de monding van de rivier. Kumai ligt enkele uren varen stroomopwaarts. Met 2 tot 3 knopen tegen maken we geen record snelheid en om half 1 kunnen we het anker laten zakken. Vandaag stijgt de temperatuur tot een recordhoogte. Ook is het erg benauwd. Zeer onaangenaam. Bij Prew gaan we de trip van morgen naar de orangutangs bespreken. Met de bbq aan en koele drankjes in onze hand wordt het een geanimeerde avond.

31 Oktober Kalimantan.
We gaan een trip maken met een eenvoudige rivierboot naar het Tanjung Puting National Park. Hier leven de orangutangs in het wild. De tocht over de Sekonyer rivier is prachtig. Langs de oever staan palmen, we gaan door de jungle. In de bomen zit soms een aapje, we horen de vogels en kleurrijke vlinders dartelen voorbij. Ons bootje pruttelt de rivier op waar we vissers in kleine houten bootjes hun vangst proberen binnen te hengelen. We stoppen bij de eerste voederplaats, maar we zijn net te laat. De orangutangs hebben hun buikjes al vol. Wel zien we ze zeer behendig met hun lange armen en benen  van de ene boom naar de andere zwengelen. Wat een imposante dieren. Terug aan boord varen we de rivier verder op en na de lunch gaan we weer van boord en bezoeken Camp Leaky. Dit is opgezet in 1971 en wereldberoemd onderzoekcentrum voor primaten en opvang voor orangutangweesjes, o.a. Jane Goodall deed hier onderzoek. Na een prachtige film over deze dieren, mannetjes zijn met hun territorium gedrag niet bepaald lieverdjes, gaan we naar de tweede voederplaats. Een vrouwtjes orangutang met jong loopt met ons mee over het pad naar de voederplaats.  Onze gids herkent haar, het is Princess die hier als klein weesje kwam. Deze zeer intelligente aap kan met je communiceren en verstaat wat je zegt. Ze wil de hand van Ed en Pauline, kennelijk is ze een beetje moe en dit loopt wel zo gemakkelijk. Bij de voederplaats is het een drukte van jewelste. Van alle kanten komen de orangutangs, meest moeders met jongen, uit de bomen geslingerd om bananen te eten. De schillen gooien ze van het plateau naar beneden waar een groot wild zwijn de restjes naar binnen schrokt. De moeders zijn bang van het varken. Soms verschalkt deze alleseter een van hun jongen.  Na het eten worden wij door de orangutangs nieuwsgierig bekeken. Eentje komt met haar jong op de rug naar beneden zakken en komt steeds dichterbij me. Ze kijkt me recht in de ogen aan, haar blik raakt me tot in mijn ziel. Als ik mijn hand naar haar uitstrek, geeft ze me een hand, super! Een uitgelaten peuter orang is tussen twee boomtakken aan het wippen. Als ik hem met mijn stem aanmoedig en hup hup hup roep, krijgt hij helemaal de smaak te pakken. Wanneer hij stopt, roep ik weer hup hup en ja hoor met veel enthousiasme begint hij weer. Een echte showbal. We hebben samen plezier in het spelletje. Dan is het tijd om weer naar de boot te gaan. De terugreis van 4 uurtjes is gedeeltelijk in het donker. Dan zien we in de palmen wel duizenden knipperende lichtjes. Het lijkt net kerst met talloze kerstbomen met flonkerende lampjes. Het zijn vuurvliegjes die de oevers verlichten. Een geweldige afsluiting van deze magische dag.

1 November, Op weg naar Nongsa Point, 580 mijl.
Met een spijtig gevoel nemen we afscheid van Kalimantan. Onze bestemming is Nongsa Point, waar de uitklaring uit Indonesië plaats vindt. We hopen dat dit zonder problemen zal verlopen. We zijn al 600 dollar kwijt om in te klaren en het is maar afwachten 1 November, van Kalimantan naar Nongsa Point, 580 mijl.
wat ons nog boven het hoofd hangt. Even kunnen we zeilen, maar als de snelheid zakt tot 3,5 knoop gaan we toch op de motor verder, we hebben nog heel wat mijltjes te gaan. Wat de wind betreft is Indonesië geen ideaal vaargebied. We tuffen de dag door en ’s nachts is het weer erg druk met vissersboten.

2 November, Op weg naar Nongsa Point met een tussenstop op Pilau Seratu.
Tijdens het radionet horen we dat Glendora en Anahi op weg naar Nongsa Point een stop halverwege gemaakt hebben bij het eilandje Pilau Seratu. We hebben ze al lang niet gezien, omdat ze van Australië rechtstreeks naar Bali zijn gevaren. We vinden het leuk ze weer te zien en besluiten daar een tussenstop te maken. Als we om 8 uur in de buurt van het eiland komen, is het manoeuvreren tussen de vissersboten en de netten geen eenvoudige zaak. Het lijkt net een labyrint waarin we verstrikt zitten. Op een gegeven ogenblik  kunnen we niet verder en moeten we rechtsomkeer maken en er met een grote boog omheen varen. Uiteindelijk  laten we ons anker om kwart over 9 zakken. Glendora en Anahi komen alras en de Heidenskipbar gaat open. Marianne en Prew ankeren een uurtje later en zijn ook van de partij. Het wordt een geanimeerde avond, waarin alle avonturen worden uitgewisseld.

3 November, van Kalimantan naar Nongsa Point, tussenstop Pilau Seratu.
We liggen hier voor anker bij een piepklein vissersdorpje, met ongeveer 20 huizen op palen. De furler van de genua van Prew is kapot en alle heren zijn de hele ochtend in de weer om deze te repareren. Jammer genoeg met maar gedeeltelijk resultaat en zal er waarschijnlijk een nieuwe moeten komen. Het is warm, dus nemen we een duik in het heldere water. Uit het dorp komt een kano met kinderen even buurten. Aan het eind van de middag klopt een heel gezin aan onze boot. Een van de kinderen heeft uitslag en ontstekingen van de huid. Ze vragen of we dokters zijn, hier in de omgeving is nergens medische hulp en of we misschien crème hebben. Na inspectie van onze medical kit geef ik ze een tube cortisonezalf mee. Hopelijk heeft de peuter er baat bij. Als we met Glendora, Anahi en Prew bij ons in de kuip zitten te borrelen, komt een vissersbootje met 6 man langs die ook wel een BinTang biertje lusten. Met wat blikjes bier gaan ze glunderend weg om te vissen. Wij hebben interessante discussies onder het genot van een drankje, waarna iedereen naar zijn eigen boot terug gaat om te eten.

4 November, op weg naar Nongsa Point.
Om kwart over 8 vertrekken we voor het tweede deel van onze trip naar Nongsa Point. Het wordt wederom een motordag. Highlight van de dag is een klein zwaluwtje dat uitgeput op onze boot neerstrijkt. Na een dutje in onze kuip, geeft Robert hem water met het holle gedeelte van een balpen dat hij als rietje gebruikt. Een paar uurtjes verder eet hij ook wat in water gesopt brood. Heel mak blijft hij zitten tot een vriendinnetje hem roept en hij bekomen van zijn uitputting, zich bij haar voegt. Nog een rondje om de boot vliegt en verder gaat, Waarschijnlijk naar een grote vrachtboot die net langs ons vaart. Een rustige dag en wacht.

5 November, op weg naar Nongsa Point.
Samen met Prew passeren we vanmiddag de evenaar. Voor ons is het de tweede keer. Op de Atlantic passeerden we hem van Noord naar Zuid en nu komen we weer terug op het noordelijk halfrond. Ed vindt het leuk om de equator gezamenlijk te passeren. Ondanks dat hij een oud marineman is , wordt het voor hem de eerste keer, Hij is wat de Engelsen noemen een pollywog. Even voor 3 uur leggen we de boten tegen elkaar aan. Het is windstil weer, de zee is zo glad als een spiegel, zodat het een koud kunstje is. Inmiddels hebben we voor Ed wat in petto. We kleden hem aan met een rieten rokje uit Hawaï, een bikinibovenstukje, een gebloemd sjaaltje voor in het haar en bijpassende kettinkjes om zijn  hals op te sieren. Omdat hij een echte zoetekauw is, smeer ik zijn mond en kin vol slagroom. Zo moet hij op de boeg van zijn boot Neptunus behagen. Robert houdt een speech, roept de zeegod aan of Ed waardig is de nullijn te passeren en met een glas Kaluah proost Ed tot de god van de zee, waarna Neptunus de rest van het drankje krijgt. Nu is hij opgenomen en hoort vanaf nu bij de shellbacks, ofwel zoon van Neptunus. De rest van de slagroom is voor de door mij gebakken chocoladetaart en de Irish koffie van Pauline. Het wordt een bijzonder gezellige middag hier midden op de Zuid Chinese zee. Wanneer er wat wind opsteekt en het zeewater tussen de boten op het dek spuit, gaan we terug naar onze boot. We maken los en vervolgen ieder zelfstandig onze weg naar Nongsa Point.

6 November, Nongsa Point.
Als mijn eerste wacht erop zit en ik net een uurtje geslapen heb, maakt Robert me wakker, hij heeft assistentie nodig. Na Australië hebben we nauwelijks kunnen zeilen en er aardig wat brandstof doorgejaagd met motoren. Hij wil net de laatste tank met 600 liter diesel aansluiten, maar dan blijkt dat deze niet vol is, maar dat er maar 60 liter brandstof in zit. Bij het laatste tanken spoot de brandstof eruit en gingen we er vanuit dat de tank overvol zat. Waarschijnlijk hebben we niet genoeg diesel tot Nongsa Point, dus moeten we zeilen. We hijsen de zeilen en moeten opkruisen tot we bij het kanaal komen. De weergoden staan aan onze kant, de wind trekt aan en ruimt zodat we helemaal kunnen zeilen en we een prachtige zeiltocht hebben. De haven van Nongsa Point is gloednieuw, bij een prachtig resort, waar we van alle voorzieningen gebruik mogen maken. We genieten van alle luxe en gaan met een hele club eten.

7 November, Nongsa Point.
Met een busje gaan we met 24 man naar een groot winkelcentrum, hier 3 kwartier vandaan. We genieten van een ochtend shoppen, echt retailtherapie na maanden op zee en ankerplaatsen. Gewapend met een ventilator, kerstboom, draaiende kerstcarrousel die sneeuwt en presentjes voor kinderen in Sri Lanka komen we terug aan boord. De middag gebruiken we om onze boot van buiten een grondige schoonmaakbeurt te geven. Hij is nog nooit zo smerig geweest. In Bali heeft het geregend en is er met de regen een olieachtige substantie over de boot gevallen. Het valt niet mee om het eraf te poetsen,maar daarna hebben we eer van ons werk.

8 November, Nongsa Point.
We profiteren van het resort en gaan lekker aan het zwembad liggen, zwemmen en relaxen. Voor de BWR ie er ’s avonds een BBK georganiseerd. Nog niet alle boten zijn gearriveerd, niettemin is het gezellig om met iedereen bij te praten.

9 November, Nongsa Point.
We blijven nog een dagje liggen hier. Robert vervangt de olie en filters. Verder is het een rustige dag. Met Ed en Pauline gaan we bij de Japanner Tepanyaki eten.

10 November, van Nongsa Point naar Singapore.
Om 7 uur liggen we naast de pomp om te tanken. Het duurt maar liefst 2 uur voor we 750 liter getankt hebben, zo langzaam loopt de diesel. Het wordt een enerverend tochtje in de stromende regen naar Singapore. Dit is wel het drukste vaarwater door ons ooit bevaren. Van alle kanten komen supertankers en containerschepen langs gevaren. Met moeite weten we ze te ontwijken. Tot onze stomme verbazing ligt midden in de vaarweg een piepklein vissersbootje rustig te vissen. In Singapore aangekomen duurt het een tijdje voor de immigratie gearriveerd is. De haven is smerig en er staat een enorme deining door alle veerponten en boten die hier af en aan komen meren. Sommige jachten gaan wel erg tekeer. Gelukkig ligt ons Heidenskip aardig stabiel in de golven. Aan wal ziet het er gelukkig netjes uit. Morgen gaan we de stad in, vandaag doen we het rustig aan.

11 November, Singapore.
Wat doet iedereen als hij in Singapore is?  Natuurlijk shoppen. Als echte shopaddict kan ik natuurlijk niet achterblijven, dus gaan we met de taxi de stad in en laten ons in Orchardroad afzetten. Hier zijn veel grote shoppingmalls waar van alles te koop is van kleding tot elektronica. Na een dag succesvol rondstruinen,komen we bepakt en bezakt bij de boot terug. Als we hier in de haven gaan eten nodigen Peter en Annette ons uit. Meer BWR leden hebben hetzelfde idee en het wordt aardig druk in het restaurant. Hierna zakken we met een hele groep af in de bar met pooltafel. De barman sluit om 12 uur de tent, maar hij trakteert ons allemaal nog op, one for the road, die we buiten op het terras opdrinken.

12 November, Singapore.
Robert is het grootste gedeelte van de dag bezig met olie vervangen van de generator en nieuwe impellors in de generator en motor zetten. Het is een regenachtige dag. Ik doe wat kleine klusjes en lees een boek. De avond brengen we met Ed en Pauline aan boord van Prew gezellig door.

13 November, Singapore.
De generator blijkt bij het testen niet te starten. Maar met hulp van Ed krijgt Robert hem aan de gang zodat we om half 2 met zijn vieren de stad in gaan. Singapore is een bijzonder schone en veilige stad. De taxichauffeur vertelt ons dat de criminaliteit nagenoeg nul is. De verkopers proberen ons in iedere winkel naar binnen te praten. Als we vertellen dat we al 2 camera’s en een videocamera in ons bezit hebben, laten ze zich niet afschrikken, ze hebben nog veel meer. De heren zijn voornamelijk in de elektronica geïnteresseerd. Pauline en ik worden een jurkje rijker, door Robert voor mij uit het rek gepakt. De kapper geeft mijn haren een knipbeurt. Terwijl hij knipt vertelt hij me keer op keer, vol enthousiasme dat hij er een sexy kapsel van gaat maken. Na een uurtje sta ik bijzonder tevreden buiten. Met zijn viertjes eten we in een sfeervol restaurant bij de botanical garden.

14 november, Singapore.
In een prachtig net nieuw winkelcentrum ga ik onze voedsel voorraad aanvullen. We zijn van plan morgen naar Port Dickson in Maleisië te vertrekken. Ze hebben zelfs een winkelhoek waar Japanse koks heerlijke verse  sushi staan klaar te maken. Er tegenover ligt een verleidelijke patisserie afdeling. Dus kom ik met sushi en pecanpie thuis. Na deze voortreffelijke lunch  hebben we een BWR briefing over de volgende etappe naar Phuket en een eerste presentatie over onze overtocht in de golf van Aden waar Somalische piraten het gebied teisteren. Voor we deze oversteek maken komen we eerst bijeen in Salalah, waar alle boten kunnen tanken. Vervolgens varen we in groepjes van 5 á 6 boten in konvooi, via een gebied waarin scherp gepatrouilleerd wordt. Die avond is er een rallyfeest, dat ons door de haven wordt aangeboden. Dansgroepen van verschillende etnische afkomst houden een voorstelling. We zien o.a. een drakendans, waar de draken, in ieder pak zitten 2 man, een in de kop en de andere de kont, met elkaar dansen, stoeien en vechten. Dit alles op Chinese muziek met veel schel getrommel. Heel anders is een Maleise dans en 2 kleine Indiase meisjes, net popjes, die een Hindoe dans laten zien. Hierna krijgen we een uitgebreid buffet. Het is hartverwarmend als je zo gastvrij wordt ontvangen.

15 November, van Singapore naar Port Dickson, Maleisië, 150 mijl.
Na wat laatste klussen aan boord, betalen we de haven en klaren uit, met als bestemming Port Dickson in Maleisië. We zijn hier allerhartelijkst ontvangen. Het is hier een mooie locatie met zwembad en goede restaurants maar ook een van de smerigste havens met veel plastic, vervuiling, diesel in het water en een enorme luchtverontreiniging, zodat onze boot zowel boven als onder zwart ziet. We varen door de Straat van Malakka. Onderweg is er enorm veel verkeer, grote containerboten, vrachtschepen en slepers waar we tussendoor moeten manoeuvreren. Ook ’s nachts gaat dit door. Het wordt dan ook een intensieve wacht. Soms zijn de slepers met achter hun aan grote bakken met vracht slecht verlicht. Ze passeren  ons van alle kanten en een boot weet ik net te ontwijken door vol gas de andere kant op te sturen. Rond 9 uur ’s ochtends komen we vermoeid in Port Dickson aan.

16 November, Port Dickson.
Port Dickson is een schone haven met aan wal appartementen en een hotel met zwembad. Hier mogen wij ook gebruik van maken. Na ingeklaard te hebben en ik de boot van binnen een schoonmaakbeurt geef, neem ik mijn handdoek en leesboek en ga lekker aan het zwembad liggen. Lang kan ik mijn ogen niet open houden, de korte nacht met weinig slaap eist zijn tol. Robert ontdekt dat de inlaat van het koelwater verstopt zit. De hele middag is hij bezig om hem door te blazen. Hij haalt er enorm veel rotzooi en plastic uit, nog een cadeautje uit Singapore. Samen met Ed en  Pauline eten we ’s avonds in het hotel.

17 November, Port Dickson.
De hele ochtend valt de regen met bakken uit de lucht. We doen het lekker rustig aan. Als het tegen de lunch wat opklaart nemen we een taxi naar Port Dickson. Mijn verwachtingen zijn hooggespannen, ik wil heel graag iets meer van Maleisië zien. Drie kwartier later zijn we alweer bij onze boot. Weliswaar hebben we geld kunnen pinnen, maar het stadje zelf stelt niets voor. Onderweg zien we veel verlopen, grijze resorts die bijna allemaal leegstaan. We besluiten morgen verder te varen. Er moeten beslist plaatsen in Maleisië bestaan die meer pittoreske zijn. Ed en Pauline komen bij ons borrelen en het wordt een gezellige avond.

18 November, van Port Dickson naar Pangkor Laut 10 mijl.
Om half 11 varen we de haven uit met bestemming Pangkor Laut. ’s Middags steekt er een licht windje op en kunnen we eindelijk een paar uur zeilen. In het water drijven soms complete bomen. Een groot exemplaar krijgen we tegen de boot aan en we horen dat hij blijft hangen tussen de twee roerbladen. Gelukkig schiet de boom meteen weer los en omdat we zeilen heeft hij geen schade veroorzaakt aan de schroef. ’s Nachts wordt het nog interessanter. Het hele radarscherm ziet zwart van de vissersboten en sleepboten met vracht.. We slapen deze nacht heel weinig en het eist uiterste concentratie om tussen alle schepen door te manoeuvreren. Nog nooit hebben we zoveel vissersboten om ons heen gehad. We vragen ons af, waar ze met al die vis blijven.

19 November, Pangkor Laut.
Het wordt laat licht, bovendien hangen er enorme buien in de lucht, daarom nemen we wat snelheid terug. We willen niet in het donker aankomen. Om 8 uur laten we ons anker zakken en gaan eerst een paar uurtjes slaap inhalen. Intussen is Neva ook gearriveerd. We pikken Dorothy en Peter op met onze dingy en gaan aan wal bij een prachtig, luxueus 5 sterren resort. We worden met alle egards ontvangen en gebruiken er een uitstekende lunch. Genietend nemen we onze tijd ervoor en pas om 5 uur keren we terug aan boord. Peter en Dorothy komen met ons mee en  we hebben een gezellige avond.

20 November, van Pangkor Laut naar Langkawi, 140 mijl.
Nadat we bij Peter en Dorothy een kopje koffie gedronken hebben, vertrekken we naar Langkawi. We blijven ver uit de kust om zo de vissersboten te vermijden, maar desondanks zelfs overdag blijven ze volop actief. Wederom staat er nauwelijks wind en varen we rustig op de motor. Aan het begin van de avond kijken we de film de Commitments, erg leuk met vooral goede muziek. Meteen erna begint het behoorlijk te waaien. Verheugd hijsen we de zeilen, eindelijk kan de motor uit. Robert neemt de eerste wacht voor zijn rekening, maar hij moet me al gauw wakker maken om een rif te steken. Het gaat goed doorwaaien en er staat een hele korte golfslag. De boot maakt flinke klappen, dus al gauw gaat er een tweede rif in, waarna we zelfs het kotterzeiltje voor nog een gedeelte moeten inrollen. Van slapen komt er deze nacht niet veel, daarvoor ligt de boot te veel te stampen. Om 7 uur ankeren  we in de baai, in de jachthaven zijn ze nog niet wakker.

21 November, Langkawi, Telaga Harbor.
Na een kort slaapje is Robert alweer uit de veren. Er is plaats in de jachthaven. Eerst gooien we alle brandstoftanks vol met diesel, daarna krijgen we ligplaats in de haven, tussen de superjachten. Een goede plek tegen leuke restaurantjes met terras aan het water. Hiervan maken we meteen gebruik, in een gezellig tapasrestaurantje.

22 November, Langkawi, Telaga Harbour.
We hebben een chilldagje op de boot, we wandelen een beetje rond, lezen en kijken een film.

23 November, Langkawi, Telaga Harbour.
Met de taxi gaan we de stad in, hier 20 minuten vandaan. Het eiland is een mix van een moderne economie, er is o.a. een prima snelweg en de oorspronkelijke cultuur. Aan de snelweg zie je naast prachtige villa’s eenvoudige huisjes waar de mensen veel buiten leven. De stad zelf is rommelig en zeker geen shopping paradijs. Wel zie je overal taxfree winkels, waar we onze drankvoorraad uitgebreid aanvullen. Onze boot zit nu opgetopt met diesel en booze. We kunnen er weer even tegen. We eten bij de Italiaan in onze haven, waar iedere avond een dansvoorstelling wordt gegeven gevolgd  door een Maleise gitarist, die van de deerhunter tot stairway to heaven speelt.

24 November, Langkawi, Telaga Harbour.
Het is net een Hollandse zomer met het verschil dat de regen hier warm is. Er hangt een laaghangende nevel over de heuvels. We doen weinig vandaag. Robert spuit de bildge van de boot schoon. We kijken films en lezen. ’s Avonds is het droog en eten we in het tapasrestaurant terwijl er een bandje speelt. De gitarist vertolkt een nummer van Gary Moore zo goed, dat we eerst denken dat we naar een cd luisteren.
De kleinkinderen van David en Jennie zijn gearriveerd, twee schattige meisjes van 5 en 6 jaar, die iedereen vertederen terwijl ze dansen op de muziek. Ze draaien met hun jurkjes als echte dametjes met tasjes en exotische waaiers, gekregen van een trotse oma natuurlijk.

25 November, Langkawi, Telaga Harbour.
Vandaag gaan we de berg omhoog met de kabelbaan, over de toppen van het regenwoud. Zes personen gaan in een wagentje. In onze gondel stappen een man in korte broek met baseballpet in, zijn jonge vrouw die volledig schuil gaat achter een zwarte burka en waarvan je alleen haar ogen nog net kunt zien, een Indiër met zijn echtgenote, die nerveus in haar hennabeschilderde handen wrijft. Afgezien van het schitterende uitzicht valt er dus genoeg te bekijken. Eenmaal boven gekomen kijken we over het hele eiland uit en de kleine eilandjes in het Zuiden. Terug in de haven krijgen we 8 man op de borrel, waarna we met zijn allen bij de Italiaan gaan eten. Onze gitarist heeft vanavond vrij maar hij ziet ons zitten en komt een praatje maken. Omdat er geen muziek is wil hij voor ons wel een paar nummers spelen. Een zeer muzikale zeiler uit onze haven zingt met hem mee. Robert krijgt de gitaar in zijn handen geduwd en het wordt een gezellige jamsessie.

26 November, Langkawi, Telaga Harbour.
We blijven nog een laatste dag hier, om morgen het eiland rond te zeilen. We gaan op de koffie bij Prew en hebben een rustige dag.

27 November, Langkawi van Telaga Harbour naar Pulau Dayang Bunting, 15 mijl.
Het wordt tijd te vertrekken, als ze je overal bij naam gaan noemen. We zijn van plan om rond Langkawi te varen en onderweg hier en daar te ankeren. 15 mijl zeilen naar het Zuiden, is onze eerste stop bij Pulau Dayang Bunting. Aan wal is een groot zoetwatermeer genaamd Princess Lake. Volgens een oude legende waarin een schone prinses hier kwam baden en een prins die toevallig langskwam meteen verliefd op haar werd. Hij vroeg raad bij een oude wijze man,hoe hij haar voor zich kon winnen. Deze gaf het advies zijn gezicht te wassen met de tranen van een zeemeermin, dan kon het niet mis gaan. Het werkt inderdaad, ze trouwen en krijgen een kind, dat kort na de geboorte overlijdt. Dan ontdekt de prinses dat haar huwelijk door een list tot stand is gekomen. Ze gooit haar baby in het meer en zegent het water met haar magische vruchtbaarheid en verdwijnt voor altijd naar de hemel. Nu komen hier kinderloze vrouwen zwemmen om zo vruchtbaar te worden. Ook wij gaan in het meer zwemmen, hoewel onze kinderschare al compleet is.

28 November, Langkawi, Pulau Dayang Bunting.
Gisteravond zijn Teri en Lee en de Anahi’s hier aangekomen. Het is al een tijdje geleden dat we ze gezien hebben, dus besluiten we om hier nog een dagje te blijven. Met zijn allen gaan we zwemmen in het Princess Lake. Ik heb al eerder een bordje visspa gezien. Wat dat precies inhield wist ik niet. Wellicht een spa oord waar je lekkere vis kunt eten of een soort opvang voor je goudvis als je met vakantie bent. Gisteren zag ik hier mensen met hun voeten in het water zitten en dacht dat ze waarschijnlijk geen badkleding bij zich hadden. Harriet vertelt me dat er hier vissen zitten die alle dode huidcellen van je voeten af eten. Dat wil ik natuurlijk ook wel eens ervaren. Het geeft een beetje een kriebelend gevoel, maar mijn voeten zijn niet erg in trek. Een Japanner is erg populair bij de visjes. Van alle kanten komen ze op zijn onderstel af. Ik ben blij dat ik zijn vrouw niet ben het kan niet haast anders dan dat hij enorme zweetvoeten heeft. Gisteren was het Thanksgivingday, iets dat in Amerika  uitgebreid gevierd wordt. Teri en lee hebben dit moeten missen omdat ze gisteren laat aankwamen. We besluiten dit bij ons aan boord in te halen en iedereen brengt iets te eten mee. Het wordt een zeer speciale avond, die eindigt met gitaar een gezang en lee speelt op zijn mondharmonica.

29 November, Langkawi, van Pulau Dayang Bunting naar Hole in the Wall, 22 mijl.
Tussen de eilandjes door varen we naar het Noorden van Langkawi naar de hole in the wall. Weliswaar op de motor, maar de omgeving is schitterend. Zoals de naam al zegt varen we door een nauwe opening in een grote steile rotswand naar binnen. Daar ankeren we in het begin van het mangrove gebied. Met de dingy varen we verder naar binnen. In een zijtak zien we meerdere boten aan moorings liggen, waaronder een Nederlandse boot, de Panta Rey, een mooie Koopmans. De eigenaars zijn aan boord en we raken in gesprek. Ze nodigen ons uit en stellen zich voor als Ria en Andre. Ze zijn na een reis met hun boot van 6 jaar hier in Langkawi blijven hangen. Inmiddels wonen ze niet meer aan boord maar hebben hier een huis. Na deze leuke kennismaking vervolgen we onze weg in de dingy. Voor het donker willen we nog graag iets van de omgeving zien. In een van de zijarmen varen kleine toeristenbootjes af en aan. We volgen ze en komen bij een plaats waar ze de adelaars en witte zeearenden voeren. Deze indrukwekkende vogels komen met een vaart naar beneden gedoken, pikken in de vlucht met hun poten de prooi en eten het al vliegend op. Heel spectaculair! We varen verder en komen bij een zeer lage grot, waar we doorheen peddelen. De grot heeft een prachtig gekleurd plafond. Op een plaats hangen kleine vleermuisjes op hun kop te slapen. Bij een flooting visrestaurant gaan we eten. Glendora en Anahi besluiten om ons te vergezellen. We bestellen een heerlijke tom yam soep met grote garnalen voor slechts 1 euro, gevolgd door gegrilde verse kreeft. Heerlijk! Na een telefoongesprek met Robert zijn moeder is het zeer waarschijnlijk dat zijn ouders hier een aantal jaren geleden ook hebben gegeten.

30 November, Langkawi, van Hole in the Wall naar Pulau Datai, 15 mijl.
Al genietend van de prachtige scenary varen we door de Hol;e in the Wall naar buiten. De afstand naar Pulau Datai is slechts 15 mijl. Hier ankeren we in de baai. Twee luxe resorts liggen hier aan een goudgeel strand. We drinken een kopje koffie bij het Andaman resort, wandelen over het strand en besluiten er ’s avonds met Teri en Lee te gaan eten. Het weer is vandaag veel droger en het zonnetje breekt door. Er staat een Noordoosten wind, die de Noordoost moesson meebrengt en dat betekent een kentering naar droger seizoen. We zwemmen om de boot en ’s avonds genieten we van een uitstekend diner in dit prachtige resort. Het wordt een uitermate gezellige avond.

1 December, Langkawi van Pulau Datai naar Telaga Harbour, 8 mijl.
We varen naar Telaga Harbour waar we ons rondje om Langkawi zijn begonnen. Hier willen we morgen uitchecken uit Maleisië om vervolgens naar Thailand te zeilen. We ankeren buiten de haven,doen wat boodschappen, brengen de was weg en poetsen de boot. Eric en Marianne die hier in de haven liggen nodigen ons uit voor de borrel en uiteindelijk eten we met 10 man bij het seafoodrestaurant een steambootmaaltijd, die omgerekend 100 euro, voor het hele gezelschap kost, inclusief alle biertjes.

2 December, van Telaga Harbour naar Koh Lipe, Thailand, 25 mijl.
De uitklaring hier in Maleisië is nog geen eenvoudige zaak. De autoriteiten die een uitklaringsformulier moeten invullen, voor we een stempel bij de immigratie krijgen, zijn niet aanwezig. Niemand weet ons te vertellen wanneer ze komen. Een bordje vermeld dat de kantooruren tussen 8 en 5 zijn, maar om half 11 is nog steeds niemand komen opdagen. Als we bij de dames in de jachthaven informeren, helpt Roberts vriendin en ze regelt dat de havenmeester ergens de nodige papieren te voorschijn tovert en voor ons invult. Nu kunnen we gelukkig toch vandaag vertrekken. Het is prachtig zonnig weer en met een mooi lopend windje kunnen we met halve wind eindelijk weer eens prachtig zeilen. We ankeren bij een klein Thais eilandje Koh Lipe. Hoewel het maar 25 mijl verderop is heerst er hier een compleet andere sfeer. Je waant je hier in de jaren 60. Als we met onze dingy aan wal gaan zien we chill barretjes gebouwd van aangespoeld wrakhout en gedecoreerd met van alles wat de strandjutter hier gevonden heeft. In de reggae bar kun je op Perzische tapijtjes en kussens ook je drankjes liggend nuttigen. In het dorpje is slechts 1 straatje met eettentjes en veel massagesalons. Achter een wapperend lakentje kun je gemasseerd worden. ’s Avonds eten we in een Thai familie restaurant.  We bestellen veel te veel, het smaakt uitstekend en op het leid van de avond rekenen we in totaal 12 euro af inclusief de drankjes.

3 December, Thailand, Koh Lipe.
We blijven nog een dagje liggen op deze fraaie locatie. Met de dingy varen we rond het eiland en snorkelen en zwemmen op verschillende locaties. Het water is kraakhelder azuurblauw. We komen kleine verlaten strandjes tegen. Ook kun je zo van de boot in het water springen. Het enige storende zijn de talloze kleine longtailbootjes, die een gigantische herrie maken. Inmiddels zijn er meerdere BWR boten gearriveerd. Enthousiast delen we onze ervaringen en met een hele groep gaan we in de strandbar chillen. Speciaal voor ons geven de barmannen een vuurshow en jongleren met brandende fakkels, terwijl hun soepele lijven bewegen op de reggaemuziek. We eten met de hele groep in het familierestaurant. Voor deze prijs kun je zelf niet gaan koken. Een prachtige avond met zwoele wind onder de sterrenhemel.

4 December, Thailand van Koh Lipe naar Koh Butang, 10 mijl.
We varen van Koh Lipe naar het onbewoonde eilandje Koh Butang. Ed van Prew heeft van een locale visserman gehoord dat je hier prachtig kunt snorkelen. Het eiland ziet er heel idyllisch uit met kleine Robinson Crusoë verlaten witte zandstrandjes. Het snorkelen is mooi, het water helder, maar we zijn erg verwend want niets haalt het bij Frans Polynesië.  Tijdens de bbq bij Prew aan boord zien we de zon ondergaan. Een visser in een klein bootje kookt zijn  potje op een vuurtje aan boord. Een kleine witte reiger vangt zijn laatste visje voor deze dag. Als de zon helemaal onder is, horen we de schrille kreten van de flying foxes, die opstijgen uit de bomen, om op jacht te gaan.

5 December, Thailand van Koh Butang via Koh Rok Nok naar Koh Muk, 70 mijl.
Wanneer we vertrekken staat er een prachtige wind en zoeven we door het water heen. Zoals vaak in dit gebied zakt de wind in de loop van de ochtend in. Toch bereiken we zeilend Koh Rok Nok, waar we willen snorkelen. We laten het anker zakken en helaas wemelt het hier van de kwallen, dus is zwemmen voor ons geen optie. Als dan ook nog twee man in camouflageachtige kleding bij de boten een exorbitant bedrag willen afrekenen, zonder enige vorm van identificatie, enkel om hier te ankeren, besluiten we met een hele groep bwr boten niet te betalen en te vertrekken. We varen naar Koh Muk 10 mijl verderop. Daar aangekomen heeft Teri voor de hele groep bij een resort een beach bbq geregeld. Het wordt een hele geslaagde avond.

6 December, Thailand Koh Muk.
Koh Muk is beroemd voor zijn emerald cave, waar we met onze dingy in gezelschap van Teri en Lee naar toe varen. Het is een drukte van jewelste, passagiersbootjes vol toeristen varen af en aan. Je kunt de grot inzwemmen en via een onderaardse gang van 80 meter kom je bij een binnenmeer. Hier zwemmen in het aardedonker is een ervaring op zich. Robert heeft een waterdichte zaklamp en gaat voorop. Onderweg komen we een rij van wel 30 toeristen tegen, die met zwemvesten aan in een lange slang elkaar vasthoudend , door de grot gaan. Aan het eind van de grot komt het zonlicht ons tegemoet, wat we dan zien is echt heel speciaal. Rondom steile rotswanden, een klein zilverwit strandje, weelderige vegetatie en dit alles midden in de berg. Het is een kleine oase. Deze grot werd vroeger door piraten gebruikt om hun buit en smokkelwaar te verstoppen. We zwemmen dezelfde weg weer naar buiten en gaan terug naar onze boot. Het is fris bewolkt weer vandaag, dus ideaal voor een wandeling. We besluiten  het eiland te gaan verkennen. Via het resort lopen we naar de andere kant. De vegetatie is prachtig. Opvallend is dat niemand hier loopt, zelfs kinderen van een jaar of 12 zitten soms met zijn drieën op een brommertje. We komen bij een dorpje, waar de huizen in dit moerasachtige gebied geheel gebouwd zijn op palen. Overal zie je borden waar je naar toe moet vluchten in het geval van een tsunami. Het begint te gieten en we schuilen in  een barretje met een Australische eigenaar. Wanneer we met onze dingy terug naar de boot willen, valt het niet mee door de branding te komen. Het gaat nog net goed. Teri en Lee hebben een paar uur later minder geluk. Hun bootje slaat om en Teri gaat kopje onder in het water. We besluiten daarom beter aan boord te blijven en kijken 4 afleveringen van 24.

7 December, Thailand van Koh Muk naar Phi Phi Don, 36 mijl.
Het is een hele grijze dag vandaag, maar we hebben een fantastische, snelle zeiltocht naar Phi Phi Don. Dit eilandje is zeer in trek bij duikers en backpackers. Wanneer we met de dingy aan wal gaan begint het enorm te regenen en het houdt voor de rest van de dag niet meer op..Doorweekt komen we aan en kopen 2 paraplu’s, die het al meteen na het eerste gebruik begeven. De straatjes staan blank, het ziet er wel erg leuk uit, met veel kleine winkeltjes, duikshops, cafés en restaurantjes. We vervroegen ons diner en besluiten in een klein restaurantje aan de baai te eten. Phi Phi Don is in 2004 door de tsunami getroffen en werd volledig overspoeld, waarbij 2000 slachtoffers zijn gevallen. De Italiaanse eigenaar van het restaurantje, die de tsunami ternauwernood overleefde, heeft een boek geschreven over zijn eigen ervaringen en die van zijn vrienden met deze ramp. Met het geld van het boek worden de mensen hier geholpen met de wederopbouw van hun bestaan. Het leven hier is volledig gebaseerd op toerisme en de schrijver geeft aan dat de beste hulp die we hun kunnen bieden, is als toerist dit prachtige, paradijselijke eiland te bezoeken.

8 December, Thailand ,van Phi Phi Don via Ao Chalong naar Co Rang Yai, 51 mijl.
Met een zonnetje worden we wakker en zeilen naar Ao Chalong waar we moeten inklaren voor Thailand. Dit is hier een zeer tijdrovend proces met 3 verschillende afdelingen, waar de nodige papieren en documenten ingevuld moeten worden. Omdat het hier in de baai niet erg aantrekkelijk is varen we verder neer Koh Rang Yai. Hier liggen meerdere BWR boten voor anker. We gaan aan wal om te borrelen. Alleen de bar en het restaurant  zijn gesloten. Hierdoor laten we ons niet uit het veld slaan. Met de hele groep borrelen we op het strand. Als het begint te regenen vluchten we de strandbar in die hier leeg en verlaten staat. Tot onze vreugde opent een restaurantje verderop om 7 uur haar deuren, waar we met zijn allen graag gebruik van maken en een gezellige avond hebben.

9 December, Thailand van Koh Rang Yai naar Phuket, 20 mijl.
Vandaag varen we naar Phuket,waar de rally weer bij elkaar komt. Tot onze vreugde is Tony Diment, van de BWR leiding weer van de partij is, na zijn ernstige operatie. We eten samen met zijn vrouw Christine in het restaurantje uitkijkend over de jachthaven en genieten van een heerlijke Thaise maaltijd en het goede gezelschap.

10 December, Thailand Phuket.
Om 10 uur is iedereen present voor een uitgebreide briefing over Phuket, Thailand, Sri Lanka en de Golf van Aden. We zijn vips hier in Thailand, een filmploeg komt ons filmen, voor het journaal van de dag. De dag vliegt voorbij met allerlei dingen regelen voor de boot en we zoeken de foto’s uit. Voor we het weten is het al weer tijd voor de rallyparty, die ons aangeboden wordt door het Ministerie van toerisme. Een Thaise schone hangt ons bij binnenkomst bloemenkransen om. Na de gebruikelijke speeches, krijgen we een Thaise dans te zien en een vuurshow, waarna het buffet geopend wordt.  De kleindochters van David en Jennie stelen de show. Op het eind van de avond zijn ze volgehangen met bloemenkransen en imiteren de elegante handbewegingen van de danseresjes. Ze kunnen zo de showbizz in.

11 December, Thailand Phuket.
Volgende week komen Tessa, Adil, Bob en Helen naar onze boot. Gedurende onze reis hebben we steeds meer spullen en souvenirs verzameld en de twee achterhutten hebben inmiddels veel weg van een volle garage en zolder. We maken een start om de boel weg te ruimen, alleen waar laten we het!

12 December, Thailand Phuket.
We hebben een auto gehuurd en gaan samen met Teri en Lee naar wel zes verschillende watersportwinkels om alle noodzakelijke en minder noodzakelijke spullen en onderdelen voor de boot te halen. Bij een grote supermarkt in Patong doen we boodschappen. Hierna gaan we naar het zeer levendige Patong waar we in een restaurantje aan het strand eten. Wanneer we terug naar de auto gaan is het inmiddels donker. Het publiek is nu wat schaarser gekleed en Robert en Lee krijgen verschillende foldertjes in de hand gedrukt voor o.a. een bananenshow, wat in dit geval waarschijnlijk geen fruitschotel is.

13 December, Thailand, Phuket.
Ze zijn met maar liefst 4 man onze boot aan het poetsen, voor het bedrag van omgerekend nog geen 15 € per man voor de hele dag. Met tandenborstels worden zelfs de kleinste hoekjes zorgvuldig gepoetst. Onze boot heeft er nog nooit zo goed uitgezien. Wij ruimen verder op en poetsen binnen.

14 December, Thailand, Phuket.
Wederom gaan we met Teri en Lee op pad. Met een huurauto crossen we het eiland over op zoek naar een mooie locatie voor oud en nieuw. Eerst maken we een korte stop bij een watersportwinkel. We vervolgen onze weg en rijden door een seagypsy village, met armoedige huisjes op palen, waaronder ze hun gevangen vis en schelpdieren schoonmaken of gewoon liggen te relaxen. Bij Kata beach vinden we een gezellig restaurant met prachtig uitzicht over de hele baai. Ze verhuren hier tevens 5 romantische kamers. Na een uitstekende lunch, zijn we het allemaal eens en reserveren we om hier met een hele groep met oud en nieuw te eten.

15 December, Thailand Phuket.
De dag vliegt aan ons voorbij. We nemen afscheid van Tony en Christine die weer terug naar Engeland gaan, leggen een bezoekje bij Glendora af en doen wat kleine klusjes aan boord. ’s Avonds gaan we met Teri en Lee naar Nai Yang Beach waar we de meest verrukkelijke giant king prawns eten in een seafood restaurantje met onze voeten in het zand.

16 December, Thailand, Phuket.
Jammer genoeg gaan David en Jennie van Zipadedoda de rally verlaten. Ze hebben besloten met hun boot  in Phuket te blijven liggen. Samen met hun dochter en haar echtgenoot en de 2 kleindochters komen ze bij ons op de borrel. De kids zijn gefascineerd door onze kerstboom en de sneeuwende kerstcarrousel met muziek. We worden door hun verrast met een priveperformance van Jingle Bells, met zang en dans. Hierna gaan we met David en Jennie eten.

18 December, Thailand, Phuket.
We hebben een auto gehuurd en gaan nog een keer naar verschillende watersportwinkels om bestelde dingen op te halen. Ze hebben hier in Phuket ook een Makro waar we onze voorraad flink bijvullen. Met moeite weten we alles te verstouwen in de boot en dan is het eindelijk tijd om Tessa, Adil en Bob van het vliegtuig te gaan halen. Het is heerlijk ze na zo’n lange tijd in de armen te sluiten. 19 december Phuket

19 December, Thailand Phuket.
Bob & Helen
4 uur ’s Nachts, warm en klaar wakker. Helaas gaat een vakantie naar tropische oorden vaak gepaard met een nadeel: de onoverkomelijke jetlag! De ochtendstond had gelukkig wel noodles in de mond, dus ik was gelukkig. Vandaag stond er weinig op het programma, daarom hadden we gekozen om te starten met een lui strand dagje. Heerlijk om even de kou uit de botten te krijgen. Na enkele uurtjes bakken en zwemmen op het strand van Nang Yai werden we verrast door een ongewone strandganger. Ingeleid door banaan verkopende kindjes, kwam er een olifant naast onze badhanddoeken staan. Yam Yam was getraind in o.a. Mondharmonica spelen en handstanden maken. Een lief harig beest dat  toch een speciale draai aan de relaxte stranddag gaf.
’s Avonds gingen we Helen ophalen, die helemaal in haar kleine eentje vanuit Budel naar Phuket was gereisd. Daarna hebben we bij Linda’s Seafood aan het strand van lekkere Thaise gerechten genoten. Meteen met een vliegende gelukslampion de vakantie gezegend, just for good measure…

20 december Phuket - Koh Hong
25 mijl
Bob & Helen
Vandaag zijn we vanaf Phuket Yacht Haven in de middag op pad gegaan naar het befaamde James Bond Island. The man with the golden gun is op dit rotsachtig eiland opgenomen. Helaas konden we niet in de voetsporen treden van Sean Connory vanwege het ondiepe water, maar de Bond en Bond-girl kiekjes zijn er wel gekomen.
Na het eiland gepasseerd te hebben, zijn we doorgevaren naar Koh Hong. Hier hebben we de boot geankerd en hebben we dankzij de stroming een goede workout gehad.
Even later hebben we de dingy (bijbootje) gepakt en zijn we de hongs in gescheurd. Dit waren erg fraaie grotten waar je je in een surrealistische omgeving bevond à la de Droomvlucht in Kaatsheuvel.
Na een avontuurlijke duik in het inktzwarte water in de grot, kwamen we in een klein afgesloten binnenwatertje waar het helaas te ondiep was om uitgebreid op verkenning te gaan.
Het tochtje terug was zeker zo idyllisch, vanwege de mooie lichtpartijen die ontstonden door een samenspel van zonsondergang, het blauwe zeewater en de dramatische rotswanden.
Weer terug op de boot hebben we samen met rallygenoten, genoten van een lekkere versnapering.
Kortom voor ons een topdag!

21 december Koh Hong - Railey beach
29  mijl
Helen & Bob
Vandaag de dag in het altijd zonnige Thaise, zijn we al vroeg op pad gegaan. Dit omdat ons aangeraden was de Hongs te bezoeken in de ochtend. Met nog slaperige oogjes zijn we de dingy ingestapt en hebben we dezelfde grotten van gisteren bekeken in het ochtendlicht. Dit was een prachtig gezicht.
Even later teruggekeerd op de boot hebben we gezellig met zijn allen ontbeten en zijn we op weg gegaan naar Railey beach. Hier zouden we mooie koraalriffen kunnen zien en ook goed kunnen stappen.
Gedurende de reis daar naartoe, heeft iedereen zich op zijn eigen manier vermaakt. De ene lachte smakelijk om Harrie Jekkers, de andere deed een poging Robert’s digeridoo te bespelen. Dit laatste bleek allerminst gemakkelijk (of niet Bob?)
Desondanks wisten tijdens de rit toch een kerstrepertoire voor digeridoo en mondharmonica te creëren.
Eenmaal aangekomen op Railey Beach waren we wel toe aan een duik en gingen we op verkenning naar de kleurige riffen. Helaas zag het er onder water grauwer uit dan verwacht.
Aan avontuur in het water echter geen gebrek, dankzij Adil die zijn zonnebril in het water gooide. Helaas lukte het de twee Jacques Cousteau’s niet deze buit te recupereren, want een school onzichtbare kwallen kwamen hier een stokje voor steken. 
’s Avonds dineerden we aan het strand en sloten we de avond af op de boot, omdat het wilde nachtleven van Railey Beach toch ietwat tegen viel.
Evengoed hebben we de avond goed beëindigd, met performances van Robert, Tessa en Bob.

22 december Railey Beach - Koh phi phi

15 mijl
Helen & Bob
Met een zacht briesje in de rug zeilden we van Railey Beach naar het beroemde eiland Koh Phi Phi. Verhalen over dit eiland had een hoge verwachting geschept, het zou bij de drie mooiste eilanden ter wereld horen. Voordat we in de baai aankwamen gingen we eerst snorkelen bij een koraalrif voor de kust. Het was minder kleurig dan we gehoopt hadden maar er waren genoeg leuke visjes te spotten. Hierna voeren we de baai van Phi Phi in, waar al gauw duidelijk werd dat het een populair eiland is onder de feestende toerist. Aan land gekomen zochten we een cocktail barretje/restaurantje op. Na het eten gingen we het dorp in, om te shoppen voor kleren en een duik trip voor de volgende dag.

23 december Koh Phi Phi
0 mijl
Helen & Bob
Vandaag zijn we in alle vroegte opgestaan om vervolgens te gaan duiken. Met een emmer koffie stonden we al stonden we slaperig op de Princess boot, die ons naar Koh don bracht. Dit was de eerste duikplek. Na de opfriscursus van Helen, doken we in het diepe.
Onder water zag het er fraai uit. Mooi kleurig koraal, tropische vissen en zelfs nog een haaitje gezien.
Na ongeveer een uur gedoken te hebben, gingen we terug naar de boot om vervolgens te pauzeren en verder te varen naar de tweede duikspot.
Het hoogtepunt van de tweede duik waren de zeeschildpadden.
Eenmaal teruggekeerd op het strand zijn we na wat boodschapjes in het dorp in de cocktailbar beland.
Hier hebben we ons goed vermaakt, vanwege de 99 verschillende cocktails op de kaart.
Na een aantal cocktails, kregen we gezelschap van een van de Thaise serveersters (Amy Thaihouse). Ze had veel te vertellen over onder andere de Tsunami en de prostitutie in Thailand. Zelf was ze een sophisticated lady, die zelf ook wel van een goeie borrel hield. We hadden het erg gezellig en we werden uitgenodigd voor een feest in een lokale kroeg. Onze Thaise vriendin vond het echter noodzakelijk om Helen nog even op te dirken en al gauw kwam ze op de proppen met een kort Thais jurkje en een setje duivelhoorntjes om het af te maken. (foto’s volgen)
Toen we even later aankwamen in de kroeg, keken we onze uit. Hier werden namelijk geen bescheiden glaasjes bier of wijn gedronken, maar geloof of niet, echte emmers vol met sterke drank. Om niet achter te blijven, bestelden wij ook maar een emmer gin tonic. Het was nog eens 2 halen 1 betalen, dus een emmertje p.p. 
Na 2 emmers vonden we het wel weer mooi geweest en hebben we ons weer laten oppikken door taxi Robert.
Het was een geslaagde avond….

24 december Koh Phi Phi - Koh Racha Yai
15 mijl
Helen & Bob
Toen we eenmaal uitgerust waren van de vorige avond was het niet ver meer naar het volgende eiland Koh Racha Yai.
Eenmaal aangekomen zijn we direct gaan snorkelen. Het water was erg helder en er waren veel mooie vissen te zien. Toch kan dit niet op tegen het duiken in Phi Phi.
Kerstavond hebben we doorgebracht in een echt Thais restaurant, waar we buffet hadden. Voor de gelegenheid hadden ze een cabaretgroep uit Patong laten komen, die met een minder traditionele act de gasten vermaakten. In Nederland gaan normaal gesproken de meeste mensen naar de nachtmis en vervolgens gezellig worstenbroodjes eten thuis met de familie.
Hier gaat dat er toch wat anders aan toe. De nachtmis wordt verruild door een stel playbackende travestieten. Dit was vooral lachwekkend en voor sommige verontrustend.
Het spektakel werd  afgesloten met vuurwerk en we zijn daarna nog een een cocktail gaan drinken bij een chic resort aan het strand. Was weer gezellig!

25 december Koh Racha Yai
0 mijl
Helen & Bob
Eerste kerstdag hebben we ’s ochtends in hetzelfde chique resort van gisteren heerlijk ontbeten.
Na het ontbijt zijn we met Tessa en Adil het eiland gaan verkennen. Het was erg dicht begroeid waardoor het een echte junglesafari leek. Op de terugweg bleek dat het toch echt heel erg veel op elkaar leek. Als gevolg waren we verdwaald en hebben we een tijdje moeten ploeteren voordat we de weg terug vonden. Achteraf een leuk avontuur.
’S Avond zijn we met een stel vrienden van Robert en Wendy gaan eten bij het resort. Het zag er allemaal veelbelovend uit, maar de kreeft in kaasfondue was helaas niet heel smakelijk.
Later op de avond zijn we de drukte in het resort ontvlucht en naar de reggaebar gegaan.


26 december Koh Racha Yai
0 mijl
Helen & Bob
Na enigszins uitgeslapen te hebben zijn we al snorkelend een ander gedeelte van de baai gaan verkennen. Die ochtend kregen we een waarschuwing voor de uiterst giftige Box jellyfish (kwal). Dit veroorzaakte enige paniek bij Helen die regelmatig begon te roepen wanneer er een plastic zak langsdreef. Helaas was de baai niet erg spannend. Wat wel spannend was, was de eilandtour op quads. Een uur lang hebben we samen met een gids door de jungle gescheurd. SUPER tof!
’s Avonds zijn we in een klein Thais restaurantje op een heuvel gaan eten. Erg knus en smakelijk eten.
Na het eten zijn we terug naar de boot gegaan om daar muziek te gaan maken, samen met enkele andere rallygenoten.
Na de jamsessie zijn we nog even de reggaebar in gedoken. De combinatie van hangmat en pina colada in een verse kokosnoot, gaf ons het ultieme zomergevoel (apart met kerst).

27 december Koh Racha Yai - Kata beach
15 mijl
Bob & Helen
Op Kata beach hebben we vrij weinig uitgevoerd. We hebben eerst een goede exercise gedaan in de vorm van baantjes trekken rond de boot. Eenmaal opgedroogd zijn we de kant opgegaan en hebben we cocktails gedronken en een jurkje geshopt voor Helen. ’s Avonds hebben we voortreffelijke kreeft en andere zeevruchten gegeten in een sfeervol restaurant. Later daarna zijn we gestart met een zoektocht naar een partyplace voor oud en nieuw. Hopeloos… iedereen stuurde ons naar Patong. Het beruchte hol van Thailand vol zware jongens en hoeren. Ok dan…..

28 december Kata beach - Patong
10 mijl
Bob & Helen
Daar zijn we dan… in Patong. Van veraf zie je de crowded beach met in het midden een afzichtelijke wolkenkrabber, Patong tower. Vandaag zouden we first hand gaan meemaken wat het hol van de leeuw inhield. ’s Middags oogde alles rustig en waren de straten van Patong geheel family proof. Wanneer de zon verdronk in de zee en de toeristen in de Mojito’s, kwam er echter een volledige andere kant bovendrijven. Uit alle hoeken kwamen de working girls en lady boys de straten opvullen, dit tot genoegen tot sommigen. Voor onze gele matroos was dit echter niet al te plezant. In de donkere disco’s werd door sommige de fout gemaakt om deze exotische Hollandse aan te zien voor een local. Dit zorgde voor een wat ongemakkelijk gevoel, waardoor we uiteindelijk met een ietwat bittere smaak teruggingen naar de boot. Het nachtleven van Patong was toch wat te heavy voor twee doorgewinterde stappers.

29 december Patong 0 mijl
Bob& Helen
Een rustig dagje. Lekker uitgeslapen en later in de middag souvenirs geshopt. ’s Avonds gezellig Italiaans gegeten onder het genot van pianomelodieën.
Later tóch nog even een bordeeltje ingesneakt. Na een paar drankjes het maar weer opgegeven en teruggegaan naar de boot. Bye bye Patong.

30 december Patong - Kata beach 10 mijl
Bob & Helen
Wederom een vrij rustig dagje. Bob heeft eindelijk een lekker nachtje geslapen, vanwege zijn eigengebouwde darkroom van broeken, shirt en handdoeken. ’s Middags een lekkere brunch in een klein traditioneel tentje. Daarna zijn we (nogmaals) op zoek gegaan naar een oud en nieuw party. Tevergeefs… Wel nog een leuke middag gehad met een Thaise ‘professional’ en haar Noorse cliënt. Na lekker gepoedeld te hebben, zijn we teruggegaan naar de boot om ons klaar te maken voor het diner.
Na het diner zijn we naar een erg gezellige ska-strandbar geweest, waar we lekker margarita’s onder het genot van nep ska/reggae hebben gedronken. Wel erg gezellig!

31 December, Kata Beach, oud op nieuw.
We brengen de dag door met wat zwemmen, snorkelen en shoppen. Het valt niet mee om met de dingy aan wal te komen. Er staan behoorlijke golven en een branding aan de kust. ’s Avonds hebben we m,et de bemanning van Glendora, Marianne en Prew afgesproken om oudjaar te vieren in Villa Christina. Omdat het eerder vandaag niet gelukt is om droog aan wal te komen, gaan we in korte broek en kleden ons om in het toilet van het restaurant. Onze vrees blijkt niet ongegrond te zijn. Eric en Marianne slaan met hun bijboot om. Gelukkig zijn ze niet gewond. Onze verzopen katjes  keren terug naar hun boot, maar missen de moed het landingsavontuur nog een keer mee te maken en blijven aan boord. Vervolgens valt Ed in de branding uit zijn boot. Na een douche en droge kleren komt hij terug naar het restaurant. Het wordt heel gezellig, met gigantisch veel vuurwerk. Ook worden er veel hete luchtballonnen opgelaten. De wind staat echter uit de verkeerde hoek, zodat verschillende ballonnen in een grote boom bij het restaurant belanden en daar in de brand vliegen. Met enige zorg kijken we of de brand overslaat. Maar de boom blijft ongedeerd. Om 12 uur volgt de gebruikelijke toost. Wij wensen alle familie, vrienden en kennissen een heel gelukkig, voorspoedig en gezond 2009. 

1 Januari 2009, Kata Beach.
Bob en Helen gaan om 1 uur met de taxi naar Phuket om daar nieuwjaar te vieren. Na verschillende Thaise kroegjes bezocht te hebben, worden ze uitgenodigd bij een Thaise familie, waar ze eten en drankjes krijgen. De karaoke machine wordt tevoorschijn gehaald en ze worden geacht mee te zingen. Een probleempje ze hebben alleen Thaise muziek, maar Bob en Helen laten zich niet kennen en zingen in hun beste Thais mee. Ze nemen afscheid van dit gastvrije gezin, proberen nog een laatste kroegje te vinden zonder succes en keren naar de boot terug, waar Robert ze om 7 uur van het strand ophaalt. Wij maken het minder laat en trotseren de branding om half 3 richting boot. Het gaat goed. Teri en Lee zijn minder fortuinlijk, hun bootje slaat om, ze gaan kopje onder en ’genieten’ van een vroege nieuwjaarsduik. Na deze party evening moet iedereen een beetje bijkomen. Eric en Marianne komen nieuwjaar wensen. Bob en Helen pakken hun spulletjes in en gaan naar Phuket. Ze gaan nog een paar dagen backpacken. Afscheid nemen valt niet mee. Marianne nodigt ons uit bij hun spaghetti te komen eten. Het smaakt heerlijk en ook de eigengebakken oliebollen na.

2 Januari 2009, van Kata Beach naar Nhiharn Bay, 4 mijl.
We hebben met David en Jenny afgesproken in Nhiharn Bay. Voor we morgen vertrekken naar Sri Lanka willen we nog even afscheid van ze nemen. Voor hun is dit het einde van de rally, ze blijven met hun boot in Phuket. ’s Ochtends wanneer Robert de watermaker heeft aangezet en ik aan het stofzuigen ben, staat ineens de hele boot vol met zwarte rook. Het komt uit de motorkamer. Robert schakelt meteen alle elektra uit. Ergens is kortsluiting ontstaan en in de kast van de elektra zijn de kabels gesmolten en zwartverkoold. Dit is geen goed nieuws. We vrezen het ergste. We vragen Eric van de Marianne om te komen kijken. Hij heeft gouden handjes. Zijn prachtige Hoek heeft hij zelf gebouwd. Kortdaad komt hij ons te hulp en weet de boel wonder boven wonder te repareren. We zijn hem buitengewoon dankbaar. Aan het begin van de middag kunnen we ons anker ophalen en varen naar Nhiharn Bay. Met Tessa en Adil ga ik met de taxi naar een grote supermarkt inkopen doen. In een klein restaurantje in de baai gaan we met onze bemanning en David en Jenny eten. We halen onze gezamenlijke avonturen op. Wat hebben we toch veel leuke dingen met elkaar ondernomen en erg veel plezier gehad. We hopen ze snel weer te zien.

3 Januari 2009, op weg naar Sri Lanka, 1100 mijl.
Ook van Tessa en Adil nemen we afscheid. Zij blijven nog een paar daagjes in Villa Elisabeth logeren. Wij moeten op tijd in Sri Lanka zijn, omdat de BWR daar een zesdaagse rondreis georganiseerd heeft. Het is niet fijn om de kinderen zo’n lange tijd te missen. Hier in Phuket hebben we ook afscheid genomen van 2 BWR boten,Zipadedoda en Anahi, die hier blijven liggen. We maken de boot klaar voor vertrek en zeilen om 11 uur de haven uit. De afgelopen dagen heeft het lekker gewaaid. We verheugen ons al op een mooie halvewindse zeiltocht. Jammer genoeg valt de wind tegen. Er staat heel weinig wind, die ook nog van achteren komt. Overdag kunnen we de zeilen nog net vol houden. ’s Nachts slaan de zeilen op en neer en gaan we met de motor verder. Er staat een knobbelige, onrustige zee en van lekker slapen komt weinig van terecht. Om 7 uur kunnen we de zeilen weer hijsen.

4 Januari 2009, op weg naar Sri Lanka.
In de loop van de middag wordt de zee vlakker.  Ook trekt de wind aan waardoor we gladder door de golven gaan. Het wordt een mooie zeiltocht. Het zonnetje schijnt, een grote lamsbout pruttelt in de oven, die ons uitstekend smaakt. We hangen het bot aan een touw achter onze boot aan, in de hoop zo haaien te lokken. Waarschijnlijk zijn ze minder dol op lamsbout dan dat wij dat zijn, want ze laten zich niet zien. Bovendien kost een sleepje achter onze boot snelheid, dus halen we de lijn als de schemering valt weer binnen en het bot krijgt het ruime sop. Voor de nacht zetten we een rif en haalt Robert de uitgeboomde genua binnen, omdat de wind nu meer van de zijkant komt. We kijken buiten in de kuip een film. Deze nacht verloopt veel rustiger dan de vorige.

5 Januari 2009, op weg naar Sri Lanka.
Het wordt een fantastische zeildag. Met een mooie bries, zonnetje, de wind schuin van achteren maken we een topsnelheid. In 24 uur leggen we 201 mijl af. De andere boten zijn een of meerdere dagen eerder vertrokken en we zijn benieuwd wie we nog in kunnen halen. Na de avond rollcall kijken we een film. Ook de nacht verloopt voorspoedig. Robert wordt tijdens zijn wacht verrast door een vliegende vis, die recht in zijn gezicht springt. Ben ik even blij dat ik niet het slachtoffer was!3 Januari 2009, op weg naar Sri Lanka, 1100 mijl.

6 Januari 2009, op weg naar Sri Lanka,
Wederom een prachtige zeildag, waarin we weer exact 201 mijl afleggen. Dit had meer kunnen zijn maar ’s nachts komen er grote squalls (buien) met soms flinke regenbuien. De wind varieert enorm van richting en kracht. Het houdt ons druk bezig.

7 Januari 2009, op weg naar Sri Lanka.
Vandaag ben ik BWR netcontrol van de SSB radio. Alle posities van de BWR boten worden genoteerd en stuur ik via mail door naar de BWR leiding. Voor het radionet begint om 10 uur is het de gewoonte iets van muziek te draaien. Mijn keuze valt op Lost at Sea van onze dochter Tessa. Gelukkig missen we niemand en kan ik van iedere boot zijn positie doorgeven. Aan het eind van de middag krijgen we bezoek van een grote familie dolfijnen. Het zijn vrij kleine, pezige dolfijnen, die soms in groepjes van 3 heel synchroon hoog boven het water uitspringen. Hun collega’s in Harderwijk kunnen er jaloers op zijn. De zon gaat prachtig onder, met een fraai gekleurde horizon, in allerlei schakeringen rood. Als het donker wordt krijgen we weer last van enorme squalls, waaruit veel regen valt. De wind valt totaal weg en we ploegen met de motor tegen de golven op. Erg jammer want we hadden vandaag een super snelle zeildag, nu loopt onze snelheid drastisch terug. Het wordt een frisse, natte, zwarte nacht, waarin we zelfs onze fleece aantrekken.

8 Januari, op weg naar Sri Lanka.
De weergoden zijn vandaag met ons. De wind trekt in de loop van de ochtend aan. We vliegen over het water, de boot vibreert over de golven. Hier is ons Heidenskip voor gemaakt. We maken zelfs zo’n snelheid dat als we Sri Lanka naderen in de vroege ochtend en snelheid moeten minderen. De haven is ’s nachts gesloten, je mag er niet in. Het wordt zwaar bewaakt met mitrailleur geweren op uitkijkposten.

9 Januari, Galle, Sri Lanka.
We willen voor de haven voor anker gaan, maar als we de aanloop naderen komt er een militair vaartuig met 2 mitrailleurs op ons gericht op ons af. Pas om half 7 mogen we de aanloop van de haven in om daarna voor de haven te ankeren. Tot die tijd moeten we rondjes varen. Even later komen onze militairen weer op ons af, ze vragen om sigaretten. Na een negatief antwoord van Robert vragen ze vervolgens om whisky. Robert gaat naar binnen en komt terug met wat blikjes bier, waar ze verheugd op reageren. Met het omvergooien beland een van de blikjes in het water. Voor iedereen is er een biertje, maar het blikje in het water laten ze niet zomaar verloren gaan. Met man en macht wordt er naar gevist, hun hele aandacht gaat hier naar toe. Ze hebben niet in de gaten dat Marianne en Prew inmiddels de aanloop zijn in gevaren. Zo zie je maar weer, een kleine alcoholische versnapering brengt hun hele beveiligingssysteem in de war. Maar hopen dat de Tamil tijgers dit bericht niet lezen. Om half 7 mogen we in het baaitje voor de haven ankeren. Hier krijgen we bezoek van 2 marinemannen die het schip komen inspecteren op wapenbezit. Terwijl Robert buiten papieren invult ga ik met een marineman naar binnen. Hij kijkt in alle kastjes, tussen mijn ondergoed en zelfs in mijn handtas. Ondertussen is de tweede man binnengekomen en terwijl ik met nummer een in de achterkajuit ben, begint hij de boel voor de tweede keer door te zoeken. Vreemd. Naderhand blijkt dat 3 BWR boten bestolen zijn. Carelbi mist 700 dollar! Gelukkig zat er in mijn portemonnee geen rooie cent, maar ik kon wel zien dat ze er met hun lange vingers in gezeten hadden. Ook zij vragen om een donatie en gaan met twee shirts en hotelflesjes whisky van boord. Wanneer we uiteindelijk in de haven liggen zijn we het grootste gedeelte van de dag zoet met het ontvangen van alle autoriteiten,  eerst komt onze agent ons voorbereiden, daarna security, immigratie, quarantaine, healthinspector en de custums. De boot wordt verschillende keren doorzocht en het grootste gedeelte van onze drankvoorraad moet weer achter een gesloten kast die gecyled wordt. Overal in de haven lopen beveiligingsmensen met mitrailleurs, zelfs op de fiets. Hier krijgen we niet echt een welkom in Sri Lanka gevoel van. Met een tuk-tuk gaan we Galle in naar tempel nummer 1, de geldautomaat. Onze tuk-tuk chauffeur, Saman, is erg aardig, spreekt goed Engels en regelt van allles voor ons. Ook laat hij ons zijn huis zien, dat direct aan het water gelegen ligt. Tijdens de tsunami is het zwaar getroffen, hij mist 5 familieleden. Hij zorgt voor de gehandicapte zoon van zijn broer en schoonzus, die toen zijn omgekomen. Hij vertelt ons zijn verhaal. Hij zat tv te kijken en een van zijn kinderen roept plotseling, papa papa het water. Hij kijkt door de gang, de deur staat open en hij ziet de tsunami komen. Hij grijpt zijn gehandicapte neef en gaat in het kozijn van een van de gebouwtjes staan. Het water komt te hoog en hij klimt op het dak en weet zich staande te houden. Zijn vrouw vlucht met hun 3 maanden oude dochtertje naar de tegenover staande school  en klimt daar op het dak. Zijn moeder van 76 wordt de woonkamer in gespoeld en kan via de trap op de bovenste verdieping komen./ In het huis naast hun verliezen 5 mensen hun leven. Na dit indrukwekkende verhaal maken we kennis met zijn familie. Het zijn erg vriendelijke mensen,.Zijn 80 jarige moeder schudt ons enthousiast de hand. De gehandicapte neef, absent minded zoals Saman hem noemt, ligt op een matras in een hoekje te slapen. Hierna brengt Saman ons terug naar de haven, waar we door de strenge controle gaan om naar binnen te komen. ’s Avonds brengt hij ons naar het resort waar de rallyleiding verblijft en we met een hele grote groep eten.

10 Januari 2009, Galle Sri Lanka.
We gaan met onze tuk-tuk chauffeur Saman een sight seeing tour in de omgeving doen. Eerst bezoeken we een turtle farm. Ze vertellen ons dat ze schildpadeieren van de vissers kopen, die anders voor consumptie in restaurants verkocht worden. Hier graven ze de eieren weer in en na een aantal weken komen de schildpadjes uit de eieren Vervolgens gaan ze 4 dagen in een zoutwaterbassin, waarna ze hun vrijheid terug krijgen, op het strand gezet worden waar ze dan de zee in wandelen. Voor 20 dollar kunnen we 10 schildpadjes loslaten. Het is een leuk verhaal maar het zou ook goed mogelijk zijn dat deze turtle boeren de eieren zelf opgraven en op hun farm laten uitbroeden., Behalve de jonkies zijn er ook verschillende volwassen exemplaren. Het is wel schattig als je een baby schidpad op je hand hebt. Hierna bezoeken we een kruidentuin. Na een rondleiding krijgen we eerst een korte gezichtsmassage, een hoofdmassage, Robert een rugmassage en ik een voetmassage door leerling masseurs. Ze hopen natuurlijk dat ze een goede tip krijgen en dat je eenmaal murw gemasseerd genegen bent om veel te kopen.  Wij kopen slechts een pakje kruidenthee. Het is duidelijk dat de tuk-tuk chauffeurs belang hebben zoveel mogelijk toeristen naar deze smakeloze attracties te brengen. Na een lunch in een drukbezocht locaal restaurantje bezoeken we een boeddhistische tempel gebouwd in een grote boeddha figuur. Via een ondergrondse tunnel met meer dan 20.000 schilderijen komen we in de boeddha. Helemaal bovenin hebben we uitzicht over de stad, de heuvels en rijstvelden. Het is vandaag de eerste full moondag van het jaar, daarom wordt de tempel zeer druk bezocht. Op deze dag mag er ook geen alcohol geschonken worden. Als laatste bezoeken we een juwelier. Sri Lanka is beroemd voor zijn saffieren. We gaan terug naar de boot en kijken 3 afleveringen van 24.

11 januari 2009, Galle Sri Lanka.
We gaan de stad in om wat spullen voor de boot te kopen, waar we maar zeer ten dele in slagen. Er is hier een groot fort, in het verleden gebouwd door de Nederlanders. We bezoeken een Nederlands hervormd kerkje uit 1756. Hierna gaan we teaen met Eric en Marianne in het Amangalle hotel gevestigd in het statige oude huis van de vroegere gouverneur. Het is prachtig gerestaureerd n er heerst een rustige, serene, chique sfeer. Na een uitstekende tea wandelen we rond in het fort. Met de tuk-tuk gaan we naar het Closenburg hotel, waar een gezellig rallydiner is.

12 Januari 2009, Galle Sri Lanka.
Morgen gaan we een rondreis maken met een grote BWR ploeg door het zuiden en midden van Sri Lanka. Een bezoek aan een  park in het noordelijk gedeelte is gecanceled, daar zijn de Tamil tijgers actief en  dat gebied is onveilig. We tanken diesel, die ze komen afleveren in olievaten. Naderhand komen we tot de conclusie dat de vaten lang niet vol zaten en we niet kunnen nagaan of ze de afgesproken hoeveelheid afgeleverd hebben. De koelkasten en diepvries maak ik leeg en schoon. We liggen hier namelijk niet aan de stroom. De dag vliegt voorbij en tegen de avond staat alles gepakt klaar voor vertrek. Morgenvroeg moeten we om 7 uur present zijn.

13 Januari tot 18  Januari 2009, rondreis door Sri Lanka.
Om 7 uur staan we als kinderen die een schoolreisje gaan maken te wachten op de bus voor een 6 daagse rondtrip. Het programma is als volgt:
13 Udawalawa
14 Nuwara Eliya , Hill club
15 Kandy
16 Sigirya
17 Colombo
18 Colombo, terugreis.
Als eerste valt ons op dat we te maken hebben met een land in oorlog. Overal zie je wegversperringen en staan militairen met geweren.  Iedereen moet daar uit zijn voertuig en wordt onderzocht op wapens. Alleen wij in onze touringcar mogen gewoon doorrijden. Het landschap is prachtig met uitgestrekte rijstvelden en in de bergen theeplantages. De wegen zijn niet overal even goed begaanbaar en de smalle slingerweggetjes met haarspeldbochten houden flink op, zeker als we tegenliggers krijgen. Onze chauffeur is uitstekend en manoeuvreert langs moeilijke verkeerssituaties. De afstanden zijn behoorlijk tussen de verschillende plaatsen, we maken erg lange dagen in de bus. We bezoeken tempels, waaronder de temple of the tooth, een theeplantage en fabriek, houtsnijwerkateliers, batikshop, pottenbakker, zijdenshop, juwelenfabriek en een culturele dansshow. De jeepsafari in een van de nationale parken is een hoogtepunt. Hier leven de olifanten in het wild. Met onze jeep rijden we door het park en we zien veel olifanten, die hier in kuddes leven. Heel vertederend zijn de babyolifantjes die door hun moeders beschermd worden. In het reservaat leven ook veel inheemse vogels, impala’s en luipaarden, die we jammer genoeg niet tegenkomen. De een na laatste dag bezoeken we een olifantenweeshuis. We zitten op het terras van en aan de rivier gelegen restaurantje voor de lunch. Iedere dag om 2 uur komen de olifanten hier baden. We zien ze over de weg al aankomen en als ze vlak bij de rivier zijn zetten ze het op een spurt. Het lijken net kleine kinderen die een dagje naar het strand gaan, de zee zien en vervolgens met veel enthousiasme erin rennen. Een kudde van wel 60 olifanten baddert en speelt in de rivier. De grote bejaarde olifanten gaan op hun zij in het water liggen en blijven daar wel een uur baden. Af en toe komt hun slurf boven water om adem te halen. Dit is een onvergetelijk schouwspel waar we geen genoeg van kunnen krijgen. De laatste bestemming is Colombo de hoofdstad. Na een vrije ochtend waarin we langs de zwaarbewaakte boulevard wandelen en met een aardige tuk-tuk chauffeur een rondrit door Colombo maken, gaan we met de bus terug naar onze boot. Een zeer geslaagde uitstap.

19 Januari 2009, Galle Sri Lanka
Om half 10 krijgen we een zeer uitgebreide rallybriefing over de Malediven, Salalah en vooral over de tocht daarna, van Salalah naar Djibouti, daar gaan we in konvooi doorheen. Na de briefing brengt Saman onze tuk-tuk driver ons naar de stad voor boodschappen. Hij nodigt ons uit voor de lunch morgen bij hem thuis. Saman is een hele aimabele, eerlijke man. Ook bij zijn collega’s en in de stad wordt hij graag gezien. Nauwelijks zijn we terug aan boord of we moeten weer op pad. Dit keer voor de rallyparty. Om 6 uur krijgen we eerst een  uitgebreide dansvoorstelling. In prachtige kostuums waarin de dansers allerlei figuren uitbeelden van cobra tot heks. Robert wordt gevraagd mee te dansen en laat zich niet onbetuigd. Ik ben al lang blij dat ik niet het slachtoffer ben, maar helaas mijn opluchting is van korte duur, ook ik moet er aan geloven. Het wordt een gezellige avond waar meerdere voetjes van de vloer gaan.

20 Januari 2009, Galle Sri Lanka.
Saman haalt ons op met de auto van een vriend en brengt ons naar zijn nieuwe huis. Van zijn huis is na de tsunami weinig over en met steun van een Italiaanse vereniging heeft hij in de bergen een nieuwe woning gebouwd, dat hij ons vol trots laat zien. De hele familie is aanwezig, en bejaarde opa die in de tuin schoffelt, oma die zijn jongste spruit van 3 maanden in slaap probeert te wiegen, zijn vrouw en 4 jarig dochtertje. Twee goede vrienden van hem hebben voor ons een feestmaaltijd bereid. Ze komen daarna bij ons zitten en we hebben een interessant gesprek over de politieke situatie in Sri Lanka, de corruptie, er blijft veel geld aan de strijkstok hangen, het onderwijs en de gezondheidszorg, die gratis zijn in dit land. Ook komt natuurlijk de tsunami ter sprake. Een van de twee vrienden heeft zijn vrouw en 2 kinderen verloren. Bovendien zijn alle middelen van bestaan weggevallen hier in het zuiden langs de kust,maar met steun uit het buitenland wordt hun leven weer opgebouwd. Saman zorgt ook voor de allerarmsten uit het dorp die geen baan hebben. Als we afscheid nemen van dit bijzonder vriendelijke, gastvrije gezin krijgen we cadeaus mee, waaronder een houten boeddha met een lief gezicht. In de supermarkt vullen we onze voorraad aan. Hierna is er in het hotel naast de haven een dansvoorstelling die ons wordt aangeboden door alle tuk-tuk drivers en hun familie als dank dat BWR leden hun financieel gesteund hebben de afgelopen 4 jaar. De voorstelling is indrukwekkend maar ook erg lang, i.p.v. van 6 tot 8 uur is het om half 10 nog lang niet afgelopen. Inmiddels hebben we erg veel trek gekregen en aangezien nog  niemand gegeten heeft gaan we terug aan boord, waar we een boterhammetje pakken.
|
21 Januari 2009, Galle Sri Lanka.
Als eerste gaan we uitchecken uit de haven. We willen morgenvroeg vertrekken en 24 uur voor vertrek moeten we ons melden bij de autoriteiten. Voor de BWR is er een ontbijtontvangst georganiseerd van de haven. W krijgen een  praatje van en marineofficier, de havenofficial, een vrouwelijke ingenieur, die ons vertelt over de plannen om de haven te verbeteren en jachtvriendelijk te maken en tot slot geeft een priester ons zijn zegen voor de rest van onze reis. Dan volgt er koffie en thee met locale specialiteiten. Saman onze tuk-tuk driver brengt ons naar een internetcafé en de groente en fruitmarkt. Hij onderhandelt en zorgt ervoor dat we niet teveel betalen. Van andere BWR leden hebben we gehoord dat sommige marktlieden proberen een slaatje te slaan uit ons als toeristen en astronomische bedragen rekenen. Saman heeft ons tijdens ons bezoek hier enorm geholpen en allerlei klusjes geregeld. Zonder zijn hulp en plezierig gezelschap zou het beeld dat wij van Sri Lanka gekregen hebben veel negatiever uitvallen. Het heeft wat ons betreft 2 gezichten en gelukkig maken mensen zoals Saman veel goed. We nodigen hem uit met ons te eten. Samen met hem en de vierkoppige bemanning van Prew hebben we een heel geslaagde avond. Tot ziens Saman, het ga je goed!

25 Januari 2009, Van Sri Lanka naar Uligamu, Malediven, 450 mijl.
Als we om 10 uur onze uitklaringpapieren krijgen wordt het tijd te vertrekken. Op het roer is inmiddels een hele mosselcultuur aangegroeid en wanneer we het anker ophalen hangt er een complete baard aan onze ankerketting. We zijn benieuwd of onze boot met al deze aangroei nog voorruit te branden is. Tot 4 uur in de middag staat er nauwelijks wind en tuffen we met een slakkengangetje op de motor. Dan begint het lekker door te waaien en met vol tuig zeilen we hoog aan de wind. Tegen de avond staat er inmiddels een dikke windkracht 6, met flinke uitschieters en de zee wordt steeds ruwer. We zetten een eerste rif voor de nacht. Tijdens de eerste wacht moet ik Robert wakker maken omdat ik uitschieters zie van meer dan 40 knopen wind, om een tweede rif te zetten. We varen verder met dubbelgereefd grootzeil en een klein kotterzeil.  In het pikkedonker schieten we met ruim 10 knopen door het water. Je ziet niets, alleen hoor je de golven en af en toe slaat een spray water in de kuip. Van een rustige ongestoorde nachtrust komt weinig. ’s Ochtends neemt de wind af. We leggen ondanks het feit dat we de eerste 6 uur weinig snelheid gemaakt hebben 215 mijl af in 24 uur.

26 Januari 2009, op weg naar de Malediven.
Naarmate de dag vordert neemt de wind verder af en zetten we alle zeilen bij. Tot even voor de avond roll call van 6 uur, wij zijn vandaag netcontroller, zeilen we door, dan houdt het helemaal op met waaien en motoren we verder. Het koken is nu een stuk eenvoudiger en een pittige chili con carne gaat er goed in.

27 Januari 2009, op weg naar de Malediven, aankomst Uligamu.
In tegenstelling tot eergisteren staat er vandaag geen spat wind en de zee is zo glad als een spiegel. Het wordt een saaie motordag. Om half 6 laten we ons anker zakken bij Uligamu, Malediven. We zijn net op tijd om nog in te klaren. Met 5 man sterk komen de autoriteiten naar onze boot. In tegen stelling tot Sri Lanka zijn ze bijzonder vriendelijk en efficiënt, binnen no time zijn alle papieren ingevuld. Lee van Glendora is vandaag jarig en we worden uitgenodigd voor een drankje. Toch maken we het niet zo laat, het slaaptekort speelt ons parten

28 Januari 2009, Uligan, Malediven.
Een rustige dag voor anker. Af en toe spring ik het water in wanneer het te warm wordt. We gaan “shoppen”downtown. Het winkeltje op het eiland wordt speciaal voor ons geopend. Ik krijg de indruk dat we aan boord meer levensmiddelen hebben, dan wat er hier in de schappen van de winkel staat. Met wat rode uien, een fles ketchup en snoepjes om uit te delen aan de kinderen hier op het eiland komen we naar buiten. We nodigen de bemanning van Prew uit bij ons te bbq-en. Een geslaagde avond.

29 Januari 2009, Uligan, Malediven.
Hoe mooi het water hier ook is, er valt hier weinig te beleven. We vragen ons steeds meer af hoe de bevolking hier hun tijd doorbrengt. Behalve zitten en staren naar de horizon, zien we ze weinig anders doen. We moeten hier nog een paar dagen blijven,. Aangezien we niet voor 11 Februari in Salalah moeten aankomen.

30 Januari 2009, Uligan, Malediven.
Na de rollcall knip ik de lange lokken van drie bemanningsleden van Prew. Ze zijn allemaal uitermate tevreden met het resultaat. Terug aan boord beginnen de Malediven ons een beetje te benauwen en vervelen. Er valt hier zo weinig te ondernemen. We besluiten morgen te vertrekken en het lukt ons, ondanks dat het vandaag vrijdag is, voor hier een zondag, om uit te checken. Met 31 rallyleden en 10 andere bootjesmensen hebben we een etentje aan wal, door de bevolking hier voor 10 dollar p.p. voor ons gemaakt. Wederom valt er geen vrouw te bespeuren. Na het eten maken ze voor ons muziek. Twee trommelaars, een hoop vals gezang, begeleid door uit de maat handengeklap. Dan moeten we nog dansen ook en we vragen ons ernstig af, wie nu wie aan het vermaken is. Tot besluit menen 2 Amerikaanse booties, die niet bij onze rally horen, ook een muzikale bijdrage te leveren. Ze zouden in de voorrond bij idols geheel tot zijn recht komen. We sneaken weg achter tussen de palmen door naar onze dingy en varen zachtjes terug naar onze boot.

31 Januari 2009, Van Uligan Malediven naar Salalah Oman, 1255 mijl.
Met lichte wind zeilen we om 9 uur vanaf onze ankerplaats bij Uligan, de Malediven richting Salalah, Oman, hier 1255 mijl vandaan. Een rustige zonnige dag, we lezen een beetje, chatten over de radio, Robert speelt wat gitaar en we kijken een film. Om 6 uur valt de wind totaal weg en varen we op de motor de nacht door.

1 Februari 2009, op weg naar Salalah, Oman.
Een vrijwel windstille dag, waarin we ons lezend vermaken. Ik ben een prachtig boek aan het lezen, The road from elephant pass, van Nihad de Silva,over Sri Lanka en de oorlog met de Tamil tijgers. De schrijver zelf is omgekomen door een exploderende landmijn in 2006. Het boek wordt nu verfilmd. Net als ik om 4 uur ga koken steekt de wind op. De boot ligt op een oor en met wat acrobatische toeren bereid ik het eten. Zeilend onderweg zijn de maaltijden hoogtepuntjes van de dag. We zeilen rustig de nacht door.

2 Februari 2009, op weg naar Salalah, Oman.
Een mooie comfortabele zeildag. De boot loopt goed, de zee is vrij vlak. We schieten goed op.

3 Februari 2009, op weg naar Salalah, Oman
Vandaag staat er wat meer wind. We zeilen hoog aan de wind en maken vooral ’s avonds en ’s nachts een flinke snelheid. We komen een grote groep jagende tonijnen tegen, die hoog uit het water springen. In dit gebied wordt er veel op toni9jnen gevist. De vissersboten hebben kilometerslange drijfnetten uitliggen. Al 2 BWR boten zijn hier ’s nachts in gevaren en zijn uren bezig geweest met de netten uit de schroef los te snijden. Het blijft dus goed opletten en heel ver uit de buurt van visboten blijven.

4 Februari 2009, op weg naar Salalah, Oman.
Een gedeelte van de dag hebben we gemotorzeild. ’s Avonds trekt de wind aan en vliegen we over het water. Tip voor wereldreizigers, verse brownies uit de magnetron voor bij de koffie.

5 Februari 2009, op weg naar Salalah, Oman.
Er staat een flinke bult wind en dito golven. Alle handelingen aan boord vergen een behoorlijke inspanning , van koken tot het ophijsen van je broek, het blijft een evenwichtstoer. Met dubbelgereefd grootzeil op gaan we de nacht in en ondanks dat er stroom tegen staat maken we een daggemiddelde van 206 mijl. We slapen onrustig, maar met een slingerzeitje op, dat belet dat je uit bed valt en veel kussens ter stabilisatie rondom je heen, wil het toch lukken.

6 Februari 2009, Op weg naar Salalah, Oman.
De hele dag hebben we goede wind. Na de middag neemt hij af. De golven van de dag ervoor staan er nog steeds, waardoor we behoorlijk rollen. ’s Nachts draait de wind en komt van achteren, we liggen zo te rollen dat we de motor bijzetten. We doen het rustig aan, zodat we bij daglicht aankomen.

7 Februari 2009., Salalah, Oman.
Salalah is een grote commerciële haven met een containerterminal waar grote vrachtschepen worden geladen en gelost. Er is een klein havenkommetje waar de plezierjachten in moeten ankeren. Deze ligt al zo vol met boten voor anker dat het voor ons moeilijk is een plaatsje te vinden. Na een uur rondvaren, ankeren en herankeren liggen we uiteindelijk, maar erg blij zijn we niet met dit veel te krappe plaatsje. Zeker als de wind draait en we nog geen meter van een vissersboot liggen en aan de andere kant een halve meter van een ander jacht. Inmiddels hebben we Mohammed onze jachtagent te pakken gekregen. Hij regelt voor ons en voor Pelle en Carelbi een plaatsje tegen de walkant. Per brengt ons naar de douane, waar de beambten ons snel en vriendelijk inchecken. Naast ons liggen de vissersboten en op de wal zijn mannen de visnetten aan het repareren. Het zijn gastarbeiders uit Bangladesh, die hier ’s nachts op de wal tussen de visnetten onder dekens liggen te slapen. We willen een auto huren en Mohammed neemt Robert mee naar een autodealer. Robert krijgt vervolgens een sleutel in de hand geduwd en kan zo wegrijden. Geen contract, geen autopapieren, geen rijbewijs laten zien, niets. Met de bemanning van Pelle en Prew gaan we eten in het nabijgelegen Hilton hotel. Hier schenken ze alcohol en een glaasje wijn hebben we na deze overtocht zeker verdient.

8 Februari 2009, Salalah, Oman.
Robert ontdekt dat de koelwaterpomp van de motor lekt. Gelukkig heeft hij een nieuwe reservepomp die Kevin naar Australië heeft meegebracht. Deze klus moet eerst geklaard worden, dus begint hij daar vroeg in de ochtend mee. Wanneer de nieuwe pomp geplaatst is blijkt deze ook zo lek als een mandje te zijn. Het water spuit naar alle kanten de machinekamer in. Een pakking sluit niet goed af. Het valt niet mee de ring eraf te krijgen, maar uiteindelijk is het om 4 uur voor elkaar. Hoe vervelend het ook is, we zijn blij dat we het hier ontdekken en niet als we in konvooi door de golf van Aden varen. De Marianne loopt de haven binnen en nadat ze afgemeerd zijn brengt Robert Eric naar de douane. Marianne zelf die onderweg jarig is geweest, nodigt ons uit voor een drankje. De buurboot Pelle schuift ook aan, Chico de Italiaanse crew van Pelle bereid een overheerlijke pasta, ik bak een verjaardagstaart en het wordt een erg gezellig verjaardagsfeestje.

9 Februari 2009, Salalah, Oman.
We brengen met de auto de was naar een van de vele wasserettes hier en doen boodschappen. Onderweg bekijken we het landschap dat er erg droog en dor uitziet, net een groet zandbak. Opeens steken een aantal koeien, mooi fries stamboekvee, zomaar de snelweg over. Deze dieren lopen hier gewoon los rond. Je zal toch ’s nachts zo’n beest op je motorkap krijgen. Terug in de haven spreekt Mohammed ons aan. Hij lijkt als twee druppels water op Eddy Murphy, zelfs dezelfde lach, met een spleetje tussen zijn tanden. Hij vertelt ons dat we 12 Februari een receptie krijgen op de kade, waarbij de ministeraanwezig is en we uiteraard een dansvoorstelling te zien krijgen. Dit wordt gefilmd voor de nationale tv. Wij moeten zorgen dat de rallyleden op tijd aanwezig zijn. Met de rallyleden die inmiddels gearriveerd zijn in Salalah gaan we eten in club Oasis.

10 Februari 2009, Salalah, Oman.
Het wordt een drukke dag met het binnenlopen van veel BWR boten. We helpen met het afmeren en voor we er erg in hebben is het al 2 uur. Wanneer we op de kade staan bij te praten zien we naast ons langs alle boten de meest levensgrote zeeschildpad zwemmen. Nog nooit heb ik een dergelijk groot exemplaar gezien en dat zwemt hier zomaar midden in de haven tussen alle boten. Hij komt met zijn kop boven water en blaast uit, dan ziet hij ons enthousiast op de kade staan roepen waarvan hij schrikt en onder duikt, waarna hij verdwenen is. We gaan Salalah en de omgeving een beetje verkennen met de auto. Rondom Salalah zijn veel kokos, bananen en papajaplantages. De stad zelf is niet echt spectaculair. We eindigen in een supermarkt die ruim gesorteerd is. Uiteraard komen we bepakt en bezakt bij de boot aan, waarna we met de hele BWR groep ons laven in de oase, namelijk club Oasis, het enige café-restaurant waar ze hier alcohol schenken.

11 Februari 2009, Salalah, Oman
Om 11 uur verwachten we een tankwagen met diesel. Omdat het hier zo goedkoop is willen we al onze tanks volgooien. We hebben ongeveer 1000 liter nodig. Robert geeft de generator een beurt, ik doe wat klusjes aan boord. Als we na een hele dag wachten om 6 uur besluiten naar onze oase te gaan, krijgen we het bericht dat de tankauto nu toch ieder moment zal arriveren. Uiteindelijk stopt de tankauto om half 8 voor de boot en een uur later zijn de tanks helemaal afgetopt en hebben we 2500 liter aan boord. Het is even geduldig wachten, maar uiteindelijk is het toch gelukt. Zo gebeuren de dingen hier, in Shallah.

12 Februari 2009, Salalah, Oman.
Vandaag is mijn verjaardag en dat zal ik weten ook. Vele rallyleden komen langs om te feliciteren. Lee heeft een chocoladepie met meringue voor me gebakken. We gaan shoppen in Salalah. Om 4 uur moeten w2e present zijn voor een receptie naast onze boot op de kade. De vissermannen die daar hun netten hebben uitgespreid moeten plaats maken en er staan nu stoeltjes klaar. De minister komt om de BWR welkom te heten in Oman. Hierna volgt een dansvoorstelling van een dansgroep, de vrouwen gesluierd met lange rode gewaden met een sleepje. Ze dansen samen met de mannen, die zwaarden hebben. Deze laten ze door de lucht schitteren en vibreren. Alles wordt gefilmd voor de nationale tv. Ian van Paramour, die ook vandaag jarig is wordt samen met mij naar voren geroepen. Onder de aandacht van alle gasten krijgen we 2 grote taarten met onze namen erop aangeboden. We krijgen ieder een dolk waarmee we de taarten aansnijden en voor iedereen, een honderd man zeker, een stukje taart serveren. Een ding is zeker, met al deze belangstelling voel ik me echt jarig.

13 Februari 2009, Salalah, Oman.
Wanneer we ‘s ochtends ons hoofd buiten het luik steken ziet het eruit alsof er een dikke nevel hangt. Alleen is het geen mist maar zand. Je voelt het in je neus, luchtwegen en alles is bedekt met een dikke stoflaag. Teri en Lee, Ed en Pauline komen koffie drinken, waarbij we Lee’s chocolademerengue pie aansnijden. Hij smaakt net zo heerlijk als hij eruit ziet We gaan met onze computer naar club oasis waar ze internetverbinding hebben en zijn daar tot 4 uur mee zoet. Diezelfde avond zijn we daar weer present. Alle rallyleden die jarig zijn  in Februari vieren samen met hun aanhang hier hun verjaardag met een etentje gevolgd door taart.

14 Februari 2009, Salalah, Oman.
Samen met Teri en Lee gaan we rondrijden in de omgeving. Het landschap is vooral zand, zand en nog eens zand met hier en daar een boom. De huizen in de omgeving van Salalah zien er veelal onderkomen uit en hebben dezelfde kleur als het zand, een beetje troosteloos. Dit is het droge seizoen, maar het schijnt dat het er hier wanneer de moessonregens vallen heel anders en groen uitziet. Onderweg zien we vele dromedarissen, die soms vlak voor de auto de snelweg oversteken.  We lunchen in het Plaza Crown hotel, waar de toeristen van de zon en zee genieten, maar vandaag met al het zand in de mistige lucht, lijkt het niet echt op een ultiem vakantieparadijs. Om half 5 is er een rallybriefing, waarin we meer details te horen krijgen over onze trip door de Golf van  Aden.

15 Februari 2009, Salalah, Oman.
We waren vandaag van plan wat rond te toeren over de bergen, maar het pakt anders uit. Gisteren na de briefing toen Eric en Marianne weer op hun boot kwamen vonden ze de vloervlonders drijvend. De pomp in hun douche was gaan hevelen en het zeewater was in slechts 1.5 uur tijd tot ver boven hun enkels in de boot gelopen. De startmotor van de motor is kapot en de dynamo. Robert helpt Eric met het uitbouwen van de motor en gelukkig vinden ze een adres waar ze hem met succes reviseren.

16 Februari 2009, Salalah, Oman.
Bij ons aan boord is een laatste rallybriefing met onze groep van 6 boten, waarmee we in konvooi door de Golf van Aden varen. Min chocoladecroissants vallen bij iedereen goed in de smaak. Het is een goede productieve meeting en we gaan vol vertrouwen de tocht tegemoet. Hierna gaan we naar Salalah nog wat spullen voor de boot kopen en onze laatste inkopen doen. Willem Jan van Prew vaart met ons mee, dus we slaan een extra voorraadje in.  ’s Avonds ontmoeten we een groot gedeelte van de ralliërs in club Oasis, waar een bbq voor ons klaar staat.

17 Februari 2009, van Salalah, door de golf van Aden, naar Djibouti.
Dag 1.
Om 9 uur vertrekken we uit Salalah. Onderweg gaan de boten formeren. Wij zitten in de eerste groep van 6 boten en varen in konvooi naar een rendez-vous punt waar we in een door militairen beveiligde corridor varen, met ook de grote scheepsvaart .Daar gaan we op de middenberm tussen het oost en west varende verkeer. Onderweg doen we een aantal oefeningen hoe we moeten reageren bij een piratenaanval. Het heeft iets weg van cowboy en indiaantje spelen vroeger, met handheld marifoons, een soort walkie talkies. Het weer is heel rustig, we motorzeilen. De stuurautomaat staat bij iedereen op track, een vaste koers over de grond, dus het is gemakkelijk om zo in konvooi te blijven. Alleen de Afgesproken snelheid moeten we in de gaten houden. Ook de nacht verloopt vlekkeloos.

18 Februari 2009, van Salalah door de golf van Aden, naar Djibouti..
Dag 2.
Op Hollandse koffietijd komen we aan het begin van de corridor. In formatie motorzeilen we rustig door. Dan opeens komt een militair vliegtuig heel laag over vliegen. Even lijkt het of hij hier de kajuit komt binnenvliegen. Over de radio horen we een Grieks militair oorlogschip, dat hier de corridor beveiligt. Het weer is kalm, we kachelen rustig door en ik heb zelfs tijd om lasagne te maken, die door onze bemanning zeer goed ontvangen wordt. Bij zonsondergang horen we een tanker alarm slaan, voor een verdachte speedboot, niet ver van ons vandaan. Meteen is het oorlogsschip ter plaatse en gelukkig blijkt het vals alarm te zijn of zijn ze misschien afgeschrikt. ’s Nachts komt in de bufferzone waar normaal geen schepen varen, alleen de BWR boten, 2 unidentified floting objects ons tegemoet. Wederom vals alarm, ze varen tussen ons door en vervolgen hun weg.

19 Februari 2009, van Salalah door de golf van Aden, naar Djibouti.
Dag 3.
Al vroeg in de ochtend komt het eerste alarm van een mogelijke piratenaanval. Een tanker wordt benaderd door een snel naderende speedboot. De stem van de marconist klinkt zeer gealarmeerd over de radio. Ook wanneer ze van koers veranderen blijft de speedboot volgen. Meteen gaat een oorlogsschip erop af en stijgt een helikopter op. Beiden zijn zeer snel ter plaatse en wordt een mogelijke aanval verhinderd. Even later horen we over de radio dat op een andere boot, 13 snelle bootjes en 4 trollers op af komen. Ook nu weer is er binnen een kwartier een oorlogsschip ter plaatse. Het blijken vissermannen te zijn, die graag in de buurt van grote schepen vissen, omdat door de turbulentie van het water, de vis op af zou komen !? Dit hebben wij in alle mijlen die we de wereldzeeën bevaren hebben nog nooit gezien. Vervolgens horen we dat een boot Neva onder attack ligt. We zijn heel verontrust, want dat is de naam van een van onze rallyboten. Gelukkig loopt ook dit goed af en blijkt dat Neva alleen de relay (doorgeven van de boodschap)  afgaf voor een andere boot, die zich bedreigt voelde. Wederom blijken het vissers te zijn, met een aparte vistechniek. Ondertussen krijgen wij het gevoel dat hoe eerder we hier weg zijn, des te beter voor de gemoedsrust. Het liefst zouden we vol gas willen geven (er staat geen spat wind), maar een van  de boten in ons konvooi heeft nu al weinig brandstof, bovendien is hij bang dat zijn motor het niet aan kan. Dus tuffen we met een slakkengangetje verder. De middag en avond verlopen gladjes en kunnen we ontspannen wat kletsen en een boekje lezen.

20 Februari 2009, van Salalah, door de golf van Aden, naar Djibouti.
Dag 4.
In tegenstelling met gisteren hebben we vandaag een rustige ochtend. Geen van piraterij verdachte boten in de buurt. Naast de boot van Alamak duiken 2 walvissen op. Wij zien vanuit de verte alleen een waterpluim uitblazen. We motorzeilen in formatie en in de middag zeilen we met ruime koers en zetten de motor af. De andere boten hebben nog steeds hun motor bijstaan. We maken zoveel snelheid dat we iedereen voorbij zeilen, wat niet de bedoeling is, want we moeten in formatie blijven. Dus rollen we de genua in zodat we netjes in formatie blijven. Onderweg komen we verschillende patrouillerende oorlogsschepen tegen. Ze weten ons te vertellen dat het heel rustig met de piraten is en we hopen dat dit ook zo blijft. De wind valt weg en draait, zodat hij nu recht van achter komt. We laten het grootzeil zakken en met de genua op en de motor een beetje bijstaan, motorzeilen we de nacht door. We rollen flink, wat onze nachtrust niet ten goede komt.

21 februari 2009, van Salalah, door de golf van Aden, naar Djibouti.
Dag 5.
De wind staat recht van achteren en is veranderlijk. We moeten gijpen en de genuaboom omzetten, wat een hele operatie is. Wanneer alles goed en wel staat draait de wind weer. Dit keer hebben we geen zin om te gijpen en de boom weer om te zetten, bovendien heeft het tuig zo veel te lijden. Dus laten we het grootzeil zakken. Normaal gesproken zouden we onze  koers iets verleggen om zo door te zeilen, maar dat kan nu niet omdat we in konvooi varen. In de middag draait de wind iets verder door en kunnen we alle zeilen bij zetten. Alleen kunnen we nu niet te hard gaan. Langzaam maar zeker komen we in de buurt van Djibouti. Na zonsondergang, het is aardedonker, signaleert een van onze boten een verdacht vaartuig. Onze groepsleider wil dat onze formatie weer heel dicht op elkaar aansluit, iets wat in het donker niet zo eenvoudig is. Wanneer we het vaartuigje passeren, blijkt het een onschuldig vissersbootje te zijn, dat zijn netten uit heeft. Aan het uiteinde van het net, heeft hij een stroboscopisch lampje, zodat er niemand in zijn netten vaart. Alle opwinding is voor niets geweest. Om 1 uur locale tijd varen we in ganzenpas de haven van Djibouti in. Het is een grote industriehaven met veel kranen en overal lampjes. We laten zeer opgelucht het anker zakken. Op onze veilige aankomst drinken we ondanks het late tijdstip een biertje.

22 Februari 2009, Djibouti.
Voor de groepen 1 en 2 die zijn aangekomen is er een rallybriefing aan boord van Prew, die Robert bezoekt. Helaas is de buitenboordmotor van onze dingy stuk, zodat we weinig flexibel zijn om de wal te bezoeken. We horen dat gisteren een tanker door de piraten is gekidnapt. Bruno, onze agent hier in Djibouti vertelt ons de nieuwe tactiek van de piraten. Ze vallen tegelijkertijd b.v. 5 boten aan. Vervolgens calculeren ze in dat de patrouillerende oorlogsschepen 4 boten weten te ontzetten en de piraten weten te arresteren. Bij de boot waar ze wel succesvol zijn, omdat de oorlogsschepen niet overal tegelijk kunnen zijn, gijzelen ze de bemanning en eisen meteen dat hun collega piraten worden vrijgelaten en 5 miljoen dollar losgeld, dat ze vervolgens met zijn allen verdelen. We zijn blij dat we hier veilig in de haven liggen en gelukkig dat de plezierjachtjes op dit moment geen target voor hun zijn. Eric viert zijn verjaardag vandaag en maar liefst 32 BWR ers komen bij hem aan boord een borreltje drinken op zijn gezondheid. Het is bijzonder geanimeerd, we hebben allemaal veel te vertellen. Hierna gaan we met zijn allen met de dingy’s naar de wal voor een hapje. Een paar mannen vragen een stijve prijs om onze bijboten daar te mogen parkeren en er een oogje op te houden i.v.m. diefstal. Wanneer we een paar uur later weer terugkomen willen ze ons nog een keer laten betalen. Hier zijn  we niet van gediend, waarop we weigeren. Vervolgens houden ze onze dingy’s vast en beletten ons weg te varen. De gemoederen lopen ietwat op en wanneer ze met de gendarmerie dreigen, reageren we van graag laat ze maar komen, waarop ze ons laten gaan. Het geeft ons een niet erg positief beeld van dit land.

23 Februari 2009, Djibouti.
Onze dag bestaat vooral uit wachten en bezoek krijgen. Zonder buitenboordmotor zijn we weinig flexibel. Gelukkig horen we dat hij gemaakt is en om 1 uur zal worden afgeleverd. Uiteindelijk wordt het 4 uur, maar dat hoort er hier nu eenmaal bij. We gaan met de taxi naar de stad, voor de afgesproken prijs van 500 van deze Francs. Opvallend is het aantal daklozen, die in doeken gewikkeld op kartonnen dozen liggen te slapen. Twee derde deel van de bevolking komt uit Somalië en Ethiopië. Dit zijn veelal hele arme vluchtelingen, die hier aan de rand van de maatschappij leven, maar vergeleken met hun land van herkomst is dit een walhalla. De meeste mensen kauwen qat, wat een drogerende werking heeft. We gaan eten met de bemanning van Prew. Wanneer we met 2 taxi’s terug gaan voor dezelfde prijs als de heenreis, houdt onze taxichauffeur zich aan de afgesproken prijs, maar de andere taxi rekent maar liefst het  viervoudige, ondanks de gemaakte afspraak. Het wordt een stevige discussie, waarin de taxichauffeur boos met geld gaat gooien, hun niet wil laten gaan en uiteindelijk mogen ze weg voor het dubbele bedrag. Hier worden we niet blij van.

24 Februari 2009, Djibouti.
Morgen gaan we op een 2 daagse excursie, maar daarna willen we zo snel mogelijk vertrekken. Op vrijdag is het havenkantoor gesloten, dus checken we vandaag uit. Met de bijboot varen we naar de kade. Hier moeten we aanleggen tussen grote vrachtboten. Een paar jonge mannen helpen ons met uitstappen en bewaken (voor de nodige moneten) van onze dingy. Aan wal hangt een ultieme Afrika sfeer. Het is enorm stoffig en lawaaiig, een paar honderd dromedarissen zijn net uitgeladen en staan daar tussen hekken ons verbaasd aan te gapen. Helaas hebben het er een paar niet gehaald, die liggen levenloos op de kade. We verbazen ons over de drukte en grootte van deze haven. De functie van deze haven, horen we van de port authority, is voedseltransport voor 11 miljoen mensen door het world foodprogram. Terug aan boord, is de vierde BWR groep veilig gearriveerd. Ze hebben van heel nabij de kidnap van de tanker gehoord. Door de radio werd de kapitein steeds wanhopiger, maar de oorlogschepen konden hem niet horen. Fine Fleur, een van onze BWR boten heeft via de iridiumtelefoon een mayday bericht en positie van het schip doorgegeven aan de geallieerde strijdkrachten. Kort daarna horen ze geweerschoten en het wordt stil aan de radio. Even later zien ze op de radar het schip richting Somalië varen. Het oorlogsschip kwam helaas te laat voor hulp. Dit maakt bij iedereen veel indruk.

25 Februari 2009, Djibouti.
We gaan een 2 daagse trip maken naar Lac Abbe en Lac Assal met 4 Wheel drives. Geologisch is Djibouti heel interessant. Hier is de aardkorst heel dun en komen 3 tektonische platen bij elkaar. Dit resulteert in een bijzonder landschap met veel vulkanische activiteit en warm waterbronnen. Eerst rijden we op de snelweg, daarna gaan we off road.. Al gauw komen we een tegemoet komende wagen tegen,die vastzit en waarvan de motor niet wil starten. Onze chauffeurs, we zijn met 4 jeeps, proberen hem te duwen, maar wanneer dit niet het gewenste resultaat oplevert, komt het BWR A-team met succes in actie. Vervolgens begeeft een van jeeps het midden in de woestijn. Gelukkig is onze chauffeur handig en 20 minuten later rijdt het konvooi weer. In alle kleine heel armoedige dorpjes, met dito hutjes waar we doorheen rijden, komen kinderen in vrolijk gekleurde kleren naar ons zwaaiend toegerend. In een van deze dorpjes horen we een geluid, net alsof we een klapband hebben. Bij nader inspectie blijkt dat 2 moeren van de wielophanging zijn afgebroken. Zo kunnen we niet verder. Het dorpje heeft een soort garage waar een paar autowrakken staan. Onze chauffeur gaat met een locale vakman aan het sleutelen. Alle kinderen uit het dorp komen naar toe gestroomd. We zijn een bezienswaardigheid. Ze vinden het heel leuk om gefotografeerd te worden, waarna ze her resultaat met veel gelach en enthousiasme willen zien. Sommige kinderen spreken een paar woorden Engels en communiceren met ons, deels in het Engels, deels in het Frans. Dit is voor mij het hoogtepunt van de dag. Ze zijn zo vertederend. Wel zie je dat tieners van nauwelijks 10 jaar al qat kauwen. Deze kinderen hebben zo weinig, ze zijn zelfs met een slok uit een fles water al blij. Onze chauffeur heeft een noodreparatie uitgevoerd en met het reservewiel en wat aanpassingen kunnen we weer verder. Naarmate we onze bestemming voor vandaag naderen lijkt onze omgeving  steeds meer op een maanlandschap. Puntige rotsformaties staan in dit woestijngebied. Lake Abbe was vroeger zee, mat vulkanische activiteit. Het water is nu opgedroogd en van het meer is niets meer over. Rond zonsondergang komen we op onze bestemming aan, een primitief, pittoresk tentenkampje, waar we gaan overnachten. Al giechelend kiezen we een tent uit, het is niet bepaald het Hilton hotel, maar wel sfeervol. Het avondeten dat voor ons bereid is smaakt uitstekend. Na het eten zingen en dansende chauffeurs en koks voor ons. Natuurlijk moeten we ook meedansen. De stemming is erg gezellig en om 10 uur zoeken we in het donker onze tentjes op. Ondanks de muskietennetten worden we geplaagd door de muggen. Ezelgebalk en geritsel in en om onze tent verbetert de nachtrust ook niet helemaal, maar idyllisch is het wel.

26 Februari 2009, Djibouti.
In alle vroegte al om half 6 begint onze dag. We gaan de zonsopgang hier in de woestijn bekijken. In dit prachtige landschap, hier is ook de Planet of the apes gefilmd, komt de zon langzaam op. Even verderop zien we heetwaterbronnen waaruit kokend heet water komt. Uit spitse stenen vulkanische pilaren komen stomende rookwolken. Weer terug in ons kampje krijgen we een eenvoudig ontbijtje, maar met uitstekende koffie. Een gezadelde dromedaris staat klaar, voor wie een ritje wil maken. Deze kans grijp ik aan en klim op dit exotische dier, dat hiervoor door zijn knieën gaat en met een waggelende beweging overeind komt. Ik hou me stevig vast en geniet van een ritje op het schip van de woestijn. Vervolgens gaan we naar Lac Assal, dat 153 m onder het zeeniveau ligt. Waarschijnlijk staat dit meer volgens geologen door onderaardse scheuren in de aardkorst in verbinding met de zee. Het water verdampt door de hoge temperatuur en is totaal verzadigd met zout, 350 gram per liter. Onderweg zien we impala’s, dromedarissen en inde verte emoes. Lac Assal heeft lagen met wit zout, die fel contrasteren met de zwarte lavavelden erom heen De afgelopen dagen hebben we genoten van dit stukje Afrika, met prachtige natuur en afwisselend landschap .Een  bevolking die zeer armoedig is,maar met pure enthousiaste kinderen.

27 Februari 2009, Djibouti.
We zijn van plan om vanavond om 8 uur met Marianne, Pelle en Lousill te vertrekken. De hele dag zijn we druk in de weer om de boot vaarklaar te maken. Robert verwisselt o.a. de olie en filters van de motor. Ik doe de was, boodschappen in de stad en check uit bij de immigratie. Een uur voor vertrek krijgen we van Marianne bericht dat Eric ziek is. Hij heeft koorts en buikproblemen. Zo kunnen ze niet weg. We besluiten ook te bli9jven, om samen wanneer Eric is opgeknapt verder te varen. Robert voelt zich ’s avonds ook niet helemaal fit. Het is wel haast ondenkbaar dat we van onze trip teruggekomen zijn zonder enige maag darmproblemen.  Het is maar goed dat we zijn blijven liggen. We gaan vroeg naar bed.

28 Februari 2009, van Djibouti richting Port Ghalib, Egypte.
Door een spoed penicillinekuurtje, geadviseerd door Hugh onze BWR dokter, gaat het zowel met Eric als Robert veel beter, dus besluiten we om 10 uur gezamenlijk te vertrekken. In dit gebied wordt geadviseerd niet helemaal alleen te varen. We motorzeilen, er staat niet zoveel wind. Marianne krijgt  goed nieuws, hun dochter is bevallen van een meisje Wendel. Vanuit Egypte willen ze zo snel mogelijk naar Nederland om haar te bewonderen. Ik zit nog met Marianne aan de radio als er met een flinke snelheid een bootje met 6 man op ons af komen. Het zal toch niet waar zijn, we dachten dat we de piraten in de Golf van Aden achter gelaten hadden. Maar dan zwaaien ze naar ons en gebaren dat ze iets te drinken willen. We gooien een sixpack Heineken naar hun toe, die ze lachend opvangen en blij gaan ze er met hun bière, bière  dolgelukkig vandoor. De wind neemt toe en komt uit het Zuiden. We varen  recht voor de wind eerst met een stukje genua en het grootzeil , dan alleen het grootzeil en voor het donker met een gereefd grootzeil op. Desondanks lopen we 9 knopen. Zo varen we met Marianne langs het scheepsvaart scheidingssysteem naar boven de Rode zee. In de loop van de nacht valt de wind weg en draait 180 graden. We vervolgen onze weg langs de kust. Er is te weinig wind om te zeilen, dus varen we verder op de motor.

1 Maart 2009,op weg naar Egypte.
Het is bewolkt weer, met eerst weinig wind. In het Noorden en Westen zien we hoge cirrusbewolking. Dit kondigt meestal harde Noordenwind aan. Rond een uur of 12 steekt de wind op. Al gauw moeten we een rif steken. Het gaat echt hard doorwaaien, er staat een ruwe zee met korte golven. We moeten het voorzeil inrollen, om schade te voorkomen, de boot maakt gigantische klappen, en de motor bijzetten om nog een beetje vooruit te komen. We ploegen de nacht door. Dan duikt de neus van de boot de golven in, het water komt tegen de mast en soms komt ons bijbootje dat achter de boot hoog in de davids hangt in het water. Door de klappen gaat alle snelheid uit de boot. Iedere mijl die we afleggen moeten we bevechten.

2 Maart 2009, op weg naar Egypte.
Robert ziet op de kaart een eilandje met een ankermogelijkheid. We besluiten daar voor anker te gaan en beter weer af te wachten. Nu gaan we weinig vooruit en verstoken alleen veel diesel. Om half 11 laten we ons anker zakken voor het piepkleine onbewoonde eilandje Umm es Sahrig voor de kust van Eritrea. Na een stevig ontbijt slapen we een paar uurtjes bij. Eric en Marianne arriveren in de loop van de middag. We nodigen hun uit bij ons paella te komen eten. Zij trakteren ons op champagne en we toosten op hun nieuwe kleindochter Wendel. De zee is vlak, de boot ligt rustig, het eten smaakt heerlijk, de champagne nog beter, het gezelschap en de stemming gezellig. Wat willen we nog meer.

3 Maart 2009,op weg naar Egypte.
De wind is gaan liggen, dus besluiten we samen met Marianne verder te varen. We varen langs de kust omhoog, er staan hier minder golven. Wel hebben we er een flinke stroom tegen. Het is een grijze dag, er valt ook nog een buitje. Tijdens het radionet, we zijn vandaag netcontroller, horen we dat gisternacht op de ankerplaats in Djibouti, 3 BWR boten ’s nachts beroofd zijn. Terwijl de bemanning aan boord sliep, zijn de inbrekers de boten binnengeslopen en hebben geld en juwelen gestolen, zonder dat ze wakker zijn geworden. We zijn erg blij dat we daar weg zijn en er van overtuigd dat je Djibouti maat beter kunt vermijden. Evelyn, een van de rallyboten, meldt dat zijn motor het niet meer doet en dat hij terug keert naar Djibouti, 2 dagen  weer terug varen. Er zijn weinig dingen die het moraal meer kunnen ondermijnen dan zoiets. Je bent net het piratengebied uit en door de vernauwing de Rode zee op en dan moet je weer terug! Ik vraag  bij de BWR leiding in Engeland of ze kunnen zorgen voor technische assistentie in Djibouti. Iedereen met enige technische kennis, probeert via de radio assistentie te verlenen. ’s Avonds horen we dat Tony van Cajuco, de juiste toverwoorden heeft uitgesproken, we weten nog niet welke, maar Evelyn kan haar weg weer vervolgen,met een dolblije Liz en Roy aan boord. De ware rallyspirit. Ik kan het goede nieuws in Engeland doorgeven.

4 Maart 2009, op weg naar Egypte.
Al staat er weinig wind en moeten we opkruisen, zeilen we het overgrote deel van de dag. Zo blijven we ook in de buurt van Marianne. De stroom blijft ruim 1 knoop tegen staan. Aan het eind van de middag is het helemaal gedaan met de wind en gaan we op de motor verder. Bij zonsondergang zwemmen grote logge dolfijnen langzaam met ons mee. Tijdens mijn wacht wordt onze boot a.h.w. in de tang genomen. Aan de ene kant van ons vaart een vrachtschip en van de andere komt een vissersboot steeds meer op ons af. Ik maak Robert wakker en wat we ook doen, de koers verleggen, de snelheid verminderen, met een schijnwerper op zijn boeg schijnen. Hij reageert op niets en komt steeds dichterbij. Uiteindelijk gaat hij vlak voor ons langs,waarbij we de motor in zijn achteruit zetten. Wanneer Robert weer in zijn kooi ligt, moet ik weer snelheid verminderen en vaart het vrachtschip vlak voor onze boeg langs. Een rustige wacht is me vannacht niet gegund.

5 Maart 2009, Op weg naar Egypte.
Tijdens het radionet van 10 uur horen we dat ook andere BWR boten een zeer onrustige nacht hebben gehad. O.a. Stargazer en Kaimin zijn getuige geweest van een poging tot kaping van een tanker. Over de marifoon hoorden ze een mayday bericht. Via de radio en iridiumtelefoon hebben ze dit bericht gerelayed met de kustwacht van Eritrea en Engeland en zo de kaping weten te verhinderen. Het is niet te hopen dat straks de hele Rode Zee niet meer veilig is voor kapingen en dat in een arm land als bijvoorbeeld Eritrea, met een tweede laagste bruto nationaal product van de wereld, criminelen geïnspireerd worden door de piraten uit Somalië en hun voorbeeld gaan volgen. Vandaag staat er ook weer weinig wind, al motorzeilend proberen we zoveel mogelijk mijlen af te leggen. Soms duikt er opeens een extra hoge golf op, die alle snelheid uit de boot haalt. Ons doel is zo snel mogelijk in Port Ghalib aankomen, voor er weer een cyclus met heel veel tegenwind, waar de Rode Zee berucht voor is, opsteekt.

6 Maart 2009, op weg naar Egypte.
De voorspelde wind laat nog op zich wachten. Al motorzeilend leggen we een goede afstand richting Port Ghalib af. ’s Middags kan de motor af en maken we al zeilend 7 knopen. Helaas houdt de wind niet aan en motoren we de nacht door. Voor het eerst op een spiegelgladde zee.

7 Maart 2009, op weg naar Egypte.
Het is een lange motordag. Slechts een paar uurtjes kunnen we voor de wind zeilen. Je merkt dat we nu een stuk Noordelijker zitten. ’s Avonds wordt het enorm klam en vochtig en tijdens onze wacht hebben we voor het eerst weer lange broeken en fleece truien aan.

8 Maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Tijdens onze laatste wacht tijdens deze passage kijken we een paar afleveringen 24. Om half 9 lopen we de haven Port Ghalib binnen. Het ziet er verzorgt en geciviliseerd uit. We zijn erg blij dat we er zijn

9 Maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Gisteravond hebben we met een hele ploeg BWR leden Marokkaans gegeten. Er speelde een bandje typisch Arabische muziek, op tamboerijn, sitar, luit en viool, wat de buitenlandse charme en sfeer verhoogde. De haven waar we nu zijn en het prachtige complex met verschillende hotels, winkels, café s en restaurants zijn aangelegd door een schatrijke Koeweiti. De gevel vanaf het water heeft wel wat weg van het stadsgezicht aan de haven  van Willemstad, Curaçao, met allerlei in pasteltinten gekleurde gebouwen. Het ziet er hier erg smaakvol uit. Ook is het personeel overal erg gedienstig en vriendelijk. Bij een Arabische parfumerieshop met pure bloemenextracten kopen we geurtjes in een handgeblazen flacon. De uiterst aimabele verkoper maakt er een middagvullend programma van. Onder het genot van een kopje pepermuntthee, legt hij ons alles uit. We bespreken van alles, van voetbal, van Nistelrooy tot de wereldproblemen en komen uiteindelijk tot zaken. Dit moet je niet iedere dag doen, maar het is leuk om het eens mee te maken. We hebben er in ieder geval weer een “best friend”bij.

10 Maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Het overgrote deel van de dag brengen we door in het eetcafé TGI Friday (Thank God it’s Friday), waar ze een goede internetverbinding hebben. Onder het genot van diverse koppen cappuccino en een burger werken we de mailtjes door, de administratie en zetten de foto’s op de website. ’s Avonds eten we in het hotel naast de boot.

11 Maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Waarschijnlijk heb ik gisteren iets verkeerds gegeten, je kan er ook bijna niet aan ontkomen in Egypte. De hele dag voel ik me beroerd.

12- 13  Maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
We doen het lekker rustig aan. Het is een genot om een keer in een jachthaven te liggen, met de luxe van stroom en volop water en zo van je boot de kant op te stappen. De was is inmiddels uitgebreid gedaan. Ook profiteren we van het feit dat we hier in TGI Friday’s op internet kunnen. We zijn er al vaste klant.

14 Maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Het waait de haren van je benen, dus blijven we voorlopig nog hier. We zijn van plan in de volgende ‘weatherwindow’, periode waarin het iets minder waait naar Hurghada te zeilen. Met de rallyboten die hier liggen maken we het gezellig. Ook maken we volop gebruik van TGI Friday’s. Inmiddels ben ik via een groot tv scherm dat daar hangt door de beelden, het geluid is uit en de ondertiteling is in het Arabisch, van alles op de hoogte. Idols is hier in Egypte al even populair als in Nederland, compleet met jury. De bemanning van Jenny komt bij ons op de borrel. De gin-tonics vloeien rijkelijk.

15 maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Iedere dag checken we het weer op internet. Zoals het er nu uitziet kunnen we niet eerder dan woensdag weg. De toeristen lopen hier overdag in badkleding rond, maar wij vinden het maar fris, we zijn zo aan hoge temperatuur gewend. Het zal een grote overgang zijn wanneer we thuis komen. Met een grote groep gaan we ’s avonds bij de Japanner, Tepenyaki eten.

16-17-18 maart 2009, Port Ghalib, Egypte.
Er valt hier niet zoveel te beleven. Het is hier net een grote zandbak waarin ze een jachthaven gegraven hebben, met daarom heen een paar hotels, restaurants en wat winkeltjes. Er zijn bovendien heel weinig toeristen. Inmiddels hebben we ieder restaurant hier al uitgeprobeerd. We lezen een boek en buurten met onze mederallygenoten. De temperatuur van het zeewater en de harde wind maken het ook niet aantrekkelijk om te zwemmen. Ondertussen hou ik mezelf bezig en bereid ik de ene na de andere pan soep voor onderweg. Onze vriezer zit vol met verse bloemkoolmosterd, tomaten en broccolisoep. Bij een frisse avondwacht zal dit beslist smaken, net zoals je blij bent met een kop hete soep tijdens een koud weekend op het IJsselmeer. Iedere dag checken we het weer op internet. Volgens de laatste weersverwachting zal morgen in de loop van de dag de wind gaan liggen. Het plan is om morgen rondom het middaguur naar Hurghada te varen. We boeken onze vlucht vanuit Marmaris, Turkije naar huis. Op 4 Mei vliegen we naar huis! Dus vrienden, familie en kennissen, maak een plaatsje vrij in jullie agenda, we verheugen ons om iedereen weer te zien.

19 Maart 2009, Van Port Ghalib naar Hurghada, 115 mijl.
De wind is sterk afgenomen en de weersverwachting is gunstig. Rond 12 uur varen we de haven van Port Ghalib uit. De eerste uurtjes kunnen we aan de wind zeilen. We maken niet zoveel snelheid, maar de afstand is slechts 115 mijl,dus we hebben geen haast. Als de wind verder wegvalt, gaan we op de motor verder. De eigengemaakte soep valt in de smaak en we kijken buiten een film. ’s Nachts is de zee zo glad als een spiegel, degene die geen wacht heeft kan rustig slapen. Om 7 uur komen we in Hurghada aan. Ze zijn daar nog niet wakker, dus leggen we aan bij de brandstofpomp. We hebben toch 2000 liter diesel nodig, dus we zijn meteen op de goede plaats.

20 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Uiteindelijk duurt het tot half 2, maar dan liggen we geheel afgetopt met diesel, afgemeerd aan de kade. In deze landen kosten deze dingen nu eenmaal tijd. Met maar liefst 4 man personeel helpen ze ons bij het aanleggen. De haven is 2 jaar geleden gebouwd en het ziet er gezellig en levendig uit. We struinen wat rond, buiten het havencomplex zijn de straatjes vuil, stoffig, wat moeilijk begaanbaar en het ruikt niet overal even fris. De winkeltjes stallen hun waren ook buiten uit, zelfs een elektronicawinkeltje, waar we een kabeltje kopen. Bij Jenny worden we uitgenodigd waarna we met zijn allen Indiaas gaan eten.

21 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Wanneer we de stad inlopen worden we gewaarschuwd voor zakkenrollers en tasjesdieven. Samen met Ed, Pauline en Richard gaan we naar een watersportwinkel. Ondanks de waarschuwing voelt Richard een vreemde hand in zijn broekzak. Voor hij goed en wel kan reageren, gaat de man er vandoor. Gelukkig zonder buit aangezien Richard zijn portemonnee regens anders bewaard. Jammer genoeg geeft dit voorval mij een onveilig gevoel. Met de taxi, de prijs van te voren bedingen!, gaan we naar de Metro supermarkt. Met Ed en Pauline gaan we Italiaans eten. De porties zijn zo minuscuul klein, dat zelfs ik met honger van tafel  ga. Robert wil in een naburig restaurant nog een keer eten. Ed wil zijn ongenoegen bij de manager toch kwijt, die het goed oppakt en voor ons gratis nog een keer hetzelfde wil koken. Hier hebben we geen zin meer in. Uiteindelijk krijgen we gratis tiramisu, maar het is onwaarschijnlijk dat dit onze vaste eetstek gaat worden.

22 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Zoals Ann-Marie van Lousil, die hier een week eerder al zijn aangekomen, het omschrijft, je krijgt hier een ultiem vakantiegevoel. We doen het lekker rustig aan, we moeten niets, ontbijten op ons gemak, slenteren wat rond en doen een paar klusjes aan de boot. De bemanning van Lousil en Pelle komen bij ons aan boord en we hebben een uitermate genoeglijke avond.

23 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Vandaag lopen 6 andere BWR boten binnen. Waaronder de Neva’s, die we sinds Djibouti niet meer gezien hebben. Zij hebben meer dan 1 week verwaaid gelegen in een marsa, een soort grote zandduin aan de kust waarachter ze voor anker zijn gegaan samen met nog een grote groep BWR boten. Het waaide daar zo hard, dat ze niet aan wal konden gaan, noch een bezoekje brengen aan een van de andere boten. De golven waren veel te hoog. Ondertussen raakte hun proviand en ook hun watervoorraad (hun watermaker heeft het onderweg begeven) schaars. Nadat alle verse voorraad op was hebben ze het moeten doen met macaroni met tomatensaus, spaghetti met tomatensaus afgewisseld door blikken witte bonen in tomatensaus. We besluiten daarom om naar een steakrestaurant te gaan, de Italiaan slaan ze maar even over. Het is vanouds gezellig.

24 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
We lopen het centrum van Hurghada in. Blijkbaar is dit gedeelte van de stad gericht op toeristen. Van alle kanten proberen ze ons hun winkeltjes in te lokken Soms versperren ze zelfs de doorgang. Het is een kakofonie van geluiden. Volgens mij verslijten ze hier de claxons van hun auto. In plaats van hun richtingaanwijzers gebruiken ze hier hun claxon, bovendien wordt er naar iedere vrouw getoeterd. We houden het al gauw voor gezien en keren terug naar de rust van de haven.

25 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Bij een van de restaurantjes aan de haven organiseren we een borrel voor alle BW-ralliers, die hier inmiddels zijn aangekomen. Zo hebben we de gelegenheid met iedereen bij te praten. Persoonlijk gaan we alle boten langs om ze uit te nodigen. Dit neemt een groot gedeelte van de dag in beslag. De een na de ander vraagt ons op de koffie. De borrel is heel geslaagd, het restaurant verstrekt gratis lekkere hapjes. Dit wordt beloond, want een hele groep blijft er hangen om daar te eten.

26 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Samen met Peter en Dorothy van Neva gaan we een snorkeltrip maken. We worden opgehaald en in het kleine haventje bij het Continentel hotel wacht een duikboot, met ongeveer 15 Russische duikleerlingen. Vanmorgen vroeg was het windstil, maar inmiddels is het flink gaan doorwaaien. De zee heeft eerst kopjes en later flinke korte golven. Bij de eerste duikplek gaan we samen met de duikers te water. Het water is zeer fris ondanks dat we een wetsuit aan hebben. Het koraalrif is mooi, maar voor ons als snorkelaars is het zwemmen en snorkelen vanwege de golfslag erg moeilijk. Na een half uurtje klimmen we weer aan boord. Ze beloven ons na de lunch naar een rustigere plek te varen. Het verbaast ons dat ze eerst het anker met veel geschreeuw en bombarie ophalen om het vervolgens 50 meter verder weer te laten zakken. Hier zijn de condities exact hetzelfde, sterker nog de wind en golven zijn alleen maar toegenomen in de loop van de dag. Met onze fleecetruien aan, gewikkeld in de handdoeken, zitten we op de vloer, zoveel mogelijk beschut voor de wind, de rest van de dag een boekje te lezen.

27 Maart 2009, Hurghada, Egypte.
Richard van Lady in White heeft in Al Gouna een Blue Water Rally karting competitie georganiseerd.  Zelf ga ik mee als toeschouwer, oftewel pitspoes zoals Robert dat noemt. De mannen en ook 6 vrouwen hebben er duidelijk zin in. Er wordt in 3 manches gereden, vervolgens volgt de semi en dan de finale. Sommigen draaien rustig hun rondjes alsof ze de boodschappen gaan doen. Bij anderen giert het testosteron door hun lijf. Ze scheuren door de bochten, waarbij een enkeling in de bocht het circuit uitgeduwd wordt. Al gauw wordt duidelijk wie de favorieten voor de finale zijn. Richard heeft zichtbaar ervaring. Hij vertelt dat hij regelmatig raced en ook zijn race licentie heeft. Robert laat zich niet kennen en zeker niet uit het veld slaan. Fanatiek scheurt hij door de bochten. In een zinderende finale gaat hij als overwinnaar over de streep. Zijn dag kan niet meer stuk.

28 Maart 2009,Hurghada, Egypte.
Om 10 uur begint onze allerlaatste rally briefing. Zo te horen staat ons nog een pittig stuk te wachten van Hurghada tot Suez. Het kan op de Rode zee vaak aardig spoken. Wij staan in de eerste groep van 7 boten, die op 8 april door het Suez kanaal gaat. Vandaar is het nog 500 mijl naar Kreta, waar het afscheidsfeest van de rally is. Na de briefing staat ons nog een leuke klus te wachten. De wc zit verstopt. Het toiletpapier dat we onderweg gekocht hebben is van super sterke kwaliteit en blokkeert de pomp volledig. Over de details van dit karwei zal ik maar verder niet uitweiden. De nodige emmertjes worden naar buiten gebracht en overboord gekieperd. Het goede nieuws is. Ons pleetje werkt weer. We worden bij Tony en Christine van de BWR leiding uitgenodigd een borreltje te drinken in hun gehuurde appartement aan de haven, waarna we met zijn viertjes gaan eten. Het is erg gezellig en we zullen ze zeker  in Engeland opzoeken wanneer we weer terug zijn.

29 Maart 2009, uitstapje naar Luxor, Egypte.
Om 6 uur zitten we met een grote groep BW ralliers in de bus. We gaan een 3-4 daagse trip naar Luxor maken. Na enige uren door de woestijn gereden te hebben komen we in de Nijl vallei. Wat een verschil in landschap, van een kale dorre zandbak met nog geen sprietje groen naar een prachtige groene, vruchtbare vallei, waar van alles verbouwd wordt. De huizen zijn op zijn minst opvallend. Veel uit klei opgetrokken huisjes met een rieten dak of zelfs geheel zonder dakbedekking. Dat hier de daken ontbreken is geen probleem, het regent hier slechts een paar keer per jaar en dan nog maar enkele minuten. Ook zie je heel veel halfafgebouwde doch bewoonde huizen, met ijzeren staven die er bovenuit steken. Ezeltjes worden als lastdier gebruikt. Hun last is vaak zo zwaar dat ze moeizaam vooruit sjokken. We gaan de tempel van Karnak bezoeken. Deze tempel uit de 14e eeuw voor Christus is imposant en verkeerd in goede staat. Verschillende farao’s hebben het laten bouwen. Het is ongelofelijk dat ze dit in die tijd zonder enige moderne hulpmiddelen hebben kunnen bouwen. Na de lunch checken we in ons hotel, waar we een paar uurtjes uitrusten aan het zwembad.’s Avonds gaan we nogmaals naar de Karnak tempel voor een sound en lightshow, die wat tegenvalt. Na een laat diner genieten we van een goede nachtrust.

30 Maart 2009, uitstapje naar Luxor, Egypte.
Op weg naar de Valley of the Kings komen we eerst langs de Memnonkolossen. De tempel van Amemhotep is door een aardbeving volledig verwoest. Deze 2 kolossale beelden waaraan een legende verbonden is prijken nog trots in het landschap tussen de Nijl en de bergen. We bezoeken de Al-Deir al Bahari tempel van koningin Hatsepsuit. Zij wist iedereen er van te overtuigen dat ze een directe afstammeling van de god Amon was. Deze fraaie tempel is in terrassen tegen de rotswand gebouwd. In de Valley of the Kings bezoeken we 3 grafkelders van farao’s. Heel bijzonder is dat de muurschilderingen en gravures al deze eeuwen zo goed intact zijn gebleven. Onze gids vertelt ons de historie  en het leuke is dat de schilderingen je het verhaal vertellen hoe de bevolking 1400 jaar voor Christus leefden. Je ziet o.a. wat hun voedsel was en hun werkzaamheden. We zien dat ze op dit moment nog steeds graven en zoeken naar 2 grafkelders van farao’s. In een opgraving brengen ze de scherven van potten naar boven. Emmertje na emmertje met brokstukken en steen worden naar boven gesjouwd. Onder een afdakje zitten een aantal mannen ijverig te puzzelen welke stukken bij elkaar horen. Dit is wel puzzelen voor gevorderden. Na een buffetlunch keren we voor een paar uurtjes terug naar ons hotel. Met 3 feluka’s , Nijl zeilboten, gaan we rond sunset het water op voor een zeiltripje op de Nijl. De wind werkt niet erg mee. Wanneer we los gegooid worden en de zeilen gehesen zijn gaan we achteruit richting Cairo, dit tot grote hilariteit van de hele BWR ploeg. Onze schipper krijgt het een beetje benauwd en al gauw krijgen we een sleepje van een boot met buitenboord motor. Zo vaart hij een uurtje rond met de 3 feluka’s op sleeptouw. De stemming heeft er niet onder te lijden. Peter en Dorothy vertolken een van hun hilarische liederen over onze ervaringen met buffetten.

31 Maart 2009, uitstapje naar Luxor, Egypte.
Voor vandaag staat als eerste het Luxor museum op het programma. Hierin staan o.a. beelden die in grafkelders en bij opgravingen toevallig zijn gevonden. Sommige beelden zijn zo prachtig, alle details zoals hun handen en voeten zijn tot in de puntjes afgewerkt. De uitdrukking in hun gezichten zijn heel sereen en ontroeren me. Hierna krijgen we een rijtoer in een paardenkoets door de stad. Zonder door iemand lastig gevallen te worden rijden we dwars de stad door, over een markt, waar we hoog en droog van alle mensen, geuren en kleuren kunnen genieten. Van fel gekleurde lappen, verse groente en fruit, specerijen, levende kippen, de schoenenpoetser tot een slager die zijn vlees buiten aan een haak heeft opgehangen. Bij het hotel van Club Med worden we afgezet voor een uitstekende lunch. De Luxor tempel bezichtigen we hierna. ’s Avonds bezoeken we op eigen gelegenheid de stad,. In de souk doen we goede zaken, (of beter gezegd zij!). Na een heel ritueel en veel afdingen  keren we met de nodige pashmina’s rijker terug naar ons hotel.

1 April 2009, terug naar Hurghada, Egypte.
Na het ontbijt hervatten we onze terugreis naar Hurghada. Het is stil in de bus. Waarschijnlijk zijn de meesten net als wij in gedachten de reis naar Suez aan het voorbereiden. Wij willen morgen heel vroeg vertrekken. Rond 2 uur zijn we terug in de haven. Dan is het even flink de handen uit de mouwen steken. Uitpakken, nog een was draaien, boodschappen doen, betalen, uitchecken en Robert loopt maar liefst 5 keer naar de stad. Hij heeft RVS onderdelen en een trapje voor de boot besteld, die uiteindelijk om 7 uur klaar zijn. We eten bij onze geliefde Italiaan, lasagne en duiken daarna meteen in onze kooi, want morgenochtend om 5 uur varen we uit.

2 April 2009, op weg naar Suez, 185 mijl.
Er staat weinig wind als we ’s ochtends om 5 uur samen met Prew uit de haven vertrekken. We zijn nog geen kwartier onderweg wanneer het begint te waaien, maar de weersverwachting is gunstig, dus besluiten we om door te varen. In de loop van de ochtend neemt de wind steeds meer toe en hij staat recht op de kop. Gelukkig bevinden we ons tussen de eilandjes en riffen, waardoor de golven zich niet zo hoog kunnen opbouwen. De situatie verandert wanneer we op open water komen. Inmiddels is de wind toegenomen tot een dikke windkracht 7. De korte steile golven remmen enorm af. Soms varen we niet harder dan 1 knoop! Dan krijgt de boot een gigantische klap. Verschrikt kijken we of we nergens tegenaan zijn gevaren en zien dat we tegen een muur van water zijn opgevaren, die over ons heen komt. Er staat zelfs water in de kuip. Dit is niet meer leuk! We besluiten naar de eerste, de beste, veilige ankerplaats op te zoeken. Na een uurtje doorploegen bereiken we samen met Prew een ankerplaats, waar aan de wal zo te zien een raffinaderij is. Tegen de avond neemt de wind iets af en zijn we in staat om met de bijboot naar Ed en Pauline te varen waar we zijn uitgenodigd om te eten Na een gezellige avond moeten we weer terug naar onze boot. Ondertussen is het weer meer gaan waaien. Gelukkig komen we veilig terug aan boord, al hebben we geen droge draad meer aan ons lijf.

3 April 2009, Op weg naar Suez.
Het blijft de hele dag snoeihard waaien, dus dat maakt de keuze om vandaag hier te blijven liggen niet moeilijk. We doen wat kleine karweitjes aanboord. Ik kook alvast voor 2 dagen. De dag vliegt voorbij. Ed en Pauline komen ’s avonds bij ons eten. Prettig gezelschap, lekker eten en een glaasje wijn, wat wil je nog meer.

4 April 2009, Op weg naar Suez.
Omdat het nog steeds blijft doorwaaien hebben we een rustig dagje voor anker. Pas om 6 uur ’s avonds neemt de wind af. Er is een “weatherwindow, een korte periode met minder wind, van ongeveer 24 uur voorspeld. Hiervan willen we profiteren, dus varen we in de schemering van onze ankerplek weg. Het is nog 140 mijl naar Suez. In de nacht is het ingespannen varen. Er is een verkeerscheidingsstelsel voor het vrachtverkeer, tankers en de containerschepen, die van Noord naar Zuid en van Zuid naar Noord varen. Wij varen, na eerst te zijn overgestoken, net buiten dit stelsel met het Noord varende verkeer mee. Er is heel weinig ruimte voor ons, we komen langs grote olievelden, waar je niet in moet komen. Affakkelende bronnen verlichten de horizon. Helemaal opletten wordt het wanneer vissersboten, die hier in het smalle gedeelte hun netten slepen, ons van alle kanten passeren. Tijdens mijn wacht haal ik Robert regelmatig uit zijn slaap,twee paar ogen zien immers meer. Ik ben blij wanneer het weer daglicht wordt.

6 April 2009, Port Tewfik, Egypte.
Tussen 8 en 9 uur ’s ochtends verwachten we de autoriteiten die onze boot komen opmeten voor de passage door het Suezkanaal. We moeten aan boord blijven totdat de meting verricht is. Rond 10 uur komen de BWR boten, die vannacht voor anker gelegen hebben  in konvooi binnen. Ze hebben een zeer onrustige, oncomfortabele nacht gehad. Aan het begin van het Suezkanaal houdt de motor ven Stargazer er mee op. Hij wordt eerst door Neva gesleept en daarna door een pilotboot. De binnenkomst van alle boten tegelijkertijd is een heel circus in deze qua manoeuvreerbaarheid kleine haven. Met een bak koffie in de hand kunnen we het rustig vanuit onze kuip aanschouwen. We kunnen toch niets anders doen tijdens het wachten op de meetmannen. Ze komen uiteindelijk pas om 5 uur ‘s avonds, we zijn als laatste! aan de beurt en na 5 minuten zijn ze al weer vertrokken.

7 April 2009, Port Tewfik, Egypte.
Onze doorvaart door het Suezkanaal staat voor morgen gepland. Hier zijn we niet erg blij mee. De weersverwachting voor het gedeelte Middellandse zee waar we het Suezkanaal uit varen is voor de eerste dag niet erg gunstig. Een dag later echter ziet het er heel wat beter uit. Idealiter zouden we en met ons nog een aantal boten een dag later vertrekken. Dit blijkt niet bespreekbaar te zijn. Het lot blijkt ons gunstig gezind. We horen ’s avonds dat er morgen een aantal oorlogsschepen door het Suezkanaal gaan. Jachten mogen er niet tegelijkertijd doorheen, waardoor onze transit een dag wordt opgeschoven. De rallyparty die hierna volgt is erg gezellig.

8 April  2009, Port Tewfik, Egypte.
Met Ed en Pauline gaan we naar de binnenstad van Suez. Er rijden hier voortdurend busjes die iedereen kan aanhouden en voor 7 eurocent p.p. brengt de chauffeur ons naar het centrum. Samen met ons stappen nog een ploegje opgeschoten tienerjongens in. We zijn kennelijk een bezienswaardigheid, want ze blijven ons volgen. Overal waar we komen worden we aangestaard. De straten zijn zeer ongelijk en van straatvegen hebben ze kennelijk nog nooit gehoord. Er hangt een Arabisch sfeertje. Sommige kledingsboetiekjes zijn westers en ze verkopen leuke, vlotte kleding. Ik vraag me af wie dit hier draagt, want overal om me heen zie ik alleen maar vrouwen in burka’s of op zijn minst bedekkende kleding. We zijn bij Teri en Lee uitgenodigd om te eten. Lee tovert een heerlijke Italiaanse maaltijd te voorschijn. Robert en Ed  moeten nog even naar een laatste rallybriefing, waar ze na 2 uur wachten te horen krijgen dat de doorvaart door het Suezkanaal morgen doorgaat. We zijn de laatste boot in het konvooi van 9 boten. Dat betekent plotseling dat we een pilot aan boord krijgen. Hier hebben we niet op gerekend. Vanuit onze ervaring in het Panamakanaal weten we , het is altijd maar afwachten wie je aan boord krijgt.

9 April 2009, Doorvaart door het Suezkanaal.
Om 5 uur gooien we de touwen los voor onze passage door het Suezkanaal oftewel bakshees avenue.  Aan onze agent captain Heebe hebben alle BWR boten 15 $ betaald, waarvoor hij zal zorgdragen voor de bakshees oftewel fooien voor de pilots onderweg. Toch hebben we uit voorzorg nog 2 sloffen sigaretten meegenomen, daar zijn ze hier dol op en ze roken allemaal. Onze boot is de “gelukkige”die onderweg een pilot aan boord krijgt. Met veel geschreeuw komt hij bij ons aan, dat belooft een gezellige dag te worden. We zijn nog niet koud onderweg of hij begint om bakshees te zeuren, waarop wij hem verbaasd duidelijk maken dat hij daarvoor bij captain Heebi moet zijn. Daar krijgt hij geen goede zin van, maar na hem 3 pakjes sigaretten gegeven te hebben, die hij binnen een paar uurtjes heeft opgerookt, klaart zijn humeur op. Als ik hem een uitgebreid ontbijt voorzet hebben we eventjes rust. Hij nestelt zich in de kussens en doet een dutje in de kuip. Helaas na een uurtje wordt hij wakker en begint het gezeur weer van voor af aan. Het Suezkanaal wordt goed bewaakt. Iedere kilometer staat er aan weerskanten een wachthuisje met gewapende militairen. Ook vaart er elke 10 kilometer een nieuwe pilotboot mee, die iedere keer hun bakshees komen opeisen. Onze sigarettenvoorraad begint snel te slinken. Rond 1 uur gaat onze pilot van boord, met een pet, nog meer sigaretten, frisdrank en chocola. Happy is hij niet maar hij doet het er mee. Happy zijn wij ook niet, want we zijn nog niet van de pilots af, nummer 2 stapt bij ons aan boord. Het is een oudere ongeschoren man, hij schreeuwt gelukkig niet, maar peutert voortdurend in zijn neus en snuit zonder zakdoek. Toch is het geen onaardige man. Hij stuurt de boot en vertelt vol trots dat hij al 25 jaar een pilot is. Het is koud vandaag. We hebben onze fleecetruien aan en onze pilot Samir zit te kleumen. Hij is dolblij als hij van ons een fleecejas te leen krijgt. Ook hij vraagt om bakshees  en na onze uitleg dat het al betaald is via onze agent, is hij teleurgesteld. Hij moet terug met de bus naar huis en rekende erop dat wij dat zouden betalen. We hebben nog precies 2 $ en 2 euro, waarmee hij heel blij is. Omdat hij verder niet meer zeurt en bovendien aardig en gezellig is geweest geven we hem op het eind van het kanaal de jas cadeau. Hij springt van geluk door onze boot, geeft Robert een kus en we krijgen wel 100 bedankjes. Pilot nr. 1 heeft als dank nog een souveniertje achter gelaten, namelijk een verstopte wc. Hier is Robert heel blij mee en zeker 1 uur mee zoet! De boot die onze pilot komt ophalen, wanneer we om half 8 in Port Sahid aankomen, heeft bij de ander BWR boten al bot gevangen toen ze hun bakshees kwamen opeisen en zijn zeer verbolgen. Wanneer ook wij geen geld hebben en zelfs geen sigaretten meer over hebben, worden ze agressief. Ze komen terug en willen met hun boot tegen de onze aanbotsen. Robert wordt laaiend en schreeuwt dat ze moeten opdonderen. Gelukkig taaien ze al vloekend af. We hebben onze buik vol van Egypte. In het donker varen we de Middellandse zee op. Kreta, here we come!

10 April 2009, Op weg naar Kreta.
Wat een verschil met gisteren, het is een heerlijke zonnige dag. Geen gezeur over bakshees, we genieten van de rust met zijn tweetjes. Van Tony, rallyleiding,krijgen we een mailtje. Captain Heebe heeft de kanaalpolitie erbij gehaald. De pilots blijken goede acteurs te zijn en hebben net gedaan of ze nog geen bakshees ontvangen hadden. Voor de volgende groepen met 9 rallyboten die door het kanaal gaan, wordt afgesproken dat de boten met de pilots aan boord de bakshees geven. Wij zijn blij dat we overal vanaf zijn.

11 April 2009, Op weg naar Kreta.
Afwisselend zeilen en motorzeilen we wanneer de wind wegvalt. Het is vandaag bewolkt met af en toe een buitje en het is een stuk frisser. We verwachten morgenvroeg in Kreta aan te komen. Dat betekend dat we de wereld zijn rondgezeild! In 2006 zijn we van Nederland naar Barcelona gevaren, in April 2007 naar Griekenland. Vandaar zijn we terug naar Gibraltar gevaren, waar in Oktober 2007 de Blue Water Rally om de wereld begon.

12 April 2009, Kreta
YES WE DID IT!
 Een na 6 varen we als eerste bot de haven van Aghios Nikolaos binnen. Onze reis zeilend de wereld rond zit erop. Een unieke ervaring die we nooit zullen vergeten. Peter Seymour, rallyleiding staat ons in alle vroegte op te wachten en heet ons welkom. Als Pelle 5 een uurtje later binnen loopt heeft Peter voor ons verse broodjes en champagne. Ondanks het vroege uur gaat de fles open en proosten we op deze avontuurlijke wereldreis en dat we hier goed zijn aangekomen.

2 Mei 2011
Terug op de Middellandse zee, waar de BWR rally rond de wereld in Kreta eindigde, besloten we om met Heidenskip nog in zonnige oorden te blijven.
Twee jaar lang heeft Heidenskip in Marmaris, Turkije gelegen.
In het voor en naseizoen hebben we genoten van mooie dagtochten naar idyllische baaitjes en stadjes langs de Turkse kust, Simi en Rhodos.
Toch misten we in Nederland onze boot, daarom hebben we besloten om terug te varen naar Hellevoetsluis, waar we een ligplaats kregen.
22 April zijn we naar Turkije gevlogen, waar Heidenskip nog op het droge lag.
Op 27 April  gaat de boot uiteindelijk in het water.
Voor we kunnen gaan varen valt er nog heel veel te klussen, repareren en poetsen.
De zeilen moeten er op, de nieuwe boordcomputer geinstalleerd, de ais apparatuur (automatisch identificatie systeem) blijkt het begeven te hebben en de nieuwe gereviseerde koeling blijkt zo lek als een mandje. Kortom er valt genoeg te doen voor we kunnen vertrekken.

Op 2 Mei klaren we uit en na een heel administratief circus achter de rug te hebben varen we om 1 uur opgelucht de haven uit met bestemming Ali Hollandi hier slechts een uurtje verderop. Morgen willen we naar Kreta varen, hier 1,5 etmaal varen vandaan en daar willen we graag bij daglicht aankomen, dus morgen bij het krieken van de dag gaat de reis beginnen.

3 Mei
Van Ali Hollandi (Kümlü Büku) naar Kreta, Chania, 230 mijl.
 
Om 5 uur starten we de motor. Het is nog aardedonker, waardoor we bijna wegvaren met de stekker van de elektriciteitskabel nog in het stopcontact op de wal. Onze buurman, waarschijnlijk gewekt door ons motorgeluid, maakt ons er gelukkig op tijd op attent en helpt ons bij het wegvaren.
Er staat heel weinig wind, het weer is bewolkt en grijs en er valt een spatje regen.
Om beurten kruipen we nog een uurtje terug in onze slingerkooi, ons bedje naast de ingang waarin we onderweg comfortabel slapen.
‘s Middags breekt de zon door en langzaam maar zeker neemt ook de wind toe en kunnen we prachtig zeilen. Een rustige start van onze reis is ons niet gegund, de wind neemt verder toe tot windkracht 7 bij vlagen 8.We moeten reven, de zee is erg onrustig en er komt veel water over.
Het avondeten, dat ik gisteren al heb klaargemaakt en nu alleen hoeft worden opgewarmd, sla ik maar even over. Ik moet duidelijk nog even inslingeren. Robert heeft daar gelukkig geen last van en laat het zich smaken. Hij neemt de eerste wacht voor zijn rekening, dan kan ik even plat.
Al snel word ik weer wakker, de boot ligt enorm te rollen en schudden. De potten, pannen en flessen slaan tegen elkaar en maken een enorme herrie. De wind is totaal weggevallen terwijl de golven er nog steeds staan. De zeilen moeten naar beneden en we gaan op de motor verder.
Het wordt een koude onrustige nacht.
 
4 Mei.
Op weg naar Kreta.
 
De dag begint met zon, kalme zee en weinig wind. Rustig kachelen we op de motor richting Kreta. Eitje, wat een verschil met gisteren. Helaas hebben de weergoden het anders met ons voor. ‘s Middags steekt de wind op en krijgen we windkracht 7 tot 8 recht op de neus. We kruisen op en moeten bij Kreta een kaap ronden, waar we heel langzaam om heen komen.
Ik ben blij wanneer we in zicht van de haven komen. Patrick, Roberts broer met zijn familie en vrienden wachten ons op in de haven van Chania. Buiten de haven hebben we de boot al voorbereid, stootwillen uit, lijnen klaar, anker klaar voor gebruik, om bij deze wind (zijwind) aan te leggen.Robert glijdt bijna uit over het dek, het is spekglad. Er ligt een beetje olie op, ergens heeft er blijkbaar iets gelekt. Met wat afwassop en water maken we het dek weer begaanbaar. Het lijkt zo op het eerste gezicht niets ernstigs. Eerst gaan we aanleggen daarna zoeken we wel uit waar de olie vandaan komt.
Chania is een druk, gezellig stadje met veel cafeetjes en terrasjes. We hebben veel bekijks als we binnenlopen. Patrick is in contact met de havenmeester en wijst ons waar we kunnen gaan liggen. Eerst moeten we het anker laten vallen en dan achteruit afmeren. Een procedure die we door onze ervaring tot in de perfektie beheersen.
Ik sta voorop en op Roberts teken bedien ik de ankerlier. Verbaasd kijk ik om me heen, want ik wordt helemaal nat gespoten. Uit een hydraulische leiding spuit de olie over de boot en mij heen. Aha, daar kwam dus de olie vandaan.Het anker, al gedeeltelijk uit , kan niet meer bedient worden. Het kan niet meer verder zakken en ook niet naar boven.We weten niet of het anker houdt en hebben te weinig ketting om aan de kant te komen.We dreigen tegen een groot motorjacht aan te botsen. Gelukkig staat daar de bemanning met grote stootwillen klaar en helpen ons een lijn naar de kant te brengen. Robert is voor met het anker bezig want de boot moet nog verder naar de kant anders kunnen we er niet vanaf. Ondertussen bedien ik de boeg en hekschroef. De kade staat inmiddels vol publiek . Waarschijnlijk denken ze dat dit een van onze eerste keren aanleggen is en zoals gewoonlijk staan de beste stuurlui aan wal. Allerlei tegenstrijdige adviezen worden me gegeven. Tijd om uit te leggen wat het probleem is heb ik niet, dus draai ik me naar het publiek en zeg: I only take orders from the captain.
Toch maken ze zich nog nuttig door de lijnen op te vangen en aan te trekken. Het lijkt wel een touwtrekwedstrijd. Kortom vermaak voor de hele haven. Uiteindelijk liggen we goed afgemeerd  en zijn we blij dat we er zonder schade vanaf zijn gekomen.
Stellios, een Cretenzer visserman, die ons hielp een lijn naar de wal te brengen biedt aan om morgen de hydraulische leiding te vervangen. Deze Zorba beweert meer dan 35 jaar ervaring (yachtenginering) te hebben. Het is aan zijn bootje niet af te zien maar bij gebrek aan beter besluiten we met hem in zee te gaan. We zullen zien.
Patrick, familie en vrienden komen aan boord. We drinken op de goede afloop en gaan daarna gezellig met zijn allen uit eten.

5 Mei,
Kreta.
 
In alle vroegte staat de tankwagen met diesel voor onze boot. We tanken voldoende brandstof om tot Gibraltar te komen. Ook Stellios houdt zijn woord en voor half 9 klinkt zijn welluidende stem van de kade, captain, captain. De captain is even centjes voor de brandstof halen en ik kom net onder de douche vandaan. Vlug schiet ik iets aan en geef hem terwijl we op de captain wachten een bak koffie. Hij zit hier geheel op zijn gemak op zijn praatstoel, maar het goede nieuws is dat hij anderhalf uur later de nieuwe hydraulische leidingen geinstalleerd heeft. Morgen komt hij terug met nog wat reserveleidingen, mocht er onverhoopt een andere leiding stuk gaan.
We hebben een heerlijke rustige dag. Vanuit de kuip aanschouwen we de stad, het is net of we op terras zitten. Witte paardenkoetsen met toeristen rijden af en aan. Onze boot is een gewild fotoobject en zal op menig vakantiekiekje verschijnen.
We slenteren door het authentieke, gezellige stadje, pikken een terrasje en genieten van de dag.

6 Mei,
Kreta.
 
Rond koffietijd meldt Stellios zich met de reserveleidingen voor de hydrauliek en koekjes voor bij de koffie.Volgens hem kan koffie niet zonder koekjes. Hij sopt ze eerst lekker in zijn kopje, voor hij ze in zijn vrijwel tandenloze mond stopt. Onder het genot van koffie met koek worden alle wereldproblemen opgelost. We hebben er een vriend voor het leven bij. ’s Middags gaan we naar het huis van patrick en Liesbet. Met de hele familie eten (en drinken!), we uitgebreid in een plaatselijke taveerne.


 
7 Mei,
Kreta.
 
Het weer blijft nog steeds onstabiel. Vandaag is het zonnig maar met een frisse voorjaarswind, kracht 6 tot 7. De voorspelling voor morgen lijkt wat beter, maar het waait dan precies uit de verkeerde richting. We besluiten maandagmorgen vroeg te vertrekken naar Sicilië.
Met ons bijbootje gaan we inspekteren hoe het anker erbij ligt. Bij onze tumulteuze aankomst is er zoveel met het anker over de bodem geschoven en we willen niet voor onverwachte verrassingen komen te staan met het uitvaren. Bovendien is er hier in de haven weinig ruimte om te manoevreren. Ik roei en Robert kijkt, met zijn duikbril op en zijn hoofd in het water zittend in het bootje, of de ketting nergens achter ligt. Toch blijft hij zo ook niet helemaal droog, maar zo te zien ligt het anker vrij.
 Het wordt een rustige dag. We lopen 2 keer naar de supermarkt om te fourageren.
’s Avonds blijven we aan boord en kijken een paar afleveringen prison break.

8 Mei,
Kreta.

Wanneer Robert even voor 7 uur ’s ochtends zijn hoofd naar buiten steekt, wordt zijn aandacht getrokken door enige aantrekkelijke, jonge dames, die kortgerokt en hoogehakt, al zwalkend over de kinderkopjes, het cafe uitrollen.Waarschijnlijk zijn ze een van de laatste klanten, die het etablissement verlaten en richting huis gaan.
De rust in de cafeetjes duurt niet lang want al ras stromen de terrasjes weer vol.
Deze zondag doen we wat de meeste Cretenzers op hun vrije dag doen, namelijk flaneren langs de boulevard en op een terrasje zitten mensen kijken. Chania is een prachtig, oud gezellig stadje.
We maken de boot vaarklaar en ik bereid vast een lasagneschotel voor, zodat ik hem onderweg maar zo in de oven hoef te schuiven.
Morgen willen we vroeg vertrekken, dus we maken het niet al te laat.

9 Mei,
Van Kreta naar Zuid Italië.

Klokslag 6 uur gaat de wekker en voordat ik buiten ben heeft Robert met het bijbootje en zijn duikbril ons anker geïnspekteerd. Gisteren is er namelijk een motorbootje naast ons komen liggen en heeft zijn anker op de plek van het onze laten vallen. Gelukkig ligt ons anker zo te zien vrij.
Wanneer we willen wegvaren en ik het  anker wil ophalen, gaat het met geen mogelijkheid naar boven. Wederom klimt Robert in de bijboot om te kijken wat de oorzaak daarvan is. Het lijkt of we in een wirwar van ijzerdraad en net zitten. We zijn bang dat we een duiker moeten laten komen, maar proberen eerst met de motor sterk in zijn achteruit ons zo los te trekken.
Opeens schieten we los. Wanneer ik het anker omhoog hijs zit er inderdaad een compleet visnet en een wirwar van lijnen en ijzerdraad in verstrikt. Gewapend met pikhaak, schaar en duikmes weet Robert met veel moeite ons anker te bevrijden van deze ongewenste ballast, terwijl ik de boot manoevreer. Na een oponthoud van een uur kunnen we vertrekken.
Tot de middag staat er heel weinig wind en varen we op de motor. Dan gaat het waaien en kunnen we zeilen. Eerst met ruime wind daarna draait hij door en komt hij recht van achter. We kruisen a.h.w. af om de kans van een klapgijp te minimaliseren.Gedurende de nacht komen we in de buurt van het Griekse Peleponesos, met kennelijk een intensieve scheepsvaatroute. Omdat we voor de wind varen en weinig manoevreerruimte hebben, blijft het erg opletten, waarbij ik Robert een paar keer uit zijn bed moet halen om de koers en zeilen tijdig aan te passen. Wanner een tanker ons dicht nadert en wij als zeilboot voorrang hebben ( geen verschil tussen groot en klein op zee), roepen we de stuurman op met het verzoek zijn koers te verleggen.

10 Mei,
Van Kreta naar Zuid Italië.

Wat een verschil met gisteren! Zaten we toen in het zonnetje met onze korte broek aan, vandaag is het koud en zitten we als Michelin mannetjes in de kuip, met thermo ondergoed, fleecetruien en jassen aan. Warme koffie, thee en cup a soup zijn een ware traktatie. ‘s Middags gaat het flink doorwaaien. We steken een rif en voor de nacht een tweede rif. Dat is geen overbodige luxe. Aan de wind boksen we tegen de hoge golven op. Bakken water rollen over het dek en af en toe in de kuip. We vliegn over het water. Tijdens mijn wacht klinkt er een vreemd geluid,. Robert vertrouwt het ook niet en komt naar buiten, het blijkt een lier op het voordek te zijn die voor zichzelf is begonnen. De aan uit schakelaar maakt contact. Aangelijnd gaat Robert met een kniptang voorzichtig naar voren op het stampende schip en knipt het draadje door.Wanneer ik net in de achterhut lig te slapen, word ik met een schok wakker door een bonk en krijg ik een splash water in mijn gezicht. Gedesoriënteerd vlieg ik mijn bed uit. Een grote golf is over de boot gespoeld en mijn patrijspoort blijkt bepaald niet waterdicht te zijn. Met tape en handdoeken verhelpen we het euvel voor dit moment. Zo ploegen we de nacht door.
Deze tocht lijkt niet bepaald op een zonnige cruise met all inclusive. Had ik die niet geboekt?

 
11 Mei,
Van Kreta naar Zuid Italië.
 
Bij daglicht zien we pas hoe hoog de golven zijn. Dan snap je pas hoe krachtig de zee is en dat een golf die met zo’n geweld tegen het patrijspoortje slaat, waar we nog nooit een druppel water door naar binnen hebben gekregen, een miniscuul lekje bij de rubber afdektape vindt om zijn weg naar binnen te slaan. De zee is onverbiddelijk, je kunt je op alles voorbereiden en toch sta je soms voor verrassingen. Gelukkig neemt de wind in de loop van de ochtend af en als we in de buurt van de laars van Italië komen, wordt de zee weer rustig.
We besluiten bij de teen van de laars te ankeren. Wanneer we bij de kust komen worden we opgeroepen door de kustwacht, die alle gegevens van onze boot wil weten en met hoeveel personen we aan boord zijn. Is dit een controle of we bootvluchtelingen hebben opgepikt? De enige bootvluchteling die we onderweg tegenkwamen, was een oververmoeid musje, die na wat rust, zoet drinkwater en brood na enige uurtjes weer besloot te vertrekken.
Om kwart over 5, na 391 mijl varen, laten we het anker vallen. Een helicopter komt laag over ons heen gevlogen, maakt een draai en vertrekt weer. Controle? Wij nemen een douche, eten het laatste restje lasagne (we zijn tenslotte in Italië) en gaan vroeg naar bed.
 
12 Mei,
Van Zuid Italië naar Lipari.
 
Om 6 uur vertekken we naar Lipari,via de Straat van Messina. Aangezien het daar heel hard kan stromen willen we deze in ieder geval niet tegen hebben.Volgens de pilot gaat daar om 10 uur de stroom meelopen. We varen eerst langs de Italiaanse zuidkust, de grote teen van de laars. De kustlijn is hier zeer fraai, heel glooiend met heuvels en bergen. Aan de andere kant ligt Sicilië. We zien de top van de besneeuwde vulkaan de Etna, glinsteren in de morgenzon.
Bij de ingang van de Straat van Messina lijkt het of er plotseling een ventilator wordt aangezet. De wind fluit door het want heen. De acceleratie van de wind, wordt veroorzaakt door valwinden die hier van de bergen komen. We gaan maar langzaam vooruit, bovendien staat de stroom ook nog steeds tegen. Tussen Sicilië en de vaste wal van Italië varen de veerponten en draagvleugelboten af en aan. Van alle kanten worden we ingelopen. We komen ogen tekort om de verkeerssituatie in de gaten te houden. Opgelucht verlaten we de Straat van Messina en varen verder naar het vulkaaneilandje Lipari. Om 6 uur meren we daar af. Een idyllisch eilandje, heel puur en wanneer we ’s avonds het stadje inlopen krijgen we wat wij noemen het Vlielandgevoel. Het ultieme vrije vakantiegevoel op een klein eiland.
 
13 mei,
Lipari.
 
Het is tijd om schoon schip te maken, dus vandaag wordt een poets, was en klusdag. Al gauw hangt was 1 fris te wapperen in het zonnetje gevolgd door nog 4 andere en wordt de boot versierd met kleurig wasgoed. Regelmatig klinken hier de kerkklokken  en speelt het carillon.
Door de bergen wordt het geluid van alle kanten weerkaatst, zodat je niet weet waar het geluid vandaan komt. De accoustiek is prachtig. Ook leuk is de havenmeester, een prachtige, grote, knappe Italiaan, die waarschijnlijk al menig vrouwenhart sneller heeft laten kloppen. Hij loopt hier steeds over de steiger en maakt de entourage nog aantrekkelijker. ’s Avonds eten we in een restaurantje Italiaans zoals alleen Italianen dat kunnen. Heerlijk!

14 Mei,
Lipari.

Robert is vandaag druk met achterstallig onderhoud. Zoals onze watersportvrienden Eric en Marianne treffend zeggen, zon en zout is onderhoud. De temperatuur is zomers, zodat we ons ’s middags wagen aan een eerste verkwikkende plons. Het Middellandse zeewater is nog fris, maar als je er eenmaal doorheen bent goed te doen. We maken de waterlijn van de boot schoon. In een piepklein steegje vinden we een bijzonder gezellig, romantisch restaurantje. We begrijppen alleen niet hoe het met de verschillende gangen in elkaar zit, antipasti, primi platti, secondi platti en dulce. Je krijgt eerst bruchetta gevolgd door pasta dan vlees en als laatste de salade en uiteindelijk veel te veel. De dulce slaan we over. We begrijpen niet hoe die Italianen zo slank blijven.

15 Mei,
Lipari.

Op deze zondagmorgen heerst er een serene rust op Lipari. We bezoeken het fort op de heuvel. Het stamt nog uit de tijd van Griekse en Romaanse overheersers en  kijkt uit over de baai. Het uitzicht is adembenemend. Er staat daar ook een een prachtige kerk waar net de zondagsmis bezig is. De kerkgangers zijn allemaal keurig op zijn zondags gekleed. Wij lopen om de kerk en het museum heen,langs eeuwenoude graven. Er is zelfs een amphitheater uit de Griekse tijd. Op een terrasje aan het haventje drinken we koffie. We genieten aan boord van de zondagsrust en lezen een boek. In de loop van de middag slaat het weer om en het gaat waaien. Volgens de bemanning van de charterboten, die hier uitstapjes maken naar Stromboli, gaat het de komende dagen stormen. Morgen gaan we dus eerst het weer goed checken voordat we naar Sardinië vertrekken.

16 Mei,
Lipari.

Het waait knoeperhard, we liggen te rollen in de haven. De voorspellingen voor vandaag zijn windkracht 8 met hoge zeeën. Morgen zal het in de middag langzaam afnemen, maar voordat de golven zijn afgenomen zal pas op woensdag zijn. We besluiten hier nog 2 dagen te blijven en als het weer het toe laat, woensdagmorgen vroeg te vertrekken. De wind maakt het zelfs te koud om buiten te zitten. Hier in Lipari zijn ze goed geoutilleerd. Een mechanicien uit het dorp naast de benzinepomp, geeft de buitenboordmotor van de bijboot een beurt. Groente en fruit zijn er te kust en te keur, van uitzonderlijke kwaliteit met een eerlijke pure smaak. In een restaurantje raken we in gesprek met een Italiaanse zanger met zijn vriend, die volgens de zanger vroeger wereldkampioen zwemmen is geweest. Voordat we betalen staan ze erop dat we de Siciliaanse specialiteit canoli proeven. Een absolute aanrader! Met een uitgebreid gedag en een buiging voor mij nemen we afscheid.


17Mei,
Lipari.

Inmiddels raken we al aardig ingeburgerd in Lipari. We weten onze weg en worden regelmatig herkend en aangesproken. Toch wordt het tijd om te vertrekken, dus maken we de boot vaarklaar, draaien nog een wasje, doen bootschappen en ik maak een preischotel klaar voor onderweg. Robert werkt het laatste item van zijn klussenlijst af, die is voor het eerst blanco! Wanneer we de haven gaan betalen worden we omhelst alsof we familie zijn die gaat vertrekken en krijgen zelfs een fles locale liqueur mee als afscheidscadeau. Morgenvroeg gaan we vertrekken naar Sardinië.


18 Mei,
Lipari naar Sardinië.

Bij een prachtige zonsopgang vertrekken we naar Sardinië. De rode ochtendzon kleurt zacht tegen de bergen en huizen van Lipari. We varen tussen Lipari en het eiland Vulcano door.
De rook van de vulkaan cirkelt uit de krater van Vulcano. Een dolfijn springt even uit het water, alsof zij ons uitzwaait. In de loop van de dag komen we een paar keer dolfijnen tegen, die in groepen aan het jagen zijn op vis. Er staat nauwelijks wind, daarom motoren we veel. Het wordt een rustige dag, de zee is vlak, Robert speelt gitaar. Ook de nacht verloopt gladjes. (helaas teveel motoren....R.)

20 Mei,
Cagliari, Sardinië.

Onze verwachtingen waren hooggespannen voor Sardinië. We dachten een sjieke mondaine haven aan te treffen, de werkelijkheid is even anders. De haven is shabby met krakkemikkige steigers. Een van de mooringlijnen waaraan we vast liggen blijkt los te zitten. Gelukkig ligt de mooring aan de andere kant van onze boot wel vast en zijn we vannacht goed blijven liggen.Op verzoek van de assistent havenmeester leggen we de boot 5 meter meer naar rechts, waarna de havenmeester komt en wil dat we weer 5 meter naar links verplaatsen.En iedere keer moet de boot weer schoongespoten worden want de mooringlijnen zijn gruwelijk smerig. Na dit ochtendritueel gaan we de stad in. Het verkeer is enorm druk en chaotisch, oversteken is hier een kunst op zich. Cagliari is erg vervuild en smerig. Ook de historische binnenstad ziet er vervallen uit. Blijkbaar zijn hier massa’s bootvluchtelingen uit Afrika neergestreken. Iedere paar meter staat wel een Afrikaan die ons kraaltjes en prullaria probeert a
an te smeren. Het is triest te zien dat voor deze mensen weinig toekomst te verwachten valt op deze manier.Terug in de haven nodigt een Engelse bemanning ons uit om een biertje te drinken in het havencafeetje dat zich bevindt in een tent op de steiger (met gaten en losse planken).
Overdag  doet het dienst als havenkantoor en vanaf 5 uur gaat de bar open. De Engelsen, Dave, Rob en Pat zijn erg aardige mensen, met veel gevoel voor humor. Het doet ons goed om gewoon gezellig te buurten, de meeste Italianen spreken alleen Italiaans en dat maakt communiceren moeilijk.

21 Mei,
Van Sardinië naar Mallorca.

Na ons rituele kopje thee in bed checked Robert het weer. We zijn niet van plan om erg lang in Sardinië te blijven. De wind blijft de komende dagen zo gunstig dat we besluiten vandaag nog te vertrekken. Wel moeten we nog eerst boodschappen doen en de haven betalen.Om half 12 gooien we de trossen los,op weg naarMallorca hier 327 Mijl vandaan. Het is een bewolkte dag en net wanneer we vertrekken begint het te regenen. Jammer genoeg houdt dat de hele dag aan, maar het goede nieuws is dat we een mooi windje uit de juiste hoek hebben. We kunnen prachtig zeilen. ’s Nachts valt de wind weg en gaan we op de motor verder.

22 Mei,
Op weg naar Mallorca.

Het wordt een fantastische zeildag. Vanaf zonsopgang hebben we een mooi lopend windje en met een knik in de schoot vliegen we over het water. Om 6 uur ‘savonds lijkt het net alsof, zoals we al vaak hebben meegemaakt rond deze tijd, de windgoden tegen elkaar zeggen: “Nou onze werkdag zit er weer op voor vandaag, houdoe en tot morgen”, want de wind valt weg en op de motor gaan we verder. Het wachtlopen is hier op de Middellandse Zee een stuk intensiever dan op de oceaan. Er is veel meer scheepvaart, vissersboten en ook het navigeren bij de kust vergt veel aandacht. We zijn blij als we om 7 uur ’s ochtends de haven van Palma binnenlopen.

23 Mei,
Mallorca.

Om 8 uur gaat het havenkantoor open en eerst lijkt het erop dat er voor ons geen plaats is in deze herberg. Ik zie het helemaal niet zitten om weer te gaan verkassen en mijn teleurstelling en vermoeidheid zijn zo oprecht dat het meisje van het havenkantoor besluit dat we 1 nachtje kunnen blijven, maar morgenvroeg moeten we plaats maken, want dan komt de eigenaar van de ligplaats terug. Later deze dag regelen we een ligplaats in een jachthaven verderop. Het wordt een eerste tropische dag. We doen het kalm aan, poetsen de boot, ruimen op en wassen. We lunchen in het havencafe op de steiger, brengen een bezoek aan de watersportwinkel, het ultieme shoppingparadijs voor mannen. ’s Avonds blijven we aan boord en kijken een aflevering Prison Break, waarna we als een blok in slaap vallen en van een goede nachtrust genieten.

24 Mei,
Mallorca.

De ochtendstond heeft goud in de mond, dus na een eerste kopje koffie varen we naar de jachthaven naast ons. Een bijzonder aardige havenmeester, die veel van Charles Aznavour weg heeft, helemaal wanneer je hem hoort spreken, (we hebben hem nog niet horen zingen), helpt bij het aanleggen. Het is een verademing om een warm welkom te krijgen in een Spaanse haven. We liggen hier midden tussen de megajachten, die de hele dag gepoetst worden, ze schitteren je tegemoet. Heidenskip wordt opeens een Heidenskipje. Tussen al die glans kunnen we niet achterblijven. Bij de buren zijn ze inmiddels uitgepoetst en we spreken met een van de jongens af om morgen onze boot een goede beurt te geven en in de was te zetten.
Palma de Mallorca is een prachtige, sfeervolle, mondaine stad met veel historische gebouwen, gezellige pleintjes en uitstekende restaurantjes. 5 jaar geleden zijn we hier al eerder geweest en op een ding heb ik me tijdens de trip hierheen al op verheugd namelijk de Sushi Club waar ze uitstekende sushi serveren. We gaan er ’s avonds eten en mijn verwachtingen worden meer dan waargemaakt, de sushi hier is onovertrefbaar, dit alles met een uitstekend wit wijntje. Top!


25 Mei,
Mallorca.

Vandaag is ook onze boot aan de beurt voor de grote schoonmaak. Zohran, een jongen uit Nieuw Zeeland, maar zijn ouders komen uit Cambodja, is hier naar Mallorca gekomen om een baan op een boot te vinden. Op dit moment verdient hij zijn kostje door boten te poetsen en probeert geld te sparen om zijn yachtmaster diploma te halen. Hij kwijt zich uitstekend van zijn taak, ieder uurtje dat hij bezig is gaat Heidenskip meer glimmen.Ik profiteer ervan dat we in een grote stad liggen en leg een bezoekje bij de kapper af. Aan het einde van de dag zien zowel de boot als het ‘meisje loos’ er op hun best uit. De schipper knikt tevreden.


26 Mei,
Mallorca.

Ook op de boot gaat de business gewoon door. Vaak is het moeilijk een internetverbinding wifi te krijgen en als die ergens in een haven is, is die zo traag dat je er weinig aan hebt. ’s Ochtends zoeken we een internetcafé op, om mails te checken en lopende zaken af te handelen. Dat is geen ramp want het wordt weer een tropische dag en dan is mailen in de airco geen straf.  s‘Middags ga ik de stad in om boodschappen te halen en’s avonds gaan we met zijn tweetjes. Op weg terug naar de boot komen we iedere avond een bijzonder echtpaar tegen, inmiddels noemen we ze Jut en Jul. De eerste keer vroegen we ons af, wat zit daar nou? Twee bejaarde nogal typisch geklede mensen zitten op straat gitaar te spelen. Wanneer we dichterbij komen horen we echter pianomuziek. Met de gitaren in de hand playbacken ze vol enthousiasme een pianoconcert voor twee vleugels. Hilarisch! Vandaag “spelen”ze maar liefst flamenco muziek, met uitgestreken, serieuze doch blije gezichten. Ze hebben er echt zin in. Ik ben benieuwd of Jut en Jul er morgen weer zitten.Ze zouden in de playback show geen gek figuur slaan.

27 Mei,
Mallorca.

Ik ben blij want al onze 3 koelkasten functioneren weer op volle toeren. Vanaf Turkije moest ik het met een half koelkastje doen en bij deze tropische temperatuur van de afgelopen dagen is dat toch behelpen, zeker bij meerdaagse tochten. We hebben hier in Mallorca een bedrijf gevonden, die een nieuwe (gereviseerde) compressor binnen 2 dagen geleverd en ingebouwd heeft. Super nu is er naast de verse spullen ook nog plaats voor een koel drankje. Morgen gaan we verder naar Ibiza en als afsluiting gaan we nog een keer eten in de Sushi Club. De charmante bedrijfsleidster begroet ons met 2 zoenen, we krijgen de nieuwste sushi rollen, die nog niet op het menu staan, van haar aangeboden, die moeten we uitproberen. Bij het afscheid worden we wederom omhelst. Kortom een erg goed gastvrij restaurant waar we niet graag afscheid van nemen. Jut en Jul staan ook op hun stek en knikken ons toe. Mallorca tot ziens, we komen graag weer!

28 Mei,
Van Mallorca naar Ibiza, 73 mijl.

Voor dag en dauw vertrekken we naar Ibiza. Het wordt een werkelijk schitterende zeildag.
Met prachtig zonnig weer en een windkracht 4-5 uit de ruime hoek glijden we over het water. Om 6 uur laten we het anker vallen in een baaitje tussen het eiland Formentera en de zuidkust van Ibiza. Mijlenver op zee kunnen we de harde muziek vanaf het zo fameuze partyeiland al horen. Op het strand aan het water liggen hier verschillende beachbars en de badgasten blijven tot de zon ondergaat zonnen op hun strechers en spelen aan de waterkant. Wij eten gezellig aan boord en genieten van de omgeving, waarschijnlijk zitten wij op het mooiste terras in de wijde omgeving. We maken het niet te laat, want morgenvroeg willen we verder naar het vaste land van Spanje, Calpe om mijn vader een bezoek te brengen.

29 Mei,
Van Ibiza naar Calpe, 64 mijl.
 
Robert laat mij nog lekker even liggen terwijl hij het anker hijst en wegvaart.Wanneer ik om half 8 mijn hoofd buiten het luik steek, zijn we al lekker opgeschoten.Er staat bijna geen wind zodat het een motordagje wordt. Om 4 uur varen we de haven van Calpe binnen, waar mijn vader ons enthousiast staat op te wachten op de steiger. Even lijkt het erop dat de zondagse havenmeester roet in het eten gaat gooien, hij zegt dat er voor ons geen plaats is en dat terwijl de haven half leeg is. Hij vertelt dat over 1! week er een grote regatta vanuit deze haven start en dat hij daarom plaatsen vrij moet houden. Na wat overredingskracht en de garantie dat we slechts 1 of 2 nachtjes blijven, strijkt hij over zijn hart en mogen we vandaag blijven. Morgen zien we wel weer verder. De jachthaven ligt prachtig gelegen onder de reusachtige rots van Calpe, waar talloze meeuwenkolonies vertoeven. Calpe zelf is een gezellig plaatsje met een mooie boulevard en natuurlijk de gigantische rotspartij. Mijn vader blijft bij ons aan boord slapen.

29 Mei,
Van Ibiza naar Calpe, 64 mijl.
 
Robert laat mij nog lekker even liggen terwijl hij het anker hijst en wegvaart.Wanneer ik om half 8 mijn hoofd buiten het luik steek, zijn we al lekker opgeschoten.Er staat bijna geen wind zodat het een motordagje wordt. Om 4 uur varen we de haven van Calpe binnen, waar mijn vader ons enthousiast staat op te wachten op de steiger. Even lijkt het erop dat de zondagse havenmeester roet in het eten gaat gooien, hij zegt dat er voor ons geen plaats is en dat terwijl de haven half leeg is. Hij vertelt dat over 1! week er een grote regatta vanuit deze haven start en dat hij daarom plaatsen vrij moet houden. Na wat overredingskracht en de garantie dat we slechts 1 of 2 nachtjes blijven, strijkt hij over zijn hart en mogen we vandaag blijven. Morgen zien we wel weer verder. De jachthaven ligt prachtig gelegen onder de reusachtige rots van Calpe, waar talloze meeuwenkolonies vertoeven. Calpe zelf is een gezellig plaatsje met een mooie boulevard en natuurlijk de gigantische rotspartij. Mijn vader blijft bij ons aan boord slapen.


30 Mei,
Calpe.
 
Nou we hebben het geweten dat we vlakbij de rots van Calpe hebben aangelegd. Vanmorgen zien we dat de hele boot, gisteren nog zo blinkend schoon, van voor tot achteren door de meeuwen is ondergesche...... Dit komt Robert zijn meeuwenliefde niet ten goede. In het verleden op Vlieland werd op 1 dag eerst het zeil van onze boot door de meeuwen bevuild, daarna was Roberts hoofd het target en vervolgens deponeerde een meeuw in de vlucht zijn kwakje midden in het bakje friet met mayonaise, dat Robert net aan het nuttigen was. Sinsdien is de liefde definitief over. Dus als eerste werk schrobben (die meeuwenpoep is erg hardnekkig) en spuiten we de boot schoon. Na deze arbeid nuttigen we een scheepsontbijt en mijn vader rijdt ons naar de verschillende winkels waar we groot inslaan. We lunchen in Calpe waarna mijn vader afscheid neemt en wij de bootschappen verstouwen. Vervolgens kunnen we nog een keer de boot afspuiten. Dit keer zijn de meeuwen niet de schuldigen, het heeft geregend en uit de regen is fijn saharahzand meegevallen, waardoor Heidenskip dit keer lichtrood gekleurd is. Na nog wat laatste klusjes zijn we vaarklaar, morgenvroeg willen we richting Gibraltar varen.


31 Mei,
Van Calpe naar Gibraltar, 326 mijl.
 
Wij zijn al voor de meeuwen uit de veren en vertrekken naar Gibraltar. Het vroege uur scheelt ons een boel poetswerk, want ze zijn vanmorgen nog niet uitgevlogen en mogen nu hun eigen nest bevuilen. In de buurt van Gibraltar heeft de wind een grotere invloed op de golven en is onvoorspelbaar. Het is ongeveer 2 etmalen varen, mocht het weer omslaan dan doen we onderweg een haven aan. We passeren de nulmeridiaan en komen nu weer op het westelijk halfrond. Op 23 juni 2008, toen we van Tonga naar Fiji voeren, passeerden we 42 mijl voor Fiji de 180 graden meridiaan op het oostelijk halfrond, exact aan de andere kant van de wereld. Het is vandaag een zonnige dag en ’s middags hebben we prima zeilweer.
In de baai van Cartagena is een Navo oefening aan de gang. Het scheepvaartverkeer moet daar 1 mijl uit de buurt blijven. Regelmatig worden boten over de marifoon opgeroepen om afstand te houden. De marconist van het Spanish warship heeft nog heel wat te leren. Hij spreekt heel vlug, geagiteerd en nauwelijks verstaanbaar Engels, wat nogal wat misverstanden oplevert, vooral als hij een Fransman aan de lijn krijgt, die ook gebrekkig Engels spreekt. De Spanjaart probeert hem op alle manieren duidelijk te maken dat hij moet oprotten en wel vlug, terwijl de Fransoos, die hem graag ter wille wil zijn, steeds vraagt welke koers hij moet volgen. Dit geeft enorme spraakverwarring en miscommunicatie en het duurt een hele tijd voor ze elkaar begrijpen. Het doet me denken aan John Cleese in Fawlty Towers. Een cursus radio telefonie zou wonderen doen. Tegen de avond valt de wind weg en we motoren de nacht door.


1 Juni,
Op weg naar Gibraltar.
 
Vaak staat er op de Middellandse Zeee bijna geen wind of het stormt, ofwel zoals de Engelsen het treffend zeggen “there is no wind between the gails”.Vandaag moeten we het met praktisch geen wind doen. Toch proberen we te zeilen, maar als de bootsnelheid wegvalt tot slechts 1 knoop starten we maar weer de motor. We moeten immers mijlen maken om terug in Nederland te komen. De zee is spiegelglad en we spotten of we misschien dolfijnen of walvissen tegenkomen. Tot twee keer toe zien we een stuk hout voor een walvis aan, maar dan wordt ons geduld beloond en komen de dolfijnen. Spektaculair is de eerste groep die langskomt en aan het jagen is. Met grote snelheid schieten ze door het water en uit de kolkende zee springen tonijnen die worden opgejaagd. Zo ziet een dolfijn er een stuk minder schattig uit. De tweede groep heeft zijn buikjes kennelijk al vol, ze komen om te spelen. Ze zwemmen met de boot mee, duikelen in de boeggolf, draaien op hun rug en springen synchroon uit het water. Prachtig! Heel rustig varen we deze zonnige dag door, die langzaam overgaat in een dito nacht (maar dan zonder zon natuurlijk en bovendien zonder maan).


2 Juni,
Gibraltar.
 
Aan het begin van de dag zien we de rots van Gibraltar opdoemen. Hij ligt er nog steeds mooi bij . Vandaag lijkt hij op een grote paddestoel, want om de top heen ligt een wolkendek in de vorm van een hoedje. We passeren Europa point waar 4 jaar geleden het startsein voor de BWR rally rond de wereld werd gegeven. Na het startschot hoorden we over de marifoon:  I’m sailing van Rod Steward. Nu dat hebben we gedaan, ‘we tight the knot’, we zijn rond!
Om 10 voor half 10 maken we vast in de haven. Deze plaats, die we toegewezen krijgen, is niet geheel geschikt voor onze bootmaat, dus wanneer er aan het begin van de middag een andere boot vertrekt, kunnen we op zijn plaats gaan liggen.Voor we vastmaken, gaan we eerst diesel tanken. Hier in Gibralatr is de diesel tax free, dus van heinde en ver komt men brandstof inslaan. Naast ons ligt een groot motorjacht al uren aan het tanken, maar liefst 180.000 liter. Zoveel heeft ons Heidenskip niet nodig, maar een uurtje later ligt ze tevreden afgetopt langszij de steiger in de haven. We lopen Gibraltar in, dat in de loop van 4 jaar veel veranderd is. In deze stad komen veel culturen samen. Het is een Engelse enclave in een Spaanse omgeving en aan de overkant van het water zie je Marocco liggen. De binnenstad doet oud Engels aan, haast Dickensachtig. Rond de haven is een heel modern complex gebouwd, een stad op zich met veel grote flatgebouwen, appartementen, cafe’s, restaurants en winkels. Een kilometer verderop ligt Spanje, La Ligna met een typisch relaxed, ietwat stoffig Spaans sfeertje. Daartussen ligt aan de haven de landingsbaan van het vliegveld, waar het ene na het ander toestel tussen de masten van de boten door, laag komt over vliegen. Meer dan genoeg te zien en te beleven dus.

3 Juni,
Gibraltar.
 
Het is een bwolkte dag met veel wind. We doen het rustig aan en slenteren een keer de stad door. Wanneer we ‘s avonds terug bij de haven komen is de poort gesloten en kunnen we er niet in. De havenmeester is vergeten ons een pasje om binnen te komen te geven. Gelukkig krijgen we een telefoonnummer te pakken van de security. Die wil ons niet zomaar binnen laten, eerst moeten we naar het kantoor komen een heel eind verderop. Echt blij worden we hier niet van en dat straalt Robert ook helemaal uit. Nadat we kunnen aantonen dat Heidenskip onze boot is krijgen we een toegangspas van de security, hij kan er ook niets aan doen. Even later komt hij ons achterna gehold, verbaasd blijven we staan. Hij heeft met de havenmeester gebeld en die vond het zo vervelend, dat hij ons uitnodigt om morgen op zijn kosten te dineren. Bijzonder aardig aangeboden, maar wij zijn allang blij dat we in ons eigen bedje kunnen slapen.


 4 Juni,
Gibraltar.
 
Het waait hard vandaag, windkracht 7-8, dus besluiten we in ieder geval vandaag nog te blijven.In de Straat van Gibraltar waait het altijd meer, door het venturi effect, bovendien staat er veel stroom en moet je het tijdstip van vertrek goed uitkiezen om deze niet tegen te krijgen. De hele dag houden we het weer in de gaten, kunnen we nu morgen wel of niet vertrekken, de voorspellingen zijn niet eenduidig. Robert zet nieuwe v snaren op de motor, die zijn een rondje wereld meegegaan en het wordt tijd deze te vervangen. Ik haal verse groente en fruit. We zijn klaar voor vertrek, nu het weer nog. De toeristische attrakties van Gibraltar hebben we bij voormalig verblijf al uitgebreid bekeken, maar een flinke wandeling door de stad met alle mooie, oude gebouwen blijft de moeite waard, dus strekken we onze benen.
De havenmeester staat erop dat wij op zijn kosten gaan eten en heeft om 8 uur gereserveerd bij een restaurantje aan de haven, Charlies. Ik bestel Charlies fish trash in de verwachting een vispannetje te krijgen. Tot mijn grote verbazing komen ze met een emmer!, vol met friet en vis, genoeg om met de hele familie een paar dagen van te eten. De havenmeester hoeft niet bezorgt te zijn dat we met honger uit Gibraltar vertrekken. Bijzonder aardig en gastvrij!
 
5 Juni,
Van Gibraltar naar Lagos, 175 mijl.
 
Na het betalen van het havengeld, dat hier werkelijk een schijntje is t.o.v. Spaanse havens en de havenmeester onze uitbundige dank en een fles goede wijn te brengen, varen we om half 9 de haven uit, op tijd voor het goede getijde om door de Straat van Gibraltar te varen. De windvoorspelling is vrij gunstig en het lijkt een rustige tocht te worden totdat we de baai zijn uitgevaren. De wind neemt steeds verder toe, maar komt gelukkig uit de goede richting.Er staan rijen windmolens, als lange slangen langs de kust en dat hebben ze niet voor niets gedaan. Bij Tarifa, waar de veerponten van Spanje naar Marokko oversteken, waait het meer dan 300 dagen per jaar meer dan 30 knopen wind, 7 bf. Je zult hier toch wonen! Het heeft wel 1 voordeel, de was is hier zo droog. Ook vandaag staat er een berg wind, windkracht 8 met uitschieters naar boven. Op slechts een gereefde genua lopen we soms meer dan 11 knopen door het water.Wanneer we verder varen door de Golf van Cadiz neemt de wind af. Tegen de avond krijgen we een bezoekje van dolfijnen. Dit keer zijn het niet de jolly jumpers, maar de surfboys. Er staat nog steeds hoge golven. Net zoals je echte surfers ziet doen, wachten ze een mooie golf af, waarvan ze dan af glijden om vervolgens als een raket onder onze boot te schieten en weer bij de boeg uit het water te springen. Echte uitslovers zijn het, een moeder met jong komen ook spelen en voor het kleintje is het speelkwartier waarin hij lekker mag ravotten met de golven en onze boot.
Tijdens onze wacht ’s nachts is er weinig wind en varen we op de motor. Wel is het erg druk met vissersboten. Als ik om 6 uur vermoeid in mijn bed kruip, ben ik in no time onder zeil,maar niet voor lang. Ik ben net in mijn diepste slaap als Robert roept, Wendy wakker worden we krijgen bezoek aan boord van de Portugese kustwacht. Verdwaasd kom ik naar buiten, naast ons ligt een grote, grijze boot van de kustwacht. Ze laten een rubberboot zakken en 3 mannen komen op ons af. Twee ervan klimmen met strakke gezichten bij ons aan boord. Ze willen eerst onze papieren en paspoorten zien. Ze vragen om de licentie van de kapitein om de boot te besturen, een soort vaarbewijs. Waarop Robert antwoordt, we zijn de hele wereld rond gevaren maar daar heeft nog nooit iemand naar gevraagd. Na uitgebreid bestuderen van zijn bewijs, wil ik natuurlijk ook mijn vaarbewijs laten zien, maar daar zijn ze niet in geinteresseerd. Wat ze wel willen weten is of we vuurpijlen aan boord hebben. Nu hebben we meer dan genoeg pijlen aanboord om voor een spectaculair vuurwerk te zorgen met oud op nieuw, maar het probleem is dat ze waarschijnlijk bijna allemaal verlopen zijn. Robert laat de meest recente zien en daar zijn ze tevreden mee. Ook willen ze weten of we brandblussers hebben, wanneer Robert dit beaamt en vol trots de automatische brandblusinstallatie in de machinekamer wil laten zien vinden ze dat niet nodig. Inmiddels zijn ze ontdooid en een stuk vriendelijker, we krijgen zelfs een hand waarna ze terug naar hun schip varen. Waarom ze nu precies aan boord kwamen blijft voor ons een raadsel, ze hebben de boot geeneens van binnen gezien. We hijsen de zeilen en Heidenskip vaart bij zonsopkomst in vol ornaat van hun weg.


 6 Juni,
Lagos.
 
Rond 11 uur leggen we aan in de goed georganiseerde haven in Lagos. Na onze boot schoongespoten en op orde te hebben gebracht, lopen we de stad in. Op de riante boulevard staan heel veel standjes waar ze de dolphin tours aan de toeristen willen slijten. Ze zijn er kien op om ons weer in de boot te krijgen, waarop wij (blij dat we net van het water af zijn en op de vaste wal staan) antwoorden dat we met onze eigen boot al heel veel dolfijnen gezien hebben. Lagos is een prachtig gelegen, authentieke Portugese vissersplaats, vol oude gebouwen en heel veel restaurantjes. Het is erg levendig, toeristisch maar niet te. Ons evenwicht is nog een beetje in de war van onze hobbelige zeereis en we zijn iets licht in het hoofd. Een sterke kop koffie op terras doet ons goed.’s Avonds blijven we aan boord en we liggen al vroeg op een oor.

7 Juni,
Lagos, windkracht 7 bf.

Rond koffietijd staat er een Engelsman voor onze boot, die verlegen lijkt om een praatje.Hij stelt zich voor, zijn naam is David Harris en heeft Heidenskip, voor de eerste eigenaar van onze boot naar Antigua gevaren. We raken in gesprek en hij komt aan boord, de boot bekijken, koffie drinken en vooral gezellig babbelen. Hij vertelt honderduit, er ging toen ook nog een Nederlands meisje mee, die graag wat oceaan ervaring wou opdoen. Hij dacht bij zichzelf, oje daar heb je zon vrouwtje die het interessant vindt om mee te gaan op een boot, wat moet ik daar nu mee. Al gauw bleek dat ze een hele goede zeilster was met veel wedstrijdervaring. Haar naam was Marleen Cleyndert en heeft naderhand in 1997- 1998 met de Whitbread race meegevaren. David is hier in Lagos met zijn vrouw op vakantie in een appartement. Hij nodigt ons uit om hem te bezoeken wanneer we in Engeland zijn. Na een geanimeerd uurtje neemt hij afscheid van ons, want hij is bang dat zijn vrouw zich ondertussen zal afv
ragen waar hij gebleven is. Hoewel een zeiler op vakantie met boten in de buurt, waarschijnlijk niet de verleiding kan weerstaan om even de steiger op te lopen bootjes kijken en de sfeer op te snuiven. Wij struinen de haven rond en wat schetst onze verbazing? Op het dak van de supermarkt zit een groot ooievaarsnest met een ooievaar en jonkies. Hij is blijkbaar eerst bij zichzelf aan de slag gegaan, voordat hij bij zijn klanten thuis gaat bezorgen. Wanneer we om half 8 de stad in wandelen o m te gaan eten in een ons aanbevolen restaurant, blijkt het gesloten te zijn. Wanneer we bij de buren informeren naar de openingstijden vertellen ze dat het om 7 uur opengaat. Verbaasd kijken we op onze horloges, dat is het toch al lang. Wat blijkt, het is in Portugal een uur vroeger dan in Spanje. We vonden al dat men hier nog zo laat aan de lunch zat. Uiteindelijk komen we in een ander restaurant terrecht, de Artiste, heel gezellig ingericht, smaakvol met mooie kunst, goede bediening, ma
ar vooral het eten is er super, een ster waardig!

8 Juni,
Van Lagos naar Cabo de San Vincente, 23 mijl.

In de loop van de ochtend besluiten we naar Cabo de Vincente te varen om daar voor anker te gaan. De wind is nu nog krachtig en pal noord, maar de voorspelling is dat hij morgen zal afnemen en draaien naar het noordwesten. We willen dan morgen bij het eerste licht vertrekken naar Cascais. Met de genua op varen we met halve wind naar de ankerbaai. Het ziet er mooi uit, met kliffen die de zee insteken en een zandstrand met wat hotels en restaurantjes. Op het strand zie je weinig badgasten want het is een frisse dag. Wij blijven aan boord en tuttelen wat aan.

9 Juni,
Van Cabo de San Vincente naar Cascais, 109 mijl.

Soms kost het moeite om jezelf weer te motiveren, als je voor dag en dauw, het is koud, er staat een zee met forse golven bovenop de atlantische deinig, je moet opkruisen en je hebt nog 109 mijl varen voor de boeg. Maar we moeten nu eenmaal verder naar Nederland en een goede bak koffie doet wonderen.Een paar uur later is de zee veel kalmer, alleen de lange golven staan er nog waar onze boot rustig overheen glijdt. We zeilen of motorzeilen, afhankelijk van de wind. Tegen de avond besluiten we verder door te varen, de wind is nu gunstig. In Portugal staat vaak een straffe noordenwind langs de kust, waar je pal tegenin moet varen als je noordwaarts wil. Bovendien staat er langs de kust de stroom tegen. We houden de weersverwachting in de gaten en afhankelijk daarvan bepalen we onze bestemming. De nachtwacht is druk, met vooral vissersboten die alle regels aan hun laars lappen en waar je vaak voor moet uitwijken.
.
8 Juni,
Van Lagos naar Cabo de San Vincente, 23 mijl.
 
 
In de loop van de ochtend besluiten we naar Cabo de Vincente te varen om daar voor anker te gaan. De wind is nu nog krachtig en pal noord, maar de voorspelling is dat hij morgen zal afnemen en draaien naar het noordwesten. We willen dan morgen bij het eerste licht vertrekken naar Cascais. Met de genua op varen we met halve wind naar de ankerbaai. Het ziet er mooi uit, met kliffen die de zee insteken en een zandstrand met wat hotels en restaurantjes. Op het strand zie je weinig badgasten want het is een frisse dag. Wij blijven aan boord en tuttelen wat aan.
 
9 Juni,
Van Cabo de San Vincente naar Cascais, 109 mijl.
 
Soms kost het moeite om jezelf weer te motiveren, als je voor dag en dauw, het is koud, er staat een zee met forse golven bovenop de atlantische deinig, je moet opkruisen en je hebt nog 109 mijl varen voor de boeg. Maar we moeten nu eenmaal verder naar Nederland en een goede bak koffie doet wonderen.Een paar uur later is de zee veel kalmer, alleen de lange golven staan er nog waar onze boot rustig overheen glijdt. We zeilen of motorzeilen, afhankelijk van de wind. Tegen de avond besluiten we verder door te varen, de wind is nu gunstig. In Portugal staat vaak een straffe noordenwind langs de kust, waar je pal tegenin moet varen als je noordwaarts wil. Bovendien staat er langs de kust de stroom tegen. We houden de weersverwachting in de gaten en afhankelijk daarvan bepalen we onze bestemming. De nachtwacht is druk, met vooral vissersboten die alle regels aan hun laars lappen en waar je vaak voor moet uitwijken.



10 Juni,
Van Cabo Vincente naar Leixos, 240 mijl.
 
We zijn vannacht doorgevaren en besloten i.p.v. naar Cascais naar Leixos (bij Porto) te varen, 240 mijl van Cabo de Vincente. De hele dag kunnen we aan de wind zeilen. ’s Middags zet de portugese noord door, de beruchte portugese noordenwind. Met een rif  en een gereefde genua ploegen we op tegen de golven. Heidenskip loopt er goed doorheen en maakt nog een behoorlijke snelheid. Voor de bemanning is het minder comfortabel, je bent continu bezig met jezelf recht te houden en de klappen op te vangen veroorzaakt door de  de golven. Volgens de pilotboeken van Portugal liggen er veel visnetten uit binnen 6 mijl van de kant. Nou wij komen ze al ruim 20 mijl uit de kust tegen. Ze worden gemarkeerd met vlaggetjes en ze liggen werkelijk overal. Het lijkt wel vlaggetjesdag! Intensief zijn we in de weer om ze te spotten in deze wilde zee, om ze vervolgens te ontwijken. We willen immers geen visnet in onze schroef of roer krijgen. Aan het einde van de dag ben ik koud, stijf en werkelijk bekaf. Enorm blij en opgelucht voel ik me wanneer we om 11 uur ’s avonds het anker in de havenkom voor de jachthaven ( op deze tijd is iedereen al naar huis), laten vallen. Zo krijg ik haast plannen om van Heidenskip maar een wijn en bierboot te maken. Je weet wel van die stacaravans op het water, die nauwelijks de haven uitkomen. Een zware werkdag zit er weer op.


11 Juni,
Leixos.
 
Een goede nachtrust en ons verblijf in Leixos en Porto maken alle inspanningen en ontberingen weer goed. Vanuit de ankerbaai varen we naar de jachthaven, waarin een gemoedelijke sfeer heerst. Kinderen krijgen er zeilles in optimisten en de iets oudere jeugd zeilen in de beschutte baai in 420 boten. Nadat we eerst de boot een grote poets en opruimbeurt geven, nemen we de taxi naar Porto. Het is opvallend hoe keurig netjes verzorgt en schoon het er hier uitziet. De taxichauffeur zet ons af bij de rivier, Rio Douro. Dit gebied staat op de werelderfgoedlijst. Prachtige bruggen gaan hier de rivier over en langs de oevers staan pittoresque huizen tegen de heuvels omhoog gebouwd. Langs de kade liggen cafeetjes en restaurants. Relaxed lunchen we daar aan het water, met uitzicht op de portkelders en genieten van de vriendelijke atmosfeer, de fadomuzikanten en alle mensen die langskomen. We slenteren Porto door , een bijzonder charmante stad. Op een plein wordt een grote boekenbeurs gehouden in standjes waarin het publiek de auteurs kunnen ontmoeten. Voor jong en oud is er wat te doen.Jammer genoeg is alles in het Portugees. Toch weet ik in een kraampje nog een Engels boek te bemachtigen. Zo heb ik weer leesvoer voor de oversteek van noord Spanje door de Golf van Biskaye naar Engeland. Het verbaast ons hoe prachtig, rijk en vol cultuur Porto is. We zijn echt zeer aangenaam verrast.
 
12 Juni,
Leixos.
 
Het is ons gisteren zo goed bevallen dat we wederom naar Porto gaan. Dit keer nemen we een stadsrondtoer op een hop on- hop off bus. We kiezen een zitplaats boven helemaal voorin om vooral alles goed te kunnen zien. Inmiddels zijn we helemaal Porto fan geworden en ik kan iedereen aanraden hier een bezoek te brengen. In de bus zit ook een hele groep. Bij de Sandeman portkelders stappen we gezamelijk uit. Wat ik niet in de gaten heb is dat er voor die groep een aparte rondleiding gegeven wordt, maar ze nodigen ons uit hen te begeleiden. De tour wordt niet gegeven door de bekende man met de cape ( Zorro), maar door een vrouw met hoed en cape. Enthousiast leidt ze ons rond door de mysterieuze schaars verlichte kelders vol met vaten geurende port. Nooit geweten dat Sandeman ook port produceerde. Begin vorige eeuw werd het Sandeman logo bedacht. Nee het heeft niets met Zorro te maken. De hoed is de spaanse sombrero die de sherry symboliseert en de cape werd gedragen door de portugese studenten en symboliseert de port. Natuurlijk moet de port ook geproefd worden  en we schuiven aan lange tafels met de groep aan en proosten op elkaars gezondheid. We raken in gesprek en het blijken leden van het Porto internationale korte filmfestival te zijn dat hier in Porto gehouden wordt. We worden uitgenodigd voor hun verder dagprogramma. Een boottocht over de rivier in een boot waarmee ze vroeger de portvaten vervoerden, langs de 7 bruggen die hier over de rivier lopen. Het zijn bijzonder aardige mensen, vooral een 20 jarige talenstudent die ons van alles over Porto en het filmfestival vertelt. Hierna krijgen we een rondleiding in het palcio de bolsa, dat vroeger het commerciële centrum was. Een prachtig gebouw, waarin ongekende rijkdom uit vervlogen tijden blijkt. Inmiddels zijn we ook uitgenodigd voor ’s avonds, dan is de uitreiking voor de beste internationale korte film, die aansluitend getoond wordt. We slaan deze invitatie niet af. Wel informeer ik even naar het kledingsadvies voor deze gelegenheid. Bij de Oscar uitreikingen of het filmfestival in Cannes komt men immers in vol ornaat en wij willen niet uit de toon vallen., maar ze stellen ons gerust , het is heel informeel. In de tussenliggende tijd gaan we gezellig met zijn tweetjes eten. Om kwart over 10 zijn we present, het lijkt of we op een besloten studentenfeestje zijn beland dat nog moet beginnen. In een zaaltje staan 40 stoelen en naast de organisatie en belanghebbende zijn we het enige publiek. Na lang wachten beginnen de uitreikingen geheel in het Portugees. Hierna worden de films vertoond. De eerste film, waarvan we vermoeden dat het de winnaar is, is een hele goed animatiefilm. De volgende films kunnen ons minder bekoren. Inmiddels is de zaal praktisch leeggelopen en na de vierde film, het is tegen enen en we moeten nog terug naar de haven, houden we het ook voor gezien.


13 Juni,
Van Leixos in Portugal naar Bayona in Spanje,60 mijl.
 
Ondanks het feit dat het gisteren een latertje werd, zijn we om 6 uur op en varen om half 7 de haven uit naar Bayona. Het motregent maar de wind is zwak en uit het zuiden en daar zijn we allang blij mee want optornen tegen de portugese noord zal nooit een hobby van me worden. Je merkt meteen wanneer we van Portugal over de grens naar Spanje varen want opeens ligt het niet meer bezaaid met vlaggetjes en drijvers waaronder de visnetten hangen. Dit is een stuk rustiger varen. Het eerste wat opvalt als we de baai van Bayona invaren is een prachtig oud fort. Het leuke is dat de jachthaven pal aan het fort ligt en het havenkantoor en de jachtclub liggen er zelfs in. Na een wandelingetje in het zeer pittoresque stadje strijken we er neer voor een drankje. Deze jachtclub is werkelijk uniek, gelegen in dit eeuwenoude fort op een heuvel met uitzicht over de hele baai. Zijn statige klassieke inrichting ademt een grandeur uit. Je waant je hier in andere tijden. 


 14 Juni,
Bayona.
 
Gisteren zijn we bij de plaatselijke VVV geweest en vandaag gaan we de aanbevolen bezienswaardigheden bekijken. We maken een wandeling rond het fort van 2 km en daarna over de oude muren ervan. Een wijds uitzicht over de baai valt ons ten deel. Binnen het fort hangt een verstilde sfeer, alsof de tijd niet telt, dat het verleden, heden en de toekomst hier samenvallen. Er staat ook een eeuwenoude villa, waarvan ze nu een hotel gemaakt hebben. Het ziet er heel smaakvol uit, vol met antieke meubels, kunst, harnassen en wij gebruiken er een lunch. Verder bezoeken we de Pinta in de haven. Dit is een replica van een van de 3 schepen waarmee Columbus America ontdekte. Op die reis is een van de boten, de Santa Maria vergaan. De Pinta bereikte als eerste de kust van Spanje en kwam hier in Bayona aan. De boot is slechts 23 meter lang, de bemanning bestond uit 26! man, die hier in deze vrij open boot door weer en wind , dag en nacht aan dek leefden. Ze hadden geen water om te drinken want dat bedierf, ze dronken wijn ( doen wij ook, uitstekend excuus), dat in vaten werd opgeslagen. Het is wel een gigantische prestatie die ze geleverd hebben. Tot slot maken we een stadswandeling door de historische binnenstad.
 
15 Juni,
Van Bayona naar Camarinas, 65 mijl.
 
We varen verder naar Noordwest Spanje om vandaar de oversteek naar Engeland via de Golf van Biskaye te maken. Het miezert ’s ochtends, maar in de loop van de dag klaart het op. Het kustgebied met de rio’s, de rivieren die hier in zee uitmonden, lijkt op dat van Schotland (het weer trouwens ook). Er staat vandaag weinig wind, maar voor vrijdag verwachten ze windkracht 7 bf  met uitschieters 10 bf! in de Golf van Biskaye. We besluiten hier te blijven liggen totdat het weer stabieler is.


16 Juni,
Camarinas.
 
We gaan Camarinas verkennen, maar worden enigszins teleurgesteld. Het is een sjofel armoedig stadje, met naast een supermarktje wat kleine winkeltjes waarin ze eigen geklost kant verkopen. ’s Middags wandelen we in tegenovergestelde richting de stad uit. De natuur is werkelijk schitterend, heel fris groen met geheimzinnige kleine weggetjes en paden langs de rotsachtige kust. Na een fikse wandeling komen we terug aan boord, waar inmiddels de ene na de andere nederlandse boot binnenvaart. Het zijn deelnemers van de ocean people, een nederlandse rally organisatie, die dit jaar naar de Azoren varen. Naast ons komt de Bull te liggen, een ons bekende boot, die in Hindeloopen tegelijk met Heidenskip in de verkoop lag. We zien dat de deelnemers het meteen gezellig met elkaar hebben. Dit herkennen we van onze BWR rally en maakt goede herinneringen los.

17 Juni,
Camarinas.
 
We worden wakker met gierende wind en kletterende regen. Het waait 7 bf in de haven en de verwachtingen voor de Golf van Biskaye zijn windkracht 8-11 bf. Geen weer dus om over te steken. Het is wachten op een periode van minstens 3 dagen stabiel weer, eer we gaan vertrekken naar Engeland. ’s Middags klaart het wat op en maken we een wandelingetje en een praatje op de steiger.
 
18 Juni,
Camarinas.
 
We maken van de nood een deugd nu we hier verwaaid liggen en nemen de taxi naar Santiago de Compostela, hier een uurtje vandaan. Beroemd is de kathedraal, waar de stoffelijke resten van de apostel St. James (volgens internet de heilige Jacobus) liggen. Voor de kathedraal op het plein staan allemaal tentjes, een soort camping van vermoeide pelgrims, die hun voettocht of fietstocht hebben volbracht. Er hangt een sfeer van zowel commercie als devotie. De kathedraal is fraai met veel bladgoud en de mensen schuifelen eerbiedig langs de crypte van St. James. Elke 10 minuten wordt er tot stilte gemaand en er is gelegenheid tot biechten inde biechtstoel in alle talen. Na een wandeltocht door de historische stad en koffie met plaatselijke lekkernijen keren we terug naar de boot.
 
 
19 Juni,
Camarinos.
 
We hebben het hier onderhand wel gezien, maar het weer wil nog niet meewerken. Tot woensdag waait het erg hard ongeveer halfweg  de route van hier tot Engeland. Omdat het een paar dagen erna weer hard gaat waaien kiezen we ervoor om dinsdag toch te vertrekken zodat we achter de harde wind aankomen en in Engeland zijn voordat de volgende depressies komen. Het is een heel gepuzzel. Ons bijbootje heeft lekkende ventilen, maar we pompen het op om de rio’s te verkennen. Erg spannend is het hier allemaal niet, of hebben we gewoon last van het verwaaid gevoel?

20 Juni,
Camarinas.
 
Het ziet er naar uit dat we morgen kunnen vertrekken. We doen de laastste boodschappen en omdat ik niet weet hoe de zeegang de komende dagen zal zijn, maak ik vast een aantal maaltijden klaar voor onderweg.Hierna strekken we onze benen in het ons inmiddels overbekende stadje. Even buiten het plaatsje staan naast heel veel huizen, kleine typische huisjes op palen. Het zijn graanschuurtjes gebouwd op granieten pijlers, zo gemaakt dat er geen ongedierte zoals muizen en ratten in kunnen klimmen. Terug aan boord brengen we de laatste dingen op orde, we zijn helemaal klaar voor vertrek.
 
21 Juni,
Van Camarinos naar Plymouth, 520 mijl.
 
Het regent lichtjes wanneer we om 10 uur de haven van Camarinos uitvaren met bestemming de zuid Engelse kust. Met halve wind loopt de boot prima. In Spanje hebben we onderweg een chorizoworst gekocht, waarvan we beiden een stukje geprobeerd hebben, maar  dat ons echt niet kon bekoren. We komen op het idee om de worst aan een touw te binden en achter onze boot aan te slepen. De bedoeling is dat deze sterk ruikende, gekruide worst , haaien of andere spannende rovers zal aantrekken. We hebben nu tijdens deze reis al vaak dolfijnen gezien, maar geen haaien meer op de Middellandse Zee en het lijkt ons spannend een haaievin achter onze boot te spotten. Uren later hebben we nog niets gezien, het weer is opgeklaard, de boot loopt lekker, ik ben een boekje aan het lezen en Robert lost zowaar een kruiswoordpuzzel op, als we plotseling worden opgeschrikt door een klap en een geluid. Bong, bong, bong er botst iets onder tegen onze boot aan. Verschrikt kijken we op, naar achteren en Robert ziet iets zwarts achter de boot, wat opdoemt en meteen weer ondergaat. We blijven ingespannen kijken maar hoe we ook blijven turen, we zien helemaal niets en er komt ook niets aan de oppervlakte. Robert probeert het roer uit of er misschien schade aan is en start daarna de motor om de schroef te controleren. Gelukkig lijkt alles ok. We vragen ons af wat het nu geweest kan zijn en denken dat we hoogstwaarschijnlijk tegen een walvis zijn aangevaren die net een middagdutje deed. Van schrik is hij daarna ondergedoken en Robert heeft nog net zijn staart gezien. De rest van de dag verloopt rustig. Tegen de avond haalt Robert het touw  met de worst maar weer naar binnen.om ’s nachts een lijn achter je boot aan te slepen is niet zo gelukkig. Hij hangt er nog steeds aan, alleen een beetje bleker door het zeewater. Onze conclusie: Spaanse haaien lusten geen chorizo.
 

22 Juni,

Golf van Biskaye op weg naar Falmouth.
 
In de loop van de avond en nacht trekt de wind verder aan tot windkracht 7 bf. Er staat een zeer onrustige zee, de windrichting is zuidwest tot west terwijl de golven uit het noordwesten komen. Van slapen komt er weinig, de boot schudt veel te veel. Robert download regelmatig het weer, ze voorspellen een rough to very rough sea windkracht 5 bf. Nu daar is geen woord gelogen bij, er staat een enorm ruwe zee, op windje 5 moeten we nog een paar uurtjes wachten, er staat nog een dikke 7. Comfortabel is het in ieder geval niet, maar Heidenskip kan het goed hebben en maakt met gereefd tuig een flinke snelheid en wat de bemanning betreft, we zijn wel moe maar staan ons mannetje. Overdag proberen we om beurten een uurtje slaap in te pikken. We moeten immers nog minimaal 1 nacht doorvaren. De golven nemen pas echt af wanneer we bij het continentaal plat komen rond 7 uur ’s avonds. Hier neemt de zeediepte van kilometers op een hele kleine afstand af tot 150 meter. Opvallend is dat de zee ook meteen gladder wordt.


23 Juni,

Op weg naar Plymouth.
 
De nacht is erg koud, maar verloopt verder goed. We hebben een mooie, frisse zeildag. Met een windkracht 4-5 bf uit het noordwesten en vol tuig loopt Heidenskip op zijn best en maken we een flinke snelheid. Tijdens het zeilen horen we een raar geluid. Eerst denken we dat het de dolfijnen zijn die net zijn komen aanzwemmen, maar het is een vibrerend geluid dat van de roerbladen blijkt te komen. Is er toch schade ontstaan door de aanvaring met de walvis? Na enige tijd houdt het vanzelf weer op. We willen in Plymouth wel een duiker laten komen om het onderwaterschip te inspekteren. Aan het eind van de middag breekt de zon lekker door en wordt het erg aangenaam. De jas kan zelfs uit! Om kwart over 9 (engelse tijd) leggen we aan in de haven van Plymouth.

24 Juni,
Plymouth.
 
Na een lange, ongestoorde  nachtrust kunnen we er weer helemaal tegen. Via de havenmeester komen we aan een duiker. Hij heet Pete, is gepensioneerd en woont hier met zijn vrouw op een boot in de haven. Volgens Robert lijkt hij op Sean Connery en hij is wel genegen om ons onderwaterschip te inspekteren. Een half uurtje later staat 007 met complete duikuitrusting aan bij ons op de steiger en laat zich in het koude water zakken. Na een tijdje komt hij boven en weet ons te vertellen dat er gelukkig geen essentiële schade is. Hij kan wel precies zien waar we geraakt zijn, daar is de antifouling op verschillende plaatsen vanaf geschuurd en ook is er aan een van de roerbladen beschadiging van de verf. We zijn er goed vanaf gekomen.
‘s Middags gaan we met het veerbootje naar de overkant naar Barbican, de historische binnenstad. Als je in Engeland bent moet je natuurlijk ‘teaen’en in een klein, kneuterig, typisch engelse tearoom met bloemetjesbehang drinken we thee met scones.

  
25 Juni,
Plymouth.
 
Plymouth is een geschikte stad om te gaan shoppen.
We bezoeken het pas geopende shoppingmall en komen bepakt en bazakt terug met boeken, dvd’s en nog veel meer. Ook speciale chocolade voor onze gastvrouw vanavond. We zijn namelijk uitgenodigd door David Harris die we in Lagos hebben ontmoet. Hij heeft foto’s en films van Heidenskip uit 1992 van zijn deliveryreis naar Antigua. David komt ons ophalen en we worden door zijn vrouw Judith, die we nog nooit ontmoet hebben, bijzonder warm en gastvrij ontvangen. Tijdens de borrel speelt David de video af. Hij bracht Heidenskip samen met nog 2 mannen en 3 aantrekkelijke jonge dames via Madeira naar Antigua. Je kunt op de film zien dat ze het erg goed met elkaar konden vinden. Met veel verve vertelt David over zijn reis. Onze gastvrouw Judith heeft een werkelijk uitstekende maaltijd voor ons bereid. Als ik haar daarvoor complimenteer, vertelt ze dat ze de ham in een slow cooker bereid heeft. Ze vraagt of ik er al een heb, want zij heeft er twee en een staat er ongebruikt in de kast. Na een bijzonder gezellige avond, waarin we zo verwend zijn, gaan we ook nog eens naar huis met een slow cooker. David en Judith ontzettend bedankt! Het is een voorrecht zulke aardige mensen te ontmoeten.
 
 
26 Juni,

Van Plymouth naar Dartmouth, 40 mijl.
 
Het is een prachtige zonnige dag als we, met onze korte broek en t-shirt aan, om 9 uur de haven uitvaren naar Dartmouth. Aan de overkant zien we tegen de heuvel een mistflart liggen in het zonnetje. Wanneer we buiten op zee zijn varen we plotseling de mist in en dat terwijl de zon er doorheen schijnt en het behoorlijk waait. Onze verwachting is dat met deze wind het zicht gauw zal verbeteren. Het tegendeel is waar, we komen in dikke soep, de wind neemt verder toe tot 6 bf terwijl we geen hand voor ogen meer zien. Het is koud, we trekken lange broek, fleecetruien en een regenpak aan . Terwijl we continu op de radar kijken en intensief met zijn tweetjes uitkijk houden, daarbij moeten opkruisen, wordt het een ingespannen tocht i.p.v. een relaxed tripje.We passeren boten op nog geen 100 m afstand terwijl we ze nooit gezien hebben. Wanneer we bij Dartmouth komen gebeurd het tegenovergestelde, de zon breekt door en  het lijkt net of het gordijn wordt opengeschoven en we een prachtig decor invaren. Het ene na het andere kledingstuk gaat weer uit . Om ons heen zien we groene heuvels, waartegen het ene nog fraaiere huis na het andere staat. Dartmouth is een van de allermooiste plekjes die ik ken. David en Jennie van de BWR rally wonen hier en komen om 6 uur bij ons aan boord. In de kuip van onze boot zitten we heerlijk in het zonnetje onder genot van een drankje, bij te kletsen en herinneringen op te halen. Het voelt als vanouds, of we weer terug zijn in de rally rond dewereld.
 

27 Juni,

Dartmouth.
 
Na een zonnig kopje ochtendthee buiten in de kuip betrekt het en begint het jammer genoeg te regenen. We treffen David en Jennie die ons meenemen voor een tour langs de mooiste plekjes van Devon. Het landschap is schitterend, zacht glooiende heuvels met veel groen, de weggetjes zijn heel smal met aan weerszijden heggetjes en struiken. Vaak zijn ze zelfs zo smal dat als er een tegenligger komt, een van de twee auto’s achteruit moet rijden totdat er ergens een verbreding van de weg komt waar je elkaar kunt passeren. Een bijzondere plaats is Slapton Beach bij Torcross Village. Hier staat een tank uit de tweede wereldoorlog. Op het strand heeft men geoefend voor de landing bij Utah Beach in Normandië. Tijdens de oefeningen doken er onverwacht Duitse onderzeeërs op die veel vaartuigen tot zinken brachten. Wat weinig bekend is dat hierbij meer soldaten zijn gesneuveld dan bij de landing op Utah Beach zelf. Als gedenkteken staat hier deze tank, die ze uit zee hebben opgevist. In een typisch Engelse pub lunchen we. Even verderop is het dorp Hall Sands, bij een flinke storm is het halve dorp in zee gestort. Op de klif staan nog enkele huizen, die voor een appel en een ei te koop staan. Het enige probleem is dat je niet weet hoe lang ze er nog staan. Bij de eerste de beste storm kan de klif verder afbreken, die gedachte is natuurlijk niet bevorderlijk voor een onbezorgde nachtrust. ’s Avonds eten we bij David en Jennie thuis. Ze wonen schitterend in een zelf gerestaureerd oud huis midden in de natuur. De lamsbout en crumbelpie van Jennie smaken geweldig en na een heel geslaagde dag gaan we met de taxi terug naar de boot.

28 Juni,
Darthmouth.

Het weer wil nog niet erg meewerken, het is koud en nat, er staat een noordwester 6-7 bf, dus besluiten we hier nog een dagje te blijven. Na een “real english breakfast”met David en Jennie, proberen we ergens internetverbinding te krijgen. Een van onze grootste frustaties tijdens onze reis is dat het vaak zo moeilijk is om ergens een werkende wifi te vinden. Een groot deel van de dag zijn we hier mee bezig, zodat Robert bijna van plan is onze zeer langzame laptop over boord te zetten. Wanneer we eindelijk onze mails hebben kunnen afwerken, gaan we shoppen bij de watersportwinkel, waar Robert een paar nieuwe Dubarry laarzen scored.


29 Juni,
Van Darthmouth naar Cowes, 95 mijl.

Met een vriendelijk zonnetje en een lopend windje vertrekken we naar Cowes. Het wordt een rustig pleziertochtje, waarbij we het grootste gedeelte van de trip de stroom mee hebben. Als we bij de Needles komen, de ingang van de Solent bij Wight hebben we maar liefst 3 knopen mee, dus vliegen we naar Cowes. Rond 9 uur komen we daar aan.


30 Juni,
Cowes.

Cowes is een groot watersportparadijs, alles draait hier om de zeilsport. Op iedere hoek van de straat vind je wel een watersportwinkel of winkels met zeilkleding, pubs, restaurantjes en yachtclubs. Nadat we eerst de boot een schoonmaakbeurt hebben gegeven en onze terugtocht naar Nederland plannen , gaan we het stadje in.  Voor ’s avonds hebben we afgesproken  met Boot en Richard, medeorganisators van onze BWR rally, die hier op Wight wonen. Dit jaar is de BWR rally jammer genoeg gestopt, vanwege de piraterij in de Golf van Aden, die inmiddels zodanige vormen aanneemt dat de hele Indische oceaan onveilig is. Na de moord op de 4 bemanningsleden van de Quest, een van de rallyboten, waaronder onze rallyvrienden Bob en Phyllis, is de rally gestopt en zijn de boten  die in Oman gestrand waren op een vrachtboot naar Turkije vervoerd. Richard vertelt wat er vermoedelijk op de Quest gebeurd is. De boot werd gekaapt door 2 rivaliserende bendes. De noodoproep werd door de Amerikaanse m
arine gehoord en die stuurde er 3 schepen op af. Een inmiddels ingevlogen FBI onderhandelaar liet 3 piraten aan boord komen, zette ze vast en vroeg vervolgens om nieuwe onderhandelaars.Waarschijnlijk ontstond er toen onenigheid tussen beide groepen piraten, waarbij 2 piraten gedood werden. Bij het horen van de schoten gingen Amerikaanse mariniers richting Quest, waarop de 4 gijzelaars vermoord werden. Bij het overmeesteren werden 2 piraten gedood, de rest gevangen genomen en voor berechting naar Amerika gebracht. Er heerst een gevoel dat het optreden van de Amerikanen bijgedragen heeft tot deze ongelukkige afloop. Ondanks dit nare verhaal hebben we daarna toch nog een prettige avond gehad en ook veel leuke herinneringen opgehaald.



1-2 Juli,
Van Cowes naar Hellevoetsluis, 230 mijl.

Het is een heel gepuzzel om naar Hellevoetsluis te komen. We moeten met veel dingen rekening houden, de sterke stroom hier in de Solent, het oversteken van het Kanaal, de waterstand in Zeeland. We willen met opkomend tij en daglicht bij Stellendam aankomen omdat het Slijkgat dicht aan het slibben is en maar een zeer geringe diepgang heeft. Deze omstandigheden doen ons besluiten om het in 1 tocht te doen en nog een nacht door te varen. ’s Ochtends om half 7 maken we los en zeilen met de stroom mee de Solent uit. Later deze ochtend valt de wind weg en gaan we motorzeilend verder. Op een lange tocht krijg je, door eb en vloed, altijd de stroom een keer tegen en het duurt uren voordat we langs de kaap bij Dover zijn. In het pikkedonker, er is geen maan, steken we het verkeersscheidingstelsel in het Kanaal bij Dover over. Dit is een van de drukste vaarwaters van de wereld. Ik kijk op de radar en op ons e-scherm, je kunt hierop zien welke boten met hoeveel snelheid langskomen. Robe
rt houdt uitkijk en kiest een gaatje uit om over te steken. We geven een flinke dot gas om zo snel mogelijk over te steken en om half 3 ’s nachts komen we in rustiger vaarwater.
’s Ochtends begint het lekker te waaien en zeilen we in 1 ruk naar Stellendam, waar we om 3 uur voor de sluis liggen. We verheugen ons al op een glaasje champagne als we in de haven zijn om onze aankomst te vieren. Helaas we zien 4 rode lichten bij de sluis, dat betekent dat er niet geschut wordt. Wanneer we informeren blijkt dat er pas om 8 uur ’s avonds geschut wordt en dan zijn eerst de viskotters aan de beurt. Wegens de verzilting van het Haringvliet wordt er minimaal geschut en alleen bij laagwater. De champagne moet dus nog even wachten en we doen het af met een kopje thee. Uiteindelijk mogen we toch iets eerder de sluis in en varen we om half 8 het Haringvliet op. In de haven staat de havenmeester Kees ons op te wachten, hij heeft hiervoor de verjaardag van vrouw en dochter even verlaten, en helpt ons bij het aanleggen. Er staat 3064 mijl op ons (GPS) log sinds we uit Marmaris zijn vertrokken en 3457 zeemijlen op het log gemeten door het water. We hebben dus zo'n 300 zeemijlen extra vanwege stroom tegen afgelegd. We voelen ons opgelucht en voldaan. Het was een boven verwachting pittige tocht en we zijn blij dat wij en Heidenskip ongeschonden terug  in Nederland zijn.



.

Tijdens de Blue Water Rally
kun je hier onze videos
vinden ----->

We mailen regelmatig foto’s naar onze website ----->
Hier wordt onze positie tijdens de Blue Water Rally bijgehouden ----->

Hier vindt je de route die we afgelegd hebben en onze volgende
reisdoelen ----->